Nederland ( en ) tussen 1600 en 1900

 

.

 

 

fig.5

De bakermat van onze familie ligt, naar men mag aannemen, in het Frankrijk van voor 1600. (zie fig. 5 ) Toen een land wat het aan de stok had met de Spaanse agressie onder Philips II, evenals onze Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.  Onder aanvoering van Willem 1 ( Willem de Zwijger, Prins van Oranje ) ( zie fig.5 a en 5 b ) kwamen de gewesten in opstand en werden gesteund door velen van de bevolking. Zij kregen ook steun van Frankrijk en Engeland. Na de moord op Willem 1 in 1584 door Balthasar Gerards, ( zie fig. 5 c ) werd het staatsbestuur door Johan van Oldenbarnevelt (zie fig 6 ) uitgeoefend ( Staten-Generaal ) en werd Prins Maurits ( zie fig. 6 b ),  een zoon van Willem I en Louise de Coligny, als stadhouder aangesteld.

Aanvankelijk ging het redelijk goed, doch door het verschil van mening op religieus gebied tussen Prins Maurits en Johan van Oldenbarnevelt, kwamen zij tegenover elkander te staan.  Echter ook de eenheid onder de bevolking werd op de proef gesteld door godsdienstige tegenstellingen , die uiteindelijk uitmondden in een aanklacht tegen de landsadvocaat.

Dit zou het leven van de landsadvocaat, Johan van Oldenbarnevelt, kosten.

Op 12 mei 1619 wordt door partijdige rechters uit de contra-remonstrantse hoek, “de sententie des doods” uitgesproken. In zijn afscheidsbrief schrijft hij het volgende;

“ Ick  ontfange op deze ure een seer beswaerde en droevege tydinge dat ick, oude man, voor al mijn diensten, het vaderland zooveel jaren altyts wel en getrouwelyck gedaen hebbende, my moet prepareren om op morgen te sterven.....,.

Hij werd op 13 mei 1619 voor de Ridderzaal te ‘s Gravenhage gevonnist door het zwaard. ( zie fig. 6a )

De scheiding tussen de Republiek en het Zuiden lag in feite al vast in 1609;  tijdens het Twaalfjarig Bestand ( 1609-1621 ) tussen de Spanjaarden en de Republieken.

Bij de Vrede van Munster in 1648 wordt dit bekrachtigd. Hier werd ook het eind van de Tachtig-jarige oorlog bekrachtigd.

Nederland is in de zestiende eeuw een onderdeel van het Spaanse rijk.  Na een oorlog van tachtig jaar ( 1568-1648 ) erkennen de Spanjaarden de Republiek der Verenigde Nederlanden als onafhankelijk land.

Het water speelt een belangrijke rol in de strijd tegen de “Spaanse tirannie “.

Troepen en voorraden worden over het water vervoerd en op meren en zeearmen vinden gevechten plaats, b.v. de Slag bij Sluis in de monding van de Westerschelde, in 1603.

Later in de oorlog verplaatst de strijd zich naar open zee.

Belangrijke gebeurtenissen in de zeeoorlog tegen Spanje zijn de Slag bij Gibraltar ( 1607 ) en de slag bij Duins, op de Noordzee voor de Engelse kust ( 1609 ).

In de eerste helft van de 17e eeuw ( Gouden Eeuw ) komt de Republiek tot grote economische bloei, maar in de tweede helft daarentegen blijkt de Republiek niet opgewassen tegen de gezamenlijke overmacht van Frankrijk en Engeland. De oprichting van de V.O.C. vindt op 20 maart 1602 plaats door de samenvoeging van een aantal rederijen in de verschillende havensteden. De V.O.C. heeft voor Nederland het alleenrecht om handel te drijven met Azië. Deze handelsorganisatie is tegelijk reder, scheepsbouwer en territoriaal heerser.

In Amsterdam, Middelburg, Rotterdam, Delft, Hoorn en Enkhuizen heeft het bedrijf werven en pakhuizen. De Compagnie wordt het grootste handelsconcern ter wereld, met vestigingen van Kaapstad tot Japan.

In 1619 sticht Jan Pieterszoon  Coen op Java de stad Batavia, het huidige Jakarta : een eigen zeehaven van de V.O.C. met pakhuizen en bestuursgebouwen.

Vanuit Batavia vertrekt twee maal per jaar een retourvloot naar Nederland ,  15 tot 20 grote schepen geladen met specerijen, textiel, porselein, koffie, thee en veel andere artikelen voor de hele Europese markt. Dit wordt een periode dat de Nederlanden zeer rijk werden, en met name de steden die waar de V.O.C. haar kantoren had voeren er wel bij. In 1672 viel Frankrijk onder Lodewijk de XIV Nederland aan. Dit liep uit op een rampjaar voor de Nederlanden. Vele kastelen en steden vielen in handen van de vijand. Als gevolg van halve maatregelen onder de regering van Johan de Wit konden de Fransen ver door stoten ook met behulp van de Duitse Bisschoppen van Keulen en Munster. Willem erfde al op zijn 18e als gevolg van het overlijden van zijn vader in die dagen de macht over de Nederlanden. Jong en onervaren werd hij bijgestaan door een half slachtige regering en op zijn 21 verjaardag werd hij alsnog de

sterke leider die nodig was om de vijand weerstand te bieden.

 

 

 

 

 

 

 fig. 5 a

  fig. 5 b

 

 fig. 5c

fig. 6                                                                            

fig. 6a

De Serrij familie

Homepage
Top.

fig. 6 b

Hierbij werd de Nieuwe Waterlinie ingezet. Vanaf Muiden aan het IJsselmeer tot aan Gorinchem werden grote delen onder water gezet. Uiteindelijk heeft dat tot resultaat geleid dat de Fransen zich hebben moeten terug trekken.

In het midden van de 18e eeuw behoort de Republiek tot de kleinere mogendheden.

De economie gaat achteruit en de rijkdom is beperkt tot een kleine elite. Zij staat onder leiding van regenten met een Oranje als stadhouder aan het hoofd.

Na 1780 balanceert de Republiek meermalen op de rand van een burgeroorlog.

In 1787 komt Pruisen te hulp en stelt orde op zaken ten gunste van de conservatieven en in 1795 komt de Franse Revolutie ten gunste van de Patriotten te hulp.

Aldus ontstaat de Bataafse Republiek, die in 1806 door Napoleon bij het Franse Keizerrijk wordt gevoegd.

Hij beval in 1812, naar het voorbeeld van het Franse model, tot de opzet van de Burgelijke Stand zoals deze heden ten dage nog bestaat.  

Nadat Napoleon bij Leipzig in 1813 werd verslagen trokken geallieerde troepen ons land binnen en moesten de Fransen zich terug trekken.

In november van dat zelfde jaar wordt Prins Willem Frederik, zoon van Stadhouder Willem V, in de Nieuwe Kerk te Amsterdam beeëdigd als constitutioneel vorst , Koning Willem I. ( zie fig. 7 ) In 1814 worden België en Nederland samengevoegd en Willem I aanvaardt op 1 september de soevereiniteit over België.  Op 21 september 1815 legt Willem I in Brussel de eed op de Grondwet af en wordt daarmee de eerste koning van de verenigde noordelijke en zuidelijke Nederlanden. ( Van 1814-1830  Het Verenigd Koninkrijk Nederland )

Na de slag bij Waterloo op 18 juni 1815 verdwijnt Napoleon definitief van het toneel.

In 1830 kwamen de Belgen in opstand en verklaarden zich onafhankelijk.

Na een oorlog van enkele dagen ( Tiendaagse Veldtocht ) gaf Willem I toe, en nadat in 1839 Nederland het Verdrag van Londen uit 1832 ondertekende, was  België officieel een feit.

 

©     Copyright   Paul Serrij   2008-2018

Na 1848 was het erg onrustig in Europa. Her en der braken volksopstanden uit. Nederland werd grotendeels hiervoor gespaard.

De liberaal Jan Thorbecke stelde in opdracht een nieuwe grondwet op en daarmee werd Nederland omgevormd tot een constitutionele monarchie, waaruit zich de parlementaire democratie ontwikkelde.

Aan het einde van de 19e eeuw spanden diverse Europese landen zich in om koloniën te verwerven. Zo ook Nederland, dat zich in Nederlands-Indië versterkte en haar positie vergrootte. Ook kreeg men in deze periode zicht op de vorming van de politieke partijen die zich in de 20e eeuw voortzette.

In de 20e eeuw veranderde Nederland van een voornamelijk handels en agrarisch land naar een industrieland. Het handelsverleden kreeg een nieuw vervolg in de vele belangrijke multinationals van Nederlandse oorsprong. Na 1945 verliest Nederland haar grootste kolonie Nederlands-Indië.

 

Zie voor de periode 1914 - 1950   hoofdstuk Rotterdam.

Nederland vóór 1582

In de Middeleeuwen vormde het gebied van het huidige Nederland geen staatkundige eenheid. Het gebied vormde een onderdeel van het Duitse Rijk, het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie. Het gebied was verdeeld in een aantal graafschappen, hertogdommen, bisdommen en gebieden die direct onder Keizerlijk gezag vielen. Het was, kortom, een lappendeken. In de loop van de 14e en de 15e eeuw vond er verandering plaats. De hertogen van Bourgondië verkregen in die tijd steeds meer bezittingen in de Lage Landen. Filips de Goede, hertog van Bourgondië en graaf van Vlaanderen, verwierf in 1430 ook Brabant en Limburg. In 1423 verkreeg hij ook de Hollandse erfenis, die behalve Holland ook Friesland, Zeeland en Henegouwen omvatte. Onder zijn opvolgers in de 15e en 16e eeuw werd het gebied steeds meer uitgebreid, hetzij door verovering, hetzij door aankoop. Uiteindelijk kwam in 1543 Gelre in bezit van Karel V.

Hierdoor ontstond een aaneengesloten gebied, dat het huidige Nederland, België en Luxemburg omvatte, met uitzondering van Luik. Hoewel de gewesten een gezamenlijke vorst hadden, bleven ze staatkundig min of meer onafhankelijk. Pas in 1548 werden de Lage Landen een bestuurlijke eenheid. Al sinds 1463 bestonden de Staten Generaal, een vergadering van de Gewestelijke staten, die de jaarlijkse verplichtingen tegenover de landsheer moesten regelen. In 1572 kwamen Holland en Zeeland in opstand tegen Filips II, in 1576 gevolgd door de overige gewesten. Na de afzwering van Filips II werd in eerste instantie getracht een andere vorst te vinden. Deze werd in 1582 gevonden in de persoon van Frans van Anjou, broer van de koning van Frankrijk. Na de dood van Frans van Anjou in 1584 werd er geen koning meer gezocht en werden de Nederlanden een republiek. In die tijd van de Republiek hadden de gewestelijke Staten grote zelfstandigheid. De Staten Generaal voerden de buitenlandse politiek en vormden het overkoepelende regeringsorgaan.

Niet alleen was Holland het belangrijkste gewest, door de oorlog met Spanje ( 1568-1648 Tachtig-jarige oorlog ), hadden de Staten Generaal ook maar weinig macht buiten de Hollandse gebieden.

fig. 7