Financiën
De verschillende feodale staten van het Angevijnse Rijk hadden ieder hun aparte financiële huishouding hoewel de opzet vergelijkbaar was. De vorst had zijn belangrijkste inkomsten uit zijn eigen domeinen en verdiende ook aan het uitgeven van geld en aan boetes. Als hij meer geld nodig had kon de vorst een belasting heffen, of geld lenen. Geld werd in de twaalfde eeuw steeds belangrijker voor vorsten omdat veel werd geïnvesteerd in de bouw van kastelen en omdat er steeds meer huurlingen werden gebruikt tijdens oorlogen.
Met name in Engeland had Hendrik toen hij koning werd, te maken met een financiële puinhoop. Hendrik I had een systeem opgezet met een rekenkamer die ervoor zorgde dat de centrale schatkist in Londen, en dependances in koninklijke kastelen door het hele land, over voldoende middelen beschikten. De reizende koning werd vergezeld door beambten die de nodige betalingen deden en namens de koning zijn gelden incasseerden. Tijdens de burgeroorlog was dit systeem vastgelopen en de koninklijke inkomsten in Engeland waren met bijna de helft teruggelopen.
Hendrik begon zijn regering in Engeland met het herstel van het systeem van zijn grootvader, een monetaire hervorming en verbeteringen in de boekhouding. In de eerste elf jaar hief hij bovendien relatief veel belastingen. In 1180 voerde Hendrik opnieuw een monetaire hervorming door en bracht hij alle munten direct onder zijn gezag. Hendrik liet tijdens zijn bewind veel munten slaan. Dit stimuleerde de handel maar leidde ook tot inflatie.
Hendrik leende veel meer geld dan zijn voorgangers. In eerste instantie leende hij vooral bij geldleners in Rouen, daarna leende hij vooral in Vlaanderen of bij Joodse geldleners.
Grote ondernemingen, grote problemen (1162 – 1175)
Verwikkelingen in Frankrijk
Lodewijk wist langzaam zijn positie te versterken. Na zijn bondgenootschap met de graven van Blois en de Champagne, volgden ook de graaf van Vlaanderen en de hertog van Bourgondië. In 1165 werd eindelijk zijn vurig gewenste mannelijke erfgenaam geboren: Filips II van Frankrijk. Lodewijk voelde zich sterker dan ooit en versterkte zijn politieke inspanningen tegen Hendrik.
Hendrik voerde op zijn beurt een agressieve politiek in de Auvergne, waar Lodewijk zich erg aan ergerde. In 1161 viel Hendrik persoonlijk opnieuw Toulouse aan en in 1164 liet hij nogmaals een aanval uitvoeren door de aartsbisschop van Bordeaux. Ook moedigde hij Alfons II van Aragón aan om zijn gebieden uit te breiden ten koste van Toulouse. Uiteindelijk besloot Raymond van Toulouse in 1164 om te scheiden van de zuster van Lodewijk en begon hij besprekingen met Hendrik.
Ondertussen had Hendrik in 1164 grensgebieden met Bretagne bezet. In 1166 viel hij Bretagne binnen om lokale edelen te straffen. Hendrik dwong hertog Conan om af te treden en zijn dochter Constance tot erfgenaam te benoemen. Natuurlijk werd Constance direct verloofd met Hendriks zoon Godfried. En omdat Godfried minderjarig was, trad Hendrik op als "beschermer" van Bretagne. In Bretagne was veel onvrede over deze gang van zaken. Toen Lodewijk en Hendrik in 1167 een conflict kregen over een belastingheffing ten bate van de Kruisvaardersstaten, kon Lodewijk een verbond sluiten met een belangrijk deel van de Bretonse edelen. Lodewijk kreeg ook steun vanuit Wales en Schotland en hij viel Normandië binnen. Hendrik op zijn beurt veroverde Chaumont-en-Vexin waar Lodewijk de voorraden voor de veldtocht bijeen had gebracht, en verwoestte de stad. Lodewijk was nu gedwongen om vrede te sluiten. Hendrik had toen de handen vrij om af te rekenen met de rebelse Bretonse edelen.
In de volgende jaren begonnen Hendrik en Eleonora plannen te maken voor hun erfenis. Ze wilden hun zoon Hendrik het koninkrijk Engeland en het hertogdom Normandië nalaten, Richard het hertogdom Aquitanië en Godfried het hertogdom Bretagne. Hun jongste zoon Jan werd pas in 1167 geboren en bleef daarom buiten de verdeling, vandaar zijn bijnaam "Jan zonder Land". Voor deze verdeling was de instemming van Lodewijk nodig dus Hendrik begon weer toenadering tot hem te zoeken. In 1169 leidde dit tot vredesbesprekingen in Montmirail (Marne). Lodewijk accepteerde de plannen van Hendrik, en er werd afgesproken dat de zoons van Hendrik Lodewijk zouden huldigen als hun leenheer voor hun toekomstige bezit en dat Richard zou trouwen met Lodewijks dochter Adelheid. Deze afspraken zouden de status van Lodewijk hebben versterkt en tegelijk ook de positie van Hendrik en zijn erfgenamen (tegen opstandige edelen) hebben versterkt. Lodewijk traineerde de uitvoering echter en begon te stoken tussen Hendrik en zijn zoons, en tussen de broers onderling.
Hendriks positie in het zuiden werd steeds sterker. In 1170 sloot hij een bondgenootschap met Alfons VIII van Castilië die trouwde met zijn dochter Eleonora (toen acht jaar oud). Hendrik sloot in 1173 een bondgenootschap met graaf Humbert III van Savoye, zijn dochter Alicia werd verloofd met Jan zonder Land maar zij zou al in 1178 (twaalf jaar oud) overlijden - dus dit huwelijk vond niet plaats. Ook in 1173 huldigde Raymond van Toulouse Hendrik als zijn leenheer voor het graafschap Toulouse.
De kwestie Thomas Becket
In 1161 overleed de onafhankelijke aartsbisschop Theobald van Canterbury, waar Stefanus al conflicten mee had gehad. Hendrik zag de kans schoon om zijn vriend en kanselier Thomas Becket tot aartsbisschop te benoemen en zo de kerk in zijn greep te krijgen. Zowel zijn moeder Mathilde als zijn vrouw Eleonora zouden Hendrik tegen deze benoeming hebben gewaarschuwd maar Hendrik zette door. Al snel bleek dat dit niet verstandig was: Becket maakte een einde aan de nauwe verstandhouding met Hendrik, begon sober te leven en wierp zich op als een vasthoudende beschermer van de rechten van de kerk.
Hendrik en Becket hadden al conflicten over de zeggenschap over kerkelijke landerijen en over belastingen, maar het belangrijkste conflict had betrekking op de jurisdictie over geestelijken die een wereldlijk misdrijf hadden begaan. Begin 1164 drukte Hendrik zijn zienswijze door in de Constituties van Clarendon. Becket stemde onder grote druk, en onder voorbehoud, in met deze nieuwe regels maar veranderde later zijn standpunt. Het conflict tussen Hendrik en Becket werd in snel tempo een prestigeslag op internationaal niveau. Hendrik was gekrenkt, Becket was ijdel en bedacht op politiek voordeel, geen van beiden was bereid om toe te geven. Becket vluchtte in 1164 naar het hof van Lodewijk. Beiden zochten de steun van paus Alexander III en van andere hoge geestelijken en vorsten. Hendrik vervolgde medestanders van Becket in Engeland, Becket excommuniceerde medestanders van Hendrik. De Normandische geestelijkheid steunde Hendrik. De paus deelde het standpunt van Becket maar had ook een goede relatie met Hendrik nodig vanwege de strijd van de paus met keizer Frederik I Barbarossa.
In 1169 besloot Hendrik dat hij zijn zoon Hendrik tot medekoning van Engeland wilde laten kronen. Omdat dit traditioneel door de aartsbisschop van Canterbury gebeurde, probeerde Hendrik tot een vergelijk met Becket te komen maar dat lukte niet. De jonge Hendrik werd toen door de aartsbisschop van York gekroond. Becket kreeg toestemming van de paus om een interdict over Engeland uit te spreken. Dit dwong Hendrik tot nieuwe onderhandelingen en in juli 1170 werd een compromis bereikt. Becket keerde in december terug naar Canterbury. Als Hendrik dacht dat de problemen voorbij waren, dan had hij het mis: Becket excommuniceerde direct drie medestanders van Hendrik. Hendrik ontstak in woede. Volgens de populaire literatuur zou hij hebben geroepen "Wie verlost mij van deze lastpak van een priester?" maar volgens een eigentijdse kroniek heeft hij gezegd: "Wat heb ik een miserabele darren en verraders in mijn huishouding gevoed en bevorderd, dat ze hun heer met zoveel schandelijke minachting laten behandelen door een laaggeboren geestelijke?". Vier ridders trokken in het geheim naar Canterbury om Becket te arresteren en naar de koning te brengen. Thomas Becket vond het beneden zijn waardigheid om zich door gewone ridders te laten arresteren en uiteindelijk hebben ze hem op 29 december 1170 voor het altaar in de Kathedraal van Canterbury gedood.
De moord op een aartsbisschop, voor het altaar in zijn eigen kathedraal (bij uitstek een onschendbare plaats), gaf een schok in heel Europa. Becket was tijdens zijn leven niet geliefd in de kerk maar hij werd al snel tot martelaar uitgeroepen. Ondanks tegenwerking van de Normandische bisschoppen kon de Franse kerk opnieuw een interdict uitspreken over Engeland. Ondertussen deed Hendrik niets om de moordenaars van Becket te straffen. Onder toenemende druk onderhandelde hij in 1172 een regeling met de paus waarin de constituties van Clarendon grotendeels ongedaan werden gemaakt en Hendrik beloofde om op kruistocht te gaan. Hoewel Hendrik nog zeventien jaar leefde is hij nooit op kruistocht gegaan. Becket werd in 1173 heilig verklaard en Hendrik onderging op 12 juni 1174 een boetedoening in Canterbury waarbij hij publiekelijk zijn zonden beleed, van elke aanwezige bisschop vijf slagen met een roede ontving en van tachtig monniken elk drie slagen, waarna hij een nachtwake doorbracht bij het graf van Becket. Hierdoor werd Hendrik in het algemeen weer gunstig beoordeeld.
De vier ridders werden geëxcommuniceerd en moesten uiteindelijk naar Rome reizen om vergiffenis te vragen. De paus verplichtte ze om naar het Heilige Land te reizen en daar voor de kruisvaarders te vechten.
Expansie naar Ierland
In de twaalfde eeuw bestond Ierland uit enkele inheemse koninkrijken. Toen koning Diarmait Mac Murchada van Leinster werd verdreven door Tairrdelbach Ua Conchobair, koning van Connacht en de Hoge Koning van Ierland, vluchtte hij in 1167 naar Engeland. Hendrik gaf hem toestemming om een huurlingenleger te vormen, om zijn koninkrijk terug te winnen. Diarmait vormde een leger van Engels-Normandische edelen en soldaten uit de Welsh Marches en vulde dat aan met huurlingen uit Vlaanderen. Hij heroverde Leinster in 1170 maar overleed al en jaar later. Diarmaits Normandische aanvoerder Richard de Clare, die met de dochter van Diarmait was getrouwd, riep zich nu uit tot koning van Leinster.
De meeste partijen in Ierland deden nu een beroep op Hendrik om steun: de Ierse vorsten die bang waren om door de Clare en nieuwe groepen avonturiers onder de voet te worden gelopen, en de Clare die aanbood om Hendrik als heer voor zijn Ierse bezittingen te erkennen. Ook de paus was voorstander van ingrijpen van Hendrik in Ierland, om zo meer greep te kunnen krijgen op de Ierse kerk (de pauselijke bul Laudabiliter over dit onderwerp is mogelijk een vervalsing). Daarnaast maakte Hendrik zich bezorgd over het gegeven dat edelen uit de Welsh Marches die zich toch al onafhankelijk opstelden, buiten zijn koninkrijk grote nieuwe bezittingen verwierven. Al met al was dit een kans die Hendrik niet voorbij kon laten gaan. Hij trok met een leger naar het zuiden van Wales en herstelde daar zijn gezag in enkele opstandige gebieden. Daarna zeilde hij in oktober 1171 van Pembroke (Wales) naar Ierland. De Ierse en Normandische vorsten in het zuiden en oosten van Ierland erkenden Hendrik als hun vorst. Hendrik begon een bouwprogramma van kastelen om zijn controle over Ierland te kunnen verzekeren. Hij benoemde in 1175 in Windsor Castle Ruaidrí Ua Conchobair (vaak Rory O’Connor genoemd, een zoon van Tairrdelbach Ua Conchobair) tot Hoge Koning in Ierland, om te regeren in zijn naam. Ruaidrí erkende op zijn beurt Hendrik als zijn leenheer. Hij was echter niet in staat om zijn gezag te vestigen, vooral niet in Munster (Ierland). Daarom besloot Hendrik in 1177 in Oxford om Ierland directer te gaan besturen en benoemde hij een aantal directe vazallen in Ierland.
In de plannen voor de verdeling van de erfenis van Hendrik en Eleonora kreeg hun zoon Jan het koninkrijk Ierland toebedeeld.
De grote opstand
In 1173 gaf Hendrik drie kastelen, die waren toebedeeld aan de jonge Hendrik, aan Jan. Dit was voor de jonge Hendrik onverteerbaar en het leidde uiteindelijk tot een oorlog van anderhalf jaar tussen Hendrik en zijn drie oudste zoons, gesteund door hun moeder, Lodewijk en een aantal Franse edelen, Willem I van Schotland en een aantal opstandige edelen.
De jonge Hendrik (achttien jaar oud) was getrouwd en medekoning van Engeland, en hij leefde in koninklijke staat, maar hij had geen eigen inkomsten en had voortdurend geld tekort. Hij moest steeds geld vragen aan Hendrik die daar niet scheutig mee was, en al helemaal weigerde om zijn zoon eigen inkomsten te geven. Bovendien was hij zeer gehecht geweest aan Thomas Becket die een groot aandeel had in zijn opvoeding. De kwestie van de kastelen was te veel voor Hendrik. Toen zijn protesten niets uithaalden vluchtte hij naar zijn schoonvader Lodewijk in Parijs. Godfried (vijftien jaar oud) zat in een vergelijkbare situatie. Hij zou hertog van Bretagne worden maar hij was nog niet met de erfgename van Bretagne getrouwd en zijn vader leek daar ook geen haast mee te willen maken. Richard (zestien jaar oud) had misschien een wat betere positie als aanstaande hertog van Aquitanië maar Eleonora spoorde hem aan om de jonge Hendrik te steunen. Godfried en Richard voegden zich bij de jonge Hendrik in Parijs. Eleonora werd op weg naar Parijs gearresteerd door troepen van Hendrik en opgesloten. Veel edelen in Engeland, Bretagne en Aquitanië steunden de opstand, in de overtuiging zo een stap te zetten naar een mooie carrière onder de volgende generatie vorsten. Lodewijk hielp de jonge prinsen door een coalitie te vormen waar naast hemzelf ook de graven van Vlaanderen, Boulogne en Blois, en de koning van Schotland, deelnamen. De opstandelingen vonden nauwelijks steun in de graafschappen van de Anjou. Ook Normandië bleef trouw aan Hendrik hoewel hier een duidelijke onvrede was met zijn bestuur. Ook de meeste steden (dus de havens) en de belangrijkste kastelen bleven trouw aan Hendrik.
De vijandelijkheden begonnen in mei 1173. Lodewijk en de jonge Hendrik vielen de Vexin aan, troepen uit Boulogne en Vlaanderen vielen uit het Noorden Normandië binnen, troepen vanuit Blois kwamen vanuit Blois en Bretonse rebellen vielen aan vanuit het westen. Al deze troepen trokken in de richting van Rouen. Hendrik liet de verdediging over aan lokale edelen en ging eerst naar Engeland om de verdediging daar te organiseren. Daarna kwam hij terug naar Normandië en versloeg het leger van Lodewijk en de jonge Hendrik zodat die moesten terugtrekken. Tegelijk had een ander leger van Hendrik in het westen de Bretonse invallers verslagen en veel gevangenen gemaakt. Hendrik deed zijn zoons een vredesaanbod maar besprekingen in Gisors liepen op niets uit. In Engeland kon geen van de partijen een voordeel behalen totdat troepen van Hendrik in september in Suffolk een leger van rebellen en Vlamingen kon verslaan. Eind 1173 veroverde Hendrik enkele kastelen in de Touraine. Lodewijk en de jonge Hendrik vielen opnieuw Normandië aan maar de gevechten moesten worden gestaakt door het invallende winterweer. In 1174 probeerden Hendriks tegenstanders om hem naar Engeland te lokken, om in zijn afwezigheid Normandië te veroveren. Willem van Schotland begon daarom een campagne in noord Engeland maar Hendrik bleef in Normandië. De veldtocht van Willem liep vast, vooral omdat Hendriks buitenechtelijke zoon Godfried, bisschop van Lincoln (Verenigd Koninkrijk), een aantal belangrijke kastelen met succes wist te verdedigen. Daarom kondigde de graaf van Vlaanderen aan dat hij Engeland zou binnenvallen, en stuurde alvast een kleine legermacht naar East Anglia. Hendrik kon dit niet negeren en ging naar Engeland. Hij deed een publieke boetedoening bij het graf van Thomas Becket (zie hierboven). Hendrik gaf daarbij aan dat hij de opstand zag als een straf van god voor de moord op Becket en hij hoopte daar met deze boetedoening wat aan te kunnen veranderen. In ieder geval werd Willem van Schotland kort daarna gevangen genomen en verliep de opstand in Engeland. Hendrik keerde terug naar Normandië en was nog op tijd om Rouen te ontzetten. Lodewijk moest zich terugtrekken en vroeg om vredesbesprekingen.
De laatste jaren (vanaf 1175)
Na de grote opstand werden vredesbesprekingen gehouden in Montlouis-sur-Loire. Hoewel Hendrik in feite de oorlog had gewonnen, sloot hij vrede op soepele voorwaarden: Hendrik en de jonge Hendrik beloofden om geen wraak te nemen op elkaars partijgangers; Jan hield de drie omstreden kastelen maar Hendrik gaf twee kastelen in Normandië aan de jonge Hendrik, samen met een som van 15.000 Anjou-ponden; Richard en Godfried kregen de helft van de inkomsten van hun gebieden; Eleonora bleef onder huisarrest; rebelse edelen werden in principe in hun lenen hersteld; Filips van Vlaanderen kreeg een toelage van Hendrik, in ruil voor neutraliteit. Alleen Willem van Schotland werd hard aangepakt: hij moest Hendrik als zijn leenheer erkennen en vijf belangrijke Schotse kastelen kregen een Engelse bezetting.
Door zijn positie met succes te verdedigen had Hendrik veel aanzien gewonnen in Europa. Daarnaast speelde zijn propaganda in op de populaire cultus rond Thomas Becket door zijn uiteindelijke overwinning aan de boetedoening bij diens graf toe te schrijven.
De confrontatie tussen Hendrik en Lodewijk ging onverminderd door. Hendrik bezat een deel van de Berry (provincie) maar pretendeerde in 1176 recht op het hele graafschap te hebben. Hendrik dreigde met oorlog maar, waar Hendrik vermoedelijk op hoopte, de paus kwam tussenbeide en de vraag wie eigenaar was van de Berry en van de Auvergne werd aan een arbitrage comité voorgelegd. De arbitrage stelde Hendrik in het gelijk. Hendrik kocht bovendien ook het graafschap de Marche (provincie). Deze aankoop zette de relatie met Lodewijk direct weer onder druk.
Problemen in het gezin
In 1179 maakte Hendrik Richard tot hertog van Aquitanië. In 1181 mocht Godfried eindelijk met Constance van Bretagne trouwen en werd hij eindelijk hertog van Bretagne. Hij was uitstekend in staat om de laatste opstandige edelen zonder hulp aan te pakken. Jan kreeg regelmatig goederen van zijn vader (ten koste van edelen) en werd in 1177 benoemd tot Heer van Ierland. Het leek erop dat Jan de favoriete zoon van zijn vader was geworden. De jonge Hendrik reisde door heel Europa van toernooi naar toernooi en bemoeide zich nauwelijks met bestuurlijke of militaire zaken, hij was nog steeds ontevreden over zijn gebrek aan macht en aan geld.
In 1182 eiste de jonge Hendrik om hertog van Normandië te worden, en zo zijn eigen inkomsten te hebben. Hendrik weigerde maar bood hem wel een hogere toelage. Om de jonge Hendrik te paaien beval Hendrik Richard en Godfried om hun broer te erkennen als leenheer voor hun hertogdommen. Richard weigerde omdat de jonge Hendrik volgens hem geen enkel recht op Aquitanië had. Toen Hendrik Richard dwong om de jonge Hendrik toch te huldigen, weigerde de jonge Hendrik dit te accepteren. De jonge Hendrik sloot een bondgenootschap met Godfried en een aantal edelen uit Aquitanië. In 1183 begonnen ze een oorlog om Aquitanië op Richard te veroveren. Hendrik kwam Richard te hulp maar voordat er belangrijke gevechten konden plaatsvinden, overleed de jonge Hendrik aan een koorts. De opstand was daarmee direct verlopen.
De dood van Hendrik betekende dat de verhoudingen binnen het gezin drastisch moesten worden herverdeeld. Het was duidelijk dat Godfried hertog van Bretagne moest blijven omdat zijn recht op dat hertogdom op zijn huwelijk was gebaseerd, en formeel dus zijn eigen recht was en niet door zijn vader gegeven. Hendrik vond dat Richard erfgenaam en medekoning van Engeland, en erfgenaam van Normandië moest worden. Jan zou dan hertog van Aquitanië worden. Maar Richard wilde Aquitanië niet opgeven en weigerde om mee te werken aan de plannen van zijn vader. Hendrik beval Jan en Godfried om Aquitanië voor hem te veroveren maar hun veldtocht in 1184 stagneerde al snel. Het gezin verzoende zich weer in Westminster maar Richard hield voet bij stuk. Pas toen Hendrik Eleonora uit haar huisarrest haalde om Richard over te halen om Hendrik te gehoorzamen, en toen Hendrik dreigde om Engeland en Normandië aan Godfried te geven, gaf Richard toe.
Jan ondernam in 1185 een veldtocht in Ierland om Hendriks positie te versterken maar dit werd een totale mislukking. De Anglo-Normandische edelen wilden niet met hem samenwerken en hij kon de Ierse vorsten niet verslaan. Hendrik wilde Jan in 1186 weer naar Ierland sturen maar dat ging niet door toen het bericht kwam dat Godfried was omgekomen tijdens een toernooi in Parijs - hij liet twee jonge kinderen achter. Hendrik stond voor de opgave om weer een nieuw machtsevenwicht te vinden.
Hendrik, Richard en Filips II Augustus
Filips II van Frankrijk was in 1180 koning geworden. De jonge Filips bleek al snel een briljante politicus te zijn. Hij deed zijn best om de onvrede tussen Hendrik en Richard te vergroten. Hendrik zelf had een goede relatie met Filips maar die was voor een groot deel gebaseerd op de vriendschap tussen Filips en Godfried. Na de dood van Godfried in 1186 verslechterde de relatie van Hendrik en Filips.
Filips eiste in 1186 dat hij de voogd zou worden van Godfrieds kinderen. Ook eiste hij dat Richard zich met zijn leger terugtrok uit Toulouse, terwijl Richard daar juist was om Raymond van Toulouse onder druk te zetten. Filips dreigde om anders Normandië aan te vallen. Ook eiste Filips dat het huwelijk tussen Richard en Adelheid eindelijk zou worden voltrokken, zo niet dat eiste hij de Vexin op. Filips viel ondertussen de Berry binnen en stuitte bij Châteauroux op Hendrik met een groot leger. Door interventie van de paus werd een bestand gesloten. Tijdens de onderhandelingen stelde Filips Richard voor om samen een bondgenootschap te sluiten tegen Hendrik.
In 1187 kwam het bericht dat Saladin Jeruzalem had veroverd. Heel Europa wilde een nieuwe kruistocht organiseren. Richard was enthousiast voor de kruistocht en ook Hendrik en Filips kondigden aan om op kruistocht te gaan. Richard wilde graag snel vertrekken maar Hendrik en Filips hadden veel tijd nodig voor voorbereidingen. Ondertussen ging Richard in Aquitanië en Toulouse nog wat oude rekeningen vereffenen, wat een aantal schendingen van het bestand opleverde. Hendrik en Filips kwamen zo weer op het punt van oorlog en Hendrik wees een voorstel van Filips voor een nieuw bestand af. Vermoedelijk was dit tactiek van Hendrik die naar een meer duurzame regeling streefde maar Richard was woedend over deze extra vertragingen en gaf de schuld daarvan aan zijn vader.
Filips organiseerde in november 1188 vredesbesprekingen. Hij bood Hendrik een vredesverdrag aan voor de lange termijn waarbij Hendrik in de meeste territoriale kwesties zijn zin zou krijgen. De enige voorwaarden de Filips stelde was dat het huwelijk van Richard en Adelheid eindelijk zou worden voltrokken en dat Hendrik Richard als zijn erfgenaam zou aanwijzen. Hendrik weigerde, en daarna eiste Richard dat zijn vader hem als erfgenaam zou aanwijzen. Hendrik weigerde nogmaals en Richard koos de kant van Filips en huldigde hem tijdens de besprekingen als zijn leenheer. Oorlog dreigde maar de paus organiseerde nieuwe vredesbesprekingen in 1989 in La Ferté-Bernard. Hendrik had inmiddels last gekregen van een bloedende maagzweer. Hendrik stelde voor dat niet Richard maar Jan met Adelheid zou trouwen (en gaf daarmee voeding aan geruchten dat Richard zou worden onterfd). Dit werd niet geaccepteerd en de besprekingen werden zonder resultaat afgebroken. Volgens ongeschreven regels gold tijdens de periode na een bespreking een bestand maar Filips en Richard trokken zich daar niets van aan en vielen direct met twee legers aan, in de richting van Le Mans (stad) en van Tours (Indre-et-Loire).
Overlijden
Hendrik werd bijna ingesloten in Le Mans maar kon ontvluchten naar Alençon. Tegen het advies van zijn hovelingen trok hij zich niet terug in Normandië maar reisde hij door het oorlogsgebied naar zijn favoriete kasteel van Chinon. Het lukte hem deze reis te maken ondanks het hete zomerweer en de vijandelijke troepen die hij moest ontlopen. Aangekomen in Chinon stortte Hendrik in. Filips en Richard maakten ondertussen goede vorderingen, in de wetenschap dat Hendrik stervende was en dat Richard nog steeds zijn belangrijkste erfgenaam was. Ze stelden Hendrik onderhandelingen voor en er vond een ontmoeting plaats in Ballan, vlakbij Chinon. Hendrik kon nauwelijks op zijn paard zitten en gaf op alle punten toe: hij erkende Filips als zijn leenheer, stemde erin toe dat er een andere voogd voor Adelheid zou worden aangesteld, stelde het huwelijk van Richard en Adelheid vast voor na de kruistocht, erkende Richard als zijn erfgenaam, stemde toe in herstelbetalingen aan Filips en gaf Filips een aantal kastelen in onderpand.
Hendrik werd op een draagbaar terug gedragen naar Chinon. Daar hoorde hij dat Jan zich ook bij Richard had aangesloten. Dat nieuws was te veel en hij zakte weg in een zware koorts. In een paar heldere momenten biechtte hij en hij overleed op 6 juli 1189. Hendrik wilde begraven worden in de abdij van Grandmont bij Saint-Sylvestre (Haute-Vienne) in de Limousin. Door het warme weer was het echter niet mogelijk om zijn lichaam over die afstand te transporteren en werd hij begraven in de abdij van Fontevraud.
Nalatenschap en beeldvorming
Richard erfde vrijwel alle bezittingen van zijn vader. Hij nam daarna deel aan de derde Kruistocht maar weigerde om met Adelheid te trouwen. Eleonora werd vrijgelaten en trad op als regentes tijdens zijn afwezigheid, en bestuurde na Richards thuiskomst het hertogdom Aquitanië. Richard werd opgevolgd door Jan en tijdens zijn bestuur wist Filips bijna alle Franse bezittingen van het Angevijnse Rijk in zijn macht te krijgen, behalve de kustgebieden van Aquitanië.
De juridische hervormingen van Hendrik in Engeland zijn van een blijvende betekenis geweest. Voor een deel zijn ze door Filips in Frankrijk overgenomen. De bemoeienis van Hendrik met Wales, Schotland en Ierland was van grote invloed op de ontwikkeling van die landen.
Enkele jaren na zijn dood schreef de geschiedschrijven William of Newburgh dat Hendrik door bijna al zijn tijdgenoten, ook zijn hofhouding, werd gehaat.
In moderne tijden was Hendrik populair bij de historici uit de vroege negentiende eeuw door zijn opbouw van een "empire" en zijn strijd tegen de Fransen en tegen Thomas Becket (oftewel de katholieke kerk). Franse historici zagen in hem vooral een figuur uit de Franse feodale geschiedenis (Hendrik was per slot van rekening meestal in Frankrijk en sprak Frans, geen Engels). Victoriaanse historici hadden juist kritiek op zijn gedrag als echtgenoot en vader, en op de moord op Thomas Becket. Latere historici prijzen hem weer vanwege de blijvende hervormingen van recht en belastingen in Engeland.
Huwelijk en Kinderen
Hendrik trouwde op 18 mei 1152 met Eleonora van Aquitanië, ze kregen de volgende kinderen:
Willem, jong overleden;
Hendrik de Jongere, gehuwd met Margaretha van Frankrijk, ze kregen een zoon die na drie dagen overleed. Zij hertrouwde met Béla III van Hongarije;
Mathilde, gehuwd met Hendrik de Leeuw;
Richard Leeuwenhart, belangrijkste erfgenaam van Hendrik en koning van Engeland;
Godfried, door zijn huwelijk met Constance I van Bretagne hertog van Bretagne. Hun zoon Arthur I van Bretagne was een rivaal voor de troon van zijn oom Jan en werd vermoedelijk in diens opdracht vermoord;
Eleonora, gehuwd met Alfons VIII van Castilië;
Johanna (1165-1199), gehuwd met (1177) Willem II van Sicilië en met (1196) Raymond VI van Toulouse;
Jan zonder Land erfgenaam van Richard en koning van Engeland;
Hendrik had een aantal kinderen uit buitenechtelijke relaties:
met een vrouw met de naam Ikenai had hij een zoon Godfried (ca. 1050 - Notre-Dame-du-Parc, 18 december 1212), bisschop van Lincoln (1173), kanselier van Engeland (1182), aartsbisschop van York (1189), leefde vanaf 1207 in verbanning in Frankrijk;
een onbekend kind bij Adelheid, dochter van Odo van Porhoët die tot 1168 Bretagne had bestuurd - alleen bekend uit een klacht van Odo dat Hendrik zijn dochter zwanger had gemaakt;
de bekendste buitenechtelijke relatie van Hendrik was Rosamund Clifford (ovl. ca. 1176) maar van haar zijn geen kinderen bekend;
met Ida, de vrouw van Roger Bigod, earl van Norfolk, kreeg Hendrik een zoon William Longespée (ca. 1176 – 7 maart 1226), door zijn huwelijk earl van Salisbury (Verenigd Koninkrijk);
met Nesta, vrouw van Ralph Bloët, kreeg Hendrik een zoon Morgan, proost van Berkeley in Yorkshire (1201), in 1213 benoemd tot bisschop van Durham (Engeland) maar de paus weigerde de benoeming omdat hij uit overspel was geboren;
bij een onbekende vrouw: Mathilde, abdis van Barking (Suffolk);
Verder worden er op grond van aannames nog enkele kinderen aan Hendrik toegeschreven maar die zijn hier niet vermeld.
Hij trouwde, 19 jaar oud, op 18-05-1152 in Bordeaux met de ongeveer 30-jarige
26167479 Eleonora van Aquitanië, geboren omstreeks 1122 in ?. Zij is overleden op 01-04-1204 in Abdij Fontevraud, ongeveer 82 jaar oud.
Notitie: Eleonora van Aquitanië (ca. 1122 – Abdij van Fontevraud, Frankrijk, 1 april 1204) was hertogin van Aquitanië en achtereenvolgens koningin van Frankrijk, van Engeland, en regentes van Engeland.
Jeugd
Eleonora was de dochter en erfgename van hertog Willem X van Aquitanië en Eleonora van Châtellerault. Ze kreeg een goede en veelzijdige opvoeding. Volgens alle bronnen was ze intelligent en buitengewoon mooi. Omdat Aquitanië met de bijbehorende graafschappen ongeveer een kwart van Frankrijk omvatte met rijke steden en landbouwgronden, was de hertog van Aquitanië de rijkste en machtigste van de feodale vorsten in Frankrijk. Toen Eleonora op 9 april 1137 het hertogdom erfde, ze was toen ongeveer 15 jaar oud, werd ze daardoor onbetwist de meest begeerde bruid van Europa. Haar vader had dat voorzien en stuurde voor zijn dood een verzoek aan koning Lodewijk VI om haar belangen te beschermen en een goede en passende echtgenoot voor haar te vinden. Lodewijk besloot onmiddellijk dat zijn zoon Lodewijk VII de perfecte partner voor Eleonora zou zijn. Lodewijk VII vertrok met een groots gevolg naar Bordeaux waar Eleonora en Lodewijk op 25 juli 1137 in de kathedraal trouwden. Bij haar huwelijk gaf ze een antieke Perzische vaas van bergkristal aan Lodewijk, die nu nog in het Louvre is te zien.
Hertogin van Aquitanië
Bij het huwelijk was afgesproken dat Eleonora zou blijven optreden als hertog van Aquitanië. Lodewijk had dus geen directe macht in Aquitanië. Pas hun eventuele zoon zou zowel koning van Frankrijk als hertog van Aquitanië zijn.
Eleonora heeft tijdens haar huwelijk hardnekkig aan deze zelfstandige positie vastgehouden. Dit was ook het geval tijdens haar tweede huwelijk, hoewel haar tweede man Hendrik II van Engeland veel dominanter en machtiger was dan Lodewijk. In beide huwelijken waren de status van Aquitanië en de positie van Eleonora daarin, een voortdurende bron van spanning.
Koningin van Frankrijk
Lodewijk VI overleed een week na het huwelijk van Eleonora en Lodewijk. Eleonora werd tijdens het kerstfeest van 1137 tot koningin van Frankrijk gekroond. Eleonora was het verfijnde en comfortabele hofleven van Aquitanië gewend, bakermat van troubadours en de hoofse liefde. In Parijs zette ze een schitterende hofhouding op en ze begunstigde kunstenaars en geleerden. Deze uitbundigheid stuitte echter op veel verzet bij hovelingen en geestelijken. Het is bekend dat Eleonora een tegenstander was van de abt Suger van St. Denis, een belangrijke adviseur die Lodewijk van zijn vader had overgenomen. Lodewijk lijkt zelf weinig problemen met het hofleven van zijn vrouw te hebben gehad, hij gaf in ieder geval grote bedragen uit om zijn paleizen te verbouwen en te verfraaien.
Het huwelijk van Lodewijk en Eleonora bleef jaren kinderloos. De vooraanstaande geestelijke Bernard van Clairvaux overtuigde haar dat haar levenswijze en haar verkeerde invloed op de koning daar de oorzaak van was. Eleonora nam dit advies ter harte en het paar kreeg in 1145 een dochter.
Kruistocht
Ook Lodewijk had in 1144 zijn moment van inkeer gehad toen zijn troepen in een oorlog met een van zijn vazallen meer dan duizend onschuldige burgers in een kerk hadden verbrand. In 1145 kondigde hij aan om als boetedoening op kruistocht te gaan. Eleonora stond erop dat zij als zelfstandige hertog van Aquitanië deel zou nemen aan de kruistocht, en persoonlijk haar eigen troepen zou aanvoeren. Lodewijk en Eleonora sloten zich aan bij de Tweede Kruistocht.
De heenreis verliep op grootse wijze met bezoeken aan koning Géza II van Hongarije en keizer Manuel I Komnenos. Militair was de kruistocht echter een mislukking. In Klein-Azië werd het leger van Lodewijk verslagen in een hinderlaag, waarbij Lodewijk alleen maar aan de dood kon ontsnappen doordat hij als een gewone ridder was gekleed en niet herkenbaar was als de koning. Een van de oorzaken van de nederlaag was dat de Aquitaanse voorhoede onder bevel van Eleonora te snel vooruit was getrokken waardoor de hoofdmacht kwetsbaar werd.
Aangekomen in Antiochië kwamen Eleonora en Lodewijk lijnrecht tegenover elkaar te staan. Eleonora was overgelukkig om haar jonge oom Raymond van Antiochië weer te zien, die een jeugdkameraad was. Eleonora en Raymond brachten alle tijd samen door. Eleonora probeerde de andere kruisvaarders te overtuigen om Raymond te steunen door enkele steden in de omgeving van Antiochië te veroveren. Lodewijk wilde echter verder trekken naar het Heilige Land. Uiteindelijk zette Lodewijk zijn zin door en hij was genoodzaakt om Eleonora in gevangenschap mee te voeren.
In Jeruzalem wilde het leger van de kruistocht de stad Damascus veroveren. De gevestigde christelijke ridders waren tegenstanders van dat plan omdat ze altijd in vrede met Damascus hadden geleefd, en omdat er andere islamitische staten waren die wel een bedreiging vormden. Eleonora koos positie tegen het plan om Damascus aan te vallen en werd opnieuw door Lodewijk gevangengezet. Lodewijk nam deel aan de overbodige en uiteindelijk volledig mislukte expeditie naar Damascus, en besloot daarna om snel terug te keren naar Frankrijk. Lodewijk en Eleonora konden elkaar niet verdragen en reisden op verschillende schepen terug. De Franse schepen werden aangevallen door een Byzantijnse vloot en daarna door een storm uiteengeslagen en raakten elkaar kwijt. Lodewijk en Eleonora waren al voor dood opgegeven toen ze apart van elkaar in Zuid-Italië aankwamen.
Echtscheiding
Er is een verhaal dat Lodewijk en Eleonora op de terugweg uit Italië in Tusculum (Latium) de paus bezochten en toestemming vroegen om te mogen scheiden. De paus verbood de scheiding en gaf het echtpaar toen het avond werd de beschikking over één kamer met één bed. Zo zou de tweede dochter van Lodewijk en Eleonora zijn verwekt.
Het is niet bekend of dit verhaal op waarheid berust. Wel is bekend dat Lodewijk en Eleonora na de kruistocht nog een dochter kregen maar dat hun huwelijk helemaal was mislukt. Suger verzette zich uit alle macht tegen de scheiding maar toen die in 1151 eenmaal was overleden, konden Lodewijk en Eleonora op 11 maart 1152 scheiden. Eleonora reisde met een klein gevolg naar haar eigen hoofdstad Poitiers. Onderweg ontsnapte ze aan ontvoeringspogingen door Theobald V van Blois en Godfried II van Maine, die haar wilden schaken om haar tot een huwelijk te dwingen.
Eleonora begreep dat ze opnieuw de meest begeerde bruid van Europa was, en dat ze kwetsbaar zou zijn zolang ze niet trouwde. Ze besloot daarom om snel te trouwen en deed een huwelijksvoorstel aan de machtigste vrijgezel die ze kende: Hendrik, hertog van Normandië en graaf van Anjou, met een claim op de Engelse troon. Hendrik was twaalf jaar jonger maar dat was voor geen van beiden een bezwaar want hij stemde direct toe om haar man te worden.
Koningin van Engeland
Eleonora en Hendrik trouwden op 18 mei 1152 te Bordeaux. Omdat ze nauwelijks tijd hadden om de plechtigheid voor te bereiden was het een eenvoudig huwelijk, niet passend bij hun status. Met de beschikking over de rijkdom van Aquitanië kon Hendrik vervolgens een beslissing in de Engelse burgeroorlog forceren en Eleonora werd op 19 december 1154 te Canterbury (Engeland) tot koningin van Engeland gekroond.
Hendrik en Eleonora hadden een stormachtig huwelijk. Naast een groot aantal kinderen hadden ze ook heftige conflicten. In 1167 verliet Eleonora Hendrik om weer in Poitiers te gaan wonen. Zij steunde in 1173 haar zoons Hendrik II van Maine en Richard I van Engeland om met hulp van haar ex-man Lodewijk in opstand te komen tegen Hendrik. Voor Eleonora was dit geen familieruzie maar een politieke kwestie waarin het ging over de bevordering van de positie van haar zoons (Hendrik wilde zijn macht niet met zijn zoons delen) en over de autonomie van Aquitanië. De opstand mislukte en Hendrik nam Eleonora gevangen en plaatste haar onder huisarrest in een kasteel in Engeland.
Hoewel ze vanaf 1167 vooral gescheiden van elkaar leefden maakte Eleonora Hendrik regelmatig verwijten over zijn minnaressen, of in ieder geval over de openlijke manier waarop ze aan zijn hof verbleven. Hendrik wilde scheiden van Eleonora maar zij zag daarin een poging om haar te dwingen om in een klooster te gaan leven, zodat Hendrik alle macht zou krijgen in Aquitanië. Eleonora heeft meerdere voorstellen van Hendrik voor een scheiding afgewezen. Na tien jaar gevangenschap en de dood van haar zoon Hendrik, kreeg Eleonora meer bewegingsvrijheid. Pas na de dood van Hendrik in 1189 werd ze door haar zoons volledig in vrijheid gesteld.
Regentes van Engeland
Richard Leeuwenhart was de belangrijkste erfgenaam van zijn vader. Kort nadat hij koning was geworden, vertrok hij om deel te nemen aan de Derde Kruistocht. Richard benoemde Eleonora tot zijn regentes. In die hoedanigheid kreeg ze eerst te maken met haar zoon Jan zonder Land die probeerde koning van Engeland te worden. Ook moest Eleonora de kwestie van Richards gevangenschap zien op te lossen: Richard had in het Heilige Land hertog Leopold V van Oostenrijk beledigd. Toen Richard op weg naar huis probeerde om incognito door Oostenrijk te reizen werd hij herkend en door de hertog gevangengenomen. Eleonora reisde in 1192 naar Oostenrijk om de voorwaarden voor zijn vrijlating te bespreken. Terug in Engeland bracht zij het benodigde losgeld bijeen voor Richards vrijlating. En na de terugkeer van Richard bemiddelde ze een verzoening tussen Richard en Jan.
Laatste jaren en dood
In 1199 kreeg Eleonora het verzoek van Filips II van Frankrijk om een bruid te kiezen voor diens zoon Lodewijk, uit de dochters van Alfons VIII van Castilië, die met haar dochter Eleonora van Engeland (1162-1214) was getrouwd. Eleonora stemde toe en vertrok naar Castilië. Onderweg werd ze echter overvallen en gevangenomen door een lokale edeleman wiens familie een vete had met het huis Plantagenet. Eleonora onderhandelde zelf haar vrijlating en vervolgde haar reis naar Spanje. Daar koos ze haar kleindochter Blanca van Castilië als de bruid voor Lodewijk. Terug in Frankrijk besloot de zieke en vermoeide Eleonora (inmiddels bijna tachtig jaar oud) haar intrek te nemen in de abdij van Fontevraud. In deze zelfde abdij waren haar man Hendrik en haar zoon Richard al begraven.
Tijdens de opstand van haar kleinzoon Arthur I van Bretagne in 1202 wilde ze naar Poitiers vluchten maar kwam niet verder dan Mirebeau. Daar zocht ze haar toevlucht in het kasteel en werd ze gedurende een paar weken door Arthur met een Frans leger belegerd voordat ze werd ontzet door haar zoon Jan. Eleonora keerde terug naar Fontevraud waar ze in 1204 overleed en naast Hendrik werd begraven.
Beeldvorming
Bovenstaand artikel probeert zich te beperken tot historisch bekende feiten. Daarnaast is er ontzettend veel over Eleonora geschreven en beweerd dat niet kan worden bevestigd, of dat regelrecht verzonnen lijkt. Dat heeft drie belangrijke oorzaken:
Eleonora was tijdens haar leven al een zeer omstreden figuur. Eigentijdse schrijvers aarzelden niet om haar veel beter of slechter voor te stellen dan ze was, al naar gelang de belangen van hun opdrachtgevers. Ook zochten middeleeuwse schrijvers naar een verklaring voor de in hun ogen onbegrijpelijke mislukking van de Tweede Kruistocht, en vonden die in de zondige aanwezigheid van Eleonora - waardoor Gods zegen voor de onderneming ontbrak.
Eleonora is door de eeuwen heen een dankbaar onderwerp geweest voor historici, of ze nu een moralistische, romantische, nationalistische, socialistische of feministische achtergrond hadden. En ieder heeft een beeld van haar geschilderd dat goed bij de eigen overtuiging paste.
Tot slot is Eleonora vanaf de negentiende eeuw een populaire figuur in historische romans en films, met alle verzinsels die daarbij hoorden.
Over Eleonora wordt onder ander beweerd dat ze:
tijdens haar jeugd een seksuele relatie met haar oom Raymond van Poitiers zou hebben gehad van haar man Lodewijk VII zou hebben gezegd: "Wat moet ik met die man? Hij is meer een monnik dan een koning!". aan het hof in Parijs grote bedragen verspilde en een groot aantal minnaars zou hebben gehad. Een daarvan zou Godfried V van Anjou zijn, de vader van haar latere echtgenoot Hendrik. En Godfried zou Hendrik voor Eleonora hebben gewaarschuwd.
een leger van vrouwen aanvoerde tijdens de kruistocht, wat de vrome ridders voortdurend in verleiding bracht in Antiochië een seksuele relatie met haar oom Raymond van Poitiers zou hebben gehad, ongeacht of die eerder al had bestaan tijdens haar verblijf in Antiochië Saladin heeft bezocht om de nacht met hem door te brengen het kwade brein was in alle conflicten tussen Hendrik en hun zoons, en later tussen hun zoons onderling een of meer minnaressen van Hendrik zou hebben vermoord / laten vermoorden
Tot slot staat ze in moderne fictie vaak in een slecht daglicht omdat ze na de terugkeer van "de held" Richard ervoor zorgde dat "de slechterik" Jan zijn terechte straf kon ontlopen, en dat ze ook daarna Jan is blijven steunen.
Eleonora kreeg uit haar twee huwelijken de volgende kinderen:
Bij Lodewijk VII:
Marie, gehuwd met Hendrik I van Champagne
Alice, gehuwd met Theobald V van Blois
Bij Hendrik II:
Willem, jong overleden
Hendrik de Jongere, graaf van Maine
Mathilde Plantagenet, gehuwd met Hendrik de Leeuw
Richard Leeuwenhart, koning van Engeland
Godfried, hertog van Bretagne
Eleonora, gehuwd met Alfons VIII van Castilië
Johanna, gehuwd met (1177) Willem II van Sicilië en met (1196) Raymond VI van Toulouse
Jan zonder Land, koning van Engeland na Richard
Kind uit dit huwelijk:
I. Eleonora van Engeland, geboren in 1162 in ? (zie 13083739).
26167480 Alberic I van Mello, geboren omstreeks 1102 in ?. Hij is overleden in 1182 in ?, ongeveer 80 jaar oud. Hij trouwde (2), ongeveer 65 jaar oud, in 1167 in ? met Joan Bassett (geb. 1114), 52 of 53 jaar oud.
Hij trouwde (1), ongeveer 38 jaar oud, omstreeks 1140 in ? met de ongeveer 30-jarige
26167481 Clementia van Dammartin-Aumale, geboren in 1110 in Dammartin-en-Goele. Zij is overleden in 1167 in Dammartin-en-Goele, 56 of 57 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alberic II van Dammartin, geboren omstreeks 1140 in ? (zie 13083740).
26167482 Reinald van Clermont Beauvais, geboren omstreeks 1082 in ?. Hij is overleden omstreeks 1160 in ?, ongeveer 78 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 47 jaar oud, omstreeks 1129 in ? met de ongeveer 19-jarige
26167483 Clementia van Bar-Mousson, geboren omstreeks 1110 in ?. Zij is overleden in 1183 in ?, ongeveer 73 jaar oud. Zij trouwde (2), ongeveer 53 jaar oud, in 1163 in ? met Thibaut van Crepy.
Kind uit dit huwelijk:
I. Mathilde van Clermont Beauvais, geboren omstreeks 1140 in ? (zie 13083741).
26167484 Jan I van Ponthieu, geboren in 1141 in ?. Hij is overleden op 30-06-1191 in Akko, 49 of 50 jaar oud.
Notitie: Jan I van Ponthieu (1141-Akko, 30 juni 1191), niet te verwarren met zijn oom Jan van Ponthieu, die graaf van Alençon was, was een zoon van Gwijde II van Ponthieu en van Ida. Hij volgde in 1146 zijn vader Gwijde op als graaf van Ponthieu. In 1171 werd hij graaf van Alençon in opvolging van zijn grootvader. Jan was getrouwd met:
Mathilde
Beatrix, dochter van Anselmus van Saint-Pol,
en werd de vader van:
Jan (-1191)
Willem II (-1221)
Adelheid, gehuwd metThomas van Saint-Valéry
Margaretha , gehuwd met Ermengard van Picquigny
Helena , gehuwd met Willem van Estouteville.
Hij trouwde met
26167485 Beatrix van Saint-Pol, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem II van Ponthieu, geboren in ? (zie 13083742).
26167486 Lodewijk VII van Frankrijk, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde in 1154 in ? met de 17 of 18-jarige
26167487 Constance van Castilië, geboren in 1136 in ?. Zij is overleden op 04-10-1160 in Parijs, 23 of 24 jaar oud.
Notitie: Constance van Castilië, ook van Arles, (1136 - Parijs, 4 oktober 1160) was een dochter van Alfons VII van Castilië en van Berengaria van Barcelona. In 1154 werd zij de tweede echtgenote van Lodewijk VII van Frankrijk, en werd zo de moeder van:
Marguerite
Alys, Hertogin van Vexin.
Na een pelgrimstocht naar Santiago de Compostella stierf zij in 1160 in het kraambed van haar jongste dochter.
Kind uit dit huwelijk:
I. Adelheid van Vexin, geboren op 04-10-1160 in ? (zie 13083743).
26167488 Lodewijk VII van Frankrijk, geboren in 1120 in ?. Hij is overleden op 18-09-1180 in ?, 59 of 60 jaar oud.
Notitie: Lodewijk VII de Jongere (geb.?, 1120 - Parijs, 18 september 1180) was koning van Frankrijk van 1137 tot 1180.
Lodewijk was de tweede zoon van Lodewijk VI van Frankrijk en Adelheid van Savoye. Hij was daarom voorbestemd voor een geestelijk ambt en werd opgevoed door de abt Suger van St. Denis, de belangrijkste adviseur van zijn vader. In 1131 overleed zijn oudere broer door een ruiterongeluk en nu werd Lodewijk de kroonprins. Hij werd op 15 oktober 1131 gezalfd en tot medekoning gekroond. Er was nog een complot om Lodewijk te vervangen door zijn jongere broer Robert maar dat werd verijdeld.
In 1137 overleed hertog Willem X van Aquitanië zonder mannelijke erfgenamen. Hij benoemde zijn oudste dochter Eleonora van Aquitanië tot zijn opvolger en verzocht Lodewijk VI om haar belangen te beschermen en een goede huwelijkskandidaat voor haar te vinden. Voor Lodewijk VI was dit een politiek wonder: het hertogdom Aquitanië met de bijbehorende graafschappen en steden was de grootste, rijkste en machtigste feodale staat van Frankrijk. Controle over Aquitanië zou de koning de kans geven om geheel Frankrijk werkelijk aan zijn gezag te onderwerpen - Lodewijk VI en zijn voorouders hadden alleen werkelijk macht over het gebied rond Parijs en Orléans gehad en de grote feodale vorsten vonden zichzelf gelijkwaardig aan de koning.
Lodewijk VI besloot binnen een dag dat Eleonora met Lodewijk zouden moeten trouwen. Lodewijk trok samen met Suger, Theobald IV van Blois en Roeland I van Vermandois, met een gevolg van 500 ridders, naar Bordeaux. Op 25 juli trouwden Lodewijk en Eleonora daar in de kathedraal. Bij het huwelijk werd echter overeengekomen dat Lodewijk geen macht over Aquitanië zou krijgen maar dat alleen Eleonora hertogin van Aquitanië zou zijn. Pas een eventuele zoon zou de functies van hertog van Aquitanië en koning van Frankrijk werkelijk verenigen.
Kort na het huwelijk overleed Lodewijk VI en volgde Lodewijk hem op. Eerst kreeg hij te maken met opstanden in Orléans en Poitiers. Daarna kwam hij in conflict met de paus over de benoeming van de bisschoppen van Laon (1138) en Bourges (1141) en Poitiers. Dit leidde ertoe dat de paus een interdict uitsprak over de bezittingen van Lodewijk. Lodewijk werkte zichzelf verder in de problemen door Roeland van Vermandois te belonen met een huwelijk met Petronella, de zuster van Eleonora. Roeland moest daarvoor wel zijn eerste echtgenote verstoten, en dat was de zuster van Theobald van Blois die hierin een reden zag om de koning de oorlog te verklaren. Lodewijk en Roeland waren in staat om Theobald in de Champagne te verslaan. Godfried V van Anjou veroverde Normandië, dat onder controle van Theobald stond, en Lodewijk kreeg als dank daarvoor de helft van de Vexin.
Deze ontwikkelingen kwamen tot een abrupt einde toen Lodewijk in 1144 de stad Vitry-le-François veroverde. Een grote groep inwoners had zijn toevlucht gezocht in de kerk. Toen de troepen van Lodewijk de kerk in brand staken kwamen meer dan duizend mensen in de vlammen om. Verteerd door schuldgevoelens trok Lodewijk zich terug en sloot vrede met de paus en met Theobald. In 1145 maakte Lodewijk bekend om op kruistocht te gaan, als boetedoening.
Lodewijk nam deel aan de Tweede Kruistocht. Eleonora stond erop om als soevereine hertogin van Aquitanië ook deel te nemen aan de kruistocht en haar eigen troepen aan te voeren. Op de heenreis bezocht Lodewijk koning Géza II van Hongarije en werd peetoom van diens zoon Stefanus III van Hongarije. In Constantinopel had hij een bespreking met keizer Manuel I Komnenos. Militair was de kruistocht echter een mislukking. In Klein-Azië werd het leger van Lodewijk verslagen in een hinderlaag, waarbij Lodewijk alleen maar aan de dood kon ontsnappen doordat hij als een gewone ridder was gekleed en niet herkenbaar was als de koning. Een van de oorzaken van de nederlaag was dat de Aquitaanse voorhoede onder bevel van Eleonora te snel vooruit was getrokken waardoor de hoofdmacht kwetsbaar werd.
Aangekomen in Antiochië kwamen Eleonora en Lodewijk lijnrecht tegenover elkaar te staan. Eleonora wilde de plannen van haar jonge oom Raymond van Antiochië steunen om eerst enkele steden in de omgeving van Antiochië te veroveren. Lodewijk wilde echter verder trekken naar het Heilige Land. Uiteindelijk zette Lodewijk zijn zin door en zette hij Eleonora gevangen. Lodewijk nam deel aan de overbodige en volledig mislukte expeditie naar Damascus, en besloot daarna om snel terug te keren naar Frankrijk.
Het huwelijk van Eleonora en Lodewijk was stukgelopen, en ze hadden nog geen mannelijke erfgenaam geproduceerd. De oude abt Suger verzette zich echter uit alle macht tegen een scheiding. Toen die in 1152 overleed, werd de scheiding al snel uitgesproken (11 maart 1152) op grond van te nauwe bloedverwantschap (in die tijd het gangbare excuus voor een scheiding). Eleonora wist heelhuids Poitiers te bereiken en deed direct een voorstel aan de twaalf jaar jongere Hendrik II van Engeland, toen nog hertog van Normandië en graaf van Anjou. Hendrik accepteerde het voorstel en het paar trouwde zo snel mogelijk (18 mei 1152) - vanwege de grote haast was het een eenvoudige plechtigheid. Ook nu werd afgesproken dat Eleonora zelfstandig hertogin van Aquitanië zou blijven.
Lodewijk was volledig verrast door deze politieke zet waardoor Hendrik en Eleonora tezamen de helft van Frankrijk controleerden. Lodewijk begon een oorlog tegen Hendrik met als excuus dat hij als leenman toestemming voor zijn huwelijk had moeten vragen. Hendrik wist Lodewijk eenvoudig te verslaan en Lodewijk moest zich ziek naar Parijs terugtrekken. Met de hulpmiddelen van Aquitanië kon Hendrik ook de Engelse burgeroorlog in zijn voordeel beslissen en in 1154 werden Hendrik en Eleonora koning en koningin van Engeland. Hendrik zou in 1156 Lodewijk nog huldigen als leenheer voor zijn Franse bezittingen maar Lodewijk had in werkelijkheid helemaal niets meer te vertellen over zijn halve koninkrijk.
Na 1156 stelt Lodewijk zich voorzichtig op. Het is duidelijk dat hij zijn beperkingen kende en daar het beste van probeerde te maken, vooral door zijn tegenstanders tegen elkaar uit te spelen.
In 1157 bezocht Lodewijk Santiago de Compostella. Het volgende jaar wist hij een toenadering te bereiken met Hendrik en Eleonora door een verloving te arrangeren tussen hun zoon Hendrik II van Maine en zijn dochter uit zijn tweede huwelijk Marguerite, die allebei nog kleuters waren. Zij kreeg de Vexin en Gisors als bruidsschat. In 1159 zette hij Hendrik echter alweer de voet dwars toen die Toulouse belegerde. Lodewijk bezocht de stad met een klein gevolg en Hendrik kon volgens de feodale regels niet een stad aanvallen waar zijn leenheer verbleef, en moest het beleg toen opgeven.
Lodewijk steunde paus Alexander III tegen keizer Frederik I van Hohenstaufen en bood hem onderdak. De paus legde in 1163 de eerste steen voor de huidige Notre-Dame van Parijs. Ook gaf Lodewijk onderdak aan Thomas Becket die voor Hendrik was gevlucht. Ondertussen ging Lodewijk gestaag door om zijn relatie met de zonen van Hendrik en Eleonora te verbeteren, en ze tegen hun vader op te zetten. In 1169 verloofde hij zijn dochter Alys met Richard I van Engeland. Toen Lodewijk na jaren van intensieve diplomatie in 1171 een goede verstandhouding met keizer Frederik bereikte, had hij zijn rug gedekt en was hij in staat om Hendrik aan te pakken. Lodewijk vormde een bondgenootschap met zijn schoonzoon Hendrik (Maine), met Richard (Poitou) en met de koning van Schotland, en ze vielen gezamenlijk Hendrik en Eleonora aan. Lodewijk en Hendrik van Maine belegerden in 1173 Rouen. Maar het lukte Hendrik om Schotland snel te verslaan en daarna trok hij naar Normandië en ontzette Rouen. Lodewijk moest zich terugtrekken naar Parijs. Door onderlinge twisten van Hendrik en Richard viel het bondgenootschap vervolgens uiteen.
In 1177 bemiddelde de paus een vrede tussen Lodewijk en Hendrik.
Lodewijk werd in 1179 getroffen door een beroerte. Daarna was hij niet meer in staat om te regeren. Zijn zoon Filips II van Frankrijk werd gekroond maar Lodewijk was verlamd en al zo zwak dat hij de ceremonie niet kon bijwonen. Een jaar later overleed hij. Lodewijk werd begraven in de abdij Notre-Dame-de-Barbeaux bij Fontainebleau. In 1817 werd hij herbegraven in de Kathedraal van Saint-Denis.
Het is Lodewijk gelukt om zijn gezag over het deel van Frankrijk dat niet onder controle van Hendrik en Eleonora stond, te versterken. Het bestuur van Lodewijk zag grote vooruitgang op het vlak van landbouw, handel, bevolking, het bouwen van verschillende forten, en een kleine intellectuele renaissance. Met zijn bewind heeft hij een belangrijke basis gelegd voor de politieke successen van zijn zoon.
Lodewijk heeft het imago van een vrome en bescheiden man, die beter geestelijke had kunnen worden dan koning. En dus een zwakke koning was. Afgaand op de historische feiten is er echter weinig aanleiding tot deze beeldvorming. Wel had Lodewijk direct te maken met een aantal heel nadrukkelijk aanwezige figuren: in de eerste plaats Eleonara maar ook Hendrik II van Engeland en Richard Leeuwenhart. Deze figuren trokken in hun eigen tijd al de aandacht van kroniekschrijvers, en zijn altijd een populair onderwerp gebleven voor historici, romanschrijvers en filmmakers. Doordat ze altijd in contrast met Lodewijk zijn neergezet heeft hij waarschijnlijk dat monnikachtige imago gekregen. Het is daarbij natuurlijk niet te ontkennen dat Eleonora en Hendrik in macht en politieke vaardigheden van een andere orde waren dan Lodewijk.
Eerste huwelijk met Eleonora van Aquitanië, gescheiden in 1152. Ze kregen twee dochters:
Maria, gehuwd met Hendrik I van Champagne
Alix, gehuwd met Theobald V van Blois
Tweede huwelijk (1154) met Constance van Castilië. Ze kregen twee dochters:
Marguerite, getrouwd met Hendrik van Maine
Alys, verloofd met Richard Leeuwenhart, vermoedelijk maîtresse van Hendrik II van Engeland, verloofd met Jan zonder Land maar uiteindelijk getrouwd met Willem II van Ponthieu.
Derde huwelijk met Adelheid van Champagne. Zij kregen de volgende kinderen:
Filips II, opvolger van zijn vader
Agnes, getrouwd (1180) met de jonge keizer Alexios II Komnenos, daarna (1183) met de usurpator Andronikos I Komnenos, later minnares van Theodorus Branas (commandant van Adrianopel) en in 1204 met hem getrouwd.
Hij is weduwnaar van Eleonora van Aquitanië, met wie hij trouwde (1), 16 of 17 jaar oud, in 1137 in ?. Hij is weduwnaar van Constance van Castilië (1136-1160), met wie hij trouwde (2), 33 of 34 jaar oud, in 1154.
Hij trouwde (3), 39 of 40 jaar oud, op 13-11-1160 in ? met de ongeveer 20-jarige Adelheid van Champagne van Blois (zie 26167489 hieronder). De scheiding tussen Adelheid van Champagne van Blois werd uitgesproken.
26167489 Adelheid van Champagne van Blois, geboren omstreeks 1140 in ?. Zij is overleden op 04-06-1206 in ?, ongeveer 66 jaar oud.
Notitie: Adelheid van Champagne (± 1140 – 4 juni 1206) was de derde vrouw van koning Lodewijk VII van Frankrijk. Bronnen vermelden haar ook wel onder de naam Alix, Alice of Adele van Champagne. Zij was een dochter van graaf Theobald IV van Blois.
Nauwelijks één maand na de dood van zijn tweede vrouw Constance van Castilië (-1160), trad Lodewijk VII met haar in het huwelijk, op 13 november 1160. Vier jaar later schonk zij hem een zoon, genaamd Dieudonné, die zijn vader zou opvolgen als Filips II Augustus. Toen koning Lodewijk fysiek begon af te takelen en het zeker werd dat hij zijn zoon tot zijn medekoning zou aanstellen, begon Adelheid deze op verstikkende wijze te betuttelen en te intrigeren in het voordeel van haar broers Hendrik van Champagne, die reeds eerder blijk had gegeven van territoriale ambities, en Theobald van Blois. Misbruik makend van haar macht wist zij deze uit te huwelijken aan de dochters die Lodewijk VII had bij zijn eerste vrouw Eleonora van Aquitanië.
Filips, die zich ergerde aan de betutteling door zijn moeder, had echter haar intriges door en toen hij in 1190 vertrok voor de Derde Kruistocht vertrouwde hij het regentschap toe aan háár en haar andere broer Willem, aartsbisschop van Reims (en Sens), maar wel onder strikte voorwaarden, zodat zij geen misbruik konden maken van hun macht.
De regenten mochten onder meer geen belastingen heffen en hadden géén toegang tot de koninklijke schatkamer, waarvan de hoede werd toevertrouwd aan de Tempeliers. Aangestelde baljuws moesten recht spreken in naam van de koning en konden, tenzij in geval van ernstig vergrijp, niet vervangen worden door de regenten, die regelmatig verslag moesten uitbrengen van hun verrichtingen. Op die manier manifesteerde Filips zijn uitdrukkelijke wens om zijn koninkrijk persoonlijk vanuit het oosten te blijven besturen. Overigens had hij het koninklijke zegel, dat nodig was om alle officiële documenten te bezegelen, met zich meegenomen.
Na de terugkeer van haar zoon in 1192 trok Adelheid van Champagne zich uit het openbare leven terug en hield zich enkel nog onledig met het stichten van abdijen. Zij overleed op 4 juli 1206.
Kind uit dit huwelijk:
I. Filips II van Frankrijk, geboren op 21-08-1165 in Parijs (zie 13083744).
26167490 Boudewijn V van Henegouwen, geboren omstreeks 1150 in ?. Hij is overleden op 17-12-1195 in Bergen ( België ), ongeveer 45 jaar oud.
Notitie: Boudewijn (?, ca. 1150 – Bergen (België), 17 december 1195), bijgenaamd de Moedige, was als Boudewijn V graaf van Henegouwen (1171–1195), als Boudewijn I markgraaf van Namen (1188–1195) en als Boudewijn VIII graaf van Vlaanderen (1191–1194).
Hij was de zoon van Boudewijn IV van Henegouwen en Aleidis van Namen, dochter van Godfried van Namen en verwierf in zijn tijd aanzienlijke invloed in het politieke leven van West-Europa. Boudewijn was in april 1169 getrouwd met Margaretha van de Elzas, zuster van Filips van de Elzas, graaf van Vlaanderen. Hiermee werd de vrede definitief die een einde had gemaakt aan een vete tussen de graven van Vlaanderen en Henegouwen die een eeuw had geduurd. In 1171 volgde Boudewijn zijn vader op als graaf van Henegouwen. In 1180 arrangeerde de kinderloze Filips een huwelijk tussen Boudewijns dochter Isabella en Filips II van Frankrijk. Isabella kreeg van haar oom het graafschap Artois mee als bruidsschat.
Boudewijn had bereikt dat zijn rijke en machtige oom Hendrik de Blinde, graaf van Namen en Luxemburg, die kinderloos was, hem tot erfgenaam had benoemd. Maar Hendrik hertrouwde op hoge leeftijd met een jonge vrouw en kreeg bij haar alsnog een dochter, die hij in plaats van Boudewijn aanwees als erfgename. Boudewijn beschouwde dit als een inbreuk op de gemaakte afspraken en begon een oorlog met zijn oom. Hendrik kreeg steun van de hertog Godfried III van Leuven, Hendrik III van Limburg, Floris III van Holland en een aantal kleinere heren, maar toch wist Boudewijn hem te verslaan. Keizer Frederik I van Hohenstaufen trad op als arbiter en bepaalde dat Boudewijn Namen zou erven en de status van rijksvorst zou krijgen, dat de dochter van Hendrik Longwy, La Roche-en-Ardenne en Durbuy zou erven en dat Luxemburg terug zou vallen aan de Duitse kroon.
Door zijn huwelijk met Margaretha, erfgename van de kinderloze graaf van Vlaanderen, Filips van de Elzas, had Boudewijn ook een aanspraak op Vlaanderen. Koning Filips II van Frankrijk was echter van plan om het graafschap aan de kroon te laten terugvallen. Toen Filips van de Elzas in 1191 in het Heilige Land overleed, had het nieuws lange tijd nodig om Europa te bereiken. Boudewijns kanselier, Giselbert van Bergen, was in Italië toen hij het nieuws hoorde. Het lukte hem om Boudewijn te informeren voordat het nieuws koning Filips bereikte. Boudewijn had nu gelegenheid om Vlaanderen binnen te trekken en zijn vrouw als gravin te laten erkennen, voordat Filips II in actie kon komen. Uiteindelijk accepteerde Filips II de situatie in ruil voor 5000 zilveren marken, Atrecht, Lens, Sint-Omaars en Boulogne. Uit dit gebied zou veertig jaar later het Graafschap Artesië ontstaan. Bij de dood van zijn vrouw Margaretha (15 november 1194) deed hij afstand van het graafschap Vlaanderen ten voordele van zijn oudste zoon Boudewijn.
Boudewijn is begraven in de Sint-Waltrudiskerk van Bergen.
De kinderen van Boudewijn en Margaretha waren:
Isabella, koningin van Frankrijk, gravin van Valencijn
Boudewijn (IX), graaf van Vlaanderen en Henegouwen, keizer van het Latijnse Keizerrijk
Yolande, gehuwd met Peter II van Courtenay, keizer het Latijnse Keizerrijk na Hendrik
Filips, markgraaf van Namen
Hendrik, keizer van het Latijnse Keizerrijk, als opvolger van Boudewijn
Sibylle (1179-9 januari 1217), gehuwd met Guichard IV, heer van Beaujeu (-1216)
Eustatius (ovl. na 1217), legeraanvoerder van Hendrik in het Latijnse Keizerrijk, gehuwd met Angelina, dochter van Michaël I Komnenos Doukas, heer van Epirus.
Boudewijn had een buitenechtelijke zoon: Godfried, provoost in Brugge, Mechelen en Dowaai, aartsdeken in Kamerijk.
Hij trouwde, ongeveer 19 jaar oud, in 1169 in ? met de 23 of 24-jarige
26167491 Margaretha van de Elzas, geboren in 1145 in ?. Zij is overleden op 15-11-1194 in Brugge, 48 of 49 jaar oud.
Notitie: Margaretha van de Elzas (1145 - Brugge, 15 november 1194) was gravin van Vlaanderen van 1191 tot 1194.
Zij was de dochter van de Vlaamse graaf Diederik van de Elzas en zuster van zijn opvolger Filips van de Elzas. In 1160 was zij in het huwelijk getreden met Roland II van Vermandois maar omdat bleek dat hij lepra had is het huwelijk niet geconsumeerd en is het paar gescheiden. In 1169 trouwde ze met Boudewijn V, erfgenaam van Henegouwen en Namen.
Na de dood van haar kinderloze broer Filips werd Margaretha in 1191 erfgename van Vlaanderen, zodat zij en Boudewijn (als Boudewijn VIII van Vlaanderen) samen gravin en graaf van Vlaanderen werden, echter voor korte tijd, omdat zij reeds in 1194 overleed, waarna haar echtgenoot afstand deed van Vlaanderen ten voordele van hun zoon Boudewijn (IX). Ze is begraven in de Sint-Donaaskathedraal te Brugge.
Margaretha en Boudewijn kregen de volgende kinderen:
Isabella, koningin van Frankrijk, gravin van Valencijn
Boudewijn (IX), graaf van Vlaanderen en Henegouwen, keizer van het Latijnse Keizerrijk
Yolande, gehuwd met Peter II van Courtenay, keizer het Latijnse Keizerrijk na Hendrik
Filips, markgraaf van Namen
Hendrik, keizer van het Latijnse Keizerrijk, als opvolger van Boudewijn
Sibylle (1179-9 januari 1217), gehuwd met Guichard IV, heer van Beaujeu (-1216)
Eustatius (ovl. na 1217), legeraanvoerder van Hendrik in het Latijnse Keizerrijk, gehuwd met Angelina, dochter van Michaël I Komnenos Doukas, heer van Epirus.
Zij is weduwe van Roland II van Vermandois, met wie zij trouwde (1), 14 of 15 jaar oud, in 1160 in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Isabella van Henegouwen, geboren op 23-04-1170 in Rijsel (zie 13083745).
26167492 Sancho III van Castilië, geboren in 1134 in ?. Hij is overleden op 31-08-1158 in Toledo, 23 of 24 jaar oud.
Notitie: Sancho III (Spaans: Sancho III, el Deseado) (?, 1134 - Toledo, 31 augustus 1158) was koning van Castilië van 1157 tot zijn plotselinge dood in 1158. Hij was de oudste zoon van Alfons VII en Berenguela van Barcelona. Het testament van zijn vader bepaalde dat hij het Koninkrijk Castilië van zijn vader erfde; zijn broer Ferdinand II werd koning van León.
Hij trad op 4 februari 1151 in het huwelijk met Blanca van Navarra (ca. 1133-12 augustus 1156), dochter van koning Garcia IV van Navarra en kreeg één zoon en erfgenaam, Alfons VIII van Castilië.
Hij trouwde, 16 of 17 jaar oud, op 04-02-1151 in ? met de ongeveer 18-jarige
26167493 Blanca van Navarra, geboren omstreeks 1133 in ?. Zij is overleden op 12-08-1156 in ?, ongeveer 23 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alphons VIII van Castilië, geboren op 11-11-1155 in Soria (zie 13083746).
26167494 Hendrik II van Engeland, geboren op 05-03-1133 in Le Mans. Hij is overleden op 06-07-1189 in Chinon, 56 jaar oud. Hij is begraven in Abdij Fontevraud.
Notitie: Hendrik II van Engeland (Le Mans, 5 maart 1133 – Chinon, 6 juli 1189) was koning van Engeland, hertog van Normandië, graaf van Anjou, Maine, Touraine en Nantes. Via zijn vrouw Eleonora van Aquitanië was hij hertog van Aquitanië en Gascogne, en graaf van de Poitou, de Auvergne en enkele kleinere graafschappen. Bovendien had hij veel macht in Ierland, Wales, Bretagne en Schotland. Het grote machtsgebied dat Hendrik had opgebouwd wordt het "Angevijnse Rijk" genoemd. Behalve door de opbouw van dit feodale rijk wordt Hendrik vooral herinnerd voor:
het conflict met, en de moord op, zijn eerdere vriend Thomas Becket;
zijn lange, gespannen verhouding met Lodewijk VII van Frankrijk, die formeel zijn leenheer was in Frankrijk;
de (geromantiseerde) verhalen over zijn huwelijk en zijn kinderen (o.a. Richard Leeuwenhart), en de soms gewapende conflicten met zijn kinderen en met zijn vrouw;
het leggen van de basis voor het Engelse recht, en zijn (ongevraagde) impulsen voor modernisering van het bestuur en de wetgeving in Ierland, Schotland en Wales.
Hendrik was de eerste koning van het Huis Plantagenet. De naam Plantagenet kwam van de bijnaam van zijn vader die de gewoonte had een bremtakje (Latijn: Planta genesta) op zijn hoed te dragen. Andere bijnamen waren Curtmantle (Frans: Court-manteau, korte mantel) en FitzEmpress (zoon van de keizerin).
Jeugd
Hendrik was een zoon van Godfried Plantagenet, graaf van Anjou, Maine en Touraine, en Mathilde van Engeland, de dochter van Hendrik I van Engeland en weduwe van keizer Hendrik V. Godfried was als feodale vorst praktisch onafhankelijk van de koning van Frankrijk en was dus een belangrijke buurman van het hertogdom Normandië van Hendrik I van Engeland. Het tweede huwelijk van Mathilde was dus zeker van belang voor haar vader.
Hendrik I van Engeland overleed in 1135. Hij had Mathilde als zijn erfgename aangewezen maar haar neef Stefanus van Blois greep de macht en werd tot koning van Engeland gekroond. Godfried maakte gebruik van de verwarde situatie door Normandië te bezetten in naam van zijn vrouw en zijn zoon. Godfried bemoeide zich verder niet met de strijd in Engeland (de Anarchie (Engeland)), dat liet hij over aan Mathilde en haar halfbroer Robert van Gloucester (graaf).
Hendrik II kreeg voor die tijd een uitstekende opvoeding. Als kind verbleef hij vooral bij zijn moeder maar vanaf 1140 leefde hij bij zijn vader en werd opgevoed door filoloog Peter van Saintes. In 1142 werd hij naar Bristol gezonden, naar het hof van Robert van Gloucester. Daar werd hij met de kinderen van Robert opgevoed door een huisleraar en door de kanunniken van de kathedraal van Bristol. Vanaf 1144 werd hij weer in Anjou opgevoed door Willem van Conches.
In 1147 stak Hendrik (veertien jaar oud) met een kleine legermacht van huurlingen over naar Engeland. Al snel bleek dat Hendrik geen geld had om zijn troepen te betalen en zat hij vast in Engeland met een bende huurlingen waar hij geen controle over had. Zijn moeder en zijn oom wilden hem niet ondersteunen, wat suggereert dat Hendrik deze actie op eigen houtje had bedacht en uitgevoerd. Uiteindelijk vroeg Hendrik Stefanus om hulp, en die betaalde de troepen - waarom hij dat gedaan heeft is onderwerp van veel speculatie - en liet Hendrik naar Normandië terugkeren. In 1149 probeerde Hendrik het nogmaals: Hendrik wilde met hulp van koning David I van Schotland en zijn oudoom Ranulf van Chester proberen om York te veroveren. Maar toen Stefanus met een legermacht naar het noorden trok, zagen Hendriks bondgenoten van de onderneming af. Hendrik moest weer terugkeren naar Normandië.
Hendrik groeide op tot energieke en gedreven man, met één doel: het herstel van het koninkrijk van Hendrik I met hemzelf als koning. Hij miste de charme van zijn vader. Hendrik had rood haar en sproeten, hij was niet lang en had kromme benen van het paardrijden. Hendrik zou niet veel om zijn uiterlijk hebben gegeven en regelmatig versleten kleding hebben gedragen. Hij hield van oorlog en de jacht maar op latere leeftijd had hij vooral interesse in bestuur en rechtspraak.
Opbouw van het Angevijnse Rijk (tot 1162)
Toen Hendrik in 1149 terugkwam naar Frankrijk was de oorlog in Engeland gestagneerd. In 1050 maakte Godfried Hendrik tot hertog van Normandië. De toenemende macht en onafhankelijkheid van Godfried was een doorn in het oog van Lodewijk VII, die formeel de leenheer was van Normandië. Lodewijk benoemde daarom Eustaas IV van Boulogne (de zoon van Stefanus) tot hertog en hij begon een veldtocht naar Normandië om die beslissing door te drukken. Op advies van Godfried begon Hendrik onderhandelingen met Lodewijk en door bemiddeling van Bernardus van Clairvaux werd een compromis bereikt: Lodewijk erkende Hendrik als hertog van Normandië, en in ruil daarvoor gaf hij het omstreden graafschap de Vexin terug aan de koning.
Godfried overleed in 1151. Hendrik moest zich er nu eerst op concentreren om de erfenis van zijn vader veilig te stellen. Hendrik had een broer Godfried, het lijkt erop dat Godfried sr. de Anjou, Maine en de Tourraine aan Hendrik wilde nalaten terwijl Godfried jr. een aantal belangrijke kastelen langs en zuidelijk van de Loire (rivier) zou krijgen. Als Hendrik ooit koning van Engeland zou worden dan zou Godfried jr. de volledige erfenis van zijn vader moeten krijgen.
Huwelijk met Eleonora
Dit alles werd verstoord toen Hendrik, totaal onverwacht, op 18 mei 1152 in Bordeaux (stad) trouwde met hertogin Eleonora van Aquitanië. Eleonora was nog maar net, op 11 maart 1152, gescheiden van Lodewijk. Ze was de rijkste vrouw van Frankrijk, en daarmee een zeer gewilde huwelijkspartij. Onderweg van Parijs naar haar hoofdstad Poitiers had ze kunnen ontsnappen aan pogingen van Godfried jr. en van Theobald V van Blois, om haar te ontvoeren en tot een huwelijk te dwingen. Eleonora besloot snel te handelen en trouwde met Hendrik. Voor Hendrik bood dit huwelijk een aantal voordelen: Eleonora gaf Hendrik alle middelen die hij nodig had om de macht te grijpen in Engeland; ze was ongeveer tien jaar ouder maar nog steeds een bijzonder mooie vrouw die al een paar kinderen had gekregen, dus Hendrik wist zeker dat ze vruchtbaar was; Hendrik en Eleonora beschikten samen over meer dan de helft van Frankrijk, waardoor Lodewijk geen bedreiging meer was voor een van beiden.
Het huwelijk van Hendrik en Eleonora was niet alleen een politiek probleem voor Lodewijk. Het snelle huwelijk van Hendrik met de ex-vrouw van zijn leenheer, zonder dat dit diplomatiek grondig was voorbereid, was binnen de feodale verhoudingen een regelrechte belediging. De snelheid van het huwelijk gaf ook voeding aan geruchten dat Hendrik en Eleonora voor haar scheiding al plannen voor dit huwelijk hadden gemaakt, sommige geruchten beweerden dat Hendrik al haar minnaar was geweest toen hij eerder Parijs had bezocht. Bovendien zou Eleonora’s grote erfenis aan de neus van haar dochters met Lodewijk voorbij gaan, als ze met Hendrik mannelijke erfgenamen zou krijgen. Lodewijk vormde een bondgenootschap tegen Hendrik en Eleonora met Stefanus, Eustaas, Godfried (de broer van Hendrik), Hendrik I van Champagne en Rotrud IV van Perche. Hendrik van Champagne en Rotrud vielen Normandië aan bezetten Neuf-Marché, Lodewijk viel Aquitanië aan en Stefanus belegerde Hendriks kasteel in Wallingford (Engeland). Hendrik op zijn beurt trok plunderend door de Vexin en veroverde daarna enkele van de kastelen van zijn broer Godfried. Godfried moest vrede sluiten met Hendrik en Lodewijk werd ziek en moest zich terugtrekken.
Nu de strijd in Frankrijk was gestabiliseerd, kon Hendrik aandacht geven in Engeland.
De Engelse Troon
In de winter van 1153 stak Hendrik met een klein leger van huurlingen over naar Engeland. Daar kreeg hij steun van Ranulf van Chester en Hugo Bigod, de earl van Norfolk (graafschap). In Stockbridge (Hampshire) had Hendrik een ontmoeting met geestelijken die hem vertelden dat de kerk vooral vrede wilde en hoopte dat Hendrik geestelijke goederen zou sparen. Hendrik beloofde dat, en beloofde ook dat hij geen druk op bisschoppen zou uitoefenen om hem als koning te erkennen. Daarna belegerde Hendrik het kasteel van Malmesbury (Wiltshire), in de hoop om Stefanus tot een reactie te verleiden. Inderdaad trok Stefanus met zijn leger naar Malmesbury, waardoor het beleg van Wallingford werd opgeheven. Hendrik ontweek een veldslag en Hendrik en Stefanus besloten tot een tijdelijke wapenstilstand vanwege het winterse weer. Dit gaf Hendrik de gelegenheid om naar de Midlands (Engeland) te trekken, terwijl Stefanus opnieuw het kasteel van Wallingford belegerde. Robert van Meulan, earl van Leicester (Engeland) koos de kant van Hendrik. Samen met zijn bondgenoten ontzette hij het kasteel van Wallingford. Hendrik had nu de controle over het zuidwesten, de Midlands en het meeste van het noorden van Engeland. Hij zette een hof op in koninklijke stijl, hij sprak recht en regelde huwelijken als een koning.
Toen het zomer werd dreigde Wallingford te vallen en Hendrik trok met een leger naar het zuiden om het kasteel te ontzetten. Stefanus liet versterkingen komen en er dreigde een veldslag. Maar op verzoek van edelen van beide kanten onderhandelden geestelijken een bestand, tegen de zin van Hendrik en Stefanus. Maar ze maakten wel gebruik van de gelegenheid om elkaar te spreken en de mogelijkheden van een vrede te onderzoeken.
Na enkele maanden van halfhartige gevechten sloten Hendrik en Stefanus de vrede van Winchester (november 1153). Dit was mogelijk geworden door het plotselinge overlijden van Eustaas, de erfgenaam van Stefanus. Stefanus had nog een zoon, Willem I van Boulogne, maar Stefanus zag in hem blijkbaar geen geschikte opvolger. De afspraak tussen Stefanus en Hendrik was dat Stefanus Hendrik zou adopteren en tot erfgenaam zou benoemen; dat Stefanus naar Hendriks raad zou luisteren maar wel volwaardig koning zou blijven; dat Willem Hendrik als vorst zou erkennen maar al zijn landen en kastelen zou behouden; dat kastelen van Stefanus zouden worden beheerd door mensen die door Hendrik werden vertrouwd; dat Stefanus vrij toegang zou hebben tot de kastelen van Hendrik; dat alle eenheden van huurlingen zouden worden ontbonden en naar huis worden gestuurd.
Hendrik koos uit angst voor een aanslag ervoor om terug te keren naar Normandië. Maar Stefanus kreeg in 1054 last van buikklachten en overleed op 25 oktober 1054. Hendrik kwam op 8 december aan in Engeland en op 19 december werden Hendrik en Eleonora gekroond in Westminster Abbey. In april 1055 kwamen alle hoge edelen naar het hof van Hendrik en zwoeren hun trouw en hem en zijn zonen.
Aanpak van het bestuur in Engeland
Hendrik was koning maar had te maken met (mogelijke) rivalen voor macht, of in ieder geval zijn bezit: Willem van Boulogne (zoon van Stefanus), zijn jongste broer Willem van Poitou maar vooral zijn andere broer Godfried. Hendriks vader Godfried Plantagenet had in zijn testament bepaald dat als Hendrik koning van Engeland zou worden, zijn oorspronkelijke graafschappen Anjou, Maine en Tourraine aan zijn volgende zoon zouden vervallen. Hendrik kon dit een jaar vertragen maar moest de graafschappen in 1156 uiteindelijk overdragen. Godfried overleed al in 1158, zonder erfgenamen. Daardoor kreeg Hendrik de graafschappen weer terug. Willem van Boulogne overleed in 1159. De belangrijkste rivalen van Hendrik waren nu verdwenen, hij schijnt een redelijk goede verhouding te hebben gehad met zijn broer Willem.
In Engeland had Hendrik nog genoeg problemen: Een groot deel van het land had ernstig geleden onder het oorlogsgeweld, er waren veel kastelen gebouwd zonder dat er formeel toestemming voor was gegeven, het koninklijke recht op bossen werd nauwelijks gehandhaafd (denk aan Robin Hood een generatie later), toezicht op de munt schoot tekort en de inkomsten van de schatkist waren sterk teruggelopen.
Hendrik begon met beeldvorming: hij presenteerde zichzelf als de wettige erfgenaam van zijn grootvader Hendrik I. Alle ellende van de vorige 19 jaar was de schuld van Stefanus. En Hendrik presenteerde zichzelf als een redelijk en toegankelijk vorst, die anders dan zijn moeder bereid was om advies aan te nemen. Daarnaast gaf hij veel geld uit aan prestigieuze bouwwerken die zijn status onderstreepten. Ondertussen liet hij illegale kastelen ontmantelen en werkte hij aan het herstel van het recht en van de belastingen.
Tijdens de burgeroorlog was aan de grenzen met Schotland en Wales veel grondgebied verloren gegaan. Hendrik wist zoveel druk uit te oefenen op de jonge en ziekelijke koning Malcolm IV van Schotland dat die alle Engelse gebieden die David I van Schotland had verworven, opgaf aan Hendrik. De Welshe prinsen Owain Gwynedd en Rhys ap Gruffydd boden meer tegenstand en Hendrik moest zowel in 1157 als in 1158 campagnes voeren voordat de grenzen uit de tijd van Hendrik I waren hersteld.
Expansie in Frankrijk
Gedurende de eerste acht jaar van zijn koningschap van Engeland, was Hendrik meer dan zes jaar in Frankrijk. De relatie tussen Hendrik en Lodewijk VII was voortdurend zeer gespannen. Lodewijk voerde een lastercampagne tegen Hendrik en verbreidde geruchten over zijn vermeende slechte gedrag en zijn slechte karakter. Lodewijk presenteerde zichzelf als de nobele, gekrenkte vorst die bovendien een heldhaftige, vrome kruisvaarder was. Ondertussen was het Hendrik die voordeel behaalde op Lodewijk: Diederik van Vlaanderen en Theobald V van Blois sloten een bondgenootschap met Hendrik, hoewel Diederik de voorwaarde bedong dat hij niet tegen Lodewijk hoefde te vechten.
In 1154 sloten Hendrik en Lodewijk een vrede waarbij Hendrik Neuf-Marché en Vernon (Eure) terugkocht van Lodewijk. De spanningen liepen echter alweer snel op omdat Hendrik het steeds maar uitstelde om Lodewijk als zijn leenheer te huldigen voor zijn Franse bezittingen. In 1158 probeerden Hendrik en Lodewijk opnieuw om de verhouding te verbeteren, ze ontmoetten elkaar in Parijs en Mont Saint-Michel. Afgesproken werd dat hun kinderen Hendrik II van Maine en Margaretha van Frankrijk met elkaar zouden trouwen, hoewel ze nog maar drie een één jaar oud waren. Margaretha zou bij haar huwelijk de Vexin als bruidsschat krijgen, waarmee direct een slepend conflict werd opgelost. En Margaretha leefde voortaan aan het hof van Hendrik.
Hendrik was ondertussen bezig om zijn invloed in Bretagne uit te breiden. De hertog van Bretagne had niet veel macht over de onafhankelijke lokale heersers. Hendrik steunde de positie van hertog Conan IV van Bretagne, in ruil voor zijn politieke steun. Maar in 1156 werd Godfried (broer van Hendrik) graaf van de Bretonse stad Nantes. En toen Godfried in 1158 overleed, probeerde Conan om de stad in handen te krijgen maar Hendrik eiste de stad op als erfenis van zijn broer.
Het grote graafschap Toulouse was formeel deel van het hertogdom Aquitanië maar was in de praktijk een onafhankelijke feodale staat onder Raymond V van Toulouse. Raymond had echter een zwakke aanspraak op de titel en Eleonora wilde het graafschap voor zichzelf hebben. Hendrik sloot een bondgenootschap tegen Toulouse met Raymond Berengarius IV van Barcelona. Hendrik peilde ook het standpunt van Lodewijk, die zijn zuster Constance Capet aan Raymond van Toulouse had uitgehuwelijkt. Hendrik dacht dat Lodewijk zich niet zou verzetten tegen een verovering van Toulouse. Maar toen hij in 1159 met zijn leger bij Toulouse aankwam, bleek dat Lodewijk daar was voor een bezoek aan Raymond van Toulouse. Hoewel Lodewijk geen serieus leger bij zich had kon Hendrik geen aanval uitvoeren op de stad waar zijn leenheer verbleef. In plaats daarvan plunderde hij het graafschap, veroverde een aantal kastelen en de Quercy (regio).
Lodewijk en Hendrik onderhandelden in 1160 weer een vrede maar de situatie veranderde toen de vrouw van Lodewijk stierf en hij hertrouwde met Adelheid van Champagne, zuster van Theobald IV van Blois. De dochters van Lodewijk en Eleonora werden verloofd met haar neven Theobald V van Blois en Hendrik I van Champagne. Theobald V zegde daarop zijn bondgenootschap met Hendrik op. Hendrik zag in deze ontwikkelingen een politieke aanval door Lodewijk. Hij dwong de pauselijke legaten aan zijn hof om zijn zoon Hendrik met Margaretha te trouwen (vijf en drie jaar oud), en bezette de Vexin als de bruidsschat van Margaretha. Lodewijk reageerde furieus en Theobald verzamelde zijn leger. Hendrik belegerde en veroverde het kasteel van Chaumont-sur-Loire en begin 1161 leek het erop dat een grootschalige oorlog zou uitbreken. Paus Alexander III begon een intensieve bemiddeling en in twee overeenkomsten werd in 1161 en 1162 een vrede gesloten. De situatie tussen Lodewijk en Hendrik bleef echter zeer gespannen, waarbij de voortdurende bezetting van de Vexin door Hendrik de belangrijkste twistappel was.
Bestuur, familie en hof
Hendrik regeerde over een aangesloten gebied van de Schotse grens tot aan de Pyreneeën. Het was echter geen samenhangend land maar een aaneenschakeling van geheel of gedeeltelijk zelfstandige staten, met hun eigen talen, wetten en lokale belangen. Deze gebieden werden alleen door feodale - en familiebanden bijeen gehouden.
Bestuur
Hendrik reisde voortdurend door zijn gebieden met in zijn gevolg een kleine groep functionarissen die hem hielpen om de dagelijkse zaken af te handelen. Waar Hendrik was hield hij zich bezig met lokale zaken, vaardigde nieuwe wetten uit, sprak recht en hield hij audiëntie. Via koeriers was hij verbonden met al zijn gebieden en bleef zo betrokken bij de belangrijkste ontwikkelingen. Bij zijn afwezigheid werden dagelijks bestuur en militaire zaken door lokale edelen uitgevoerd. Hendrik zocht actief naar getalenteerde geestelijken en gebruikte die voor de uitvoering van regeringstaken of benoemde ze tot bisschop of aartsbisschop.
Bij belangrijke gebeurtenissen of feestdagen verzamelden zich veel hoge geestelijken en edelen op de plaats waar Hendrik verbleef. Dit werd een magnum concilium (grote raad) genoemd. Hendrik overlegde dan zaken van bestuur en wetgeving met de aanwezigen. Maar de magnum concilium was geen formeel instituut zoals de landdagen in Duitsland en het overleg was vermoedelijk vrijblijvend van aard.
Hendrik maakte vooral gebruik van oude raadgevers van zijn vader en van Hendrik I, aangevuld met enkele vroegere aanhangers van Stefanus. Hendrik probeerde de macht van de rijke Engels-Normandische families te verminderen door ze geen belangrijke functies te geven, en in te grijpen in huwelijkszaken en erfenissen. In Engeland en Normandië benoemde hij vooral ministerialen, geestelijken en (onwettige) familieleden in belangrijke functies. In de oude graafschappen van zijn vader werd het bestuur vooral door lokale edelen uitgevoerd.
Aquitanië en de bijbehorende gebieden, van Eleonora, waren praktisch onafhankelijk in hun dagelijkse zaken. Dat zal zeker te maken hebben gehad met de huwelijkse afspraken tussen Hendrik en Eleonora. Daar is niet veel over bekend maar wel is bekend dat toen Eleonora met Lodewijk trouwde, Lodewijk niets te zeggen kreeg over haar gebieden en Eleonora zelf invulling gaf aan de functie van hertog. Gezien de krachtige persoonlijkheid van Eleonora en haar sterke onderhandelingspositie voor het huwelijk, lijkt het zeker dat ze met Hendrik vergelijkbare afspraken heeft gemaakt.
Hof en rol van de familie
Door zijn grote rijkdom kon Hendrik een grootse hofhouding voeren. Hendrik hield zelf vooral van jagen en drinken maar voelde zich ook verplicht zijn status te onderstrepen door literatuur te bevorderen en door deftige regels en taalgebruik aan het hof. Hendrik investeerde veel in zijn koninklijke kastelen, zowel om indruk te maken als om militaire redenen. En daarnaast gaf hij veel geld uit aan jachtverblijven. Opvallend was dat hij tegenstander was van toernooien.
Hendriks moeder Mathilde en zijn vrouw Eleonora hadden veel invloed op Hendrik. Eleonora was een aantal jaren belast met het bestuur van Engeland en bestuurde daarna een tijd Aquitanië. Hendrik en Eleonora hadden acht wettige kinderen. Ook hun zoons kregen een rol in het bestuur. Na verloop van tijd liepen de spanningen tussen Hendrik enerzijds, en Eleonora en hun zoons anderzijds, steeds verder op. De redenen daarvan zijn niet bekend maar er is wel veel over gespeculeerd, genoemd zijn onder andere: de bemoeienis van Hendrik met de zaken in Aquitanië, het lange leven van Hendrik en zijn weigering om werkelijk macht met zijn kinderen te delen, zijn minnaressen of gewoon zijn moeilijke karakter. In dit politieke gezin was het niet te vermijden dat een conflict uiteindelijk op open oorlog zou uitlopen.
Recht en wetgeving
Hendrik had de persoonlijke overtuiging dat het zijn plicht als landsheer was om voor goede rechtspraak te zorgen. Hij deed dit vooral door goede functionarissen te benoemen en fouten in het systeem aan te pakken. Gedurende zijn bewind verving Hendrik de lappendeken aan overlappende lokale rechtbanken door een systeem van koninklijke rechtbanken. Er lag vermoedelijk vooraf geen visie ten grondslag aan zijn juridische hervormingen maar hij pakte problemen op ad hoc basis aan. Naarmate hij ouder werd kreeg Hendrik steeds meer interesse in juridische zaken en bemoeide hij zich actief met wetgeving.
In de periode van burgeroorlog in Engeland waren veel bezittingen geroofd of in beslag genomen, en vaak weer wettig aan derden verkocht of geschonken. Toen Hendrik koning werd leidde dit tot een stortvloed aan rechtszaken die nog op de oude manier door edelen, geestelijken of volksrechtbanken werden afgehandeld. Hendrik was bijna al die tijd en Frankrijk maar was wel bij deze rechtszaken betrokken: hij greep in bij rechtszaken die volgens hem niet goed waren verlopen en gaf aanwijzingen voor de verbetering van wereldlijke en kerkelijke rechtspraak.
Ondertussen moderniseerde Hendrik de rechtspraak in Normandië. Toen hij in 1163 naar Engeland kwam had hij het voornemen die veranderingen ook daar in te voeren. Rechtspraak werd voortaan gebaseerd op onderzoek van bewijsmateriaal en verklaringen onder ede, in veel gevallen met hulp van een jury. Er werd vooral aandacht gegeven aan grondbezit en erfrecht. Het gerechtshof in Winchester dat eerst zaken deed met betrekking tot de koninklijke inkomsten, sprak vanaf 1166 ook namens de koning recht in civiele zaken. Hendrik organiseerde een systeem van reizende rechters die door heel Engeland trokken. Hendrik heeft in feite de common law in Engeland vorm gegeven. Het rechtssysteem werd voor Hendrik ca. 1188 vastgelegd door Ranulf de Glanvill, de hoogste rechter van Engeland, in zijn Tractatus de legibus et consuetudinibus regni Angliae (Verhandeling over de wetten en gebruiken van het koninkrijk Engeland). De nieuwe rechtsspraak betekende een belangrijke inperking van de macht van edelen en geestelijken, ten gunste van de koning.
Verhouding met de kerk
Net als alle ambitieuze vorsten uit zijn tijd probeerde Hendrik zoveel mogelijk zijn eigen kandidaten te laten benoemen tot bisschop of abt, zodat ze zijn politiek konden steunen. Hij kreeg echter te maken met een kerk die de eigen autonomie steeds belangrijker begon te vinden. In Engeland leidde dit tot grote spanningen en aartsbisschop Theobald van Canterbury was zelfs een tijd door Stefanus verbannen geweest. In Normandië en Bretagne had Hendrik een veel betere verstandhouding met de geestelijkheid. In Aquitanië was de lokale autonomie traditioneel veel groter en Hendriks bemoeienis met benoemingen zorgde meestal voor veel spanningen.
Hendrik was verder niet erg in religie geïnteresseerd. Hij stichtte niet meer dan een paar kloosters, en dat dan als vorm van boetedoening. Wel stichtte hij een aantal hospitalen in Engeland en Frankrijk. Hendrik was ook zuinig met schenkingen aan kloosters, alleen kloosters die een duidelijke band hadden met zijn familie werden door hem begunstigd.
Hendrik was bang om over zee te reizen. Voor vertrek biechtte hij altijd en hij liet waarzeggers een gunstig tijdstip voor vertrek kiezen. Veel van zijn reizen waren op feestdagen van heiligen.
Financiën
De verschillende feodale staten van het Angevijnse Rijk hadden ieder hun aparte financiële huishouding hoewel de opzet vergelijkbaar was. De vorst had zijn belangrijkste inkomsten uit zijn eigen domeinen en verdiende ook aan het uitgeven van geld en aan boetes. Als hij meer geld nodig had kon de vorst een belasting heffen, of geld lenen. Geld werd in de twaalfde eeuw steeds belangrijker voor vorsten omdat veel werd geïnvesteerd in de bouw van kastelen en omdat er steeds meer huurlingen werden gebruikt tijdens oorlogen.
Met name in Engeland had Hendrik toen hij koning werd, te maken met een financiële puinhoop. Hendrik I had een systeem opgezet met een rekenkamer die ervoor zorgde dat de centrale schatkist in Londen, en dependances in koninklijke kastelen door het hele land, over voldoende middelen beschikten. De reizende koning werd vergezeld door beambten die de nodige betalingen deden en namens de koning zijn gelden incasseerden. Tijdens de burgeroorlog was dit systeem vastgelopen en de koninklijke inkomsten in Engeland waren met bijna de helft teruggelopen.
Hendrik begon zijn regering in Engeland met het herstel van het systeem van zijn grootvader, een monetaire hervorming en verbeteringen in de boekhouding. In de eerste elf jaar hief hij bovendien relatief veel belastingen. In 1180 voerde Hendrik opnieuw een monetaire hervorming door en bracht hij alle munten direct onder zijn gezag. Hendrik liet tijdens zijn bewind veel munten slaan. Dit stimuleerde de handel maar leidde ook tot inflatie.
Hendrik leende veel meer geld dan zijn voorgangers. In eerste instantie leende hij vooral bij geldleners in Rouen, daarna leende hij vooral in Vlaanderen of bij Joodse geldleners.
Grote ondernemingen, grote problemen (1162 – 1175)
Verwikkelingen in Frankrijk
Lodewijk wist langzaam zijn positie te versterken. Na zijn bondgenootschap met de graven van Blois en de Champagne, volgden ook de graaf van Vlaanderen en de hertog van Bourgondië. In 1165 werd eindelijk zijn vurig gewenste mannelijke erfgenaam geboren: Filips II van Frankrijk. Lodewijk voelde zich sterker dan ooit en versterkte zijn politieke inspanningen tegen Hendrik.
Hendrik voerde op zijn beurt een agressieve politiek in de Auvergne, waar Lodewijk zich erg aan ergerde. In 1161 viel Hendrik persoonlijk opnieuw Toulouse aan en in 1164 liet hij nogmaals een aanval uitvoeren door de aartsbisschop van Bordeaux. Ook moedigde hij Alfons II van Aragón aan om zijn gebieden uit te breiden ten koste van Toulouse. Uiteindelijk besloot Raymond van Toulouse in 1164 om te scheiden van de zuster van Lodewijk en begon hij besprekingen met Hendrik.
Ondertussen had Hendrik in 1164 grensgebieden met Bretagne bezet. In 1166 viel hij Bretagne binnen om lokale edelen te straffen. Hendrik dwong hertog Conan om af te treden en zijn dochter Constance tot erfgenaam te benoemen. Natuurlijk werd Constance direct verloofd met Hendriks zoon Godfried. En omdat Godfried minderjarig was, trad Hendrik op als "beschermer" van Bretagne. In Bretagne was veel onvrede over deze gang van zaken. Toen Lodewijk en Hendrik in 1167 een conflict kregen over een belastingheffing ten bate van de Kruisvaardersstaten, kon Lodewijk een verbond sluiten met een belangrijk deel van de Bretonse edelen. Lodewijk kreeg ook steun vanuit Wales en Schotland en hij viel Normandië binnen. Hendrik op zijn beurt veroverde Chaumont-en-Vexin waar Lodewijk de voorraden voor de veldtocht bijeen had gebracht, en verwoestte de stad. Lodewijk was nu gedwongen om vrede te sluiten. Hendrik had toen de handen vrij om af te rekenen met de rebelse Bretonse edelen.
In de volgende jaren begonnen Hendrik en Eleonora plannen te maken voor hun erfenis. Ze wilden hun zoon Hendrik het koninkrijk Engeland en het hertogdom Normandië nalaten, Richard het hertogdom Aquitanië en Godfried het hertogdom Bretagne. Hun jongste zoon Jan werd pas in 1167 geboren en bleef daarom buiten de verdeling, vandaar zijn bijnaam "Jan zonder Land". Voor deze verdeling was de instemming van Lodewijk nodig dus Hendrik begon weer toenadering tot hem te zoeken. In 1169 leidde dit tot vredesbesprekingen in Montmirail (Marne). Lodewijk accepteerde de plannen van Hendrik, en er werd afgesproken dat de zoons van Hendrik Lodewijk zouden huldigen als hun leenheer voor hun toekomstige bezit en dat Richard zou trouwen met Lodewijks dochter Adelheid. Deze afspraken zouden de status van Lodewijk hebben versterkt en tegelijk ook de positie van Hendrik en zijn erfgenamen (tegen opstandige edelen) hebben versterkt. Lodewijk traineerde de uitvoering echter en begon te stoken tussen Hendrik en zijn zoons, en tussen de broers onderling.
Hendriks positie in het zuiden werd steeds sterker. In 1170 sloot hij een bondgenootschap met Alfons VIII van Castilië die trouwde met zijn dochter Eleonora (toen acht jaar oud). Hendrik sloot in 1173 een bondgenootschap met graaf Humbert III van Savoye, zijn dochter Alicia werd verloofd met Jan zonder Land maar zij zou al in 1178 (twaalf jaar oud) overlijden - dus dit huwelijk vond niet plaats. Ook in 1173 huldigde Raymond van Toulouse Hendrik als zijn leenheer voor het graafschap Toulouse.
De kwestie Thomas Becket
In 1161 overleed de onafhankelijke aartsbisschop Theobald van Canterbury, waar Stefanus al conflicten mee had gehad. Hendrik zag de kans schoon om zijn vriend en kanselier Thomas Becket tot aartsbisschop te benoemen en zo de kerk in zijn greep te krijgen. Zowel zijn moeder Mathilde als zijn vrouw Eleonora zouden Hendrik tegen deze benoeming hebben gewaarschuwd maar Hendrik zette door. Al snel bleek dat dit niet verstandig was: Becket maakte een einde aan de nauwe verstandhouding met Hendrik, begon sober te leven en wierp zich op als een vasthoudende beschermer van de rechten van de kerk.
Hendrik en Becket hadden al conflicten over de zeggenschap over kerkelijke landerijen en over belastingen, maar het belangrijkste conflict had betrekking op de jurisdictie over geestelijken die een wereldlijk misdrijf hadden begaan. Begin 1164 drukte Hendrik zijn zienswijze door in de Constituties van Clarendon. Becket stemde onder grote druk, en onder voorbehoud, in met deze nieuwe regels maar veranderde later zijn standpunt. Het conflict tussen Hendrik en Becket werd in snel tempo een prestigeslag op internationaal niveau. Hendrik was gekrenkt, Becket was ijdel en bedacht op politiek voordeel, geen van beiden was bereid om toe te geven. Becket vluchtte in 1164 naar het hof van Lodewijk. Beiden zochten de steun van paus Alexander III en van andere hoge geestelijken en vorsten. Hendrik vervolgde medestanders van Becket in Engeland, Becket excommuniceerde medestanders van Hendrik. De Normandische geestelijkheid steunde Hendrik. De paus deelde het standpunt van Becket maar had ook een goede relatie met Hendrik nodig vanwege de strijd van de paus met keizer Frederik I Barbarossa.
In 1169 besloot Hendrik dat hij zijn zoon Hendrik tot medekoning van Engeland wilde laten kronen. Omdat dit traditioneel door de aartsbisschop van Canterbury gebeurde, probeerde Hendrik tot een vergelijk met Becket te komen maar dat lukte niet. De jonge Hendrik werd toen door de aartsbisschop van York gekroond. Becket kreeg toestemming van de paus om een interdict over Engeland uit te spreken. Dit dwong Hendrik tot nieuwe onderhandelingen en in juli 1170 werd een compromis bereikt. Becket keerde in december terug naar Canterbury. Als Hendrik dacht dat de problemen voorbij waren, dan had hij het mis: Becket excommuniceerde direct drie medestanders van Hendrik. Hendrik ontstak in woede. Volgens de populaire literatuur zou hij hebben geroepen "Wie verlost mij van deze lastpak van een priester?" maar volgens een eigentijdse kroniek heeft hij gezegd: "Wat heb ik een miserabele darren en verraders in mijn huishouding gevoed en bevorderd, dat ze hun heer met zoveel schandelijke minachting laten behandelen door een laaggeboren geestelijke?". Vier ridders trokken in het geheim naar Canterbury om Becket te arresteren en naar de koning te brengen. Thomas Becket vond het beneden zijn waardigheid om zich door gewone ridders te laten arresteren en uiteindelijk hebben ze hem op 29 december 1170 voor het altaar in de Kathedraal van Canterbury gedood.
De moord op een aartsbisschop, voor het altaar in zijn eigen kathedraal (bij uitstek een onschendbare plaats), gaf een schok in heel Europa. Becket was tijdens zijn leven niet geliefd in de kerk maar hij werd al snel tot martelaar uitgeroepen. Ondanks tegenwerking van de Normandische bisschoppen kon de Franse kerk opnieuw een interdict uitspreken over Engeland. Ondertussen deed Hendrik niets om de moordenaars van Becket te straffen. Onder toenemende druk onderhandelde hij in 1172 een regeling met de paus waarin de constituties van Clarendon grotendeels ongedaan werden gemaakt en Hendrik beloofde om op kruistocht te gaan. Hoewel Hendrik nog zeventien jaar leefde is hij nooit op kruistocht gegaan. Becket werd in 1173 heilig verklaard en Hendrik onderging op 12 juni 1174 een boetedoening in Canterbury waarbij hij publiekelijk zijn zonden beleed, van elke aanwezige bisschop vijf slagen met een roede ontving en van tachtig monniken elk drie slagen, waarna hij een nachtwake doorbracht bij het graf van Becket. Hierdoor werd Hendrik in het algemeen weer gunstig beoordeeld.
De vier ridders werden geëxcommuniceerd en moesten uiteindelijk naar Rome reizen om vergiffenis te vragen. De paus verplichtte ze om naar het Heilige Land te reizen en daar voor de kruisvaarders te vechten.
Expansie naar Ierland
In de twaalfde eeuw bestond Ierland uit enkele inheemse koninkrijken. Toen koning Diarmait Mac Murchada van Leinster werd verdreven door Tairrdelbach Ua Conchobair, koning van Connacht en de Hoge Koning van Ierland, vluchtte hij in 1167 naar Engeland. Hendrik gaf hem toestemming om een huurlingenleger te vormen, om zijn koninkrijk terug te winnen. Diarmait vormde een leger van Engels-Normandische edelen en soldaten uit de Welsh Marches en vulde dat aan met huurlingen uit Vlaanderen. Hij heroverde Leinster in 1170 maar overleed al en jaar later. Diarmaits Normandische aanvoerder Richard de Clare, die met de dochter van Diarmait was getrouwd, riep zich nu uit tot koning van Leinster.
De meeste partijen in Ierland deden nu een beroep op Hendrik om steun: de Ierse vorsten die bang waren om door de Clare en nieuwe groepen avonturiers onder de voet te worden gelopen, en de Clare die aanbood om Hendrik als heer voor zijn Ierse bezittingen te erkennen. Ook de paus was voorstander van ingrijpen van Hendrik in Ierland, om zo meer greep te kunnen krijgen op de Ierse kerk (de pauselijke bul Laudabiliter over dit onderwerp is mogelijk een vervalsing). Daarnaast maakte Hendrik zich bezorgd over het gegeven dat edelen uit de Welsh Marches die zich toch al onafhankelijk opstelden, buiten zijn koninkrijk grote nieuwe bezittingen verwierven. Al met al was dit een kans die Hendrik niet voorbij kon laten gaan. Hij trok met een leger naar het zuiden van Wales en herstelde daar zijn gezag in enkele opstandige gebieden. Daarna zeilde hij in oktober 1171 van Pembroke (Wales) naar Ierland. De Ierse en Normandische vorsten in het zuiden en oosten van Ierland erkenden Hendrik als hun vorst. Hendrik begon een bouwprogramma van kastelen om zijn controle over Ierland te kunnen verzekeren. Hij benoemde in 1175 in Windsor Castle Ruaidrí Ua Conchobair (vaak Rory O’Connor genoemd, een zoon van Tairrdelbach Ua Conchobair) tot Hoge Koning in Ierland, om te regeren in zijn naam. Ruaidrí erkende op zijn beurt Hendrik als zijn leenheer. Hij was echter niet in staat om zijn gezag te vestigen, vooral niet in Munster (Ierland). Daarom besloot Hendrik in 1177 in Oxford om Ierland directer te gaan besturen en benoemde hij een aantal directe vazallen in Ierland.
In de plannen voor de verdeling van de erfenis van Hendrik en Eleonora kreeg hun zoon Jan het koninkrijk Ierland toebedeeld.
De grote opstand
In 1173 gaf Hendrik drie kastelen, die waren toebedeeld aan de jonge Hendrik, aan Jan. Dit was voor de jonge Hendrik onverteerbaar en het leidde uiteindelijk tot een oorlog van anderhalf jaar tussen Hendrik en zijn drie oudste zoons, gesteund door hun moeder, Lodewijk en een aantal Franse edelen, Willem I van Schotland en een aantal opstandige edelen.
De jonge Hendrik (achttien jaar oud) was getrouwd en medekoning van Engeland, en hij leefde in koninklijke staat, maar hij had geen eigen inkomsten en had voortdurend geld tekort. Hij moest steeds geld vragen aan Hendrik die daar niet scheutig mee was, en al helemaal weigerde om zijn zoon eigen inkomsten te geven. Bovendien was hij zeer gehecht geweest aan Thomas Becket die een groot aandeel had in zijn opvoeding. De kwestie van de kastelen was te veel voor Hendrik. Toen zijn protesten niets uithaalden vluchtte hij naar zijn schoonvader Lodewijk in Parijs. Godfried (vijftien jaar oud) zat in een vergelijkbare situatie. Hij zou hertog van Bretagne worden maar hij was nog niet met de erfgename van Bretagne getrouwd en zijn vader leek daar ook geen haast mee te willen maken. Richard (zestien jaar oud) had misschien een wat betere positie als aanstaande hertog van Aquitanië maar Eleonora spoorde hem aan om de jonge Hendrik te steunen. Godfried en Richard voegden zich bij de jonge Hendrik in Parijs. Eleonora werd op weg naar Parijs gearresteerd door troepen van Hendrik en opgesloten. Veel edelen in Engeland, Bretagne en Aquitanië steunden de opstand, in de overtuiging zo een stap te zetten naar een mooie carrière onder de volgende generatie vorsten. Lodewijk hielp de jonge prinsen door een coalitie te vormen waar naast hemzelf ook de graven van Vlaanderen, Boulogne en Blois, en de koning van Schotland, deelnamen. De opstandelingen vonden nauwelijks steun in de graafschappen van de Anjou. Ook Normandië bleef trouw aan Hendrik hoewel hier een duidelijke onvrede was met zijn bestuur. Ook de meeste steden (dus de havens) en de belangrijkste kastelen bleven trouw aan Hendrik.
De vijandelijkheden begonnen in mei 1173. Lodewijk en de jonge Hendrik vielen de Vexin aan, troepen uit Boulogne en Vlaanderen vielen uit het Noorden Normandië binnen, troepen vanuit Blois kwamen vanuit Blois en Bretonse rebellen vielen aan vanuit het westen. Al deze troepen trokken in de richting van Rouen. Hendrik liet de verdediging over aan lokale edelen en ging eerst naar Engeland om de verdediging daar te organiseren. Daarna kwam hij terug naar Normandië en versloeg het leger van Lodewijk en de jonge Hendrik zodat die moesten terugtrekken. Tegelijk had een ander leger van Hendrik in het westen de Bretonse invallers verslagen en veel gevangenen gemaakt. Hendrik deed zijn zoons een vredesaanbod maar besprekingen in Gisors liepen op niets uit. In Engeland kon geen van de partijen een voordeel behalen totdat troepen van Hendrik in september in Suffolk een leger van rebellen en Vlamingen kon verslaan. Eind 1173 veroverde Hendrik enkele kastelen in de Touraine. Lodewijk en de jonge Hendrik vielen opnieuw Normandië aan maar de gevechten moesten worden gestaakt door het invallende winterweer. In 1174 probeerden Hendriks tegenstanders om hem naar Engeland te lokken, om in zijn afwezigheid Normandië te veroveren. Willem van Schotland begon daarom een campagne in noord Engeland maar Hendrik bleef in Normandië. De veldtocht van Willem liep vast, vooral omdat Hendriks buitenechtelijke zoon Godfried, bisschop van Lincoln (Verenigd Koninkrijk), een aantal belangrijke kastelen met succes wist te verdedigen. Daarom kondigde de graaf van Vlaanderen aan dat hij Engeland zou binnenvallen, en stuurde alvast een kleine legermacht naar East Anglia. Hendrik kon dit niet negeren en ging naar Engeland. Hij deed een publieke boetedoening bij het graf van Thomas Becket (zie hierboven). Hendrik gaf daarbij aan dat hij de opstand zag als een straf van god voor de moord op Becket en hij hoopte daar met deze boetedoening wat aan te kunnen veranderen. In ieder geval werd Willem van Schotland kort daarna gevangen genomen en verliep de opstand in Engeland. Hendrik keerde terug naar Normandië en was nog op tijd om Rouen te ontzetten. Lodewijk moest zich terugtrekken en vroeg om vredesbesprekingen.
De laatste jaren (vanaf 1175)
Na de grote opstand werden vredesbesprekingen gehouden in Montlouis-sur-Loire. Hoewel Hendrik in feite de oorlog had gewonnen, sloot hij vrede op soepele voorwaarden: Hendrik en de jonge Hendrik beloofden om geen wraak te nemen op elkaars partijgangers; Jan hield de drie omstreden kastelen maar Hendrik gaf twee kastelen in Normandië aan de jonge Hendrik, samen met een som van 15.000 Anjou-ponden; Richard en Godfried kregen de helft van de inkomsten van hun gebieden; Eleonora bleef onder huisarrest; rebelse edelen werden in principe in hun lenen hersteld; Filips van Vlaanderen kreeg een toelage van Hendrik, in ruil voor neutraliteit. Alleen Willem van Schotland werd hard aangepakt: hij moest Hendrik als zijn leenheer erkennen en vijf belangrijke Schotse kastelen kregen een Engelse bezetting.
Door zijn positie met succes te verdedigen had Hendrik veel aanzien gewonnen in Europa. Daarnaast speelde zijn propaganda in op de populaire cultus rond Thomas Becket door zijn uiteindelijke overwinning aan de boetedoening bij diens graf toe te schrijven.
De confrontatie tussen Hendrik en Lodewijk ging onverminderd door. Hendrik bezat een deel van de Berry (provincie) maar pretendeerde in 1176 recht op het hele graafschap te hebben. Hendrik dreigde met oorlog maar, waar Hendrik vermoedelijk op hoopte, de paus kwam tussenbeide en de vraag wie eigenaar was van de Berry en van de Auvergne werd aan een arbitrage comité voorgelegd. De arbitrage stelde Hendrik in het gelijk. Hendrik kocht bovendien ook het graafschap de Marche (provincie). Deze aankoop zette de relatie met Lodewijk direct weer onder druk.
Problemen in het gezin
In 1179 maakte Hendrik Richard tot hertog van Aquitanië. In 1181 mocht Godfried eindelijk met Constance van Bretagne trouwen en werd hij eindelijk hertog van Bretagne. Hij was uitstekend in staat om de laatste opstandige edelen zonder hulp aan te pakken. Jan kreeg regelmatig goederen van zijn vader (ten koste van edelen) en werd in 1177 benoemd tot Heer van Ierland. Het leek erop dat Jan de favoriete zoon van zijn vader was geworden. De jonge Hendrik reisde door heel Europa van toernooi naar toernooi en bemoeide zich nauwelijks met bestuurlijke of militaire zaken, hij was nog steeds ontevreden over zijn gebrek aan macht en aan geld.
In 1182 eiste de jonge Hendrik om hertog van Normandië te worden, en zo zijn eigen inkomsten te hebben. Hendrik weigerde maar bood hem wel een hogere toelage. Om de jonge Hendrik te paaien beval Hendrik Richard en Godfried om hun broer te erkennen als leenheer voor hun hertogdommen. Richard weigerde omdat de jonge Hendrik volgens hem geen enkel recht op Aquitanië had. Toen Hendrik Richard dwong om de jonge Hendrik toch te huldigen, weigerde de jonge Hendrik dit te accepteren. De jonge Hendrik sloot een bondgenootschap met Godfried en een aantal edelen uit Aquitanië. In 1183 begonnen ze een oorlog om Aquitanië op Richard te veroveren. Hendrik kwam Richard te hulp maar voordat er belangrijke gevechten konden plaatsvinden, overleed de jonge Hendrik aan een koorts. De opstand was daarmee direct verlopen.
De dood van Hendrik betekende dat de verhoudingen binnen het gezin drastisch moesten worden herverdeeld. Het was duidelijk dat Godfried hertog van Bretagne moest blijven omdat zijn recht op dat hertogdom op zijn huwelijk was gebaseerd, en formeel dus zijn eigen recht was en niet door zijn vader gegeven. Hendrik vond dat Richard erfgenaam en medekoning van Engeland, en erfgenaam van Normandië moest worden. Jan zou dan hertog van Aquitanië worden. Maar Richard wilde Aquitanië niet opgeven en weigerde om mee te werken aan de plannen van zijn vader. Hendrik beval Jan en Godfried om Aquitanië voor hem te veroveren maar hun veldtocht in 1184 stagneerde al snel. Het gezin verzoende zich weer in Westminster maar Richard hield voet bij stuk. Pas toen Hendrik Eleonora uit haar huisarrest haalde om Richard over te halen om Hendrik te gehoorzamen, en toen Hendrik dreigde om Engeland en Normandië aan Godfried te geven, gaf Richard toe.
Jan ondernam in 1185 een veldtocht in Ierland om Hendriks positie te versterken maar dit werd een totale mislukking. De Anglo-Normandische edelen wilden niet met hem samenwerken en hij kon de Ierse vorsten niet verslaan. Hendrik wilde Jan in 1186 weer naar Ierland sturen maar dat ging niet door toen het bericht kwam dat Godfried was omgekomen tijdens een toernooi in Parijs - hij liet twee jonge kinderen achter. Hendrik stond voor de opgave om weer een nieuw machtsevenwicht te vinden.
Hendrik, Richard en Filips II Augustus
Filips II van Frankrijk was in 1180 koning geworden. De jonge Filips bleek al snel een briljante politicus te zijn. Hij deed zijn best om de onvrede tussen Hendrik en Richard te vergroten. Hendrik zelf had een goede relatie met Filips maar die was voor een groot deel gebaseerd op de vriendschap tussen Filips en Godfried. Na de dood van Godfried in 1186 verslechterde de relatie van Hendrik en Filips.
Filips eiste in 1186 dat hij de voogd zou worden van Godfrieds kinderen. Ook eiste hij dat Richard zich met zijn leger terugtrok uit Toulouse, terwijl Richard daar juist was om Raymond van Toulouse onder druk te zetten. Filips dreigde om anders Normandië aan te vallen. Ook eiste Filips dat het huwelijk tussen Richard en Adelheid eindelijk zou worden voltrokken, zo niet dat eiste hij de Vexin op. Filips viel ondertussen de Berry binnen en stuitte bij Châteauroux op Hendrik met een groot leger. Door interventie van de paus werd een bestand gesloten. Tijdens de onderhandelingen stelde Filips Richard voor om samen een bondgenootschap te sluiten tegen Hendrik.
In 1187 kwam het bericht dat Saladin Jeruzalem had veroverd. Heel Europa wilde een nieuwe kruistocht organiseren. Richard was enthousiast voor de kruistocht en ook Hendrik en Filips kondigden aan om op kruistocht te gaan. Richard wilde graag snel vertrekken maar Hendrik en Filips hadden veel tijd nodig voor voorbereidingen. Ondertussen ging Richard in Aquitanië en Toulouse nog wat oude rekeningen vereffenen, wat een aantal schendingen van het bestand opleverde. Hendrik en Filips kwamen zo weer op het punt van oorlog en Hendrik wees een voorstel van Filips voor een nieuw bestand af. Vermoedelijk was dit tactiek van Hendrik die naar een meer duurzame regeling streefde maar Richard was woedend over deze extra vertragingen en gaf de schuld daarvan aan zijn vader.
Filips organiseerde in november 1188 vredesbesprekingen. Hij bood Hendrik een vredesverdrag aan voor de lange termijn waarbij Hendrik in de meeste territoriale kwesties zijn zin zou krijgen. De enige voorwaarden de Filips stelde was dat het huwelijk van Richard en Adelheid eindelijk zou worden voltrokken en dat Hendrik Richard als zijn erfgenaam zou aanwijzen. Hendrik weigerde, en daarna eiste Richard dat zijn vader hem als erfgenaam zou aanwijzen. Hendrik weigerde nogmaals en Richard koos de kant van Filips en huldigde hem tijdens de besprekingen als zijn leenheer. Oorlog dreigde maar de paus organiseerde nieuwe vredesbesprekingen in 1989 in La Ferté-Bernard. Hendrik had inmiddels last gekregen van een bloedende maagzweer. Hendrik stelde voor dat niet Richard maar Jan met Adelheid zou trouwen (en gaf daarmee voeding aan geruchten dat Richard zou worden onterfd). Dit werd niet geaccepteerd en de besprekingen werden zonder resultaat afgebroken. Volgens ongeschreven regels gold tijdens de periode na een bespreking een bestand maar Filips en Richard trokken zich daar niets van aan en vielen direct met twee legers aan, in de richting van Le Mans (stad) en van Tours (Indre-et-Loire).
Overlijden
Hendrik werd bijna ingesloten in Le Mans maar kon ontvluchten naar Alençon. Tegen het advies van zijn hovelingen trok hij zich niet terug in Normandië maar reisde hij door het oorlogsgebied naar zijn favoriete kasteel van Chinon. Het lukte hem deze reis te maken ondanks het hete zomerweer en de vijandelijke troepen die hij moest ontlopen. Aangekomen in Chinon stortte Hendrik in. Filips en Richard maakten ondertussen goede vorderingen, in de wetenschap dat Hendrik stervende was en dat Richard nog steeds zijn belangrijkste erfgenaam was. Ze stelden Hendrik onderhandelingen voor en er vond een ontmoeting plaats in Ballan, vlakbij Chinon. Hendrik kon nauwelijks op zijn paard zitten en gaf op alle punten toe: hij erkende Filips als zijn leenheer, stemde erin toe dat er een andere voogd voor Adelheid zou worden aangesteld, stelde het huwelijk van Richard en Adelheid vast voor na de kruistocht, erkende Richard als zijn erfgenaam, stemde toe in herstelbetalingen aan Filips en gaf Filips een aantal kastelen in onderpand.
Hendrik werd op een draagbaar terug gedragen naar Chinon. Daar hoorde hij dat Jan zich ook bij Richard had aangesloten. Dat nieuws was te veel en hij zakte weg in een zware koorts. In een paar heldere momenten biechtte hij en hij overleed op 6 juli 1189. Hendrik wilde begraven worden in de abdij van Grandmont bij Saint-Sylvestre (Haute-Vienne) in de Limousin. Door het warme weer was het echter niet mogelijk om zijn lichaam over die afstand te transporteren en werd hij begraven in de abdij van Fontevraud.
Nalatenschap en beeldvorming
Richard erfde vrijwel alle bezittingen van zijn vader. Hij nam daarna deel aan de derde Kruistocht maar weigerde om met Adelheid te trouwen. Eleonora werd vrijgelaten en trad op als regentes tijdens zijn afwezigheid, en bestuurde na Richards thuiskomst het hertogdom Aquitanië. Richard werd opgevolgd door Jan en tijdens zijn bestuur wist Filips bijna alle Franse bezittingen van het Angevijnse Rijk in zijn macht te krijgen, behalve de kustgebieden van Aquitanië.
De juridische hervormingen van Hendrik in Engeland zijn van een blijvende betekenis geweest. Voor een deel zijn ze door Filips in Frankrijk overgenomen. De bemoeienis van Hendrik met Wales, Schotland en Ierland was van grote invloed op de ontwikkeling van die landen.
Enkele jaren na zijn dood schreef de geschiedschrijven William of Newburgh dat Hendrik door bijna al zijn tijdgenoten, ook zijn hofhouding, werd gehaat.
In moderne tijden was Hendrik populair bij de historici uit de vroege negentiende eeuw door zijn opbouw van een "empire" en zijn strijd tegen de Fransen en tegen Thomas Becket (oftewel de katholieke kerk). Franse historici zagen in hem vooral een figuur uit de Franse feodale geschiedenis (Hendrik was per slot van rekening meestal in Frankrijk en sprak Frans, geen Engels). Victoriaanse historici hadden juist kritiek op zijn gedrag als echtgenoot en vader, en op de moord op Thomas Becket. Latere historici prijzen hem weer vanwege de blijvende hervormingen van recht en belastingen in Engeland.
Huwelijk en Kinderen
Hendrik trouwde op 18 mei 1152 met Eleonora van Aquitanië, ze kregen de volgende kinderen:
Willem, jong overleden;
Hendrik de Jongere, gehuwd met Margaretha van Frankrijk, ze kregen een zoon die na drie dagen overleed. Zij hertrouwde met Béla III van Hongarije;
Mathilde, gehuwd met Hendrik de Leeuw;
Richard Leeuwenhart, belangrijkste erfgenaam van Hendrik en koning van Engeland;
Godfried, door zijn huwelijk met Constance I van Bretagne hertog van Bretagne. Hun zoon Arthur I van Bretagne was een rivaal voor de troon van zijn oom Jan en werd vermoedelijk in diens opdracht vermoord;
Eleonora, gehuwd met Alfons VIII van Castilië;
Johanna (1165-1199), gehuwd met (1177) Willem II van Sicilië en met (1196) Raymond VI van Toulouse;
Jan zonder Land erfgenaam van Richard en koning van Engeland;
Hendrik had een aantal kinderen uit buitenechtelijke relaties:
met een vrouw met de naam Ikenai had hij een zoon Godfried (ca. 1050 - Notre-Dame-du-Parc, 18 december 1212), bisschop van Lincoln (1173), kanselier van Engeland (1182), aartsbisschop van York (1189), leefde vanaf 1207 in verbanning in Frankrijk;
een onbekend kind bij Adelheid, dochter van Odo van Porhoët die tot 1168 Bretagne had bestuurd - alleen bekend uit een klacht van Odo dat Hendrik zijn dochter zwanger had gemaakt;
de bekendste buitenechtelijke relatie van Hendrik was Rosamund Clifford (ovl. ca. 1176) maar van haar zijn geen kinderen bekend;
met Ida, de vrouw van Roger Bigod, earl van Norfolk, kreeg Hendrik een zoon William Longespée (ca. 1176 – 7 maart 1226), door zijn huwelijk earl van Salisbury (Verenigd Koninkrijk);
met Nesta, vrouw van Ralph Bloët, kreeg Hendrik een zoon Morgan, proost van Berkeley in Yorkshire (1201), in 1213 benoemd tot bisschop van Durham (Engeland) maar de paus weigerde de benoeming omdat hij uit overspel was geboren;
bij een onbekende vrouw: Mathilde, abdis van Barking (Suffolk);
Verder worden er op grond van aannames nog enkele kinderen aan Hendrik toegeschreven maar die zijn hier niet vermeld.
Hij trouwde, 19 jaar oud, op 18-05-1152 in Bordeaux met de ongeveer 30-jarige
26167495 Eleonora van Aquitanië, geboren omstreeks 1122 in ?. Zij is overleden op 01-04-1204 in Abdij Fontevraud, ongeveer 82 jaar oud.
Notitie: Eleonora van Aquitanië (ca. 1122 – Abdij van Fontevraud, Frankrijk, 1 april 1204) was hertogin van Aquitanië en achtereenvolgens koningin van Frankrijk, van Engeland, en regentes van Engeland.
Jeugd
Eleonora was de dochter en erfgename van hertog Willem X van Aquitanië en Eleonora van Châtellerault. Ze kreeg een goede en veelzijdige opvoeding. Volgens alle bronnen was ze intelligent en buitengewoon mooi. Omdat Aquitanië met de bijbehorende graafschappen ongeveer een kwart van Frankrijk omvatte met rijke steden en landbouwgronden, was de hertog van Aquitanië de rijkste en machtigste van de feodale vorsten in Frankrijk. Toen Eleonora op 9 april 1137 het hertogdom erfde, ze was toen ongeveer 15 jaar oud, werd ze daardoor onbetwist de meest begeerde bruid van Europa. Haar vader had dat voorzien en stuurde voor zijn dood een verzoek aan koning Lodewijk VI om haar belangen te beschermen en een goede en passende echtgenoot voor haar te vinden. Lodewijk besloot onmiddellijk dat zijn zoon Lodewijk VII de perfecte partner voor Eleonora zou zijn. Lodewijk VII vertrok met een groots gevolg naar Bordeaux waar Eleonora en Lodewijk op 25 juli 1137 in de kathedraal trouwden. Bij haar huwelijk gaf ze een antieke Perzische vaas van bergkristal aan Lodewijk, die nu nog in het Louvre is te zien.
Hertogin van Aquitanië
Bij het huwelijk was afgesproken dat Eleonora zou blijven optreden als hertog van Aquitanië. Lodewijk had dus geen directe macht in Aquitanië. Pas hun eventuele zoon zou zowel koning van Frankrijk als hertog van Aquitanië zijn.
Eleonora heeft tijdens haar huwelijk hardnekkig aan deze zelfstandige positie vastgehouden. Dit was ook het geval tijdens haar tweede huwelijk, hoewel haar tweede man Hendrik II van Engeland veel dominanter en machtiger was dan Lodewijk. In beide huwelijken waren de status van Aquitanië en de positie van Eleonora daarin, een voortdurende bron van spanning.
Koningin van Frankrijk
Lodewijk VI overleed een week na het huwelijk van Eleonora en Lodewijk. Eleonora werd tijdens het kerstfeest van 1137 tot koningin van Frankrijk gekroond. Eleonora was het verfijnde en comfortabele hofleven van Aquitanië gewend, bakermat van troubadours en de hoofse liefde. In Parijs zette ze een schitterende hofhouding op en ze begunstigde kunstenaars en geleerden. Deze uitbundigheid stuitte echter op veel verzet bij hovelingen en geestelijken. Het is bekend dat Eleonora een tegenstander was van de abt Suger van St. Denis, een belangrijke adviseur die Lodewijk van zijn vader had overgenomen. Lodewijk lijkt zelf weinig problemen met het hofleven van zijn vrouw te hebben gehad, hij gaf in ieder geval grote bedragen uit om zijn paleizen te verbouwen en te verfraaien.
Het huwelijk van Lodewijk en Eleonora bleef jaren kinderloos. De vooraanstaande geestelijke Bernard van Clairvaux overtuigde haar dat haar levenswijze en haar verkeerde invloed op de koning daar de oorzaak van was. Eleonora nam dit advies ter harte en het paar kreeg in 1145 een dochter.
Kruistocht
Ook Lodewijk had in 1144 zijn moment van inkeer gehad toen zijn troepen in een oorlog met een van zijn vazallen meer dan duizend onschuldige burgers in een kerk hadden verbrand. In 1145 kondigde hij aan om als boetedoening op kruistocht te gaan. Eleonora stond erop dat zij als zelfstandige hertog van Aquitanië deel zou nemen aan de kruistocht, en persoonlijk haar eigen troepen zou aanvoeren. Lodewijk en Eleonora sloten zich aan bij de Tweede Kruistocht.
De heenreis verliep op grootse wijze met bezoeken aan koning Géza II van Hongarije en keizer Manuel I Komnenos. Militair was de kruistocht echter een mislukking. In Klein-Azië werd het leger van Lodewijk verslagen in een hinderlaag, waarbij Lodewijk alleen maar aan de dood kon ontsnappen doordat hij als een gewone ridder was gekleed en niet herkenbaar was als de koning. Een van de oorzaken van de nederlaag was dat de Aquitaanse voorhoede onder bevel van Eleonora te snel vooruit was getrokken waardoor de hoofdmacht kwetsbaar werd.
Aangekomen in Antiochië kwamen Eleonora en Lodewijk lijnrecht tegenover elkaar te staan. Eleonora was overgelukkig om haar jonge oom Raymond van Antiochië weer te zien, die een jeugdkameraad was. Eleonora en Raymond brachten alle tijd samen door. Eleonora probeerde de andere kruisvaarders te overtuigen om Raymond te steunen door enkele steden in de omgeving van Antiochië te veroveren. Lodewijk wilde echter verder trekken naar het Heilige Land. Uiteindelijk zette Lodewijk zijn zin door en hij was genoodzaakt om Eleonora in gevangenschap mee te voeren.
In Jeruzalem wilde het leger van de kruistocht de stad Damascus veroveren. De gevestigde christelijke ridders waren tegenstanders van dat plan omdat ze altijd in vrede met Damascus hadden geleefd, en omdat er andere islamitische staten waren die wel een bedreiging vormden. Eleonora koos positie tegen het plan om Damascus aan te vallen en werd opnieuw door Lodewijk gevangengezet. Lodewijk nam deel aan de overbodige en uiteindelijk volledig mislukte expeditie naar Damascus, en besloot daarna om snel terug te keren naar Frankrijk. Lodewijk en Eleonora konden elkaar niet verdragen en reisden op verschillende schepen terug. De Franse schepen werden aangevallen door een Byzantijnse vloot en daarna door een storm uiteengeslagen en raakten elkaar kwijt. Lodewijk en Eleonora waren al voor dood opgegeven toen ze apart van elkaar in Zuid-Italië aankwamen.
Echtscheiding
Er is een verhaal dat Lodewijk en Eleonora op de terugweg uit Italië in Tusculum (Latium) de paus bezochten en toestemming vroegen om te mogen scheiden. De paus verbood de scheiding en gaf het echtpaar toen het avond werd de beschikking over één kamer met één bed. Zo zou de tweede dochter van Lodewijk en Eleonora zijn verwekt.
Het is niet bekend of dit verhaal op waarheid berust. Wel is bekend dat Lodewijk en Eleonora na de kruistocht nog een dochter kregen maar dat hun huwelijk helemaal was mislukt. Suger verzette zich uit alle macht tegen de scheiding maar toen die in 1151 eenmaal was overleden, konden Lodewijk en Eleonora op 11 maart 1152 scheiden. Eleonora reisde met een klein gevolg naar haar eigen hoofdstad Poitiers. Onderweg ontsnapte ze aan ontvoeringspogingen door Theobald V van Blois en Godfried II van Maine, die haar wilden schaken om haar tot een huwelijk te dwingen.
Eleonora begreep dat ze opnieuw de meest begeerde bruid van Europa was, en dat ze kwetsbaar zou zijn zolang ze niet trouwde. Ze besloot daarom om snel te trouwen en deed een huwelijksvoorstel aan de machtigste vrijgezel die ze kende: Hendrik, hertog van Normandië en graaf van Anjou, met een claim op de Engelse troon. Hendrik was twaalf jaar jonger maar dat was voor geen van beiden een bezwaar want hij stemde direct toe om haar man te worden.
Koningin van Engeland
Eleonora en Hendrik trouwden op 18 mei 1152 te Bordeaux. Omdat ze nauwelijks tijd hadden om de plechtigheid voor te bereiden was het een eenvoudig huwelijk, niet passend bij hun status. Met de beschikking over de rijkdom van Aquitanië kon Hendrik vervolgens een beslissing in de Engelse burgeroorlog forceren en Eleonora werd op 19 december 1154 te Canterbury (Engeland) tot koningin van Engeland gekroond.
Hendrik en Eleonora hadden een stormachtig huwelijk. Naast een groot aantal kinderen hadden ze ook heftige conflicten. In 1167 verliet Eleonora Hendrik om weer in Poitiers te gaan wonen. Zij steunde in 1173 haar zoons Hendrik II van Maine en Richard I van Engeland om met hulp van haar ex-man Lodewijk in opstand te komen tegen Hendrik. Voor Eleonora was dit geen familieruzie maar een politieke kwestie waarin het ging over de bevordering van de positie van haar zoons (Hendrik wilde zijn macht niet met zijn zoons delen) en over de autonomie van Aquitanië. De opstand mislukte en Hendrik nam Eleonora gevangen en plaatste haar onder huisarrest in een kasteel in Engeland.
Hoewel ze vanaf 1167 vooral gescheiden van elkaar leefden maakte Eleonora Hendrik regelmatig verwijten over zijn minnaressen, of in ieder geval over de openlijke manier waarop ze aan zijn hof verbleven. Hendrik wilde scheiden van Eleonora maar zij zag daarin een poging om haar te dwingen om in een klooster te gaan leven, zodat Hendrik alle macht zou krijgen in Aquitanië. Eleonora heeft meerdere voorstellen van Hendrik voor een scheiding afgewezen. Na tien jaar gevangenschap en de dood van haar zoon Hendrik, kreeg Eleonora meer bewegingsvrijheid. Pas na de dood van Hendrik in 1189 werd ze door haar zoons volledig in vrijheid gesteld.
Regentes van Engeland
Richard Leeuwenhart was de belangrijkste erfgenaam van zijn vader. Kort nadat hij koning was geworden, vertrok hij om deel te nemen aan de Derde Kruistocht. Richard benoemde Eleonora tot zijn regentes. In die hoedanigheid kreeg ze eerst te maken met haar zoon Jan zonder Land die probeerde koning van Engeland te worden. Ook moest Eleonora de kwestie van Richards gevangenschap zien op te lossen: Richard had in het Heilige Land hertog Leopold V van Oostenrijk beledigd. Toen Richard op weg naar huis probeerde om incognito door Oostenrijk te reizen werd hij herkend en door de hertog gevangengenomen. Eleonora reisde in 1192 naar Oostenrijk om de voorwaarden voor zijn vrijlating te bespreken. Terug in Engeland bracht zij het benodigde losgeld bijeen voor Richards vrijlating. En na de terugkeer van Richard bemiddelde ze een verzoening tussen Richard en Jan.
Laatste jaren en dood
In 1199 kreeg Eleonora het verzoek van Filips II van Frankrijk om een bruid te kiezen voor diens zoon Lodewijk, uit de dochters van Alfons VIII van Castilië, die met haar dochter Eleonora van Engeland (1162-1214) was getrouwd. Eleonora stemde toe en vertrok naar Castilië. Onderweg werd ze echter overvallen en gevangenomen door een lokale edeleman wiens familie een vete had met het huis Plantagenet. Eleonora onderhandelde zelf haar vrijlating en vervolgde haar reis naar Spanje. Daar koos ze haar kleindochter Blanca van Castilië als de bruid voor Lodewijk. Terug in Frankrijk besloot de zieke en vermoeide Eleonora (inmiddels bijna tachtig jaar oud) haar intrek te nemen in de abdij van Fontevraud. In deze zelfde abdij waren haar man Hendrik en haar zoon Richard al begraven.
Tijdens de opstand van haar kleinzoon Arthur I van Bretagne in 1202 wilde ze naar Poitiers vluchten maar kwam niet verder dan Mirebeau. Daar zocht ze haar toevlucht in het kasteel en werd ze gedurende een paar weken door Arthur met een Frans leger belegerd voordat ze werd ontzet door haar zoon Jan. Eleonora keerde terug naar Fontevraud waar ze in 1204 overleed en naast Hendrik werd begraven.
Beeldvorming
Bovenstaand artikel probeert zich te beperken tot historisch bekende feiten. Daarnaast is er ontzettend veel over Eleonora geschreven en beweerd dat niet kan worden bevestigd, of dat regelrecht verzonnen lijkt. Dat heeft drie belangrijke oorzaken:
Eleonora was tijdens haar leven al een zeer omstreden figuur. Eigentijdse schrijvers aarzelden niet om haar veel beter of slechter voor te stellen dan ze was, al naar gelang de belangen van hun opdrachtgevers. Ook zochten middeleeuwse schrijvers naar een verklaring voor de in hun ogen onbegrijpelijke mislukking van de Tweede Kruistocht, en vonden die in de zondige aanwezigheid van Eleonora - waardoor Gods zegen voor de onderneming ontbrak.
Eleonora is door de eeuwen heen een dankbaar onderwerp geweest voor historici, of ze nu een moralistische, romantische, nationalistische, socialistische of feministische achtergrond hadden. En ieder heeft een beeld van haar geschilderd dat goed bij de eigen overtuiging paste.
Tot slot is Eleonora vanaf de negentiende eeuw een populaire figuur in historische romans en films, met alle verzinsels die daarbij hoorden.
Over Eleonora wordt onder ander beweerd dat ze:
tijdens haar jeugd een seksuele relatie met haar oom Raymond van Poitiers zou hebben gehad van haar man Lodewijk VII zou hebben gezegd: "Wat moet ik met die man? Hij is meer een monnik dan een koning!". aan het hof in Parijs grote bedragen verspilde en een groot aantal minnaars zou hebben gehad. Een daarvan zou Godfried V van Anjou zijn, de vader van haar latere echtgenoot Hendrik. En Godfried zou Hendrik voor Eleonora hebben gewaarschuwd.
een leger van vrouwen aanvoerde tijdens de kruistocht, wat de vrome ridders voortdurend in verleiding bracht in Antiochië een seksuele relatie met haar oom Raymond van Poitiers zou hebben gehad, ongeacht of die eerder al had bestaan tijdens haar verblijf in Antiochië Saladin heeft bezocht om de nacht met hem door te brengen het kwade brein was in alle conflicten tussen Hendrik en hun zoons, en later tussen hun zoons onderling een of meer minnaressen van Hendrik zou hebben vermoord / laten vermoorden
Tot slot staat ze in moderne fictie vaak in een slecht daglicht omdat ze na de terugkeer van "de held" Richard ervoor zorgde dat "de slechterik" Jan zijn terechte straf kon ontlopen, en dat ze ook daarna Jan is blijven steunen.
Eleonora kreeg uit haar twee huwelijken de volgende kinderen:
Bij Lodewijk VII:
Marie, gehuwd met Hendrik I van Champagne
Alice, gehuwd met Theobald V van Blois
Bij Hendrik II:
Willem, jong overleden
Hendrik de Jongere, graaf van Maine
Mathilde Plantagenet, gehuwd met Hendrik de Leeuw
Richard Leeuwenhart, koning van Engeland
Godfried, hertog van Bretagne
Eleonora, gehuwd met Alfons VIII van Castilië
Johanna, gehuwd met (1177) Willem II van Sicilië en met (1196) Raymond VI van Toulouse
Jan zonder Land, koning van Engeland na Richard
Kind uit dit huwelijk:
I. Eleonora van Engeland, geboren in 1162 in ? (zie 13083747).
26167496 Alfons II van Aragón, geboren in 1157 in Huesca. Hij is overleden op 26-04-1196 in Perpignan, 38 of 39 jaar oud.
Notitie: Alfons II (Huesca, 1157 - Perpignan, 26 april 1196), bijgenaamd de Kuise, was de oudste zoon van koningin Petronila van Aragón en van Ramon Berenguer IV.
Hij volgde in 1162 zijn vader na zijn dood op als graaf van Barcelona, en volgde zijn moeder, die na de dood van haar echtgenote afstand deed van de Aragonese troon, op als koning van Aragón, waardoor Aragón en Barcelona een personele unie werd. In 1167 volgde hij zijn nichtje Dulcia II van Provence op als graaf van Provence (als Alfons I).
Alfons vergrootte zijn rijk met het graafschap Roussillon, het burggraafschap Nîmes en Béarn en heroverde Saragossa. Hij gaf als eerste in Europa de derde stand politieke rechten. Alfons begunstigde de troubadourkunst.
Hij was in 1174 gehuwd met Sancha van Castilië (1154-1208), dochter van koning Alfons VII van Castilië, en werd vader van:
Peter II (1176-1213)
Alfons II van Provence (1180-1209)
Ferdinand (1190-1249), abt van Monte Aragon
Eleonora (1182-1226) , in 1202 gehuwd met graaf Raymond VI van Toulouse (1156-1222)
Constance (1179-1222), in 1198 gehuwd met koning Emmerik van Hongarije (1174-1204) en in 1209 met keizer Frederik II (1194-1250)
Sancha (1211-1241), gehuwd met graaf Raymond VII van Toulouse (1197-1249)
Dulcia, non
Sancho (jong overleden)
Raymond Berengar (jong overleden)
Hij trouwde, 16 of 17 jaar oud, in 1174 in ? met de 19 of 20-jarige
26167497 Sancha van Castilië, geboren in 1154 in ?. Zij is overleden in 1208 in ?, 53 of 54 jaar oud.
Notitie: Sancha van Castilië (1154-1208) was het enige kind van Alfons VII van Castilië en diens tweede echtgenote Richeza van Polen. In 1174 trouwde zij met koning Alfons II van Aragón.
Het paar kreeg volgende kinderen:
Eleonora, in 1202 gehuwd met graaf Raymond VI van Toulouse (1156-1222)
Constance (1179-1222), in 1198 gehuwd met koning Emmerik van Hongarije (1174-1204) en in 1209 met Frederik II (1194-1250)
Sancha (1211-1241), gehuwd met graaf Raymond VII van Toulouse (1197-1249)
Alfons II van Provence (1180-1209)
Ferdinand (1190-1249), abt van Monte Aragón
Dulcia, non
Peter II (1176-1213)
Raymond Berengar.
Sancha steunde troubadours, zoals Giraud de Calanson en Peire Raymond. Zij kwam in een juridisch gevecht met haar echtgenoot over een aantal eigendommen die deel uit maakten van haar bruidsschat. In 1177 viel zij Ribagorza binnen en nam gewapenderhand bezittingen en verschillende kastelen in, die deel uit maakten van de kroon. Na het overlijden van haar echtgenoot in 1196 kwam zij op de achtergrond en trad in het klooster van Sijena in.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alfons II van Provence, geboren in 1180 in ? (zie 13083748).
26167498 Reinier van Sabran, geboren in 1150 in ?. Hij is overleden in 1224 in ?, 73 of 74 jaar oud.
Hij trouwde, 29 of 30 jaar oud, in 1180 in ? met de 19 of 20-jarige
26167499 Gersindis van Forcalquier, geboren in 1160 in ?. Zij is overleden in 1193 in ?, 32 of 33 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gersindis van Forcalquier, geboren in 1180 in ? (zie 13083749).
26167500 Humbert III van Savoye, geboren op 04-08-1136 in Avigliana. Hij is overleden op 04-03-1189 in Chambéry, 52 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 42 jaar oud, omstreeks 1178 in ? met
26167501 Beatrix van Bourgondië, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Thomas I van Savoye, geboren omstreeks 1180 in ? (zie 13083750).
26167502 Willem I van Genève, geboren in 1132 in ?. Hij is overleden op 25-07-1195 in ?, 62 of 63 jaar oud.
Hij trouwde met
26167503 Beatrix van Foucigny ( Bourgondië ), geboren in 1148 in ?. Zij is overleden in 1190 in ?, 41 of 42 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Beatrix van Genève, geboren in ? (zie 13083751).
26167504 Raymond Berengarius IV van Barcelona, geboren in 1113 in Barcelona. Hij is overleden op 08-08-1162 in Borgo San Dalmazzo, 48 of 49 jaar oud.
Hij trouwde, 37 of 38 jaar oud, in 1151 in ? met de 15 of 16-jarige
26167505 Petronella van Aragôn, geboren op 29-06-1135 in Huesca. Zij is overleden op 17-10-1174 in Barcelona, 39 jaar oud.
Notitie: Petronella van Aragon, Spaans: Patronila Ramírez, Frans: Pétronille; (Huesca, 29 juni 1135 – Barcelona, 17 oktober 1174) was koningin van Aragón van 1137 tot 1162. Ze was de dochter van Ramiro II van Aragón, en Agnes van Aquitanië (in Spanje beter bekend als Inés de Poitou).
Petronella kwam op een nogal ongewone wijze op de troon. Haar vader Ramiro was bisschop van Barbastro-Roda toen zijn broer Alfons I van Aragón in 1134 stierf aan verwondingen opgelopen in een veldslag. Ramiro, die tot priester was gewijd, kreeg hierop pauselijke dispensatie om voor de voortzetting van de dynastie en de troonopvolging te zorgen. Hierdoor werd hij bekend als de koning-monnik. Hij huwde met Agnes, dochter van Willem IX van Aquitanië en Gascogne om zo voor een troonopvolger te zorgen. Toen zijn dochter amper twee jaar oud was werd ze beloofd aan Ramon Berenguer IV, Graaf van Barcelona. Meteen hierna deed Ramiro troonsafstand ten voordele van zijn dochter om zich terug te trekken in een klooster.
De Aragonese monarchie was tot dusver enkel in de mannelijke overgeërfd, dus was Petronella’s opvolging een uitzondering voor die tijd. Bastaardschap was geen hindernis voor de troonopvolging in Aragon, de stichter van hun lijn, Ramiro I was zelf een bastaard. De enige erfgenaam dan in mannelijke lijn,Garcia IV van Navarra, was echter een te verre verwant. Hij was een zoon van Ramiro II’s neef in de tweede graad. Petronella’s opvolging creëerde aldus een nieuw geval in de troonopvolging in Aragon.
Petronella trouwde met Raymond Berengar II in 1150. Zolang hij leefde regeerde ze nominaal ieder over hun eigen gebieden, alhoewel de graaf het laatste woord had over zowel Aragon en Catalonië. Na zijn dood deed zij troonsafstand voor hun oudste zoon, Ramon, die in navolging van de Aragonese tradities, zijn naam veranderde in Alfonso. Hij werd de eerste die heerste over zowel Aragon en Catalonië (in Catalonië als Alfonso I) waarmee er een dynastieke unie ontstond die zou duren tot de afschaffing van de Kroon van Aragon in 1707.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alfons II van Aragón, geboren in 1157 in Huesca (zie 13083752).
26167506 Alfons VII van Castilië, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
26167507 Richeza van Polen, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Sancha van Castilië, geboren in 1154 in ? (zie 13083753).
26167520 Filips II van Frankrijk, geboren op 21-08-1115 in Parijs. Hij is overleden op 14-07-1223 in Mantes-la-Jolie, 107 jaar oud.
Hij trouwde, 64 jaar oud, op 28-04-1180 in Bapaume met de 10-jarige
26167521 Isabella van Henegouwen, geboren op 23-04-1170 in Rijssel. Zij is overleden op 15-03-1190 in Parijs, 19 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Lodewijk VIII van Frankrijk, geboren op 05-09-1187 in Parijs (zie 13083760).
26167522 Alfons VIII van Castilië, geboren op 11-11-1155 in Soria. Hij is overleden op 05-10-1214 in Guiterre Muñoz, 58 jaar oud.
Hij trouwde, 14 of 15 jaar oud, in 1170 in ? met de 7 of 8-jarige
26167523 Eleonora van Engeland, geboren in 1162 in ?. Zij is overleden in 1214 in ?, 51 of 52 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Blanca van Castilië, geboren op 04-03-1188 in ? (zie 13083761).
26167524 Hendrik I van Brabant, geboren omstreeks 1160 in ?. Hij is overleden op 05-09-1235 in Keulen, ongeveer 75 jaar oud.
Notitie: Hendrik I (ca. 1160 - Keulen, 5 september 1235) was hertog van Brabant vanaf 1183 en hertog van Neder-Lotharingen vanaf 1190.
Hij was de zoon (uit het 1e huwelijk) en erfopvolger van Godfried III van Leuven. In zijn beleid streefde hij naar een uitbreiding van zijn heerschappij voor het grondgebied tussen Schelde en Rijn en de beheersing van de handelsweg van Brugge naar Keulen. Hij slaagde er niet in het hertogelijk gezag in Neder-Lotharingen te herstellen. Niettemin wist hij zich een machtspositie te veroveren door in de strijd tussen de Welfen en de Hohenstaufen voortdurend van kamp te wisselen.
Hendrik kreeg vanaf 1172 bestuurlijke taken van zijn vader. Toen hij in 1179 trouwde kreeg Hendrik het graafschap Brussel van zijn vader. Toen Godfried van 1182 tot 1184 in het Heilige Land verbleef, trad Hendrik op als regent. Hendrik nam deel aan de Derde Kruistocht en was bevelhebber bij de belegeringen van Sidon en Beiroet. Hij zag echter af van een beleg van Jaffa na het nieuws van de dood van koning Hendrik II van Jeruzalem. In 1190 volgde hij zijn vader op als eerste met de titel hertog van Brabant en Neder-Lotharingen (hoewel dat laatste vooral een ceremoniële titel aan het worden was), graaf van Leuven en markgraaf van Antwerpen.
In 1191 liet hij zijn broer Albert benoemen tot bisschop van Luik. Toen die een jaar later werd vermoord hield Hendrik keizer Hendrik VI verantwoordelijk en werd hij een van de leiders van de opstanden tegen de keizer. Er volgde een periode van onrust en lokale conflicten, en nog in 1199 wist Hendrik de kroning van de volgende Duitse koning (Filips van Zwaben, broer van de overleden koning) te Aken te voorkomen. Hendrik sloot in 1204 vrede met Filips van Zwaben en werd beloond met de voogdij over de abdij van Nijvel en het kapittel van Sint-Servaas, het medebestuur over Maastricht en het recht zijn hertogdom aan een vrouwelijke erfgenaam na te laten (Hendrik had in 1204 alleen nog dochters).
Koning Filips II van Frankrijk wilde Hendrik in 1208 steunen om zelf koning van Duitsland te worden, maar Hendrik koos ervoor om de kandidatuur van Otto van Brunswijk te steunen. In 1212 kwam Hendrik in conflict met de bisschop van Luik over de opvolging van het graafschap Moha. Hendrik verwoestte de stad Luik in 1212 maar werd in 1213 verslagen in Steps. In 1214 was Hendrik verplicht om mee te vechten in de Slag bij Bouvines tegen zijn persoonlijke vriend Filips II van Frankrijk. Direct na de slag verzoende hij zich weer met Filips.
In 1229 gaf hij zijn aanspraken op Moha op. Keizer Frederik II van Hohenstaufen gaf Hendrik in 1235 de eervolle opdracht om naar Engeland te reizen en zijn verloofde Isabella Plantagenet op te halen, maar Hendrik werd ziek en overleed in Keulen.
Volgens de overlevering heeft hertog Hendrik I in 1185 de stad ’s-Hertogenbosch gesticht. Zijn praalgraf is te vinden in de Leuvense Sint-Pieterskerk, alsook dat van Mathilde van Boulogne en zijn dochter Maria van Brabant.
Hendrik I was tweemaal gehuwd. Hendriks eerste huwelijk was met Mathilde van Boulogne. Zij kregen de volgende kinderen:
Maria van Brabant (1189/90-1260), gehuwd met keizer Otto IV en daarna met Willem I van Holland;
Adelheid van Brabant (1190-1265);
Margaretha van Brabant ( -1231), begraven in de abdij van Roermond, gehuwd met Gerard III van Gelre;
Machteld van Brabant (±1200-1267);
Hendrik II van Brabant (1207-1248);
Godfried van Leuven-Gaasbeek (1209-1253).
In zijn tweede huwelijk trouwde Hendrik met Maria van Frankrijk, dochter van koning Filips II van Frankrijk. Zij kregen de volgende kinderen:
Elisabeth (ovl. c. 1263), gehuwd met Diederik van Dinslaken en daarna met Gerard van Gelre(?);
Maria, jong overleden.
Hij trouwde met
26167525 Mathilde van Boulogne, geboren omstreeks 1163 in ?. Zij is overleden op 16-10-1210 in Leuven, ongeveer 47 jaar oud.
Notitie: Mathilde van Boulogne (1161/1165 - Leuven, 16 oktober 1210) (ook wel bekend als Mathilde van de Elzas of Mathilde van Lotharingen) was gehuwd met Hendrik I van Brabant, de hertog van Brabant, vóór 30 maart 1180.
Mathilde was een dochter van Maria van Engeland, gravin van Boulogne (Marie de Blois) en Mattheüs I van de Elzas, door huwelijk graaf van Boulogne (Matthias I). Ze werd begraven in de Sint-Pieterskerk te Leuven.
Mathilde en Hendrik kregen de volgende kinderen:
Maria van Brabant (-1260), gehuwd met keizer Otto IV en daarna met Willem I van Holland
Margaretha van Brabant (ovl. 1231), begraven in de abdij van Roermond, gehuwd met Gerard III van Gelre
Adelheid van Brabant
Machteld
Hendrik II van Brabant
Godfried van Leuven-Gaasbeek
Kind uit dit huwelijk:
I. Hendrik II van Brabant, geboren in 1207 in ? (zie 13083762).
26167526 Filips van Zwaben, geboren in 08-1177 in ?. Hij is overleden op 21-06-1208 in Bamberg, 30 jaar oud.
Hij trouwde, 19 of 20 jaar oud, in 1197 in ? met
26167527 Irena Angela van Byzantium, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Maria van Zwaben, geboren in 1201 in ? (zie 13083763).
26167528 Peter I van Courtenay, geboren in 1126 in ?. Hij is overleden op 10-04-1183 in ?, 56 of 57 jaar oud. Hij is begraven in Exeter Cathedral.
Hij trouwde, 23 of 24 jaar oud, in 1150 in ? met de ongeveer 12-jarige
26167529 Elisabeth van Courtenay, geboren omstreeks 1138 in ?. Zij is overleden in 1206 in ?, ongeveer 68 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Robert I van Courtenay, geboren in 1168 in ? (zie 13083764).
26167530 Philippe van Mehun-sur-Yèvre, geboren in 1177 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
26167531 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Mahaut van Mehun-sur-Yèvre, geboren omstreeks 1195 in ? (zie 13083765).
26167532 Renaud van Joigny, geboren omstreeks 1120 in ?. Hij is overleden in 1171 in ?, ongeveer 51 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 7 jaar oud, in 1127 in ? met de ongeveer 18-jarige
26167533 Adèle van Nevers, geboren omstreeks 1145 in ?. Zij is overleden in 1192 in ?, ongeveer 47 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gaucher I van Joigny, geboren omstreeks 1161 in ? (zie 13083766).
26167534 Simon V van Montfort, geboren in 1170 in ?. Hij is overleden op 25-06-1218 in ?, 47 of 48 jaar oud.
Hij trouwde met
26167535 Alice van Montmorency, geboren in 1176 in ?. Zij is overleden op 22-02-1220 in ?, 43 of 44 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Amici van Montfort, geboren omstreeks 1200 in Alcester (Engeland) (zie 13083767).
26167536 Robert II van Dreux, geboren in 1154 in ?. Hij is overleden op 28-12-1218 in ?, 63 of 64 jaar oud.
Notitie: Robert II van Dreux (?, 1154 - ?, 28 december 1218), bijg. de Jonge, was de eerste zoon van Robert I van Dreux en diens derde echtgenote Agnes van Baudemont.
Hij volgde in 1184 zijn vader op als graaf van Dreux en Braine en nam deel aan de Derde Kruistocht, waar hij zich onderscheidde in Akko en Arsur. Terug in het land, bestreed hij de Engelsen en nam hij deel aan de kruistocht der Albigenzen. Robert nam ook deel aan de slag bij Bouvines in 1214.
Robert was gehuwd met:
Mahaut van Bourgondië (1150-1192), dochter van Raymond van Bourgondië, graaf van Grignon, gescheiden in 1181,
Yolande van Coucy (1164-1222), dochter van Rudolf I van Coucy,
en werd vader van:
Robert III (1185-1234)
Eleonora (1186-), gehuwd met Hugo III van Châteauneuf (-1229) en met Robert van Saint-Clair
Isabella (1188-), gehuwd met Jan II van Pierrepont (1205-1251), graaf van Roucy
Adelheid (1189-1258), gehuwd in 1200 met Walter IV van Bourgondië (-1219), heer van Salins, en in 1221 met Reinout III van Choiseul (1195-1239)
Peter I van Bretagne (1191-1250)
Filippa (1192-1242), in 1219 gehuwd met Hendrik II van Bar (1190-1239)
Hendrik (1193-1240), aartsbisschop van Reims (1227-1240)
Agnes (1195-1258), gehuwd met Steven III van Bourgondië, graaf van Auxonne (-1241), voorheen gehuwd met Beatrix van Chalon,
Yolande (1196-1239), gehuwd met Rudolf II van Eu (-1250)
Jan (1198-1239), graaf van Mâcon en van Vienne, gehuwd met Adelheid van Mâcon,
Johanna (1199-1272), non
Godfried (1200-1219).
Hij trouwde (1) met Mahaut van Bourgondië. Dit huwelijk werd ontbonden in 1181 in ?.
Hij trouwde (2), 29 of 30 jaar oud, in 1184 in ? met de 19 of 20-jarige
26167537 Yolande van Coucy, geboren in 1164 in ?. Zij is overleden in 1222 in ?, 57 of 58 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Peter I van Bretagne, geboren in 1191 in ? (zie 13083768).
26167540 Theobald III van Champagne, geboren in 1176 in ?. Hij is overleden op 24-05-1204 in ?, 27 of 28 jaar oud.
Hij trouwde, 22 of 23 jaar oud, op 01-07-1199 in ? met de 22 of 23-jarige
26167541 Blanca van Navarra, geboren in 1176 in ?. Zij is overleden op 14-03-1229 in ?, 52 of 53 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Theobald IV van Champagne, geboren op 30-05-1201 in Troyes (zie 13083770).
26167542 Guichard IV van Beaujeu-Montpensier, geboren in ?. Hij is overleden in 1216 in ?.
Hij trouwde met
26167543 Sybille van Henegouwen, geboren in 1179 in ?. Zij is overleden in 1217 in ?, 37 of 38 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Agnes van Beaujeu-Montpensier, geboren in ? (zie 13083771).
26167544 Hendrik II van Engeland, geboren op 05-03-1133 in Le Mans. Hij is overleden op 06-07-1189 in Chinon, 56 jaar oud.
Hij trouwde, 19 jaar oud, op 18-05-1152 in Bordeaux met de ongeveer 30-jarige
26167545 Eleonora van Aquitanië, geboren omstreeks 1122 in ?. Zij is overleden in 04-1204 in ?, ongeveer 82 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Jan Zonder Land, geboren op 24-12-1167 in Beaumont Palace ( Oxford ) (zie 13083772).
26167546 Adhemar van Angouleme, geboren in 1160 in ?. Hij is overleden op 16-06-1202 in Limoges, 41 of 42 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 25 jaar oud, omstreeks 1185 in ? met de ongeveer 25-jarige
26167547 Adelheid van Courtenay, geboren in 1160 in ?. Zij is overleden in 1218 in ?, 57 of 58 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Isabella van Angouleme, geboren in 1186 in ? (zie 13083773).
26167548 Alfons II van Provence, geboren in 1180 in ?. Hij is overleden op 02-02-1209 in Palermo, 28 of 29 jaar oud.
Notitie: Alfons II van Provence (?, 1180 - Palermo, 2 februari 1209) was een jongere zoon van koning Alfons II van Aragón en van Sancha van Castilië. Hij volgde zijn vader in 1196 op als graaf van Provence.
Alfons was in 1193 gehuwd met Gersindis van Sabran, de kleindochter en erfgename van Willem II, laatste graaf van Forcalquier. Bij haar huwelijk kreeg zij Forcalquier van haar grootvader. Nadien herriep Willem II van Forcalquier de schenking ten voordele van Gersindes zuster, Beatrix, die gehuwd was met Andreas van Bourgondië, dauphin van Viennois. Hierdoor barstte een oorlog uit tussen Alfons en Willem, waarbij de laatste gesteund werd door de graaf van Toulouse. Alfons deed een beroep op zijn broer, Peter II van Aragón, die naar Provence kwam om een verdrag te onderhandelen, dat in 1202 werd afgesloten.
In 1209 begeleidde hij zijn zuster Constance, de weduwe van koning Emmerik van Hongarije, om haar te laten trouwen met koning Frederik van Sicilië, maar hij stierf in Palermo.
Alfons was een grote liefhebber van het ridderschap en nodigde vele troubadours uit aan zijn hof. Een van hen was Elias van Barjols, zoon van een handelaar uit Payols in Agénois. Hij viel niet alleen in de smaak van de graaf, maar ook van de gravin, die het onderwerp was van vele van zijn liederen. Hij trad daarop in bij de hospitaalbroeders van Saint-Benezet in Avignon, die zich als doel stelden bruggen over de Rhône te bouwen, zoals hun stichter, die de brug van Avignon gebouwd had.
Hij werd de vader van Raymond Berengarius IV van Provence (1198-1245).
Hij trouwde, 12 of 13 jaar oud, in 1193 in ? met de 12 of 13-jarige
26167549 Gersindis van Forcalquier, geboren in 1180 in ?. Zij is overleden in 1242 in ?, 61 of 62 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Raymond Berengarius IV van Provence, geboren in 1198 in Aix-en-Provence (zie 13083774).
26167550 Thomas I van Savoye, geboren omstreeks 1180 in ?. Hij is overleden in 1233 in ?, ongeveer 53 jaar oud.
Hij trouwde met
26167551 Beatrix van Genève, geboren in ?. Zij is overleden in 1252 in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Beatrix van Savoye, geboren in 1205 in ? (zie 13083775).
26168340 Godfried van Ochten, geboren in 1170 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
26168341 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Ricolt II van Ochten, geboren in 1190 in Ochten (zie 13084170).
26168342 Otto I van Holland, geboren omstreeks 1140 in ?. Hij is overleden in 1208 in ?, ongeveer 68 jaar oud.
Notitie: Hij wordt ook wel Otto IV van Bentheim genoemd.
Otto I van Bentheim (ca. 1140 - 1208/09) was graaf van Bentheim. Hij was een jongere zoon van graaf Dirk VI van Holland en Sophia van Rheineck. Van zijn grootmoeder van moederskant, Geertruid van Northeim, erfde hij het graafschap Bentheim.
Otto begeleidde zijn moeder naar het Heilige Land in 1173. In 1187 werd hij genoemd als burggraaf van Coevorden. Otto nam deel aan de derde kruistocht, samen met zijn broer Floris III van Holland. In 1196 streed hij tegen de burggraaf van Coevorden. Otto steunde zijn neef Willem I van Holland in diens geslaagde poging om de macht over Holland te verwerven, ten koste van Ada van Holland (gravin).
Huwelijk en kinderen
Otto was gehuwd met Alveradis van Arnsberg (ca. 1160 - 1230), erfdochter van Malsen, dochter van Godfried I van Cuijk (1100-1167). Zij kregen de volgende kinderen:
Egbert, vermoord ca. 1210
Boudewijn I van Bentheim, opvolger van zijn vader
Otto, 1203 bisschop van Münster
Gertrud (ovl. 1240), kanunnikes te Freckenhorst, 1219 abdis van Metelen
Marina, gehuwd met Ricolt van Ochten
Agniese, gehuwd met Willem van Teylingen
Hij trouwde, ongeveer 32 jaar oud, omstreeks 1172 in ? met de ongeveer 12-jarige
26168343 Alvaradis van Cuijk, geboren omstreeks 1160 in ?. Zij is overleden in 1230 in ?, ongeveer 70 jaar oud.
Notitie: Zij was erfgravin van Arnsberg en erfdochter van Malsen.
Kind uit dit huwelijk:
I. Maria van Bentheim, geboren in 1180 in ? (zie 13084171).
26174464 Hubertus I van Bosinchem, geboren omstreeks 1150 in ?. Hij is overleden in 1213 in ?, ongeveer 63 jaar oud.
Hij trouwde met
26174465 Johanna Sweersdr van Zuijlen, geboren in 1145 in ?. Zij is overleden na 1200 in ?, minstens 55 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Stephanus van Bosinchem, geboren in 1197 in Beusichem (zie 13087232).
26174476 Godfried van Ochten, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Kind van (26174476) uit onbekende relatie:
I. Ricold I van Ochten, geboren in 1170 in Ochten (zie 13087238).
26174532 Willem I van Teylingen, geboren in 1156 in ?. Hij is overleden in ?.
Notitie: Notities bij Willem I van Theylingen
Willem was bezitter van het goed Teijlingen, nobilis vir, ridder sedert 1223 en sedert 1198 in de omgeving van graaf Dirk VII van Holland, na wiens overlijden (4-11-1203) hij toestemde in het huwelijk van Dirks dochter Ada met de graaf van Loon. waarbij Willem zelf aanwezig was; spoedig verkoos hij de partij van graaf Dirks broeder Willem en verdedigde in 1204 Rijnland tegen de strijders van de bisschop van Utrecht, doch werd door de graaf van Loon gevangen genomen bij Leiden; nadat Willem graafvan Holland was geworden bleef Teijlingen hem getrouw en was in 1213 te Nijmegen aanwezig wanneer keizer Otto IV graaf Willem in diens rijkslenen bevestigde. Na de dood van graaf Willem (4-2-1222) bewees hij zijn diensten aan diens opvolger en zoon Floris IV onder wiens bewind hij voor het eerst als ridder voorkomt; van de regering van graaf Willem II maakte hij de eerste jaren mee en komt nog veelvuldig voor in oorkonden als nobilis vir.
(bron: De Nederlandsche Leeuw)
Aan de Teylingerlaan 15 in Teylingen (Zuid Holland) ligt de gelijknamige ruïne, een ringburcht met woontoren. Heden ten dage ligt er om het gebouw een slotgracht, maar vroeger bevatte het slot ook nog een bebouwd voorburcht terrein .
Het was de 3e graaf van Teylingen, graaf Willem I, die rond 1200 dit slot liet bouwen. Oorspronkelijk bestond het kasteel uit een donjon (woontoren) en een poorttoren, welke een traptoren bevatte. De 7 meter hoge ringmuur was de verbinding tussen de donjon en poorttoren. Eromheen lag een slotgracht. Buiten het terrein van de burcht lag de voorburcht, welke ook beveiligd werd door een gracht.
Jaren later werd het slot ingezet als dijkbewaking, speciaal voor de Rijndijk. Ook de weg naar Haarlem dat aan de rand van bossen lag, viel onder deze bescherming. De donjon werd afgebroken en er werd een enkele verdiepingen hoge bakstenen woontoren gebouwd.
Het geslacht Teylingen
Het slot is gebouwd door de 3e graaf van Teylingen, graaf Willem I. Zijn overgrootvader was Gerrit van Teylingen, hij overleed in 1164. Reeds meer dan 20 jaar eerder wordt de naam al genoemd, hij staat opgetekend in een oorkonde uit 1143. Gerrit liet zijn titel na aan zijn zoon Hugo, die de titel weer doorgaf aan zijn zoon Willem I in 1172.
Willem trouwde rond 1199 met NN Gerardsdochter. Een lang leven was dit huwelijk niet beschoren, want rond 1200 trouwt Willem (waarschijnlijk weduwnaar) met Agniese van Bentheim. Ook dit huwelijk houdt niet lang stand, in 1203 sterft Agniese. Zij laat Willem wel 3 zoons na, namelijk:
•Willem van Teijlingen, de volgende graaf van Teijlingen
•Gerard van Teijlingen, de 1e graaf van Heemskerck
•Dirk van Teijlingen, de 1e graaf van Brederode
De mannelijke lijn van het graafschap Teijlingen sterft uit in 1282.
Nieuwe eigenaars slot van Teylingen
Na het uitsterven van de mannelijke lijn der Teylingers was het graaf Floris de V die het kasteel (in handen van de grafelijkheid) met alle toebehoren aan zijn vriendin Catharina van Durbuy gaf. Zij was inmiddels de weduwe van Albrecht van Voorne, zij sterft in 1328.
In 1337 vindt er een verbouwing plaats, waarna het jachtslot van de Hollandse graaf werd. Het zal tot 1339 duren tot er een nieuwe eigenaar komt, Simon van Benthem. Hij neemt de naam van Teylingen aan. Het slot kent vanaf dat moment verschillende leenheren (met de titel houtvester), waarbij een vastgestelde leenperiode was bedongen. Hiermee wilde men voorkomen dat een nieuwe (adellijke) familie zou ontstaan. De houtvester diende zorg te dragen voor het hout uit de bossen, alsmede was hij verantwoordelijk voor de turf, de wild- en visstand.
De bekendste leenheer was ongetwijfeld Jacoba van Beieren, een dame van adellijke geboorte. Door haar (ongewenste) huwelijk met Frank van Borsele heeft zij haar rechten op de grafelijkheid opgegeven. Vermoed wordt dat zij haar verblijven in het huis op de voorburcht had. Dit omdat de woning die hier in haar tijd stond aan de wooneisen van begin 15e eeuw voldeden. De woontoren zou voor die tijd al ouderwets zijn geweest. Jacoba stierf in 1436 aan de gevolgen van de ziekte tbc. De laatste periode verbleef zij veel in dit slot, wat opgravingen hebben bevestigd. Nadat haar echtgenoot in 1470 stierf, volgden meerder houtvesters elkaar weer op.
Slot Teylingen vanaf de 15e eeuw
In 1568 breekt de Tachtigjarige oorlog uit. In 1572 vindt de belegering van Haarlem en Leiden plaats. De Spanjaarden krijgen het slot van Teylingen in handen. Door de zware gevechten ontstaan zware beschadigingen. Het slot wordt pas in 1605 hersteld, enkele jaar daarvoor was Jan van Duivenvoorde begonnen met herstel van de boomgaarden en het in ere herstellen van de slotgrachten. Er verrijst een nieuw woonhuis compleet met trapgevel. Dit wordt neergezet op de voorburcht. De woontoren zelf wordt omgedoopt tot gevangenis waar voornamelijk illegale jagers werden ondergebracht. Er worden paleistuinen aangelegd.
Helaas wordt deze laatste grote renovatie teniet gedaan door een grote brand in 1676. Het resultaat is de huidige ruïne, er wordt niet hersteld. De houtvesterij wordt in 1795 opgeheven en de grond rondom slot Teylingen wordt in delen verkocht. In de verkoopwaarden was (gelukkig) opgenomen dat de hoofdburcht niet gesloopt mocht worden.
In 1888 vervalt de ruïne aan de Nederlandse Staat. Deze plaatst het op de monumentenlijst. Pas in 1933 werden er dermate stevige beslissingen genomen dat volledig verval kon worden voorkomen. In 1975 vindt de oprichting plaats van de Stichting Slot Teylingen.
Hij trouwde met
26174533 Agniese van Bentheim, geboren in 1175 in ?. Zij is overleden in 1203 in ?, 27 of 28 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Dirk I van Teylingen van Brederode, geboren omstreeks 1180 in Slot Brederode te Santpoort (zie 13087266).
26174592 Steven I van Zuylen, geboren in 1181 in ?. Hij is overleden in 1249 in ?, 67 of 68 jaar oud.
Hij trouwde met
26174593 N.N. van Buren, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Steven III van Zuylen, geboren in 1230 in ? (zie 13087296).
26174620 Gysbert van Zuylen, geboren omstreeks 1200 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
26174621 Bertha van Abcoude, geboren omstreeks 1205 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Wouter van Zuylen, geboren in 1230 in ? (zie 13087310).
26174622 Stefan van Beusichem, geboren in 1195 in Beusichem. Hij is overleden in 1255 in ?, 59 of 60 jaar oud.
Hij trouwde met
26174623 Ava van Zuylen van Anholt, geboren op 17-12-1200 in Beusichem. Zij is overleden op 13-08-1263 in Vianen, 62 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Christina Stevensdr van Beusichem, geboren in 1235 in ? (zie 13087311).
26174624 Willem I van Teijlingen, geboren in 1156 in ?. Hij is overleden in 1215 in ?, 58 of 59 jaar oud.
Notitie: Notities bij Willem van Teijlingen
Vermeld 1174. Rond 1200 liet deze Willem I van Teylingen kasteel Teylingen optrekken. Teylingen is een ringburcht met een woontoren. Vroeger was er ook nog een geheel bebouwd voorburcht terrein. Om het hele complex lag een slotgracht. De heren van Teylingen, verwant aan het grafelijk huis, komen voor het eerst voor in 1143. Het is waarschijnlijk vanwege deze verwantschap dat de Teylingers het kasteel en de omliggende grond van de graaf in leen hadden gekregen.
In 1282 sterft dit geslacht in mannelijke lijn uit en vervalt het kasteel aan de grafelijkheid.
Willem I overleed in 1215. Hij had drie zoons: Dirk, Willem en Gerard. Dirk werd de stamvader van de heren van Brederode, terwijl Willem zijn vader opvolgde als Willem II van Teylingen.
Notities bij Willem I van Theylingen
Willem was bezitter van het goed Teijlingen, nobilis vir, ridder sedert 1223 en sedert 1198 in de omgeving van graaf Dirk VII van Holland, na wiens overlijden (4-11-1203) hij toestemde in het huwelijk van Dirks dochter Ada met de graaf van Loon. waarbij Willem zelf aanwezig was; spoedig verkoos hij de partij van graaf Dirks broeder Willem en verdedigde in 1204 Rijnland tegen de strijders van de bisschop van Utrecht, doch werd door de graaf van Loon gevangen genomen bij Leiden; nadat Willem graafvan Holland was geworden bleef Teijlingen hem getrouw en was in 1213 te Nijmegen aanwezig wanneer keizer Otto IV graaf Willem in diens rijkslenen bevestigde. Na de dood van graaf Willem (4-2-1222) bewees hij zijn diensten aan diens opvolger en zoon Floris IV onder wiens bewind hij voor het eerst als ridder voorkomt; van de regering van graaf Willem II maakte hij de eerste jaren mee en komt nog veelvuldig voor in oorkonden als nobilis vir.
(bron: De Nederlandsche Leeuw)
Aan de Teylingerlaan 15 in Teylingen (Zuid Holland) ligt de gelijknamige ruïne, een ringburcht met woontoren. Heden ten dage ligt er om het gebouw een slotgracht, maar vroeger bevatte het slot ook nog een bebouwd voorburcht terrein .
Het was de 3e graaf van Teylingen, graaf Willem I, die rond 1200 dit slot liet bouwen. Oorspronkelijk bestond het kasteel uit een donjon (woontoren) en een poorttoren, welke een traptoren bevatte. De 7 meter hoge ringmuur was de verbinding tussen de donjon en poorttoren. Eromheen lag een slotgracht. Buiten het terrein van de burcht lag de voorburcht, welke ook beveiligd werd door een gracht.
Jaren later werd het slot ingezet als dijkbewaking, speciaal voor de Rijndijk. Ook de weg naar Haarlem dat aan de rand van bossen lag, viel onder deze bescherming. De donjon werd afgebroken en er werd een enkele verdiepingen hoge bakstenen woontoren gebouwd.
Het geslacht Teylingen
Het slot is gebouwd door de 3e graaf van Teylingen, graaf Willem I. Zijn overgrootvader was Gerrit van Teylingen, hij overleed in 1164. Reeds meer dan 20 jaar eerder wordt de naam al genoemd, hij staat opgetekend in een oorkonde uit 1143. Gerrit liet zijn titel na aan zijn zoon Hugo, die de titel weer doorgaf aan zijn zoon Willem I in 1172.
Willem trouwde rond 1199 met NN Gerardsdochter. Een lang leven was dit huwelijk niet beschoren, want rond 1200 trouwt Willem (waarschijnlijk weduwnaar) met Agniese van Bentheim. Ook dit huwelijk houdt niet lang stand, in 1203 sterft Agniese. Zij laat Willem wel 3 zoons na, namelijk:
•Willem van Teijlingen, de volgende graaf van Teijlingen
•Gerard van Teijlingen, de 1e graaf van Heemskerck
•Dirk van Teijlingen, de 1e graaf van Brederode
De mannelijke lijn van het graafschap Teijlingen sterft uit in 1282.
Nieuwe eigenaars slot van Teylingen
Na het uitsterven van de mannelijke lijn der Teylingers was het graaf Floris de V die het kasteel (in handen van de grafelijkheid) met alle toebehoren aan zijn vriendin Catharina van Durbuy gaf. Zij was inmiddels de weduwe van Albrecht van Voorne, zij sterft in 1328.
In 1337 vindt er een verbouwing plaats, waarna het jachtslot van de Hollandse graaf werd. Het zal tot 1339 duren tot er een nieuwe eigenaar komt, Simon van Benthem. Hij neemt de naam van Teylingen aan. Het slot kent vanaf dat moment verschillende leenheren (met de titel houtvester), waarbij een vastgestelde leenperiode was bedongen. Hiermee wilde men voorkomen dat een nieuwe (adellijke) familie zou ontstaan. De houtvester diende zorg te dragen voor het hout uit de bossen, alsmede was hij verantwoordelijk voor de turf, de wild- en visstand.
De bekendste leenheer was ongetwijfeld Jacoba van Beieren, een dame van adellijke geboorte. Door haar (ongewenste) huwelijk met Frank van Borsele heeft zij haar rechten op de grafelijkheid opgegeven. Vermoed wordt dat zij haar verblijven in het huis op de voorburcht had. Dit omdat de woning die hier in haar tijd stond aan de wooneisen van begin 15e eeuw voldeden. De woontoren zou voor die tijd al ouderwets zijn geweest. Jacoba stierf in 1436 aan de gevolgen van de ziekte tbc. De laatste periode verbleef zij veel in dit slot, wat opgravingen hebben bevestigd. Nadat haar echtgenoot in 1470 stierf, volgden meerder houtvesters elkaar weer op.
Slot Teylingen vanaf de 15e eeuw
In 1568 breekt de Tachtigjarige oorlog uit. In 1572 vindt de belegering van Haarlem en Leiden plaats. De Spanjaarden krijgen het slot van Teylingen in handen. Door de zware gevechten ontstaan zware beschadigingen. Het slot wordt pas in 1605 hersteld, enkele jaar daarvoor was Jan van Duivenvoorde begonnen met herstel van de boomgaarden en het in ere herstellen van de slotgrachten. Er verrijst een nieuw woonhuis compleet met trapgevel. Dit wordt neergezet op de voorburcht. De woontoren zelf wordt omgedoopt tot gevangenis waar voornamelijk illegale jagers werden ondergebracht. Er worden paleistuinen aangelegd.
Helaas wordt deze laatste grote renovatie teniet gedaan door een grote brand in 1676. Het resultaat is de huidige ruïne, er wordt niet hersteld. De houtvesterij wordt in 1795 opgeheven en de grond rondom slot Teylingen wordt in delen verkocht. In de verkoopwaarden was (gelukkig) opgenomen dat de hoofdburcht niet gesloopt mocht worden.
In 1888 vervalt de ruïne aan de Nederlandse Staat. Deze plaatst het op de monumentenlijst. Pas in 1933 werden er dermate stevige beslissingen genomen dat volledig verval kon worden voorkomen. In 1975 vindt de oprichting plaats van de Stichting Slot Teylingen.
Hij is weduwnaar van N.N. Gerardsdr, met wie hij trouwde (1), 42 of 43 jaar oud, in 1199 in ?.
Hij trouwde (2), 43 of 44 jaar oud, in 1200 in ? met de 24 of 25-jarige
26174625 Agniese van Bentheim, geboren in 1175 in ?. Zij is overleden in 1203 in ?, 27 of 28 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gerard van Heemskerck, geboren in ? (zie 13087312).
26174668 Hendrik van Boutershem, geboren in 1330 in ?. Hij is overleden op 14-09-1371 in ?, 40 of 41 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 20 jaar oud, omstreeks 1350 met de ongeveer 20-jarige
26174669 Maria van Wesemaele, geboren in 1330 in ?. Zij is overleden in 1390 in ?, 59 of 60 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hendrik van Boutershem, geboren omstreeks 1350 in ? (zie 13087334).
26174670 Jan van Polanen, geboren in 1325 in ?. Hij is overleden op 03-11-1378 in Breda, 52 of 53 jaar oud. Hij trouwde (2), ongeveer 45 jaar oud, omstreeks 1370 in ? met Margarethe van Lippe.
Hij trouwde (1), 22 of 23 jaar oud, op 21-05-1348 in ? met
26174671 Oda van Horn, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Beatrix van Polanen, geboren omstreeks 1350 in ? (zie 13087335).
26174680 Dirk I van Teijlingen van Brederode, geboren omstreeks 1180 in Slot Brederode te Santpoort. Hij is overleden in 1236 in ?, ongeveer 56 jaar oud.
Notitie: Dirk van Teylingen, heer van Brederode (Latijn: Theodericus de Theylingen) (ca. 1180 - 1236) was heer van Brederode en drossaard van de graven van Holland.
Hij was een zoon van Willem van Teylingen, er worden mogelijk twee moeders aan hem gelinkt, Maria van Castricum of Agnes van Bentheim. Dirk (I) wordt door historici gezien als grondlegger van het huis Brederode; het grondgebied van Brederode was echter al in het bezit van zijn vader, die uit het geslacht Van Teylingen voortkwam, waardoor hij mogelijk niet de eerste heer van Brederode was.
In 1226 werd Dirk benoemd tot drossaard aan het hof van de graaf van Holland. Hij diende onder Floris IV van Holland en Willem I van Holland. Bij afwezigheid van de graaf was hij tevens zijn eerste vervanger.
Dirk huwde omstreeks 1215 met Aleid Alveradis van Heusden; zij kregen minstens zes kinderen:
Willem 2e heer van Brederode 1236—1285 - Opvolger
Dirk van Brederode 1228—±1279, rond 1255 tot ridder geslagen.
Floris van Brederode 1230—1306, heer van Doortoge en van Zegwaard
Aleidis van Brederode 1232—±1262
Catharina van Brederode 1234—?
Agnies van Brederode ±1245—±1280
Aleid van Heusden huwde na de dood van Dirk met Herbaren II van der Lede.
Hij trouwde, ongeveer 40 jaar oud, in 1220 in ? met de 29 of 30-jarige
26174681 Alvarade van Heusden, geboren in 1190 in Heusden. Zij is overleden in 1235 in ?, 44 of 45 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem II van Brederode, geboren omstreeks 1226 in ? (zie 13087340).
26174682 Hendrik van Voorne, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
26174683 Catharina van Cysoing, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hillegonda van Voorne, geboren in 1230 in Voorne (zie 13087341).
26174684 Hendrik I van de Lecke, geboren in 1220 in ?. Hij is overleden op 03-11-1271 in ?, 50 of 51 jaar oud.
Hij trouwde met
26174685 Jutta van Werth, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hendrik II van de Lecke, geboren omstreeks 1245 in ? (zie 13087342).
26174688 Herbaren I van der Lede, geboren in 1140 in Langerak. Hij is overleden omstreeks 1200 in ?, ongeveer 60 jaar oud.
Notitie: Herbaren I van der Lede (Latijn; Harbernus de Leda (Liethen)) (Langerak, 1140 - omstreeks 1200) was heer van Ter Leede.
Herbaren I was de stamvader van het huis Ter Leede. Hij werd als getuige genoemd bij een samenkomst van Hardbertus, bisschop van Utrecht in 1143; mogelijk ging het hier om de doping van Herbaren. In een Hollandse kroniek wordt hij beschreven als Harbernus de Liethen, mogelijk gaat het over een vorm- of drukfout, want Liethen verwijst naar de oude benaming van Leiden. Onder zijn leiding werd mogelijk het Mottekasteel gebouwd dat bij het recht van ter Leede stond (enkele kilometers ten zuiden van Leerbroek). Wordt genoemd als ambachtsheer van Haastrecht.
Herbaren huwde met Adelheid een dochter van Willem van Altena en zij kregen minstens twee zonen:
Floris Herbaren van der Lede (1170-1207)
Folpert van der Lede (1175-1212) (soms genoemd als Walpertus de Leda)
Hij trouwde, 29 of 30 jaar oud, in 1170 in ? met de ongeveer 25-jarige
26174689 Adelheid Willemsdr van Altena, geboren omstreeks 1145 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Floris Herbaren van der Lede, geboren omstreeks 1170 in ? (zie 13087344).
26174690 Hugo Botter, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
26174691 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Jacomijn Hugo Bottersdr van Schoonhoven, geboren omstreeks 1179 in Schoonhoven (zie 13087345).
Generatie 26 (edelstamouders)
51548160 Gerard IV van Wassenberg en Gelre, geboren omstreeks 1060 in ?. Hij is overleden op 08-03-1129 in ?, ongeveer 69 jaar oud.
Notitie: Gerard IV van Wassenberg, ook Gerard I van Gelre, de Lange, (ca. 1060 - voor 8 augustus 1129) is de stamvader van de graven van Gelre uit het huis Wassenberg, dat in 1371 in mannelijke lijn uitstierf.
Gerard was graaf van Wassenberg van 1085 - 1129. In 1096 werd hij, als Gerard I, ook graaf van Gelre. Hij werd in 1096 ook als landgraaf geattesteerd in een keizerlijke oorkonde: MGH Diplomata Henrici IV nr. 459: Gerardus lantgrave, waarschijnlijk met betrekking tot een rijksleen in de Teisterbant. Daarnaast was hij voogd van Erkelenz, Roermond en Utrecht. Gerard was een van de machtigste edelen van Neder-Lotharingen en probeerde zijn bezit vooral ten koste van de bisschop van Utrecht te vergroten. Dit leidde tot conflicten met Utrecht maar ook met de aartsbisschop van Keulen en de graven van Holland. Op rijksniveau was Gerard een trouw bondgenoot van Hendrik IV (keizer). Samen met zijn neef/broer Gosewijn I van Valkenburg dwong hij de benoeming van Hendriks kandidaat af, als abt van Sint-Truiden. Van Gerard is ook een schenking bekend aan het kapittel van Sint-Servaas te Maastricht.
Gerard was een zoon van graaf Gerard III van Wassenberg of van Diederik van Wassenberg. Gerards eerste vrouw is onbekend. Hij hertrouwde met de weduwe van Koenraad I van Luxemburg, Clementia van Poitiers of Clementia van Gleiberg. (Zie artikel over Clementia van Poitiers voor de discussie over haar identiteit)
Gerard kreeg de volgende kinderen:
Judith (-1151), in 1110 gehuwd met graaf Walram II van Limburg (-1139).
Yolanda van Gelre, gehuwd met graaf Boudewijn III van Henegouwen (-1120) en met burggraaf Godfried van Valenciennes
Gerard
Hij trouwde met
51548161 Clementia van Poitiers, geboren in 1045 in ?. Zij is overleden in 1142 in ?, 96 of 97 jaar oud.
Notitie: Clementia van Poitiers (ca 1045-1142) was een dochter van Willem VII van Aquitanië en mogelijk van Ermesinde van Lotharingen.
Traditioneel wordt Clementia als echtgenote van Koenraad I van Luxemburg gezien. Hiervoor zijn echter alleen enkele vage aanwijzingen:
er is een eigentijdse oorkonde waaruit geconcludeerd zou kunnen worden dat de vrouw van Koenraad uit de Poitou komt.
de vrouw van Koenraad was vrouwe van Longwy, en dat bezit zou ze via haar vermoedelijke moeder Ermesinde van Lotharingen kunnen hebben verworven de vrouw van Koenraad wordt Clementia genoemd.
Maar omdat Clementia gezien de geboortedatum van haar dochter niet later dan ca. 1045 kan zijn geboren en pas in 1142 overleed, zou ze wel heel erg oud zijn geworden. Er is dan ook een theorie dat Koenraad twee vrouwen zou hebben gehad:
1.vermoedelijk Ermesinde van Lotharingen, die dan dus niet de vrouw van Willem VII van Aquitanië was, vrouwe van Longwy
2.Clementia van Gleiberg, die als vrouw van Koenraad wordt vermeld
Aan de andere kant hoeft de vermelding van Clementia als vrouwe van Gleiberg niet in strijd te zijn met een mogelijke Aquitaanse afkomst: als Gleiberg al Luxemburgs bezit was ten tijd van haar huwelijk kan dit haar huwelijksgift zijn geweest.
Clementia (van Gleiberg) zou zijn hertrouwd met Gerard I van Gelre. De autenticiteit van de akte waarin dit wordt vermeld is echter onderwerp van fel debat.
Koenraad en zijn vrouw(en) kregen de volgende kinderen:
Mathilde (geb. ca. 1060), gehuwd met Godfried van de Bliesgau
Hendrik
Rudolf (ovl. 1099), abt van Saint Vannes te Verdun (van 1075 tot zijn dood) en van de Altmünster te Luxemburg, vanaf de stichting van die abdij
Koenraad
Ermesinde
Willem
Adalbero (ovl. Antiochië, 1098), aartsdeken van Metz, nam deel aan de eerste kruistocht en werd tijdens het beleg van Antiochië overvallen toen hij met een edelvrouwe aan het dobbelen was. Adalbero werd gedood en de dame werd meegevoerd in de stad. Hun hoofden werden met een katapult teruggeschoten.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gerard II van Gelre, geboren omstreeks 1090 in ? (zie 25774080).
51548162 Otto II van Zutphen, geboren omstreeks 1060 in ?. Hij is overleden in 1113, ongeveer 53 jaar oud. Hij is begraven in St-Walburgiskerk te Zutphen.
Notitie: Otto II, de Rijke, (ca 1060 – 1113) was een jongere zoon van graaf Godschalk van Zutphen en Adelheid van Zutphen. Otto volgde zijn vader op als graaf van Zutphen en voogd van Corvey. De abdij zou Otto en zijn zoon Hendrik van zelfverrijking beschuldigen. . In 1107 ontving hij van keizer Hendrik V de functie van graaf in Oostergo en Westergo, in ruil voor bezittingen bij Alzey. Deze graafschappen waren echter al beleend aan de bisschop van Utrecht, wat leidde tot voortdurend conflict tussen de bisschop en Otto. In 1105 herbouwde hij de Sint Walburgiskerk (Zutphen), nadat die was afgebrand, en liet relieken van Justus van Triëst overbrengen van Corvey naar Zutphen. Otto en zijn vrouw werden in deze kerk begraven.
Men vermoedt dat Otto tweemaal was getrouwd. Zijn eerste vrouw in een onbekend jaar met een onbekende naam, dit zou een verwante van de Hohenstaufen zijn geweest zij kregen een dochter Adelheid. Maar het is ook mogelijk dat deze Adelheid zijn echtgenote was. Zijn tweede vrouw moet Judith of Jutta van Arnstein zijn geweest met wie hij omstreeks 1085 trouwde. Judith was mogelijk de jongste van Jutta Arnoldsdochter van Arnstein en Lodewijk de graaf van Arnstein. Met haar kreeg Otto drie zonen, en een dochter. Volgens sommige genealogieën was ze echter de zuster van keizer Lotharius III van Supplinburg. Judith overleed in 1118.
Otto kreeg de volgende kinderen:
mogelijk Adelheid (uit zijn speculatieve eerste huwelijk, het zou ook kunnen dat met Adelheid zijn echtgenote bedoeld wordt.)
Hendrik I van Zutphen
Diederik II van Münster, bisschop
Gerardus de Lon, graaf van Lohn
Ermgard van Zutphen (1090 - ca.1136) gehuwd met Gerard II van Wassenberg-Gelre, daarna met Conrad van Luxemburg.
Hij trouwde, ongeveer 25 jaar oud, omstreeks 1085 in ? met
51548163 Judith van Supplinburg, geboren in ?. Zij is overleden in 1118 in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Ermgard van Zutphen, geboren in 1129 in ? (zie 25774081).
51548168 Otto II van Scheyern-Wittelsbach, geboren in 1050 in ?. Hij is overleden op 31-10-1120 in ?, 69 of 70 jaar oud.
Notitie: Otto II. von Scheyern (nach anderer Zählung Otto III.) († 31. Oktober 1120) war ein Sohn von Otto I. von Scheyern. Seine Mutter kann nicht eindeutig zugeordnet werden, da Otto I. von Scheyern mit Haziga von Sulzbach (Witwe des Grafen Herman von Kastl) und später mit einer unbekannten Tochter des Grafen Meginhardt von Reichersbeuern verheiratet war, von Otto jedoch keine Geburtsdaten bekannt sind.
Er bevogtete Freising und ab 1116 Weihenstephan.
Ottos Frau ist unbekannt oder Richardis, Tochter von Ulrich I. von Istrien-Krain. Aus der Ehe gingen vier Kinder hervor:
Otto III. von Scheyern († nach 15. Dezember 1130)
Ekkehard III. von Scheyern († nach 11. Juli 1183)
Bernhard II. von Scheyern (um 1135)
Sohn
Hij trouwde met
51548169 Richardis van Weimar-Orlamünde, geboren in 1050 in ?. Zij is overleden in 1120 in ?, 69 of 70 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Otto IV van Wittelsbach, geboren omstreeks 1090 in ? (zie 25774084).
51548170 Friedrich III van Pettendorf, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Kind van (51548170) uit onbekende relatie:
I. Heilika van Pettendorf, geboren omstreeks 1100 in ? (zie 25774085).
51548192 Gilbert van Mello, geboren in 1051 in Dammartin-en-Goele. Hij is overleden na 25-02-1084 in Mello, minstens 33 jaar oud.
Hij trouwde met
51548193 Marie van Béarn, geboren in 1052 in ?. Zij is overleden in 1080 in ?, 27 of 28 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alberic van Mello, geboren in 1080 in Mello (zie 25774096).
51548194 Hugo II van Dammartin, geboren in 1064 in ?. Hij is overleden in 1107 in ?, 42 of 43 jaar oud.
Hij trouwde met
51548195 Rohaise van Asterac, geboren in 1065 in ?. Zij is overleden in 1129 in ?, 63 of 64 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Adele de Bulles Dammartin, geboren in 1082 in ? (zie 25774097).
51548196 Pierre van Dammartin-Aumale, geboren in 1066 in ?. Hij is overleden in 1107 in ?, 40 of 41 jaar oud.
Hij trouwde met
51548197 Adele van Armagnac, geboren in 1072 in ?. Zij is overleden in 1133 in ?, 60 of 61 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Lancelin van Dammartin-Aumale, geboren in 1089 in ? (zie 25774098).
51548288 Fulco V van Anjou, geboren in 1091 in ?. Hij is overleden op 12-11-1143 in Jeruzalem, 51 of 52 jaar oud.
Notitie: Fulco V de Jonge ook wel Fulco I van Jeruzalem (ca. 1091 - Jeruzalem, 12 november 1143) was een zoon van graaf Fulco IV van Anjou en Bertrada van Montfort. Hij was graaf van Anjou van 1109 tot 1129 en koning van Jeruzalem van 1131 tot 1143, via zijn tweede huwelijk, met Melisende van Edessa. Hij trad daarom af als graaf van Anjou.
Graaf van Anjou
Fulco werd opgevoed aan het hof van koning Filips I van Frankrijk, de tweede echtgenoot van zijn moeder. In 1106 sneuvelde zijn halfbroer Godfried tijdens een opstand tegen hun vader. Fulco werd daardoor de erfgenaam van Anjou. In 1109 overleed zijn vader en werd Fulco graaf van Anjou. In hetzelfde jaar trouwde hij met Ermengarde van Maine (die eerst met Godfried was verloofd), wat hem de controle gaf over het naburige graafschap Maine. Fulco was een vreedzaam en bemind landsheer die zich erop richtte om zijn gezag binnen zijn graafschappen te versterken. Hij onderwierp over de jaren stelselmatig zijn opstandige vazallen en perkte de macht van de steden in. Fulco was een tegenstander van Hendrik I van Engeland, de hertog van Normandië, en steunde koning Lodewijk VI van Frankrijk. Fulco gaf actieve steun aan de opstanden van Willem Clito tegen Hendrik. In reactie daarop viel Hendrik in 1112 Maine binnen maar Fulco kon deze aanval afslaan. Fulco steunde Lodewijk tegen Theobald IV van Blois. In 1119 liet Fulco zijn dochter trouwen met William Adelin, de erfgenaam van Hendrik. Een echt bondgenootschap tussen Hendrik en Fulco kwam niet tot stand omdat William snel overleed.
In 1120 bezocht Fulco het Heilige Land. Hij ontwikkelde daar een sterke band met de Tempeliers. Na zijn terugkomst in Frankrijk werd Fulco een belangrijke begunstiger van deze orde. In 1123 trouwde hij zijn dochter Sybille met Willem Clito maar dat huwelijk werd snel door de paus ongeldig verklaard. In 1127 kon hij zijn zoon Godfried laten trouwen met Mathilde van Engeland, dochter van Hendrik en weduwe van keizer Hendrik V. Hierdoor werd Fulco een bondgenoot van Hendrik.
Koning van Jeruzalem
Boudewijn II van Jeruzalem had geen mannelijke troonopvolgers en had zijn dochter Melisende aangewezen als erfgename. Boudewijn wilde haar laten trouwen met een ervaren bestuurder en legeraanvooerder, met goede contacten in Europa. Fulco bezat die kwaliteiten en was ook nog eens een weduwnaar. Hij wilde wel toestemmen, maar wel onder zijn voorwaarden: hij wilde gelijkwaardig koning zijn met Melisende en eiste Akko en Tyrus als zijn persoonlijk bezit. Boudewijn stemde daarin toe. Fulco stond zijn zetel van graaf van Anjou af aan zijn zoon Godfried en vertrok voorgoed naar Jeruzalem, waar hij op 2 juni 1129 trouwde met Melisende. Datzelfde jaar nam hij deel aan een expeditie naar Damascus die door zware regenval was gedwongen om zonder strijd terug te keren.
In 1131 moest hij optreden tegen zijn schoonzuster Alice van Antiochië, die weduwe was geworden van Bohemund II van Antiochië. Zij wilde uit eigen naam het vorstendom besturen en niet als regentes voor haar dochter. Ze sloot een verbond met Pons van Tripoli en Jocelin II van Edessa en zocht zelfs steun bij Zengi, de moslim krijgsheer in Aleppo. In 1132 trok Fulco naar het noorden. Na korte gevechten met de troepen van Pons, onderwierp hij Antiochië. Alice werd verbannen en Fulco werd regent van Antiochië.
In Jeruzalem was inmiddels een openlijke partijstrijd ontstaan tussen Fulco en Melisende. Beiden zagen zichzelf als de eigenlijke "koning" en probeerde de eigen positie te versterken ten koste van de ander. Fulco benoemde zijn vertrouwelingen uit Anjou op belangrijke posities. De eerste generatie kruisvaarders en hun kinderen kozen daarom partij voor Melisende. Een van de prominenten uit het kamp van Melisende was Hugo van Le Puiset. Fulco beschuldigde hem in 1134 van verraad en overspel met Melisende. Hugo verschanste zich daarop in Jaffa (stad) en wist met hulp van de emir van Ashkelon een leger van Fulco te verslaan. Na bemiddeling door de patriarch van Jeruzalem verzoenden Hugo en Fulco zich. Maar toen in 1136 Hugo het doelwit was van een mislukte moordaanslag, werd Fulco daarvoor verantwoordelijk gehouden. Die bleef echter volhouden niet de opdracht tot de aanslag te hebben gegeven. De opninie aan het hof was nu echt tegen Fulco en de partij van Melisende greep de macht. Fulco en Melisende verzoenden zich politiek en persoonlijk met elkaar, en kregen als gevolg daarvan enige tijd later ook een tweede zoon.
Grensbeveiliging
Jeruzalems noordelijke grens baarde grote zorgen. Fulco was tot regent van het vorstendom Antiochië benoemd door Boudewijn II. Als regent had hij het huwelijk tussen Constance I van Antiochië en Raymond van Poitiers gearrangeerd. Constance was een dochter van Bohemund II van Antiochië en diens vrouw Alice. De grootste zorg was echter de snelle opmars van de Zengi-dynastie uit Mosoel, die een bedreiging vormde voor de christenstaten.
In 1137 werd Fulco verslagen tijdens de slag bij Barin, maar hij sloot al snel een verbond met Mu’in ad-Din Unur, de vizier van Damascus, die ook dreiging ondervond van de Zengiden. Fulco veroverde het fort van Banias, waardoor de noordelijke grens aan het meer van Tiberias veilig was.
Fulco versterkte ook het koninkrijk aan de zuidelijke grens. Zijn persoonlijke bode Paganus bouwde het kasteel Kerak langs een route die leidde naar de Rode Zee. Fulco had de leiding over de bouw van Blanche-Garde, Ibelin en andere (burcht)versterkingen, gebouwd in het zuidwesten van het rijk om de Fatimiden van Egypte in de gaten te houden en hun macht in te perken. Zij gebruikten Ascalon om overvallen uit te voeren op het koninkrijk.
In 1137 en 1142 arriveerde de Byzantijnse keizer Johannes II Komnenos in Syrië in een poging om Byzantijnse controle over de kruisvaardersstaten te verkrijgen. Johannes’ aankomst werd echter verhinderd door Fulco, omdat deze nooit een uitnodiging had gekregen om de keizer te ontmoeten in Jeruzalem.
Jachtpartij en val van Fulco. Een miniatuur in een 13e-eeuws manuscript Dood
In 1143 toen de koning en koningin op vakantie waren in Akko, kwam Fulco om het leven tijdens een jachtpartij. Zijn paard struikelde waarop Fulco viel en zijn hoofd verdrukt werd door het lijf van het paard. Hij werd teruggebracht naar Akko waar hij bewusteloos bleef en na drie dagen dood verklaard werd. Hij werd begraven in de Heilige grafkerk te Jeruzalem. Omdat hun huwelijk met een conflict startte, toonde Melisende zowel in privé als publiekelijk haar verdriet. Fulco werd overleefd door zijn zoons Godfried V van Anjou, van zijn eerste vrouw, en Boudewijn III en Amalrik I.
De geschiedschrijver Willem van Tyrus beschreef Fulco als volgt: ’een man die roodblond was als Koning David, trouw, zachtaardig en vriendelijk, een ervaren krijgsheer met veel geduld en wijsheid in militaire zaken’.
Fulco was een briljant bestuurder. Zijn bestuurlijke hervormingen in Anjou, op het gebied van administratie en financiële huishouding, werden het voorbeeld voor alle feodale heren in West-Europa. Hij was een goede leider en militair maar stond erom bekend dat hij geen gezichten of namen kon onthouden. Hij was echter niet de sterke koning die de kruisvaarders nodig hadden om de kruisvaardersstaten politiek en militair structureel te versterken. Het jaar na zijn dood hadden de kruisvaarders hun eerste tegenslag en viel Edessa.
Huwelijken en kinderen
Fulco was in zijn eerste huwelijk getrouwd met Ermengarde van Maine (Eremburga), bij wie hij de volgende kinderen kreeg:
Alice/Isabella (ca. 1110 - Abdij van Fontevraud, 1154), trouwde (Lisieux, juni 1119) met William Adelin en nam daarbij de naam Mathilde aan. Willem verdronk bij het vergaan van het White Ship en Alice werd na verloop van tijd non en later abdis (1150) te Fontevraud.
Sybille van Anjou (1105-1167), die huwde met hertog Willem III van Normandië
Godfried V van Anjou
Eli II van Maine.
Uit het huwelijk met Melisende kreeg hij twee zonen, die later allebei koning van Jeruzalem zouden worden:
Boudewijn III
Almarik I.
Mogelijk was abt Hendrik van Fécamp (1136 - 1164) een onechte zoon van Fulco.
Hij trouwde (2), 37 of 38 jaar oud, op 02-06-1129 in Jeruzalem met Melisende van Edessa (1105-1161), 23 of 24 jaar oud.
Hij trouwde (1), 17 of 18 jaar oud, in 1109 in ? met de 12 of 13-jarige
51548289 Ermengarde van Maine, geboren in 1096 in ?. Zij is overleden op 12-10-1126 in ?, 29 of 30 jaar oud.
Notitie: Ermengarde van Maine (1096 - 15 januari of 12 oktober 1126) was de dochter en erfgename van Eli I van Maine en van Mathilde van Loir. Zij volgde haar vader in 1100 op als gravin van Maine en regeerde samen met haar echtgenoot Fulco de Jonge. Zij kregen volgende kinderen:
Alice/Isabella (ca. 1110 - Abdij van Fontevraud, 1154), trouwde (Lisieux, juni 1119) met William Adelin en nam daarbij de naam Mathilde aan. Willem verdronk bij het vergaan van het White Ship en Alice werd na verloop van tijd non en later abdis (1150) te Fontevraud.
Sybille van Anjou (1105-1167), die huwde met hertog Willem III van Normandië
Godfried V van Anjou
Eli II van Maine.
Na haar dood laat Fulco zijn graafschappen na aan hun zoon Godfried en vertrekt naar het Heilig Land. Hij hertrouwt daar met Melisende van Jeruzalem en wordt koning van Jeruzalem.
Kind uit dit huwelijk:
I. Godfried V van Anjou, geboren op 24-08-1113 in ? (zie 25774144).
51548290 Hendrik I van Engeland, geboren omstreeks 1068 in Selby ( York ). Hij is overleden op 01-12-1135 in Lyons-la-Fôret, ongeveer 67 jaar oud. Hij is begraven in Abdij van Reading.
Notitie: Hendrik I van Engeland Beauclerc (Selby (York), ca. 1068 - Lyons-la-Forêt (Frankrijk), 1 december 1135) was koning van Engeland en hertog van Normandië. Zijn bijnaam had hij te danken aan zijn voor die tijd goede opleiding: naast Normandisch Frans las en sprak hij ook Latijn en Engels, en hij zou enig onderwijs in de vrije kunsten hebben gehad.
Jeugd en erfenis
Hendrik was het jongste kind van Willem de Veroveraar en Mathilde van Vlaanderen, hij is vermoedelijk vernoemd naar Hendrik I van Frankrijk, een oom van Mathilde. Hij zou zijn opgevoed door bisschop Osmund van Salisbury, de kanselier van Willem. Op 24 mei 1086 werd hij door zijn vader tot ridder geslagen.
Willem raakte in 1087 dodelijk gewond door een ongeval tijdens een militaire campagne in de Vexin. Hendrik bezocht het sterfbed van zijn vader in Rouen. Willem gaf Normandië aan Robert, hoewel die op dat moment in opstand was, hij gaf Engeland aan Willem, Hendrik kreeg een geldbedrag van vijfduizend pond en de landerijen van zijn moeder in Buckinghamshire en Gloucestershire. Hun broer Richard was ca. 1075 overleden door een jachtongeluk. De begrafenis van Willem werd verstoord door de eigenaar van het betreffende stuk grond die betaling eiste voordat de ceremonie kon verdergaan. Hendrik betaalde de man ter plekke.
Graaf in Normandië
Robert, de oudste, was boos omdat Willem Engeland had gekregen. Willem had zich snel in Engeland laten kronen en nu wilde Robert een oorlog tegen hem beginnen. Hendrik was in Normandië en steunde Robert, maar misschien had hij geen andere keuze. Voor Willem was dat aanleiding om zijn landerijen in Buckinghamshire en Gloucestershire in beslag te nemen. Hendrik had nu geen land, alleen geld. Het volgende jaar werd het duidelijk dat de plannen van Robert op niets zouden uitlopen, vooral wegens geldgebrek. Robert vroeg Hendrik om hem geld te lenen maar die had liever land en uiteindelijk kocht hij de grafelijke rechten in de Cotentin en het gebied rond Avranches, voor een bedrag van drieduizend pond. De invloed van Hendrik nam hierdoor sterk toe want in zijn gebied lagen belangrijke bezittingen van Hugo van Avranches, earl van Chester, Richard van Redvers, grootgrondbezitter in Dorset, en de belangrijke abdij van Mont Saint-Michel.
Hendrik maakte zich snel geliefd bij de Normandische edelen in het westen van het hertogdom. Robert probeerde kort daarna om de grafelijke rechten van Hendrik terug te kopen maar door de steun van zijn edelen kon Hendrik dit bod afslaan. In de zomer van 1088 bezocht Hendrik zijn broer Willem in Engeland, in een poging om de landerijen van zijn moeder terug te krijgen. Toen Hendrik na een paar maanden (zonder succes) terugkeerde naar Normandië, werd hij op beschuldiging van samenzwering tegen Robert gevangen genomen door Odo van Bayeux, en opgesloten in Neuilly-la-Forêt. Robert nam de graafschappen van Hendrik in beslag. Onder druk van Normandische edelen werd Hendrik in het voorjaar van 1089 vrijgelaten. Hendrik was geen graaf meer maar hij had nog wel veel invloed in het westen van Normandië.
Willem kreeg de opstandige edelen in Engeland steeds meer onder controle en begon zijn aandacht aan Normandië te wijden. Hij versterkte zijn banden met Normandische edelen en stookte de burgerij van Rouen op om in opstand te komen. In reactie sloot Robert een verdrag met Filips I van Frankrijk. Eind 1090 kwam een groep burgers onder leiding van Conan Pilatus in opstand. Robert deed een beroep op zijn edelen om de opstand te onderdrukken en Hendrik was de eerste belangrijke edelman die hem te hulp kwam. In Rouen ontstonden verwarde straatgevechten. Robert zocht een veilig onderkomen in het kasteel van de stad maar Hendrik wist de gevechten in zijn voordeel te beslissen. Conan werd gevangen genomen en bood een groot losgeld voor zijn vrijlating, maar Hendrik besloot om van hem een voorbeeld te maken en gooide hem van een van de torens van het kasteel. In plaats van hem te belonen, dwong Robert Hendrik om de stad te verlaten. Redenen die hiervoor worden genoemd zijn dat Hendrik alom werd gezien als de man die de opstand had onderdrukt, wat Robert niet zou hebben kunnen verdragen, of dat Hendrik als beloning had gevraagd om zijn graafschap terug te krijgen.
In het voorjaar van 1091 kwam Willem met een leger naar Normandië. Robert en Willem begonnen onderhandelingen. Willem kreeg bezittingen in Normandië en in ruil daarvoor zou hij Robert helpen om Maine te verwerven. Robert en Willem benoemden elkaar tot erfgenaam en sloten Hendrik uit van erfopvolging. Door deze afspraken kwam het tot oorlog tussen Hendrik en zijn broers. Hendrik vormde een leger van huurlingen maar de edelen die hem steunden liepen snel over naar het kamp van Willem en Robert. Met zijn resterende strijdkrachten trok Hendrik zich in maart 1091 terug op Mont Saint-Michel. Uiteindelijk moest Hendrik ook dit eiland opgeven en trok hij via Bretagne naar Frankrijk. De samenwerking van Willem en Robert viel nu uiteen en ze begonnen elkaar weer te bestrijden.
De inwoners van Domfront (Orne) kwamen in 1092 in opstand tegen hun heer Robert II van Bellême. Ze vroegen aan Hendrik om hun heer te worden en die deed dat heel graag. Hendrik begon vanuit Domfront zijn oude netwerk weer op te bouwen. In 1094 had hij zoveel aanhang verzameld dat hij beslissingen over leengoederen kon nemen alsof hij de hertog van Normandië was. Willem steunde Hendrik met geld, tegen Robert. Hendrik gebruikte de middelen onder andere om het kasteel van Domfront te vergroten en te versterken. Willem viel in 1094 Normandië binnen. Door de militaire aanwezigheid van Willem kon Hendrik het westen van Normandië vast in handen krijgen. Willem ging al snel terug naar Engeland en Hendrik werd een belangrijke hoveling van Willem. Robert leende een groot bedrag van Willem om deel te kunnen nemen aan de eerste kruistocht. In ruil daarvoor kreeg Willem het bestuur over het oostelijk deel van Normandië, tijdens de afwezigheid van Robert. In 1097 en 1098 voerden Hendrik en Willem samen campagne in de Vexin.
Koning van Engeland
Op 2 augustus 1100 overleed Willem door een verdwaalde pijl (tot op heden voeding voor complottheorieën) tijdens een jachtpartij in New Forest waar Hendrik ook aan deelnam. Na een korte discussie in Winchester (Robert was nog afwezig vanwege de kruistocht) steunde een groot deel van de aanwezige edelen de claim van Hendrik op de troon. Hendrik bezette het kasteel van Winchester en maakte zich meester van de Engelse schatkist. Op 5 augustus 1100 werd hij in grote haast gekroond in Westminster Abbey door de bisschop van Londen, omdat aartsbisschop Anselmus van Canterbury door Willem was verbannen en de aartsbisschop van York niet op tijd in Londen kon zijn. Hendrik beloofde de rechten van de kerk en de edelen te eerbiedigen en de vrede in het koninkrijk te zullen handhaven. Hendrik beloonde zijn oude aanhangers met nieuwe leengoederen en handhaafde de belangrijkste bestuurders van Willem, behalve de gehate Ranulf Flambard (bisschop van Durham) die wegens corruptie gevangen werd gezet in de Tower of London (gebouw). Willem had in zijn conflict met de kerk een aantal belangrijke posten open gelaten en Hendrik benoemde zijn kandidaten voor die posities. Hij vroeg Anselmus van Canterbury om terug te komen naar Engeland, en de benoemingen te bevestigen.
Huwelijk
Op 11 november 1100 trouwde Hendrik met Edith, dochter van koning Malcolm III van Schotland. Zij was een nicht van Edgar Ætheling, die na de dood van Harold II van Engeland nog tot koning van Engeland was uitgeroepen maar niet meer werd gekroond, en een achterkleindochter van koning Edmund II van Engeland. Zij was dus een afstammeling van het oude Engelse koningshuis en dit huwelijk ondersteunde dus de rechten van Hendrik op de Engelse troon. Als gebaar naar de Normandische adel veranderde ze haar naam van Edith (een typisch Angelsaksische naam) in Mathilda (een Frankische naam).
Mathilda was opgevoed in kloosters en had vermoedelijk geloften afgelegd om een non te zullen worden. Nu deed ze een beroep op Anselmus van Canterbury om vrijgesteld te worden van deze beloften, om met Hendrik te kunnen trouwen. Anselmus stelde een commissie van geestelijken in om het probleem te onderzoeken. De conclusie was dat Mathilda feitelijk nog geen non was geworden, en dus vrij was om te trouwen. Mathilde bleek een energieke koningin te zijn die enkele malen als regent voor Hendrik optrad en deelnam aan besprekingen aan het hof. Na de geboorte van haar kinderen bleef ze meestal in Winchester als Hendrik op reis was, en was ze betrokken bij het dagelijks bestuur van Engeland.
Hendrik had kinderen bij tenminste vijftien andere vrouwen en had vermoedelijk nog meer relaties. Een deel van die relaties zal voor zijn huwelijk zijn geweest (hij was al meer dan dertig jaar oud toen hij trouwde) maar een aanzienlijk deel van zijn relaties was ook tijdens zijn huwelijk.
Conflict met Robert
Robert was teruggekomen van de kruistocht en hij voelde zich door Hendrik bestolen, want hij meende zelf recht te hebben op de Engelse troon. De trouw van de Engelse edelen aan Hendrik was nog allerminst vanzelfsprekend maar Robert bleek alweer niet in staat om een invasie te organiseren. Dat veranderde toen Ranulf Flambard in februari 1101 uit de Tower ontsnapte en zich bij Robert voegde. Hij organiseerde voor Robert een invasie van Engeland. Hendrik nam de bezittingen van Ranulf in beslag en liet hem door Anselmus van Canterbury uit zijn bisschopsambt zetten. In april en juni 1101 liet Hendrik zijn edelen hun eed van trouw aan hem herhalen, en hij posteerde een leger en een vloot bij Pevensey. Veel edelen kwamen niet opdagen, hoewel een aantal zich nog bij Hendrik voegden na persoonlijke druk door Anselmus.
Robert verraste Hendrik door met een klein leger bij Portsmouth te landen. Robert liet de kans voorbij gaan om Winchester (met Hendriks schatkist) te bezetten maar zijn leger werd wel versterkt door een groot aantal Engels edelen. De legers van Robert en Hendrik ontmoetten elkaar bij Alton. Het lukte om een veldslag te voorkomen en besprekingen leidden tot een verdrag waarbij werd afgesproken dat Hendrik koning van Engeland bleef, dat hij zijn bezittingen in Normandië zou opgeven (behalve Domfront) en dat Hendrik tweeduizend pond per jaar aan Robert zou betalen. Verder benoemden ze elkaar tot erfgenaam voor het geval ze zonder kinderen zouden overlijden, beloofde Hendrik om Robert te helpen om Normandië te verdedigen, zou de ene broer geen strafmaatregelen nemen tegen edelen die de andere broer hadden gesteund, en zou Ranulf Flambard worden hersteld in zijn functies en in zijn bezit. Robert bleef enkele maanden in Engeland als gast van Hendrik.
Ondanks het verdrag vervolgde Hendrik de belangrijkste medestanders van Robert, op grond van aanklachten waar het verdrag van Alton niet op van toepassing was. Willem II van Warenne werd verbannen maar kon zich in 1103 weer met Hendrik verzoenen. Robert van Bellême en zijn broers werden beschuldigd van een groot aantal misdrijven. Robert van Bellême nam de wapens op tegen Hendrik en die veroverde Roberts kastelen in Arundel, Tickhill en Shrewsbury. Uiteindelijk sloot hij Robert van Bellême in, in het kasteel van Bridgnorth en had die geen andere keuze dan ook in ballingschap te gaan.
In 1103 begon Hendrik zijn netwerk in Normandië weer te activeren. Hij liet meerdere van zijn onechte dochters met Normandische edelen trouwen en gaf grote giften aan andere edelen. Ondertussen was zijn broer Robert gedwongen om te gaan samenwerken met Robert van Bellême. In 1104 trok Hendrik daarom naar Domfront en had daar besprekingen met een groot aantal edelen. Ook zocht hij zijn broer op en beschuldigde hem ervan met zijn vijanden samen te werken, wat een schending van het verdrag van Alton zou zijn. In 1105 stuurde Hendrik zijn vriend Robert Fitzhamon met een troep ridders de gebieden van zijn broer in. Toen Robert Fitzhamon gevangen werd genomen bestempelde Hendrik dit als een oorlogsdaad en had hij een aanleiding om zijn broer aan te vallen, met als excuus dat hij orde en vrede moest herstellen. Via diplomatie had Hendrik bereikt dat de belangrijke noord-Franse edelen en de koning van Frankrijk zich afzijdig zouden houden. Hendrik bezette het westen van Normandië en trok naar Bayeux waar Robert Fitzhamon gevangen werd gehouden. De stad weigerde om Hendrik toe te laten en Hendrik belegerde de stad. Toen hij Bayeux had ingenomen werd de stad tot de grond toe afgebrand. Caen gaf zich daarom zonder tegenstand over en Hendrik kon daarna met beperkte verliezen Falaise bezetten. Daarna stagneerde Hendriks campagne. Hij begon onderhandelingen met Robert maar die leverden ook geen succes op, daarom ging Hendrik met Kerst naar Engeland. In juli 1106 kwam Hendrik terug naar Normandië en belegerde het kasteel van Tinchebray. Hertog Robert en Robert van Bellême leidden in september een leger om het kasteel te ontzetten. Het leger van Robert viel dat van Hendrik aan en toen de gevechten volop bezig waren vielen Hendriks bondgenoten uit Maine en Bretagne het leger van Robert in de flanken aan. Na een uur was de veldslag beslist. Hertog Robert was gevangen genomen maar Robert van Bellême kon vluchten.
Robert gaf zijn aanhangers opdracht om het verzet tegen Hendrik te staken. Hendrik verzoende zich met Robert van Bellême die in ruil goederen opgaf die hij van Robert had gekregen. In Rouen zwoor Hendrik de wetten en gebruiken van Normandië te zullen handhaven. Robert bleef gevangen en zijn zoon Willem werd door Hendrik onder de bescherming van Helias van Saint-Saëns geplaatst. Dit was opmerkelijk want Helias was een van de belangrijkste en machtigste van de aanhangers van Robert geweest. Hendrik kon Robert zijn formele positie als hertog niet afnemen. Hij vermeed gebruik van de titel "hertog" van Normandië en presenteerde een beeld van hemzelf als een waarnemer die de vrede in het hertogdom herstelde.
Bestuur, hofhouding, relatie met de kerk
Met het koningschap van Engeland had Hendrik ook aanspraken op gezag over Schotland en Wales van zijn broer geërfd. De verhoudingen met Schotland, waar zijn schoonvader regeerde, waren in de regel goed. Tijdens het bestuur van Hendrik werd de Engels-Normandische invloed in Schotland geleidelijk sterker. Wales was een lappendeken van inheemse en Engels-Normandische feodale eenheden, en enkele koninklijke kastelen. Hendrik vergrootte zijn invloed in Wales door voorzichtige diplomatie.
In Engeland zelf versterkte Hendrik zijn greep op de adel door consequent zijn aanhangers te belonen en tegenstanders te straffen, hoewel hij niet bijzonder streng was in zijn straffen. Gedurende zijn bestuur verloren belangrijke opstandige families, die hun standpunten niet wilden opgeven, alle belangrijke functies die ze hadden. Hendrik had een netwerk van spionnen zodat hij goed wist wat zijn edelen uitvoerden. Hendrik had een uitgebreid rondreizend hof met een administratie (onder de kanselier) en een schatkist (onder de kamerheer) terwijl de maarschalk voor de logistiek en de voorzieningen zorgde. Daarnaast had Hendrik een permanente koninklijke garde van een paar honderd man. De hofhouding was aan strenge regels onderworpen, zo was het verboden om de omgeving te plunderen (wat onder zijn voorganger een normale praktijk was). In zijn paleis in Woodstock had Hendrik een eigen dierentuin.
Hendrik gebruikte ministerialen om recht en financiën te hervormen. Het rechtssysteem werd gebaseerd op het AngelSaksische recht, veel wetten werden gemoderniseerd en op schrift vastgelegd en Hendrik stelde een systeem van reizende rechters in. Er werd een systematische boekhouding ingevoerd voor de inkomsten en de uitgaven van de schatkist. Hendrik hervormde het muntstelsel en voerde strenge straffen in voor muntmeesters die knoeiden met het gehalte van edelmetalen in munten. Deze maatregelen werden apart van elkaar, zowel in Engeland als in Normandië ingevoerd.
Hendrik had de steun van de kerk hard nodig, zowel om zijn positie in Engeland te versterken als in het conflict met Robert. Hij werkte nauw samen met aartsbisschop Anselmus van Canterbury (bijvoorbeeld met concilies voor de hervorming van de kerk in 1102 een 1108) maar kreeg ook te maken met diens strikte standpunt inzake de investituurstrijd. Anselmus volgde het standpunt van paus Urbanus II dat geestelijken niet onder het gezag van de vorst konden staan. Dit had er al toe geleid dat Anselmus door Hendriks broer Willem was verbannen maar Hendrik had hem terug laten komen omdat hij de steun van de kerk nodig had. Hendrik en Anselmus probeerden de kwestie door onderhandelingen op te lossen maar uiteindelijk koos Anselmus ervoor om weer in ballingschap te gaan, en Hendrik legde beslag op zijn inkomsten. In 1105 werd eindelijk een oplossing gevonden waarbij bisschoppen de vorst alleen zouden erkennen als leenheer voor hun wereldlijke goederen. In zijn eerste periode als koning benoemde Hendrik vooral vertrouwde hovelingen als bisschop. Vanaf ongeveer 1125 benoemde hij vooral geestelijken die de hervorming van de kerk steunden. In 1119 kwam Hendrik in conflict met zijn vriend Thurstan van Bayeux, de aartsbisschop van York. De aartsbisschop van Canterbury vond (net als Hendrik) dat zijn collega van York hem gehoorzaamheid moest zweren maar Thurstan weigerde dat. In 1119 was zijn benoeming hierdoor al vijf jaar opgehouden. In dat jaar bezocht Thurstan de paus en werd door hem geweid. Hendrik voelde zich bedrogen en verbande Thurstan tot de kwestie in 1120 werd opgelost.
Hendrik was aanvankelijk niet erg religieus maar zou zich na de dood van zijn zoon William Adelin (1120) en de huwelijkscrisis van zijn dochter Mathilde van Engeland (1129) meer voor het geloof zijn gaan interesseren. Hendrik steunde de orde van Cluny, hij schonk een grot bedrag aan de abdij van Cluny en gaf grote schenkingen voor de stichting van de abdij van Reading. Daarnaast zorgde Hendrik voor het organiseren van reguliere kanunniken volgens de Regel van Augustinus, stichtte hij leprahospitalen en trof hij voorzieningen voor nonnenkloosters, en voor de grijze monniken van Savigny-le-Vieux en Thiron-Gardais. Hendrik verzamelde relieken en stuurde in 1118 een gezantschap naar Constantinopel om relieken te verzamelen. Een aantal relieken gaf hij aan de abdij van Reading.
Onbetwiste vorst
Door de dood van zijn broers Richard en Willem en door de nederlaag van zijn broer Robert, was Hendrik de onbetwiste koning van Engeland en hertog van Normandië geworden.
Conflicten
In 1108 werd Lodewijk VI koning van Frankrijk en hij had de ambitie om het gezag van de Franse kroon te versterken. Lodewijk eiste dat Hendrik hem als leenheer zou erkennen voor Normandië en dat hij twee betwiste kastelen zou opgeven. Toen Hendrik weigerde dreigde Lodewijk met oorlog. Onderhandelingen konden een oorlog voorkomen, zonder dat Hendrik concessies deed. Ten zuiden van Normandië erfde Fulco V van Anjou het graafschap van Anjou en door zijn huwelijk werd hij ook graaf van Maine. Hendrik vond dat Maine een leengoed van Normandië was maar Fulco huldigde Lodewijk als zijn leenheer voor Maine. Er ontstond zo een bondgenootschap tegen Hendrik waar Robrecht II van Vlaanderen zich ook bij aansloot.
Hendrik reageerde door zijn dochter Mathilda te laten trouwen met keizer Hendrik V. Hij gaf Mathilda een bruidsschat mee van 6.666 ponden, waar een extra belasting voor moest worden geheven. Bovendien verloofde Hendrik zijn zoon Willem met een dochter van Fulco, en liet hij een van zijn onechte dochters trouwen met hertog Conan III van Bretagne. Net als in Engeland begon hij edelen die hij niet vertrouwde, uit hun positie te verwijderen. Hun bezittingen gebruikte hij om nieuwe medestanders te verwerven. In 1110 probeerde Hendrik om zijn neef Willem te arresteren maar die werd door zijn voogd in Vlaanderen in veiligheid gebracht. Robert van Bellême koos de kant van Lodewijk maar toen die hem als ambassadeur naar Hendrik stuurde, werd Robert prompt gevangen genomen. Toen er in 1111 een opstand uitbrak in Frankrijk kon Hendrik de druk op Lodewijk verder opvoeren door zijn neef Theobald IV van Blois te steunen, die een van de belangrijkste opstandelingen was. Lodewijk was in 1113 gedwongen om opnieuw vredesbesprekingen met Hendrik te voeren. Lodewijk erkende dat Maine, Bretagne en Bellême leengoederen waren van Normandië en hij erkende het gezag van Hendrik over de twee omstreden kastelen. Hendrik begon zich rond deze tijd "hertog van Normandië" te noemen.
Hendrik had in 1108 een campagne geleid in het zuiden van Wales en in Pembrokeshire had hij een groep Vlamingen gevestigd om de wildernis te ontginnen. Maar de Welshe prinsen Owain ap Cadwgan en Gruffudd ap Cynan begonnen zich geleidelijk onafhankelijker op te stellen en ze bedreigden de Engels-Normandische edelen in Wales en de earl van Chester. Daarom viel Hendrik met drie legers Wales binnen, het noordelijke leger werd geleid door Alexander I van Schotland, het zuidelijke leger door Gilbert (Fitz Richard) de Clare, terwijl Hendrik zelf het middelste leger aanvoerde. Al snel vroegen Owain en Gruffudd om onderhandelingen. Hendrik versterkte de Engelse positie in Wales door nieuwe Engels-Normandische edelen te benoemen als heer van Welshe grensgebieden. Zo werd Gilbert Fitz Richard graaf van Ceredigion.
Om de opvolging van zijn zoon Willem zeker te stellen, zocht Hendrik in 1115 weer toenadering tot Lodewijk. Hij bood aan om Lodewijk als zijn leenheer voor Normandië te huldigen en hem een groot bedrag te betalen, als Lodewijk Willem zou erkennen als erfgenaam van Normandië. Op het laatste moment trok Lodewijk zich terug uit de onderhandelingen en verklaarde hij Roberts zoon Willem als wettige erfgenaam van Normandië te zien. Hendrik gaf nu weer militaire steun aan Theobald en in 1116 was er een open oorlog tussen Hendrik en Lodewijk. Eerst vonden er over en weer enkele plunderingen plaats maar toen vielen Franse troepen, met hulp uit Vlaanderen en Anjou, Normandië binnen. Bovendien kwam een deel van de Normandische adel in opstand, onder leiding van Amalrik III van Montfort. Hendriks vrouw Mathilda overleed in 1118 maar de situatie in Normandië was zo ernstig dat Hendrik haar begrafenis niet kon bijwonen. De positie van Hendrik werd zo benard dat zelfs zijn onechte dochter Juliana en haar man Eustatius van Breteuil naar de tegenpartij wilden overlopen. Hendrik veroverde Breteuil, waarbij Juliana nog probeerde om haar vader met een kruisboog neer te schieten, en ontnam het paar al hun bezittingen. In 1119 stemde Fulco eindelijk toe in het huwelijk van Willem en zijn dochter, maar Hendrik moest daar wel een groot bedrag voor neertellen. Fulco vertrok daarna naar het Heilige Land. Hendrik rekende met Lodewijk af in een veldslag bij Brémule. Daarna verzoende Hendrik zich met Amalrik van Montfort maar een poging om Paus Calixtus II het conflict met Lodewijk te laten oplossen mislukte, want de paus wilde zich er niet mee bemoeien. Uiteindelijk onderhandelden Lodewijk en Hendrik in 1120 zelf een vrede. Hendriks zoon Willem huldigde Lodewijk als zijn leenheer voor Normandië en Lodewijk erkende Willem als de erfgenaam van Normandië.
Erfeniskwestie
Eind november 1120 reisde Hendrik met zijn hofhouding naar Engeland. Hendriks zoon Willem reisde op het White Ship met een gezelschap jonge edelen. Dit schip liep op 25 november 1120 op de rotsen en zonk en Willem overleed met de rest van de opvarenden. Hierdoor had Hendrik geen wettige zoon meer om hem op te volgen. Hendrik hertrouwde snel (januari 1121) met Adelheid van Leuven. De ramp had ook andere politieke gevolgen: Hendriks verbond met Anjou werd nu niet meer door een familieband bijeen gehouden. Hendrik weigerde de weduwe haar bruidsschat terug te geven en Fulco trouwde een van zijn dochters met Hendriks neef Willem. Hendrik betaalde paus Calixtus een groot bedrag om dit huwelijk ongedlig te laten verklaren. Fulco stookte de Normandische edelen op om weer in opstand te komen. Omdat de earl van Chester ook was verdronken, kwam de Welshe prins Maredudd ap Bleddyn in opstand. Hendrik moest daarom in de zomer van 1121 op campagne in Wales. Hoewel hij door een pijl werd getroffen kon hij de opstand onderdrukken.
In 1123 onderdrukte Hendrik de opstand in Normandië. Omdat hij nog geen kinderen uit zijn tweede huwelijk had, begon hij andere erfgenamen te overwegen. De belangrijkste kandidaten waren zijn onechte zoon Robert, zijn neef Willem (die de steun had van Lodewijk van Frankrijk) en zijn neven Theobald en Stefanus van Blois. Hendrik arrangeerde een goed huwelijk voor Stefanus met Mathilde van Boulogne (1151), de rijkste erfdochter van Engeland. Maar omdat zijn dochter Mathilde in 1125 weduwe werd, kwam zij ook in aanmerking. In 1126 verklaarde Hendrik dat zij zijn erfgename zou worden, als hij zonder wettige zonen zou overlijden. Hij liet zijn edelen in de komende jaren tot drie keer een eed afleggen dat zij Mathilda als erfgename zouden steunen.
Versterken positie
In 1127 overleed de graaf van Vlaanderen zonder erfgenaam en Lodewijk benoemde Hendriks neef Willem tot graaf van Vlaanderen. Hendrik steunde zijn tegenstanders en financierde hun opstand. Lodewijk gaf hulp aan Willem en om dat dwars te zitten viel Hendrik zelf Lodewijk aan. Willem overleed onverwacht in juli 1128 en de vijandelijkheden werden snel gestaakt. Hendrik en Lodewijk konden zelfs formeel vrede sluiten.
Hendrik hersteld de band met Anjou door zijn dochter Mathilda te laten trouwen met Godfried V van Anjou, de oudste zoon van Fulco. Kort na zijn huwelijk werd Godfried zestien jaar oud (hij was meer dan tien jaar jonger dan Mathilda) en droeg Fulco het bestuur aan hem over. Fulco trouwde met Melisende van Jeruzalem en werd daardoor koning van Jeruzalem. Hij vertrok definitief naar het Heilige Land. Godfried en Mathilde hadden een slecht huwelijk en leefden al snel gescheiden van elkaar. Hendrik moest zijn dochter in 1131 dwingen om zich met haar man te verzoenen, en snel daarna werden twee zonen geboren.
Overlijden
Mathilde wilde dat Hendrik de Normandische edelen ook trouw aan haar zou laten zweren maar Hendrik weigerde dat. Godfried en Mathilde steunden toen de volgende Normandische opstand (1135), onder Willem I van Ponthieu (zoon van Robert van Bellême). Hendrik kwam weer naar Normandië om de opstandelingen te onderdrukken en besloot daarna om te gaan jagen in Lyons-la-Forêt (gemeente). Volgens eigentijdse bronnen is hij daar overleden omdat hij tegen advies van zijn arts een grote hoeveelheid zeeprik heeft gegeten. Hij overleed na een ziekbed van enkele dagen, zijn lichaam werd gebalsemd en begraven in de abdij van Reading.
Hoewel Mathilde formeel zijn erfgename was, verliep de opvolging rampzalig. Op het nieuws van Hendriks dood trok zij naar Normandië maar nam daar rust toen bleek dat ze zwanger was. De Normandische adel gaf de voorkeur aan Theobald van Blois als hertog. Maar Stefanus van Blois stak snel over naar Engeland en trok naar Winchester. Hij maakte zich meester van de Engelse schatkist en liet zich met hulp van zijn broer, bisschop van Winchester, tot koning van Engeland kronen. Dit zou uitlopen op een langdurige en bittere burgeroorlog in Engeland tussen Stefanus en Mathilda. Dat conflict zou pas worden opgelost toen Mathilda’s zoon Hendrik vrede sloot met Stefanus, en hem uiteindelijk opvolgde als koning.
Huwelijken en kinderen
In zijn eerste huwelijk was Hendrik getrouwd met Mathilda van Schotland (Westminster Abbey, 11 november 1100).
Ze kregen de volgende kinderen:
1. Mathilde van Engeland keizerin van Duitsland, erfgename na overlijden van haar broer en daardoor lange tijd in een burgeroorlog in Engeland verwikkeld;
2. William Adelin erfgenaam van Hendrik maar overleden voordat zijn vader overlijdt.
Na het overlijden van William Adelin hertrouwde Hendrik met Adelheid van Leuven (kapel van Windsor Castle, 29 januari of 2 februari 1121) in de hoop nieuwe zoons, maar dit huwelijk bleef kinderloos.
Hendrik had vele onwettige kinderen van wie hij er 20 tot 25 erkende. Bekend zijn:
bij een onbekende vrouw uit Caen:
3. Robert van Gloucester (graaf);
bij Edith, zij bezat land in Devon:
4. Mathilde FitzEdith (ovl. 25 november 1120) overleden aan boord van het White Ship, gehuwd met Rotrud III van Perche. Zij hadden twee dochters waarvan een trouwde met Eli II van Maine;
bij Ansfrida, zij was weduwe van de ridder Anskill. Hij was een ridder op de goederen van de abdij van Abingdon (Engeland) en overleed in gevangenschap van koning Willem, Hendriks broer: Richard van Lincoln (ca. 1100 - 25 november 1120), nam in 1119 deel aan de campagne van Hendrik in Normandië, hij werd korte tijd gevangen genomen door Lodewijk van Frankrijk, pleitte voor genade voor zijn zus en overleed aan boord van het White Ship. Verloofd met Amice van Gaël;
5. Juliana (ca. 1085 - ovl. na 1136), gehuwd (1103) met Eustatius van Pacy († 1136), heer van Breteuil. Na zijn overlijden werd ze non in Fontrevauld. Ze kregen een zoon Willem (ovl. 1153, zonder erfgenamen) en twee dochters. Eustatius gaf de twee meisjes als gijzelaar aan Ralph Harenc, in ruil voor diens zoon. Toen Eustatius de zoon van Ralph de ogen uitstak, kreeg Ralph van Hendrik toestemming om de meisjes blind te maken en hun neus af te snijden;
6. Fulco, jong overleden of geestelijke geworden;
bij Sybilla Corbet, na haar relatie met Hendrik trouwde ze met Herbert FitzHerbert:
7. Sybilla van Normandië, gehuwd met Alexander I van Schotland;
8. Willem, hoveling in Schotland;
9. Reginald van Dunstanville;
10. mogelijk Rohese (ovl. 1176), gehuwd met Henri de la Pomerai, tweede constable van Hendriks hofhouding. Ze kregen twee zoons die allebei een militaire loopbaan volgden;
bij Edith:
11. Robert, grootgrondbezitter in Devon, steunde Mathilda tegen Stefanus van Blois. In zijn tweede huwelijk getrouwd met de weduwe Mathilde van Avranches. Hun dochter Mathilde trouwde met Willem, zoon van Reinout van Courtenay;
bij minstens vijf onbekende vrouwen:
12. onbekende dochter, getrouwd met Helie van Saint Saëns, de voogd van Willem, neef van Hendrik.
13. Mathilde getrouwd met Conan III van Bretagne;
14. Adelheid/Aline (ovl. voor 1141), gehuwd met Mathieu van Montmorency, Connétable van Frankrijk, ze kregen vijf kinderen;
15. Constance (ovl. na 1173) gehuwd met burggraaf Roscelin van Beaumont, ze kregen vier kinderen, hun zoon Rudolf werd bisschop van Angers;
16. Mathilde, abdis van Montivilliers;
17. Gilbert;
18. Willem, overleed kort na Hendrik;
bij Nest, vrouw van Gerald FitzWalter, dochter van prins Rhys ap Tewdwr:
19. Hendrik, 1157 gesneuveld in Anglesey onder Hendrik II van Engeland;
bij een onbekende vrouw:
20. onbekende dochter, gehuwd met Willem III van Goët, heer van Montmirail en Château-du-Loir
bij Isabella van Beaumont, dochter van Robert I van Meulan, gehuwd met Gilbert de Clare:
21. Isabella
Hij trouwde (2), ongeveer 53 jaar oud, op 02-02-1121 in Windsor Castle met Adelheid van Leuven (±1103-1151), ongeveer 18 jaar oud.
Hij trouwde (1), ongeveer 32 jaar oud, op 11-11-1100 in ? met de 20 of 21-jarige
51548291 Mathilda van Schotland, geboren in 1079 in Dunfermline. Zij is overleden op 01-05-1118 in Westminster, 38 of 39 jaar oud. Zij is begraven in Westminster Abbey Londen.
Notitie: Mathilde van Schotland, oorspronkelijk Edith, (vermoedelijk Dunfermline, 1079 - Westminster, 1 mei 1118) was de eerste vrouw van Hendrik I van Engeland en daardoor koningin van Engeland en hertogin van Normandië.
Jeugd
Edith was dochter van Malcolm III van Schotland en Margaretha van Engeland. De koningin van Engeland Mathilde van Vlaanderen was haar peettante en haar oudste zoon Robert Curthose was haar peetoom. Toen ze zes jaar oud was werd ze naar de abdij van Romsey gestuurd, waar haar tante Christina abdis was. Ook verbleef ze een periode in de abdij van Wilton (Wiltshire). Edith kreeg een goede opvoeding en leerde lezen en schrijven, Engels, Frans en Latijn. Veel hoge Engels-Normandische edelen wilden met haar trouwen en ze werd uiteindelijk verloofd met Alan Rufus, de heer van Richmond. In 1093 overleden Malcolm en Margaretha, terwijl Alan Rufus een dochter van Harold II van Engeland uit het klooster ontvoerde. Edith verdween uit het klooster. Aartsbisschop Anselmus van Canterbury gaf opdracht dat ze terug moest keren naar het klooster maar dat deed Edith niet, en het is niet bekend wat ze in de periode tot 1100 heeft gedaan.
Huwelijk
Op 11 november 1100 trouwde Edith met Hendrik I van Engeland. Volgens de kronieken kenden Hendrik en Edith elkaar al langer, en hield Hendrik van haar. Bovendien was ze een nicht van Edgar Ætheling, die na de dood van Harold II van Engeland nog tot koning van Engeland was uitgeroepen maar niet meer werd gekroond, en een achterkleindochter van koning Edmund II van Engeland. Zij was dus een afstammeling van het oude Engelse koningshuis en dit huwelijk ondersteunde de rechten van Hendrik op de Engelse troon. Als gebaar naar de Normandische adel veranderde ze haar naam van Edith (een typisch Angelsaksische naam) in Mathilda (een Frankische naam).
Mathilda was opgevoed in kloosters en daardoor was er twijfel of ze niet eigenlijk een non was, en dus niet zou kunnen trouwen. Anselmus van Canterbury stelde een commissie van geestelijken in om het probleem te onderzoeken. De conclusie was dat Mathilda feitelijk nog geen non was geworden, en dus vrij was om te trouwen.
Mathilda had een bescheiden bruidsschat, vooral oude bezittingen van Edith van Wessex die ze had geërfd. Bij het huwelijk gaf Hendrik haar aanzienlijke bezittingen, vooral in Londen. Het gebied tussen St Paul’s Cathedral (Londen) en de Theems wordt nog steeds Queenhithe genoemd. Drie van haar broers werden koning van Schotland, en in die tijd was er vrede tussen Schotland en Engeland.
Koningin
In de jaren na het huwelijk kreeg Mathilda een dochter en een zoon. Ze vergezelde Hendrik veel op zijn tochten door Engeland en zou in 1106/1107 ook met hem naar Normandië zijn gegaan. Daarna verbleef ze vooral in Westminster. Ze bestuurde de hofhouding en was regent van Engeland als Hendrik afwezig was.
Mathilda correspondeerde met Anselmus van Canterbury en bemiddelde in het politieke conflict van Hendrik met Anselmus in de periode (1103-1107). Ze bouwde een nieuwe kerk voor de abdij van Waltham Abbey, ze stichtte het kapittel van de Heilige Drie-eenheid in Aldgate, ze liet de eerste boogbrug van Engeland bouwen in Bow (Londen) en ze liet in Queenhithe een badhuis bouwen met stromend water en openbare toiletten. Ook was ze bekend door haar zorg voor armen en zieken, en stichtte ze twee leprahospitalen - een daarvan is nu de kerk van St-Gilles in Camden (Londen). Aan haar hof verzamelde ze dichters en muzikanten, en ze gaf opdracht voor het schrijven van een hagiografie van haar moeder.
Mathilda overleed in 1118 en werd begraven in Westminster. Enige tijd werd ze als heilige vereerd maar ze is niet heilig verklaard.
Kinderen
Mathilde en Hendrik kregen met zekerheid de volgende kinderen:
Mathilde gehuwd met keizer Hendrik V en Godfried V van Anjou, erfgename van Hendrik na het overlijden van haar broer, moeder van Hendrik II van Engeland;
William Adelin, overleden tijdens de ramp met het White Ship.
Op grond van vage aanwijzingen in literatuur worden ook de volgende kinderen genoemd:
Euphemia (1101-?);
Richard (jong gestorven).
Kind uit dit huwelijk:
I. Mathilde van Engeland, geboren op 07-02-1102 in Sutton Courtenay (zie 25774145).
51548292 Willem IX van Aquitanië, geboren op 22-10-1071 in ?. Hij is overleden op 10-02-1126 in Chizé, 54 jaar oud.
Notitie: Willem IX (22 oktober 1071 - Chizé, 10 februari 1126[1]), bijgenaamd de Troubadour of de Jonge, was een zoon van graaf Willem VIII van Poitiers en Hildegarde van Bourgondië. Willem wordt beschouwd als een van de belangrijke voorbeelden van dichters en zangers uit de riddercultuur van de latere middeleeuwen.
Leven en politiek
Willem volgde in 1086 zijn vader op als graaf van Poitiers en hertog van Aquitanië. In 1088 trouwde hij Ermengarde van Anjou (ovl. 1146), dochter van Fulco IV van Anjou. Zij was mooi en goed opgeleid maar had sterk wisselende stemmingen, en had de gewoonte om in een slechte bui onverwacht afzondering te zoeken in een klooster. In 1091 besloot Willem om Ermengarde te verstoten, zij hadden geen kinderen. In 1094 trouwde Willem met Philippa (ca. 1073 - Fontevraud, 28 november 1117), erfdochter van graaf Willem IV van Toulouse. Na de dood van Willem IV, nam Raymond IV van Toulouse echter de macht over in het graafschap Toulouse.
De paus bezocht Willem in 1095 maar die weigerde om deel te nemen aan de Eerste Kruistocht. Raymond nam wel deel aan de kruistocht en Willem maakte in 1098 van zijn afwezigheid gebruik om Toulouse te bezetten. De kerk dreigde met excommunicatie maar Willem vond dat hij alleen maar het rechtmatige bezit van zijn vrouw opeiste en hield voet bij stuk. Ongetwijfeld als verzoenend gebaar naar de kerk besloot Willem wel deel te nemen aan de Kruisvaart van 1101. Om deze onderneming te financieren verpandde hij het graafschap Toulouse aan Bertrand van Toulouse, de zoon van Raymond. Willems kruistocht verliep rampzalig en hij bereikte met slechts zes volgelingen het Heilige Land. Teruggekomen had hij conflicten met Fulco V van Anjou. Bertrand van Toulouse overleed in 1112 en dit gaf Willem de gelegenheid om in 1113 het graafschap Toulouse opnieuw te bezetten.
In 1114 kreeg Willem een conflict met de kerk over belastingen. Willem werd geëxcommuniceerd. Hij probeerde de bisschop van Poitiers deze excommunicatie te laten annuleren maar die weigerde, zelfs toen Willem hem persoonlijk met zijn zwaard bedreigde. Willem durfde zijn dreigement niet uit te voeren en gaf toe, met de volgende uitspraak "U bent mij niet zo dierbaar dat ik u nu al naar het paradijs wil zenden". Een jaar later werd Willem opnieuw geëxcommuniceerd omdat hij Amalberga, de vrouw van zijn vazal Amalrik van Châtellerault, ontvoerde en als minnares nam. Een afgezant van de paus vermaande Willem hierom maar Willem antwoordde de geestelijke: "Er zullen krullen op je tonsuur groeien voordat ik de burggravin zal verlaten!". Philippa voelde zich zo vernederd dat zij Willem verliet en haar intrek nam in de abdij van Fontevraud, waar Ermengarde ook al verbleef.
Na de dood van Philippa in 1118 verscheen Ermengarde aan het hof van Willem en eiste om als hertogin te worden hersteld, maar Willem weigerde dat. Tijdens het concilie van Reims van 1119 bepleitte ze nogmaals haar zaak, maar zonder succes. In 1120 wist Willem te bereiken dat de excommunicatie werd opgeheven. In ruil daarvoor trok hij naar Spanje om tegen de Moren te strijden. Willem vocht mee in de slag bij Cutanda en bij de verovering van Calatayud. Hij kreeg in Spanje van Imad al-Dawla Abdelmalik (heerser van Zaragoza (stad)) een oude Perzische vaas van bergkristal. Deze werd door zijn kleindochter Eleonora van Aquitanië aan haar eerste man, Lodewijk VII van Frankrijk, gegeven. De vaas is nu nog te zien in het Louvre. In 1121 verzoende Willem zich met zijn zoon Willem, met wie hij een conflict had wegens de affaire met Amalberga. De zoon trouwde zelfs een dochter van Amalberga en Amalrik om de verzoening te bezegelen. Willem verloor in 1122 definitief de macht over Toulouse. Hij overleed tijdens het beleg van het kasteel van Blaye.
Bestuur en cultuur
Willem moderniseerde het bestuur van zijn hertogdom door naast zijn vazallen aparte functies voor bestuurders en opzichters te creëren. Hij verbouwde zijn paleis in Poitiers en zijn hof daar was een van de belangrijkste hoven van Europa. Willem was beschermheer van een groot aantal kunstenaars. Vooral is hij bekend door zijn eigen gedichten in het Occitaans. Zijn gedichten gaan vooral over vrouwen en liefde maar ook over zijn eigen ervaringen en emoties in politiek en oorlog en over zijn eigen (overdreven) seksuele prestaties. Zijn minnares Amalberge komt onder de naam "Dangereuse" in zijn gedichten voor. Willem had gewoonte om ten strijde te trekken met een afbeelding van de naakte Amalberge op zijn schild.
Huwelijken en nakomelingen[bewerken]
Willem had geen kinderen uit zijn eerste huwelijk met Ermengarde. Na de scheiding hertrouwde Ermengarde met Alan IV van Bretagne en kreeg met hem drie kinderen. Ze bezocht het Heilige Land en werd begraven in Redon.
Willem en Philippa kregen de volgende kinderen:
Willem X
Agnes, die huwde met Amalrik V van Thouars en daarna met Ramiro II van Aragón
nog vier onbekende dochters.
Willem en zijn minnares Amalberge kregen de volgende kinderen:
Raymond van Poitiers
Hendrik, gekozen maar niet benoemd als bisschop van Soissons. Monnik en later prior van de abdij van Cluny, abt van Saint-Jean-d’Angély maar verjaagd door de monniken daar, 1127 abt van Peterborough, in 1132 afgezet waarna hij zich terugtrok als monnik in de abdij van Saint-Jean-d’Angély.
Adelaide, gehuwd met Rudolf van Faye, gaf steun aan de mislukte opstand van Hendrik II van Maine tegen zijn vader Hendrik II van Engeland.
Sybille, abdis van Saintes (Charente-Maritime)
Amalberge had uit haar huwelijk met Amalrik van Châtellerault vijf kinderen, waaronder Eleonore die trouwde met Willem X.
Hij trouwde (1), 16 of 17 jaar oud, in 1088 in ? met Ermengarde van Anjou (ovl. 1146).
Hij trouwde (2), 22 of 23 jaar oud, in 1094 in ? met de ongeveer 21-jarige
51548293 Filippa van Toulouse, geboren omstreeks 1073 in ?. Zij is overleden op 28-11-1117 in Fontevraud, ongeveer 44 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem X van Aquitanië, geboren in 1099 in Toulouse (zie 25774146).
51548296 Wulgrin II van Angoulême, geboren in ?. Hij is overleden op 16-09-1140 in ?.
Notitie: Vulgrin II van Angoulême (-16 september 1140), Taillefer, was een zoon van Willem V van Angoulême en van Vitapoi van Bezone. Hij volgde in 1118 zijn vader op als graaf van Angoulême. Vulgrin was gehuwd met Pontia van Montgommery, dochter van Rogier van La Marche, en met Amable van Châtellerault, dochter van Aimery van Châtellerault, en werd de vader van:
Willem IV
Fulk, heer van Matha
Godfried, kruisvaarder,
een dochter, gehuwd met Ranulfus van Jarnac.
Hij trouwde met
51548297 Pontia van La Marche, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem VI van Angoulême, geboren in ? (zie 25774148).
51548298 Raymond I van Torrenne, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Kind van (51548298) uit onbekende relatie:
I. Margaretha van Torrenne, geboren in ? (zie 25774149).
51548300 Lodewijk VI van Frankrijk, geboren in 1081 in Parijs. Hij is overleden op 01-08-1137 in Béthisy-Saint-Pierre, 55 of 56 jaar oud.
Notitie: Lodewijk VI, volledig: Lodewijk Theobald, de Dikke, (Parijs, eind 1081 – Château de la Douye te Béthisy-Saint-Pierre, 1 augustus 1137) was koning van Frankrijk van 29 juli 1108 tot 1137. Zijn bijnaam was letterlijk bedoeld, Lodewijk was dik en werd bij zijn leven al "de Dikke" genoemd. Lodewijk werd geboren in Parijs als zoon van Filips I van Frankrijk en Bertha van Holland (1055-1094).
Lodewijk werd opgevoed in de abdij van Saint-Denis, samen met zijn latere raadsman Suger. In 1092 werd hij benoemd tot graaf van de Vexin en de steden Mantes-la-Ville en Pontoise. Dit plaatste hem in het front tegen Normandië/Engeland. Zijn vader verstootte zijn moeder om te kunnen trouwen met Bertrada van Montfort, wat leidde tot een politieke crisis in Frankrijk. De jonge Lodewijk bleef zo veel mogelijk weg van het hof. In 1097 neemt hij deel aan de verdediging van de Vexin tegen Willem II van Engeland en in 1098 werd hij tot ridder geslagen.
Ondanks de pogingen van zijn stiefmoeder om haar zoons koning te laten worden, werd Lodewijk in 1100 door zijn vader als erfgenaam aangewezen. In dat jaar maakte hij een reis naar Londen. Een poging van Bertrada om hem daar gevangen te laten nemen mislukte. Op de terugweg werd een aanslag op Lodewijk door een geestelijke verijdeld. In 1101 werd Lodewijk benoemd tot graaf van de Vermandois. Zijn vader was toen al zo verzwakt dat Lodewijk in feite al als koning regeerde. Hij werd in 1101 vergiftigd maar werd genezen door een joodse arts.
In 1104 verzoende Lodewijk zich met Betrada. En hij verloofde zich met Lucienne de Rochefort, een verwante van Bertrada. In 1107 zou Lodewijk de verloving laten verbreken, met een te nauwe bloedverwantschap als excuus. In 1106 accepteerde Lodewijk dat Hendrik I van Engeland Normandië veroverde, waardoor Engeland en Normandië weer een verenigd rijk werden.
Filips overleed op 29 juli 1108. Lodewijk was formeel zijn erfgenaam maar zijn positie werd bedreigd door zijn stiefbroers.
Lodewijk werd op 3 augustus 1108 in grote haast te Orléans tot koning gekroond. De kroning kon niet in Reims (de gebruikelijke plaats voor de kroning van Franse koningen) plaatsvinden omdat die stad door een conflict over de bisschopsfunctie onder een interdict viel. Bovendien werd de stad gecontroleerd door Lodewijks halfbroer Filips en diens bondgenoot Theobald IV van Blois. Er waren nauwelijks grote vazallen of kerkvorsten aanwezig bij de kroning.
De geldigheid van de kroning werd tevergeefs aangevochten door zijn halfbroers. Betrada besloot daarna om zicht terug te trekken in een klooster. Guy van Rochefort (de vader van Lucienne) kwam echter in opstand. Lodewijk veroverde zijn kasteel in Gournay-sur-Marne. Guy stierf en zijn partij werd nu aangevoerd door Hugo van Crécy, die zich weer verbond met Hugo van le Puiset. En omdat Hugo van le Puiset de fout maakte om de gebieden rond Chartres te plunderen, koos Theobald van Blois de kant van Lodewijk. Met de steun van Theobald kon Lodewijk zich handhaven, maar het gebied dat hij daadwerkelijk onder controle had was niet groter dan de regio rond Parijs, Orléans en Senlis. De rest van Frankrijk werd geregeerd door edelen die feitelijk onafhankelijk waren.
Lodewijk was bijna 30 jaar koning en al die tijd was hij verwikkeld in conflicten met Normandië/Engeland en lokale opstandige edelen en roofridders binnen zijn eigen domeinen. Vlaanderen en Vermandois waren meestal zijn bondgenoot, Blois en Anjou wisselden regelmatig van kant. Een chronologisch overzicht:
1109 Lodewijk veroverde La Roche-Guyon, op de grens van Normandië
1110 Een poging om het sterke Normandische kasteel van Gisors te veroveren, liep uit op een nederlaag. Dit leidde tot enkele jaren van schermutselingen
1111 Lodewijk veroverde samen met Theobald van Blois Le Puiset en nam Hugo gevangen. Lodewijk bouwde in de omgeving een eigen kasteel Toury. De Normandische edelman Robert I van Meulan brandschatte Parijs als vergelding voor plunderingen van zijn bezittingen door koninklijke troepen.
1112 de graaf van Corbeil overleed zonder directe erfgenaam en Lodewijk liet het graafschap terugvallen aan de kroon. Theobald had echter ook een aanspraak op het graafschap en koos nu de kant van de opstandelingen. Lodewijk liet in reactoe Hugo van le Puiset vrij, met de afspraak dat die zich tegen Theobald zou keren. Maar ondanks zijn beloften sloot die zich direct bij de opstandelingen aan. Lodewijk sloot nu een bondgenootschap met Robrecht II van Jeruzalem. Hugo van le Puiset veroverde het kasteel van Toury maar Lodewijk wist het weer terug te veroveren. Lodewijk en Roeland I van Vermandois versloegen in een veldslag Hugo van le Puiset, Hugo van Crecy, Theobald van Blois en anderen. Later dat jaar versloeg en doodde Theobald van Blois, Robrecht van Vlaanderen in een veldslag bij Meaux.
1113 Vrede van Gisors met Hendrik I van Engeland. Lodewijk moest daarvoor grote concessies doen. Ondertussen bleef Lodewijk de Normandische tegenstanders van Hendrik steunen. Ook sloot Lodewijk een bondgenootschap met Anjou.
1114 Lodewijk wist eindelijk Hugo van Crecy en zijn familie te onderwerpen. Hugo werd monnik. Hun bezittingen werden door Lodewijk verdeeld: Bray-sur-Seine werd door Lodewijk aan Theobald van Blois gegeven. Zelf hield hij Montlhéry, Gometz en Châteaufort. Lodewijk sttuurde troepen naar Amiens ter ondersteuning van de bisschop tegen Thomas I van Coucy. Toen Thomas ook nog de moordenaars van de bisschop van Laon onderdak bood, liet Lodewijk hem excommuniceren.
1115 Lodewijk versloeg Thomas maar kreeg daarbij een pijl in zijn borst.
1116 Na de onderwerping van Thomas en het overlijden van diens vader, gaf Lodewijk het graafschap Amiens aan Adelheid van Vermandois. Dat zou tot een langdurige vete tussen Thomas en de familie van Vermandois leiden
1118 Lodewijk onderwierp Hugo van le Puiset definitief en dwong hem om in ballingschap te gaan in Palestina. Lodewijk steunde een opstand van Normandische edelen onder Willem Clito tegen Hendrik I van Engeland. Willem was een neef van Hendrik en eiste de titel van hertog van Normandië op, omdat Hendrik die titel in 1106 op zijn vader had veroverd. Lodwijk kon echter geen leger sturen door het verzet van Theobald van Blois, die Hendrik steunde. Hendrik wist de opstand grotendeels te onderdrukken.
1119 Lodewijk onderwierp Theobald en trok met zijn leger naar Normandië. Hij veroverde Ivry maar werd verslagen bij Breteuil. Boudewijn VII van Vlaanderen werd door Hendrik verslagen en gedood. Een nieuwe inval van Lodewijk in Normandië mislukte en hij kon alleen door vlucht aan gevangennemning ontsnappen. Fulco V van Anjou koos de kant van Hendrik, en Lodewijk moest de strijd opgeven.
1122 Lodewijk intervenieerde in de Auvergne ten gunste van de bisschop, tegen de graaf
1123 een nieuwe poging om Willem Clito de macht te laten grijpen in Normandië mislukte
1126 opnieuw interventie in Auvergne, de graaf vroeg steun aan de hertog van Aquitanië maar die koos er juist voor om de koning te huldigen
1127 Lodewijk bestrafte de moord op Karel de Goede door de betrokkennen van een toren in Brugge te laten werpen. Omdat Karel geen erfgenamen had wees Lodewijk nu Willem Clito aan als graaf van Vlaanderen maar die kreeg met veel verzet te maken. Uiteindelijk werd Diederik van de Elzas de nieuwe graaf. Tijdens Lodewijks afwezigheid kwam het tot een conflict tussen de koningin en de machtige kanselier Stephanus van Garlande die probeert steeds meer macht voor zichzelf en zijn familie te verwerven. Adelheid liet de huizen van Stephanus en zijn partijgangers in Parijs verwoesten.
1128 Stephanus kreeg steun van Theobald van Blois en Hendrik I van Engeland. Na een beleg van twee maanden veroverde Lodewijk samen met Roeland van Vermandois zijn kasteel bij Livry. Lodewijk werd door een pijl van een kruisboog in het been getroffen en Roeland verloor een oog. De macht van Stephanus was gebroken. Hij verzoende zicht met Lodewijk en zou zelfs nog een keer kanselier worden.
1129 Lodewijk wees zijn zoon Filips aan als opvolger.
1130 Lodewijk en Roeland van Vermandois versloegen en doodden Thomas van Marle, nadat die eerder de Vermandois had aangevallen en een jongere broer van Roeland had gedood
1131 Filips stierf door een val van zijn paard. Lodewijk wees nu zijn zoon Lodewijk aan als opvolger, die in Reims door paus Innocentius II wordt gezalfd en gekroond
1132 Diederik van de Elzas huldigde Lodewijk als heer
1137 Lodewijk trok op tegen de roofridders van Saint-Brisson-sur-Loire. Tegen het advies van zijn adviseurs die van mening zijn dat hij door zijn zwaarlijvigheid (zijn bijnaam is letterlijk bedoeld en werd al tijdens zijn leven gebruikt) en chronische buikklachten niet tot deze onderneming in staat was. Lodewijk werd getroffen door dysenterie, en overleed.
Lodewijk trouwde op 28 maart 1115 in de Notre-Dame van Parijs met Adelheid van Maurienne, wat al aangaf dat zijn ambities tot in het zuiden van Frankrijk reikten. In 1119 steunde hij de keuze van paus Calixtus II en kwam daarmee in conflict met keizer Hendrik V. In 1124 trok Hendrik V met een leger naar Frankrijk. Het lukte Lodewijk met de steun van Theobald van Blois en de hertog van Aquitanië om een groot leger op de been te brengen. De legers ontmoetten elkaar bij Metz en vanwege de onverwachte sterkte van het Franse leger besloot Hendrik om van strijd af te zien en zich terug te trekken.
Lodewijk werd door alle tijdgenoten beschreven als een vriendelijke en vrolijke man. Maar hij was ook een krachtdadige koning die van groot belang was voor de vestiging van de koninklijke macht in Frankrijk. Onder zijn bewind bloeiden de economie en de steden in de gebieden die onder zijn bewind stonden. Vanaf 1110 heeft hij steden stadsrechten gegeven. Bij zijn dood was Parijs de grootste stad van Frankrijk geworden. Lodewijk stichtte daar de abdijen van Sint-Vicor en Saint-Lazare, en een vrouwenklooster op de Montmartre. Hij stelde een jaarmarkt in te Parijs en liet de oude Romeinse brug door een nieuwe stenen brug vervangen. Lodewijk rekruteerde zijn medewerkers uit de lagere adel en geestelijkheid om zo de macht van de grote adellijke families in te perken. Hij dwong zijn directe vazallen om zijn wetten te hanteren en geen eigen wetten te maken. Lodewijk stelde een koninklijke raad in.
In 1137 werd hij door de stervende hertog van Aquitanië belast met de taak om een goede echtgenoot voor zijn erfdochter Eleonora van Aquitanië te vinden. Lodewijk liet deze kans om de positie van de Franse kroon te versterken niet voorbij gaan en verloofde haar direct met zijn zoon en kroonprins Lodewijk VII van Frankrijk.
Lodewijk en Adelheid kregen de volgende kinderen:
Filips (1116-1131)
Lodewijk VII (1120-1180)
Hendrik (1121-1175), aartsbisschop van Reims
Robert I van Dreux (ca. 1123-1188)
Constance (ca.1124-1176), gehuwd met Eustaas IV van Boulogne, daarna met Raymond V van Toulouse
Filips (1131-1161) , bisschop van Parijs
Lodewijk had ook nog een dochter bij Marie de Breuillet: Isabelle (circa 1105 - vóór 1175), zij trouwde rond 1119 met Willem van Chaumont, vermoedelijk de zoon van Hugo I van Vermandois.
Hij trouwde, 33 of 34 jaar oud, op 28-03-1115 in Parijs met de ongeveer 23-jarige
51548301 Adelheid van Savoye, geboren omstreeks 1092 in ?. Zij is overleden op 18-11-1154 in Montmartre, ongeveer 62 jaar oud.
Notitie: Adelheid van Savoye, ook van Maurienne, (ca. 1092 - Montmartre, 18 november 1154) was een dochter van Humbert II van Savoye en van Gisela van Bourgondië, en dus een nicht van paus Callixtus II.
Zij trouwde op 28 maart 1115 te Parijs met Lodewijk VI van Frankrijk. Als koningin had ze een actief aandeel in het bestuur, ze wordt in 45 aktes van Lodewijk vermeld. In 1127 trad ze tijdens de afwezigheid van Lodewijk zelfstandig op tegen de kanselier Stephanus van Garlande die zoveel macht verzamelde dat hij een bedreiging vormde voor de positie van de koning. Na de dood van Lodewijk probeerde ze de invloed van de abt Suger in te perken. Toen dit mislukte moest ze zich terugtrekken op haar landgoederen bij Compiègne. Volgens eigentijdse beschrijvingen was ze lelijk maar vroom en vriendelijk.
Lodewijk en Adelheid kregen de volgende kinderen:
Filips (1116-1131)
Lodewijk VII (1120-1180)
Hendrik (1121-1175), aartsbisschop van Reims
Robert I van Dreux (ca. 1123-1188)
Constance (ca.1124-1176), gehuwd met Eustaas IV van Boulogne, daarna met Raymond V van Toulouse
Filips (1131-1161) , bisschop van Parijs
In 1141 hertrouwde zij met constable Mattheus I van Montmorency. In 1153 trok zij zich terug in de abdij van Montmartre, die zij samen met haar zoon Lodewijk gesticht had. Zij stierf er het jaar nadien.
Zij trouwde (2), ongeveer 49 jaar oud, in 1141 in ? met Matheus I van Montmorency.
Kind uit dit huwelijk:
I. Peter I van Courtenay, geboren in 1126 in ? (zie 25774150).
51548302 Reinout van Courtenay, geboren omstreeks 1100 in ?. Hij is overleden op 27-09-1161 in ?, ongeveer 61 jaar oud.
Notitie: Reinout van Courtenay (ca. 1100 - 27 september 1161 was een zoon van Miles van Courtenay en Ermengarde van Nevers. Hij huwde met Helena of Hawise van Donjon, en werd de vader van:
Willem
Robert van Okehampton (1183-), stamvader van de graven van Devon,
Reinout (-1194)
Elisabeth (1127-1205) , gehuwd met Peter, zoon van Lodewijk VI van Frankrijk.
Hij trouwde, ten hoogste 47 jaar oud, vóór 1147 in ? met
51548303 Helena van Donjon, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Elisabeth van Courtenay, geboren in 1127 in ? (zie 25774151).
51548304 Raymond Bengarius IV van Barcelona, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548305 Petronella van Aragôn, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alfons II van Aragón, geboren in 1157 in Huesca (zie 25774152).
51548306 Alfons VII van Castilië, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548307 Richeza van Polen, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Sancha van Castilië, geboren in 1154 in ? (zie 25774153).
51548336 Alberic van Mello, geboren in 1080 in Mello. Hij is overleden in 1111 in ?, 30 of 31 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 1 jaar oud, omstreeks 1081 in ? met de ongeveer 1-jarige
51548337 Adele de Bulles Dammartin, geboren in 1082 in ?. Zij is overleden in 1105 in ?, 22 of 23 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alberic I van Mello, geboren omstreeks 1102 in ? (zie 25774168).
51548338 Lancelin van Dammartin-Aumale, geboren in 1089 in Dammartin-en-Goele. Hij is overleden in 1137 in Dammartin-en-Goele, 47 of 48 jaar oud.
Hij trouwde met
51548339 Clementia van Montbéliard, geboren in 1089 in ?. Zij is overleden in 1152 in ?, 62 of 63 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Clementia van Dammartin-Aumale, geboren in 1110 in Dammartin-en-Goele (zie 25774169).
51548340 Hugo I van Clermont Beauvais, geboren in 1035 in ?. Hij is overleden in 1101 in ?, 65 of 66 jaar oud.
Hij trouwde met
51548341 Margaretha van Ramerupt, geboren omstreeks 1041 in ?. Zij is overleden omstreeks 1100 in ?, ongeveer 59 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Reinald van Clermont Beauvais, geboren omstreeks 1082 in ? (zie 25774170).
51548344 gwijde II van Ponthieu, geboren in ?. Hij is overleden op 25-12-1147 in Efeze.
Hij trouwde met
51548345 Ida, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Jan I van Ponthieu, geboren in ? (zie 25774172).
51548348 Lodewijk VI van Frankrijk, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548349 Adelheid van Savoye, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Lodewijk VII van Frankrijk, geboren in ? (zie 25774174).
51548350 Alfons VII van Castilië, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548351 Berengaria van Barcelona, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Constance van Castilië, geboren in 1136 in ? (zie 25774175).
51548416 Godfried II van Leuven, geboren omstreeks 1105 in ?. Hij is overleden op 13-06-1142 in ?, ongeveer 37 jaar oud.
Notitie: Godfried II, bijgenaamd de Jonge (ca. 1105 – 13 juni 1142) was landgraaf van Brabant en (als Godfried VI) hertog van Neder-Lotharingen.
Godfried was de oudste zoon van Godfried I van Leuven en Ida van Namen. Hij werd voor het eerst vermeld in 1131 toen hij een schenking deed aan de abdij van Gembloers. Vanaf 1136 nam hij bestuurstaken van zijn oude vader over.
Zijn vader, Godfried I was landgraaf van Brabant en markgraaf van Antwerpen en noemde zich hertog, omdat hij een aantal jaren hertog van Neder-Lotharingen was geweest. Bij het overlijden van zijn vader in januari 1139 verwierf Godfried II Brabant, en verviel het markgraafschap Antwerpen aan de regerende hertog van Neder-Lotharingen, Walram II van Limburg.
Maar Walram overleed kort daarop in juli 1139 en zowel Godfried als Hendrik II van Limburg, zoon van Walram, eisten nu de functie van hertog van Neder-Lotharingen op. Keizer Koenraad III van Hohenstaufen stelde een compromis voor waarbij het hertogdom in twee nieuwe hertogdommen zou worden gesplitst: Godfried zou dan het westelijke deel krijgen en Hendrik het oostelijke deel. De onderhandelingen mislukten en Godfried versloeg Hendrik in een korte veldtocht, en bezette Sint-Truiden en Aken. Zo verwierf Godfried zowel het hertogdom Neder-Lotharingen als het markgraafschap Antwerpen. Hendrik bleef zich echter ook hertog noemen. Hiermee waren de hertogdommen Brabant en Limburg ontstaan.
Het geslacht Berthout weigerde in het roerige jaar 1139 om Godfried als hertog te erkennen. Hierdoor braken de Grimbergse Oorlogen uit. Godfried overleed aan een leverziekte en werd begraven in de Sint-Pieterskerk (Leuven).
Godfried was gehuwd met Lutgardis van Sulzbach. Ze hadden een zoon: Godfried III van Leuven
Hij trouwde, ongeveer 35 jaar oud, omstreeks 1140 in ? met de ongeveer 25-jarige
51548417 Lutgardis van Sulzbach, geboren omstreeks 1115 in ?. Zij is overleden in 1163 in ?, ongeveer 48 jaar oud.
Notitie: Lutgardis van Sulzbach (ca. 1115 - 1163) was een dochter van graaf Berengarius II van Sulzbach en van Adelheid van Lechsgemünd. Haar zuster Gertrude was gehuwd met keizer Koenraad III. Lutgardis huwde in 1139 met Godfried II van Leuven en werd de moeder van Godfried III
Kind uit dit huwelijk:
I. Godfried III van Leuven, geboren omstreeks 1140 in ? (zie 25774208).
51548418 Hendrik II van Limburg, geboren omstreeks 1110 in ?. Hij is overleden op 01-08-1167 in Rome, ongeveer 57 jaar oud. Hij is begraven in Abdij van Rolduc.
Notitie: Hendrik II van Limburg (ca. 1110 - Rome, 1 augustus 1167) was hertog van Limburg en graaf van Aarlen.
Hendrik was zoon van Walram II. Na de dood van zijn vader (1139) verloor hij het conflict met Godfried II van Leuven om de functie van hertog van Neder-Lotharingen, die zowel door Walram als door Godfrieds vader was bekleed. Hendrik erfde dus alleen het graafschap Limburg, maar noemde zichzelf wel hertog. In 1147 erfde hij het graafschap Aarlen van zijn broer Walram. Hendrik vocht nog een oorlog uit met Hendrik I van Namen en nam deel aan de Italiaanse campagnes van Frederik I van Hohenstaufen. Hij overleed in Italië ten gevolge van de pest.
In 1136 huwde Hendrik met Mathilde van Saffenburg (ca. 1113 - 2 januari 1145), erfdochter van het Land van Rode. Door dit huwelijk werd Kerkrade Limburgs. Zij kregen twee kinderen:
Hendrik III van Limburg
Margaretha van Limburg (1135-1172), huwde in 1155 met Godfried III van Leuven)
Hendrik en Mathilde zijn begraven in de abdij Rolduc.
Hendrik hertrouwde met Laureta van Vlaanderen. Dit huwelijk werd na twee jaar ontbonden en ze kregen geen kinderen.
Hij trouwde (2), ongeveer 37 jaar oud, omstreeks 1147 in ? met Laureta van Vlaanderen.
Hij trouwde (1), ongeveer 26 jaar oud, in 1136 in ? met de ongeveer 23-jarige
51548419 Mathilde van Saffenburg, geboren omstreeks 1113 in ?. Zij is overleden op 02-01-1145 in ?, ongeveer 32 jaar oud. Zij is begraven in Abdij van Rolduc.
Notitie: Genealogie Mathilde
Van Mathilde zijn de volgende voorouders bekend:
(1) Adolf van Saffenberg (2) Adalbert van Saffenberg (ca. 1050 - na 1109), bekend van een schenking aan de abdij van Munsterbilzen (3) Gepa, moeder van Adalbert
Kind uit dit huwelijk:
I. Margretha van Limburg, geboren in 1135 in ? (zie 25774209).
51548420 Diederik van de Elzas, geboren omstreeks 1100 in ?. Hij is overleden op 04-01-1168 in Grevelingen, ongeveer 68 jaar oud.
Notitie: Diederik (of Dirk) van de Elzas (ca. 1100 – Grevelingen, 4 januari 1168) was graaf van Vlaanderen van 1128 tot aan zijn dood. Hij was een zoon van hertog Diederik II van Lotharingen en Gertrudis van Vlaanderen, dochter van graaf Robrecht I van Vlaanderen.
Als kleinzoon van graaf Robrecht I de Fries kon hij na de moord op Karel de Goede in 1127 via zijn moeder Gertrudis rechten doen gelden op de troon van Vlaanderen. Koning Lodewijk VI had echter Willem Clito, eveneens in de moederlijke lijn afstammend van de Vlaamse graven, als graaf benoemd.
Dit was tegen de zin van de Vlaamse steden en van de pro-keizer gezinde adelsfractie in Vlaanderen. Gent, Brugge, Rijsel en Sint-Omaars, en een aantal edelen vroegen Diederik, toen heer van Bitche, om graaf van Vlaanderen te worden. Er ontstond een strijd tussen Willem en Diederik. Lodewijk liet Diederik excommuniceren en belegerde hem in Rijsel. De Franse koning moest zich echter terugtrekken toen bleek dat Diederik de steun van Hendrik I van Engeland had. In 1128 leed Diederik nederlagen bij Tielt en Oostkamp en moest hij vluchten, eerst naar Brugge en daarna naar Aalst. Willem belegerde de stad maar werd op 27 juli dood in zijn tent aangetroffen. Dit werd door beide partijen als een teken gezien dat Diederik de rechtmatige graaf was, en er werd vrede gesloten.
In 1132 huldigde Diederik Lodewijk als zijn koning, in ruil voor zijn steun tegen de aanspraken van Boudewijn IV van Henegouwen. In de strijd tussen Frankrijk en Engeland probeerde hij een neutrale positie te bewaren, hetgeen de Vlaamse handel ten goede kwam. Onder zijn bewind konden de steden zich ontwikkelen en werden de instellingen organisatorisch hervormd.
Diederik van de Elzas brengt het Heilig Bloed naar Vlaanderen. Nagespeeld in de Heilig-Bloedprocessie.
In 1139 bezocht Diederik Jeruzalem en trouwde daar met Sybille van Anjou, weduwe van Willem Clito en dochter van Fulco, koning van Jeruzalem. Hij leidde een succesvolle expeditie naar Panias en nam deel aan de invasie van Gilead (het gebied ten oosten van de Jordaan). In datzelfde jaar keerde hij terug naar huis om Godfried II van Leuven bij te staan in de Grimbergse Oorlogen.
Diederik nam deel aan de Tweede Kruistocht. Hij gaf leiding aan de oversteek van de Meander en vocht mee in een veldslag bij Konya. Diederik nam deel aan het beraad waarin werd besloten om Damascus aan te vallen, tegen de zin van de lokale kruisvaarders die aanvoerden dat ze altijd in vrede met Damascus hadden geleefd. Diederik eiste de stad op als hoofdstad voor zijn eigen kruisvaardersstaat en werd daarin gesteund door zijn zwager Boudewijn III van Jeruzalem, Lodewijk VII van Frankrijk en Koenraad III van Hohenstaufen - zeer tegen de zin van de leiders van de kruisvaardersstaten. Door onderlinge verdeeldheid van de kruivaarders liep het beleg na vier dagen al uit op een mislukking en trokken de kruisvaarders zich terug op Jeruzalem. In 1150 keerde hij terug naar Vlaanderen. Boudewijn van Henegouwen probeerde namelijk om Vlaanderen te veroveren maar Sybille (die als regentes was achtergebleven) wist hem te weerstaan en liet ook plundertochten in Henegouwen uitvoeren. Het volgende jaar sloot Diederik vrede met Boudewijn, met de afspraak dat hun kinderen, Margaretha en Boudewijn V van Henegouwen zouden trouwen
In 1156 trok Diederik voor de derde maal naar het Heilige Land. Ditmaal nam hij Sybille mee, en liet zijn zoon Filips van de Elzas achter als regent. Diederik nam deel aan het beleg van Shaizar, dat mislukte toen hij ruzie kreeg met Reinoud van Châtillon over de vraag wie de vesting zou bezitten als die was veroverd. In 1159 keerde Diederik terug naar Vlaanderen maar Sybille bleef achter en trad in een klooster. Diederik liet Filips een belangrijk aandeel houden in het bestuur. In 1164 trok hij een vierde maal naar het Heilige Land en bezocht samen met Amalrik I van Jeruzalem de steden Antiochië en Tripoli. Na zijn thuiskomst in 1166 zegelde hij met een dadelpalm.
Diederik zou het relikwie van het Heilig Bloed hebben meegenomen van zijn reizen. Hij werd begraven in de abdij van Waten.
Hij trouwde, ongeveer 39 jaar oud, in 1139 in Jeruzalem met de 22 of 23-jarige
51548421 Sybilla van Anjou, geboren in 1116 in ?. Zij is overleden in 1165 in Jeruzalem, 48 of 49 jaar oud.
Notitie: Sybille van Anjou (1116 - Bethanië (Jeruzalem), 1165) was een dochter van graaf Fulco V van Anjou en Ermengarde van Maine, de erfgename van het graafschap Maine.
Zij huwde in 1123 Willem Clito en bracht Maine in het huwelijk mee. Dit huwelijk werd in opdracht van Hendrik I van Engeland, Willems oom en politiek tegenstander, geannuleerd door paus Honorius II op grond van bloedverwantschap. Sybilles vader Fulco verzette zich hiertegen en stemde pas in na zijn excommunicatie en het interdict over Anjou. Sybille trok met haar vader naar het Heilige Land, waar hij zou trouwen met de erfgename van het Koninkrijk Jeruzalem, Melisende en in 1131 zelf koning werd.
In 1139 trouwde Sybille met de Vlaamse graaf Diederik van de Elzas, die zijn eerste bezoek aan het Heilige Land bracht. Sybille keerde met Diederik terug naar Vlaanderen. Diederik nam deel aan de tweede kruistocht en stelde voor die periode Sybille aan als regentes (1147-1150). In deze periode trachtte Boudewijn IV van Henegouwen Vlaanderen te veroveren, maar de aanval werd door Sybille krachtdadig afgeslagen. Zij liet Henegouwen verwoesten, waarna Boudewijn hetzelfde deed met Artesië. Pas toen Diederik naar Vlaanderen terugkeerde en de aartsbisschop van Reims als bemiddelaar optrad, werd een vrede gesloten.
In 1157 trok zij samen met Diederik naar het Heilige Land. Daar besloot ze in het klooster van St. Lazarus in Bethanië (Jeruzalem) in te treden, waar haar stieftante Ioveta van Bethanië abdis was. Ondanks het aandringen van Diederik, Boudewijn III van Jeruzalem en de patriarch van Jeruzalem weigerde ze om Diederik terug naar Vlaanderen te volgen. Na de dood van haar stiefmoeder verwierf ze een positie met grote invloed op de kerk en de politiek van de kruisvaardersstaten. Zij overleed er in 1165.
Haar naam (Cibilie) staat sinds 1180 boven de toegangspoort van het Gravensteen.
Sybille en Diederik hadden de volgende kinderen:
Boudewijn, overleden voor 1154
Filips
Mattheüs, gehuwd met gravin Maria van Boulogne
Peter (-1176), provoost van Brugge en Sint-Omaars, bisschop van aartsbisdom Kamerijk, gaf zijn kerkelijke functies op om te trouwen met Mathilde, de weduwe van Gwijde van Nevers en werd zo graaf van Nevers. Hij kreeg een dochter Sybille die trouwde met Robert van Wavrin, seneschalk van Frankrijk.
Gertrude (-1186), gehuwd met Humbert III van Savoye en daarna met Hugo III van Oisy.
Margaretha, gravin van Vlaanderen, gehuwd met graaf Boudewijn V van Henegouwen
Mathilde (ovl. 24 maart ca. 1194), 1187 abdis van Fontevraud
Zij is weduwe van Willem van Normandië, met wie zij trouwde (1), 6 of 7 jaar oud, in 1123 in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Mattheus I van de Elzas, geboren omstreeks 1138 in ? (zie 25774210).
51548422 Stefanus van Blois, geboren in 1096 in Blois. Hij is overleden op 25-10-1154 in Dover, 57 of 58 jaar oud.
Notitie: Stefanus van Blois (Engels: Stephen; Frans: Étienne) (Blois (Frankrijk), 1096 – Dover (Kent), 25 oktober 1154) was koning van Engeland van 1135 tot 1154. Hij was de laatste koning uit het Normandische Huis.
Stefanus werd in Frankrijk geboren als zoon van Stefanus II van Blois, graaf van Blois en Chartres, en Adela van Engeland, de dochter van Willem de Veroveraar. Hij stond in bijzondere gunst bij zijn oom, koning Hendrik I van Engeland, en verkreeg van hem in 1115 de graafschappen Lancashire, Mortain en werd heer van Eye. Hij verbleef vooral op zijn Normandische bezittingen en vocht meerdere conflicten uit met andere edelen. Voor 1125 trouwde Stefanus met Mathilde van Boulogne, de erfdochter van graaf Eustatius III van Boulogne. In 1127 organiseerde hij voor Hendrik een campagne tegen Willem Clito, de nieuwe graaf van Vlaanderen, en Lodewijk VI van Frankrijk. Hierdoor kon Willem, die een tegenstander van Hendrik was, zich niet handhaven als graaf van Vlaanderen.
Na de dood van zijn schoonvader erfden Stefanus en Mathilde niet alleen het graafschap Boulogne maar ook zijn grote bezittingen in Normandië en het zuidoosten van Engeland. Stefanus was nu een van de rijkste edelen in Engeland en Frankrijk. Hij was een belangrijke hoveling in Engeland maar ook een regelmatige gast van Lodewijk VI aan zijn hof in Parijs.
Hendrik had geen mannelijke erfgenamen. Voor zijn overlijden had hij daarom zijn edelen, waaronder Stefanus, laten zweren om zijn dochter Mathilde als vorstin te zullen steunen. Toen Hendrik in 1135 stierf, ontstond er een complexe situatie. Veel edelen en kerkvorsten konden niet zomaar een vrouw als koning accepteren, die bovendien getrouwd was met een niet Normandisch/Engelse edelman (Godfried V van Anjou). Er ontstond fel debat over de invulling van het koningschap en tegelijkertijd stelden de edelen uit Normandië Stefanus’ oudste broer Theobald IV van Blois kandidaat als koning.
Stefanus maakte gebruik van de impasse door zich in Londen tot koning uit te roepen. Met steun van zijn broer bisschop Hendrik van Winchester kreeg hij de steun van de koninklijke kanselier en schatbewaarder. Stefanus bezette met een klein leger Canterbury en Dover om een mogelijke invasie te kunnen afslaan. Stefanus kocht de steun van de kerk door te beloven de kerk in vrijheid bisschoppen te laten benoemen. En hij kocht de steun van de edelen en de steden door de belasting voor het Danegeld af te schaffen. Theobald gaf zijn aanspraken op in ruil voor het regentschap van het hertogdom Normandië. Mathilde gaf niet toe en daarmee begon een periode van strijd die de hele regering van Stefanus zou voortduren (Anarchie).
Omdat Stefanus’ vrouw ook Mathilde heette werden zij en de kandidaat-koningin van elkaar onderscheiden door de vrouw van Stefanus "koningin Mathilde" te noemen en de kandidaat-koningin "keizerin Mathilde", omdat ze in haar eerste huwelijk met keizer Hendrik V getrouwd was geweest.
In de eerste jaren van Stefanus’ regering had hij nog een kans om zijn macht te vestigen en een stabiel bestuur op te bouwen. Keizerin Mathilde bezat niet echt de middelen om hem te bedreigen. Belangrijke edelen zagen echter hun kans om voordeel te halen uit de onzekere situatie. De eerste was koning David I van Schotland, die ook grote Engelse goederen in leen had. In 1136 viel hij met een Schots leger Engeland binnen maar toen Stefanus een groot leger op de been wist te brengen werd in Durham een vrede onderhandeld waarbij David en zijn zoons belangrijke goederen in het noorden van Engeland verwerven. Tijdens een rijksdag erkenden bijna alle edelen het koningschap van Stefanus en de enkele weigeraars werden snel onderworpen, maar Stefanus heeft ze slechts licht of helemaal niet bestraft.
Inmiddels had Godfried van Anjou Normandië aangevallen. In 1137 onderhandelde Stefanus met veel moeite een overeenkomst waarbij Godfried zich terug trok tegen een betaling van 2000 pond per jaar. De Schotten vielen in 1138 weer het noorden van Engeland binnen. Stefanus viel op zijn beurt Schotland binnen. Over en weer werden gebieden geplunderd en verwoest, totdat een lokaal Engels leger de Schotten wist te verslaan in de slag van de Standaard. Stefanus moest zich terug trekken uit Schotland omdat zijn neef Robert van Gloucester, bastaardzoon van Hendrik I van Engeland, ontevreden was geworden over de beperkte rol die Stefanus hem had gegeven in het bestuur, en besloot om keizerin Mathilde te steunen. Stefanus wist de meeste gebieden van Robert te veroveren maar zag af van een aanval op Bristol - Roberts belangrijkste machtsbasis. Omdat zijn adviseurs vonden dat hij te mild was voor opstandelingen, liet Stefanus het grootste deel van het garnizoen van Shreswbury vermoorden nadat ze zich hadden overgegeven.
Stefanus’ broer bisschop Hendrik werd rond deze tijd benoemd tot pauselijk legaat voor Engeland. Stefanus stichtte de abdij van Furness. Koningin Mathilde onderhandelde in 1139 een nieuwe overeenkomst met David van Schotland waarbij die de controle kreeg over Northumbria, inclusief de strategische kastelen van Newcastle upon Tyne en Bamburgh, maar wel Stefanus als koning erkende.
In 1139 leek Stefanus, afgezien van enkele lokale problemen, duidelijk de macht in handen te hebben in Engeland en Normandië. Maar in dat jaar begonnen de problemen pas echt, voor een groot deel door Stefanus zelf veroorzaakt:
Stefanus kreeg een ernstig conflict met zijn kanselier, de bisschop van Salisbury. Hierdoor koos diens familie de kant van keizerin Mathilde. Omdat Stefanus in reactie hierop steeds meer de benoeming van vertrouwelingen in kerkelijke ambten doordrukt, en daarmee zijn belofte van 1135 breekt, wordt de relatie met de kerk als geheel slechter.
Keizerin Mathilde bezocht met Robert van Gloucester onverwacht haar moeder in Arundel. Stefanus was zo nobel om ze een vrijgeleide naar Bristol te geven, terwijl hij ze ook gevangen had kunnen nemen. Mathilde en Robert begonnen toen rondom Bristol een nieuwe machtsbasis op te bouwen.
Stefanus had nog de gelegenheid om in 1140 de abdij van Coggeshall te stichten. Hij belegerde het kasteel van Lincoln en werd daar op 2 februari 1141 door Robert van Gloucester aangevallen. Stefanus werd verslagen en gevangengenomen. Tegelijk was Stefanus’ broer Theobald verwikkeld in een conflict met de koning van Frankrijk. Daardoor kon hij niet voorkomen dat Godfried van Anjou Normandië veroverde. Keizerin Mathilde riep zichzelf uit tot "Heerseres van Engeland en Normandië" en begon voorbereidingen voor een kroning. Hendrik, de pauselijke legaat en broer van Stefanus, probeerde een vrijlating van Stefanus te onderhandelen en bood daarbij aan dat Stefanus van de koningstitel zou afzien. Keizerin Mathilde wilde daar niet op ingaan en Hendrik weigerde daarna mee te werken aan de kroning, waardoor die niet door kon gaan. Keizerin Mathilde werd door de boze bevolking uit Londen verjaagd. In september trok zij met een leger naar Winchester om Hendrik te dwingen aan een kroning mee te werken. Koningin Mathilde greep nu haar kans. Terwijl de troepen van de keizerin het kasteel van Winchester belegerden, omsingelden haar troepen de hele stad. Het leger van keizerin Mathilde sloeg op de vlucht en Robert van Gloucester werd gevangengenomen. Kort daarna werden Stefanus en Robert tegen elkaar geruild. Stefanus liet zich opnieuw kronen in Canterbury.
In 1142 werd keizerin Mathilde drie maanden lang belegerd in Oxford maar ze wist op gedurfde wijze te ontsnappen. Stefanus en Hendrik werden in 1143 verslagen door Robert van Gloucester. De paus nam Hendrik in dat jaar zijn functie als pauselijk legaat af. Stefanus had toen alleen nog controle over het noorden en oosten van Engeland en was niet bij machte om een campagne tegen keizerin Mathilde of naar Normandie te ondernemen. Hij had grote problemen om zijn vazallen onder controle te houden.
Na 1143 volgden enkele jaren van betrekkelijke rust. Dat veranderde toen Robert van Gloucester in 1147 overleed en Hendrik, de zoon van keizerin Mathilde de leiding van de strijd op zich nam. Hendrik was nog jong en wilde in actie komen. Hetzelfde jaar viel hij met een leger van huurlingen Stefanus aan maar de campagne mislukte. Hendrik sloot een overeenkomst met Stefanus waarbij Hendrik zich terugtrok maar Stefanus het achterstallige loon van zijn soldaten zou betalen. Later probeerde Hendrik nog om Stefanus vanuit Schotland aan te vallen maar hij moest vluchten toen Stefanus met een groot leger naar York trok. Hendrik werd gevangengenomen en uiteindelijk teruggestuurd naar Normandië. In 1151 wilde Hendrik Stefanus vanuit Normandië aanvallen, maar blies de onderneming af toen zijn vader overleed. Toen Hendrik in 1152 trouwde met Eleonora van Aquitanië beschikte hij over alle middelen die nodig waren om een grootscheepse invasie te ondernemen. In 1153 stak Hendrik met een leger over naar Engeland en viel Stefanus aan. De belangrijkste edelen in beide kampen wilden het echter niet op een grootschalige oorlog laten aankomen. Zij dwongen Stefanus en Hendrik tot onderhandelingen en er werd een overeenkomst bereikt: Stefanus bleef koning en benoemde Hendrik tot zijn opvolger, wat mogelijk was omdat Stefanus’ oudste zoon en kroonprins Eustaas IV van Boulogne kort daarvoor was overleden.
Stefanus overleed in 1154 in de priorij van Dover aan ingewand problemen en inwendige bloedingen. Hij is begraven in de abdij van Faversham, waar zijn vrouw twee jaar eerder ook was begraven.
Volgens de kronieken was Stefanus een vriendelijke man die graag door iedereen aardig werd gevonden. Hij hield er niet van om hard of streng te zijn en had daardoor op zijn minst een deel van zijn problemen aan zichzelf te danken. Aan de andere kant had hij een reputatie dat hij zich niet aan afspraken hield en heeft meerdere malen edelen een vrijgeleide gegeven om ze vervolgens gevangen te kunnen nemen.
De "Anarchie" is een periode die geliefd is in Engelse en Amerikaanse fictie. Stefanus wordt daarin meestal als een onbetrouwbare usurpator afgeschilderd.
Stefanus en Mathilde kregen de volgende kinderen:
Boudewijn, ca. 1136 op ongeveer 10-jarige leeftijd overleden te Londen en begraven in de priorij van Aldgate.
Eustaas
Willem
Mathilde, als peuter met Pasen 1136 verloofd met Walram IV van Meulan maar ca. 1140 op ongeveer 6-jarige leeftijd overleden en begraven in de priorij van Aldgate.
Maria
Stefanus had een relatie met Dameta, een vrouw uit de lagere Normandische adel. Zij kregen de volgende kinderen:
Gervais (ca. 1118 - 1160), ca. 1137 abt van Westminster Abbey en daar begraven
mogelijk Amalrik
mogelijk Rudolf
Bij een andere vrouw had Stefanus nog een buitenechtelijke dochter. Haar naam is niet bekend maar ze trouwde vermoedelijk met Hervé, burggraaf van het land van Léon.
Hij trouwde met
51548423 Mathilde van Boulogne, geboren omstreeks 1105 in ?. Zij is overleden op 03-05-1151 in Castle Hedingham, ongeveer 46 jaar oud.
Notitie: Mathilde van Boulogne (ca. 1105 - Castle Hedingham, 3 mei 1151) was een dochter van Eustaas III van Boulogne en Maria van Schotland. Mathilde was koningin van Engeland.
Mathilde was erfdochter van het graafschap Boulogne en grote bezittingen in Engeland en Normandië. Koning Hendrik I van Engeland bemoeide zich daarom persoonlijk met haar huwelijk en liet haar trouwen met zijn neef Stefanus van Blois. Na het overlijden van Hendrik in 1135 maakte Stefanus zich meester van de Engelse troon. Mathilde was daar niet bij aanwezig, zij verbleef hoogzwanger in Boulogne. Op 22 maart 1136 werd ze in de Westminster Abbey tot koningin gekroond.
Hendrik had echter niet Stefanus maar zijn dochter Mathilde van Engeland als erfgenaam aangewezen. Daardoor ontstond er een langdurig en verward conflict tussen de fracties van Stefanus en van Mathilde van Engeland. Mathilde speelde in deze periode een belangrijke rol, ze was duidelijk de tweede "man" van de fractie van Stefanus - na Stefanus zelf:
in 1138 leidde ze met succes het beleg van Dover, compleet met een zeeblokkade vanuit Boulogne.
in 1139 onderhandelde ze het verdrag van Durham waarmee David I van Schotland in ruil voor grote concessies Stefanus als koning van Engeland erkende
in 1140 arrangeerde ze het huwelijk tussen haar zoon Eustaas IV van Boulogne en Constance (ovl. 1176), dochter van Lodewijk VI van Frankrijk. In dat jaar voerde ze ook verkennende besprekingen met de aanvoerder van de partij van Mathilde van Engeland, Robert van Gloucester.
in 1141 organiseerde ze het verzet van de partij van Stefanus na diens gevangenneming, samen met de huurlingenaanvoerder Willem van Ieper. Ze sloten het leger van Robert in toen die Winchester belegerde, en namen hem gevangen. Robert werd daarna tegen Stefanus geruild. Mathilde wist ook een aantal belangrijke edelen terug te winnen voor de zaak van Stefanus, waaronder diens broer Hendrik.
ze probeerde Eustaas te laten kronen. Toen de aartsbisschop van Canterbury zich hier tegen verzette, liet zij hem verbannen.
Mathilde stichtte meerdere abdijen samen met haar man en stichtte zelfstandig het convent van Higham en het Sint-Catharinahospitaal in Londen. Mathilde gaf schenkingen aan de tempeliers.
Mathilde overleed aan een koorts en is begraven in de abdij van Faversham.
Mathilde en Stefanus hadden de volgende kinderen:
Boudewijn, ca. 1136 op ongeveer 10-jarige leeftijd overleden te Londen en begraven in de priorij van Aldgate.
Eustaas
Willem
Mathilde, als peuter met Pasen 1136 verloofd met Walram IV van Meulan maar ca. 1140 op ongeveer 6-jarige leeftijd overleden en begraven in de priorij van Aldgate.
Maria
Kind uit dit huwelijk:
I. Maria van Engeland, geboren in 1136 in ? (zie 25774211).
51548424 Frederik II van Zwaben, geboren in 1090 in ?. Hij is overleden op 06-04-1147 in Alzey, 56 of 57 jaar oud.
Notitie: Frederik II van Zwaben (?, 1090 – Alzey, 6 april 1147), bijgenaamd de Eenogige, was een zoon van Frederik I van Zwaben en van Agnes van Waiblingen. In 1105 werd hij hertog van Zwaben. Hij trouwde in 1121 met Judith van Beieren. Na de dood van zijn oom Hendrik V stelde hij zich kandidaat als keizer, maar hij verloor in 1125 de verkiezing tegen Lotharius III, waarna een strijd losbrak tussen de aanhangers van Frederik en die van Lotharius. Speyer (1129), Neurenberg (1130) en Ulm (1134) werden door Lotharius ingenomen. Frederik werd gevangengenomen en onderwierp zich in oktober 1134 aan de keizer. In 1135 verzoenden Frederik en zijn broer Koenraad zich met Lotharius.
Frederik was gehuwd met:
Judith van Beieren (1103–1130 of 1131), dochter van Hendrik IX van Beieren,
Agnes van Saarbrücken.
Hij werd de vader van:
Frederik Barbarossa (1122–1190)
Bertha van Hohenstaufen (1123–1195), gehuwd met Mattheus I van Lotharingen
Koenraad de Staufer (–1195), paltsgraaf van Rijn.
Judith (1135–1191), gehuwd met Lodewijk II van Thüringen.
Hij trouwde (2), minstens 42 jaar oud, na 1132 in ? met Agnes van Saarbrücken.
Hij trouwde (1), 30 of 31 jaar oud, in 1121 in ? met
51548425 Judith van Beieren, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Frederik I van Barbarossa, geboren in 1122 in Waiblingen (zie 25774212).
51548426 reinout III van Bourgondië, geboren in 1093 in ?. Hij is overleden in 1148 in ?, 54 of 55 jaar oud.
Notitie: Reinoud III van Bourgondië (1093-1148) was de oudste zoon van graaf Stefanus I van Bourgondië en Beatrix van Lotharingen.
In 1102 volgde hij zijn vader op als graaf van Mâcon. In 1125 werd hij, als toezichter op zijn achterneef, de jonge graaf Willem III van Bourgondië, co-graaf van Bourgondië. Na de moord op de jonge Willem werd hij de enige graaf van Bourgondië.
Na een strijd met Koenraad van Zähringen om de voogdij over Koenraad van Hohenstaufen, verloort hij wel alle gebieden ten oosten van de Jura.
Reinoud huwde in 1130 met Agatha van Lotharingen, dochter van Simon I van Lotharingen, en werd de vader van dochter Beatrix I, die later de grafelijke waardigheid erfde.
De benaming van de streek, Franche-Comté zou afgeleid zijn van zijn titel franc-comte = vrijmoedige graaf
Hij trouwde, 36 of 37 jaar oud, in 1130 in ? met
51548427 Agatha van Lotharingen, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Beatrix I van Bourgondië, geboren in 1145 in ? (zie 25774213).
51548428 Andronikos Doukas Angelos, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548429 Euphrosyne Kastamonitissa, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. isaak II van Byzantium, geboren in 09-1156 in ? (zie 25774214).
51548432 Odo II van Bourgondië, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548433 Maria van Blois, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hugo III van Bourgondië, geboren in 1148 in ? (zie 25774216).
51548434 Mattheus I van Lotharingen, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548435 Bertha van Zwaben, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Adelheid van Lotharingen, geboren in ? (zie 25774217).
51548436 Guy van Vergy, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548437 Adelheid van Beaumont, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hugo van Vergy, geboren in 1150 in ? (zie 25774218).
51548440 Robert I van Dreux, geboren in 1123 in ?. Hij is overleden op 11-10-1188 in Braine, 64 of 65 jaar oud.
Notitie: Robert I van Dreux (1123 - Braine, 11 oktober 1188), bijgenaamd de Grote, was de vierde zoon van Lodewijk de Dikke en diens tweede echtgenote Adelheid van Maurienne.
In 1137 kreeg hij het graafschap Dreux als apanage. In 1139 trouwde hij met Agnes van Garlande. Door zijn huwelijk met Harvise van Evreux in 1145, werd hij graaf van Perche en door zijn huwelijk met Agnes van Braine in 1152 verkreeg hij Braine in Picardië.
Robert nam deel aan de Tweede Kruistocht en de mislukte belegering van Damascus in 1148. Na zijn terugkeer in Frankrijk, intrigeerde hij tegen zijn broer Lodewijk VII in de hoop de macht over te nemen. Abt Suger counterde deze poging succesvol en werd zelf regent tijdens de afwezigheid van Lodewijk VII. Tijdens de Engelse burgeroorlog (1135-1154) streed Robert tegen de Engelsen en nam hij deel aan de belegering van Sées in 1154. In 1180 verleende hij een gemeentelijk charter aan de stad Dreux en stichtte hij Brie-Comte-Robert, genoemd naar hemzelf.
Robert was gehuwd met :
Agnes (1122-1143), dochter van Anseau van Garlande, graaf van Rochefort,
Harvise van Evreux (1118-1152), dochter van Walter van Evreux, graaf van Salisbury,
Agnes (1130-1218), dochter van Guy van Baudemont, graaf van Braine,
en werd vader van:
Simon (1141-), heer van La Noue
Adelheid (1145-), in 1156 gehuwd met Walram III, graaf van Breteuil, in 1161 met Guy II van Châtillon, en met Jan I van Thorotte (-1176) en met Raoul I van Nesle, graaf van Soissons (-1235)
Robert II (1154-1218)
Hendrik (1155-1199), bisschop van Orléans
Adelheid (1156-), in 1174 gehuwd met Rudolf I van Coucy (1135-1191)
Filips (1158-1217), bisschop van Beauvais en aartsbisschop van Reims
Isabella (1160-1239), in 1178 gehuwd met Hugo III van Broyes (-1199)
Peter (1161-1186), heer van Bouconville-Vauclair en partie
Willem (1163-), heer van Braye-en-Laonnois, Torcy-en-Valois en Chilly
Jan (1164-)
Mamilia (1166-1200), non in Charme
Margaretha (1167-), non in Charme.
Hij is weduwnaar van Agnes van Garlande (1122-1143), met wie hij trouwde (1), 15 of 16 jaar oud, in 1139 in ?. Hij is weduwnaar van Harvise van Evreux (1118-1152), met wie hij trouwde (2), 20 of 21 jaar oud, in 1144 in ?.
Hij trouwde (3), 29 of 30 jaar oud, in 1153 in ? met de 22 of 23-jarige
51548441 Agnes van Baudemont, geboren in 1130 in ?. Zij is overleden in 1204 in ?, 73 of 74 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Robert II van Dreux, geboren in 1154 in ? (zie 25774220).
51548442 Rudolf I van Coucy, geboren in 1134 in ?. Hij is overleden in 1191 in Akko, 56 of 57 jaar oud.
Notitie: Rudolf I van Coucy (1134-1191 tijdens het beleg van Akko) was een zoon van Engelram II van Coucy en van Agnes van Beaugency. Hij volgde zijn vader in 1149 op als heer van Coucy. Rudolf was gehuwd met:
Agnes van Henegouwen (-1173), de Manke, dochter van Boudewijn IV van Henegouwen,
Adelheid (1152-), dochter van Robert I van Dreux,
en werd de vader van:
Yolande (1161-1222), gehuwd met Robert II van Dreux ((1154-1218),
Isabella, gehuwd met Rudolf van Roucy en met Hendrik van Joyeuse (-1211), graaf van Grandpre
Ada, gehuwd met Diederik III van Beveren
Engelram III (1182-1242)
Thomas van Coucy-Vervins (ca 1180-1253), stichter van de tak Coucy-Vervins, gehuwd met Mathilde van Rethel, dochter van Hugo II van Rethel,
Rudolf, geestelijke
Robrecht van Pinon (1185-1234), gehuwd met Elisabeth van Mareuil, dochter van Robert van Pierrepont, en met Beatrix, dochter van Hugo III van Saint-Pol,
Agnes (1175-1214), gehuwd met Gillis I van Beaumetz.
Volgens de overlevering gaf hij de opdracht aan een schildknaap om na zijn overlijden zijn hart te bezorgen aan zijn minnares. De echtgenoot van deze dame kon de schildknaap echter onderscheppen en gaf het hart te eten aan zijn onwetende vrouw. Toen deze vrouw besefte wat zij had opgegeten, weigerde zij vervolgens elk voedsel en stierf van honger
Hij trouwde (2) met Adelheid van Dreux (geb. 1152).
Hij trouwde (1) met
51548443 Agnes van Henegouwen, geboren in ?. Zij is overleden in 1173 in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Yolande van Coucy, geboren in 1164 in ? (zie 25774221).
51548444 Bernard IV van St-Valery - sur - Somme, geboren omstreeks 1113 in ?. Hij is overleden in 1191 in ?, ongeveer 78 jaar oud.
Hij trouwde met
51548445 Eleonora van St-Valery - sur - Somme, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Thomas van St-Valery - sur - Somme, geboren omstreeks 1167 in ? (zie 25774222).
51548446 Jan van Ponthieu, geboren in 1141 in ?. Hij is overleden op 30-06-1191 in Akko, 49 of 50 jaar oud.
Hij trouwde met
51548447 Beatrix van Saint-Pol, geboren omstreeks 1135 in ?. Zij is overleden in 1192 in ?, ongeveer 57 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Adele van Ponthieu, geboren in 1170 in ? (zie 25774223).
51548496 Raymond Berengarius IV van Barcelona, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548497 Petronella van Aragôn, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alfons II van Aragón, geboren in 1157 in Huesca (zie 25774248).
51548498 Alfons VII van Castilië, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548499 Richeza van Polen, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Sancha van Castilië, geboren in 1154 in ? (zie 25774249).
51548528 Alberic van Mello, geboren in 1080 in Mello. Hij is overleden in 1111 in ?, 30 of 31 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 1 jaar oud, omstreeks 1081 in ? met de ongeveer 1-jarige
51548529 Adele de Bulles Dammartin, geboren in 1082 in ?. Zij is overleden in 1105 in ?, 22 of 23 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alberic I van Mello, geboren omstreeks 1102 in ? (zie 25774264).
51548530 Lancelin van Dammartin-Aumale, geboren in 1089 in ?. Hij is overleden in 1137 in ?, 47 of 48 jaar oud.
Hij trouwde met
51548531 Clementia van Montbéliard, geboren in 1089 in ?. Zij is overleden in 1152 in ?, 62 of 63 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Clementia van Dammartin-Aumale, geboren in 1110 in Dammartin-en-Goele (zie 25774265).
51548532 Hugo I van Clermont Beauvais, geboren in 1035 in ?. Hij is overleden in 1101 in ?, 65 of 66 jaar oud.
Hij trouwde met
51548533 Margaretha van Ramerupt, geboren omstreeks 1041 in ?. Zij is overleden omstreeks 1100 in ?, ongeveer 59 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Reinald van Clermont Beauvais, geboren omstreeks 1082 in ? (zie 25774266).
51548536 gwijde II van Ponthieu, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51548537 Ida, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Jan I van Ponthieu, geboren in ? (zie 25774268).
51550240 Herbaren I van der Lede, geboren in 1140 in Langerak. Hij is overleden omstreeks 1207 in ?, ongeveer 67 jaar oud.
Notitie: Herbaren I van der Lede (Latijn; Harbernus de Leda (Liethen)) (Langerak, 1140 - omstreeks 1200) was heer van Ter Leede.
Herbaren I was de stamvader van het huis Ter Leede. Hij werd als getuige genoemd bij een samenkomst van Hardbertus, bisschop van Utrecht in 1143; mogelijk ging het hier om de doping van Herbaren. In een Hollandse kroniek wordt hij beschreven als Harbernus de Liethen, mogelijk gaat het over een vorm- of drukfout, want Liethen verwijst naar de oude benaming van Leiden. Onder zijn leiding werd mogelijk het Mottekasteel gebouwd dat bij het recht van ter Leede stond (enkele kilometers ten zuiden van Leerbroek). Wordt genoemd als ambachtsheer van Haastrecht.
Herbaren huwde met Adelheid een dochter van Willem van Altena en zij kregen minstens twee zonen:
Floris Herbaren van der Lede (1170-1207)
Folpert van der Lede (1175-1212) (soms genoemd als Walpertus de Leda)
Hij trouwde, 29 of 30 jaar oud, in 1170 in ? met
51550241 Adelheid Willemsdr van Altena, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Floris Herbaren van der Lede, geboren omstreeks 1170 in ? (zie 25775120).
51550242 Hugo Botter van Schoonhoven, geboren in 1149 in Schoonhoven. Hij is overleden in 1179 in Schoonhoven, 29 of 30 jaar oud.
Hij trouwde met
51550243 Hadewich van Cats, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Jacomijn Hugo Bottersdr van Schoonhoven, geboren omstreeks 1179 in Schoonhoven (zie 25775121).
51550244 Arnold I van Heusden, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51550245 Justine van Heeze-Millen, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Jan I van Heusden, geboren omstreeks 1160 in Heusden (zie 25775122).
51550246 Jan I van Persijn, geboren in 1150 in ?. Hij is overleden op 20-09-1224 in Egmond, 73 of 74 jaar oud.
Notitie: Notities bij Jan I Persijn
Tijdens Jan’s leven begon men gebruik te maten van een instrument dat eventueel tot de ontdekking van de nieuwe wereld kon leiden.
Tijdens het begin van de middeleeuwen was de scheepvaart verplicht om aan kustvaart te doen om niet verloren te varen. De enigste oriëntatie punten die de kapitein kon gebruiken waren de zon en de poolster. Gevolg was dat bij zwaar overtrokken weer er geen orientatiepunten meer zichtbaar waren voor de kapitein en het schip gemakkelijk kon verloren varen.
Maar omstreeks 1190 werd het kompas in Europa bekend.(al wel door chinezen gebruikt vanaf ongeveer 800 v.C.). Dit maakte het mogenlijk om zich verder van de kust te wagen en ook in volle oceaan nog hun weg te vinden. Het eerste compas was vrij eenvoudig. Met een magnetische naald, gemaakt uit een natuurlijk gemagnetiseerd metaal die op een stukje kurk dreef in een schaal met water, gaf dus steeds het noorfen aan.
Dit was heel interresant voor de handel, daar de kustvaart tijdrovend en gevaarlijk was wegens de aanwezigheid van zandbanken, draaikolken en vooral zeerovers.
Zodus ondstond er in de 13de eeuw een grote sprong voorwaarts in de zeehandel en ontstonden er grote zeehavens rond de Atlantische oceaan, die een grote, relatieve, welvaart kenden.
Maar zelfs met het kompas, voeren schepen niet ver de oceaan in, zij waren bang voor storm, zeemonsters of het van de aardschijf afvallen (men wist toen nog niet dat de aard een bol was.
De beroemdste Persijn die in omstreeks 1224 Haarlem tegen de Kennemers beschermde, en die ter vergelding van deze dienst werd beleend met de Heerlijkheid (ambtsgebied) Amsterdam, met bewilliging van Floris de V. Jan Persijn is begraven in de abdij van Egmond "binnen hetparadijs", en schonk aan dezelfde abdij 2 pond rente. Vermeld op 5-12-1216, noemt zich dan Jan Puthen, naar de heerlijkheid,waarvan hij namens zijn 2e vrouw heer is.wordt vermeld in 1204, 1215, 1220 en 1222
Gezin van Jan I Persijn
Hij had een relatie met Aleijd van Altena
Hij is getrouwd met (2) Geb. ... van Voorne voor 5 december 1216.Bron 3
Kind(eren):
1.Geb. ... van Putten 1200-1251 Tree
2.Nicolaes I van Putten ????-< 1248 Tree
Hij had een relatie met Agnes Sijmonsdr. van Haarlem
Kind(eren):
1.Aleijd van Persijn ± 1160-1200 Tree
2.Nicolaas I Persijn ????-1255 Tree
3.Johannes Persijn ????-
4.Agnes Persijn van Waterlant 1176-± 1220 Tree
Hij is weduwnaar van Agnes Sijmondsdr van Haarlem. Hij trouwde (3), ten hoogste 66 jaar oud, vóór 05-12-1216 in ? met N.n. Hugosdr van Voorne.
Hij trouwde (2), 59 of 60 jaar oud, in 1210 in ? met de ongeveer 70-jarige
51550247 Aleijd van Altena, geboren omstreeks 1140 in ?. Zij is overleden in 1176 in ?, ongeveer 36 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Aleijd van Persijn, geboren omstreeks 1160 in Heusden (zie 25775123).
51550248 Rocolt I van Ochten, geboren omstreeks 1150 in ?. Hij is overleden in ?.
Kind van (51550248) uit onbekende relatie:
I. Godfried van Ochten, geboren omstreeks 1170 in ? (zie 25775124).
51550252 Dirk VI van Holland, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51550253 Sophia van Rheineck, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Otto I van Bentheim, geboren in 1140 in ’s - Gravenhage (zie 25775126).
51550254 Godfried I van Cuijk, geboren in 1100 in ?. Hij is overleden in 1167 in ?, 66 of 67 jaar oud.
Kind van (51550254) uit onbekende relatie:
I. Alverade van Cuijk, geboren omstreeks 1160 in ? (zie 25775127).
51550280 Godfried III van Leuven, geboren omstreeks 1140 in ?. Hij is overleden op 21-08-1190 in ?, ongeveer 50 jaar oud.
Notitie: Godfried III, bijgenaamd de Moedige en de Hertog in de Wieg (ca. 1140 – 21 augustus 1190) was van 1142 tot aan zijn dood in 1190 landgraaf van Brabant, graaf van Leuven, markgraaf van Antwerpen en voogd van Gembloers, Nijvel en Affligem. Tevens was hij hertog van Neder-Lotharingen (als Godfried VII).
Godfried volgde zijn vader Godfried II van Leuven op zeer jonge leeftijd op (vanwaar de bijnaam Dux in cunis, "de hertog in de wieg"), onder regentschap van zijn moeder Lutgardis van Sulzbach. Voor het geslacht Berthout was dit aanleiding om meer onafhankelijkheid te zoeken (Grimbergse Oorlogen). In 1147 was Godfried in Aken aanwezig bij de kroning van Hendrik Berengarius tot medekoning van Duitsland. In 1153 bezocht hij het keizerlijke hof.
Godfried trouwde in 1155 met Margaretha van Limburg om het langdurige conflict van zijn vader en grootvader met het huis van Limburg te beëindigen. In 1159 liet hij de motte van Grimbergen afbranden en beëindigde daarmee een periode van twintig jaar opstand door het huis Berthout. Hij verwierf het voogdijschap van Tongerlo en de graafschappen Aarschot (vóór 1179), Geldenaken (1184) en Duras (1189). Op rijksniveau steunde Godfried keizer Frederik I van Hohenstaufen met troepen voor zijn Italiaanse campagnes. Verder hield hij zich vooral bezig met het versterken van zijn rol als hertog van Neder-Lotharingen. Zo steunde hij in 1166 de Vlaamse expeditie tegen Floris III van Holland die inbreuk had gemaakt op de Vlaamse rechten. In 1172 moest hij echter een gevoelige nederlaag incasseren tegen Boudewijn V van Henegouwen. Godfried bevorderde de ontwikkeling van steden en gaf stadsrechten aan ’s-Hertogenbosch.
Van 1182 tot 1184 bezocht Godfried Jeruzalem. Hij onderscheidde zich bij de verdediging van de stad tegen Saladin (1183/1184). Als eerbetoon daarvoor werd Godfrieds zoon, Hendrik I van Brabant, door keizer Frederik I in het landgraafschap Brabant tot hertog verheven. Godfried en Margaretha zijn begraven in de Sint-Pieterskerk (Leuven).
Godfried en Margaretha kregen de volgende kinderen:
Hendrik I van Brabant, opvolger van zijn vader
Albert van Leuven, bisschop van Luik en heilige
Na de dood van Margaretha in 1172, hertrouwde Godfried in 1180 met Imagina van Loon.
Zij kregen de volgende kinderen:
Willem (ovl. na 1 augustus 1224), heer van Perwijs en Ruisbroek (Vlaams-Brabant). Gehuwd met Maria van Orbais, ze kregen zeven kinderen.
Godfried (ovl. ca. 1225), trok in 1196 naar Engeland en trouwde met 1199 met Alice van Hastings, weduwe van Ralph van Cornhill en erfdochter van Robert van Hastings en Mathilde van Flamville. Godfried bezat het kasteel van Eye (Suffolk) en had bezittingen bij Eye, in Buckinghamshire en in Essex (graafschap). Het Engelse geslacht de Lovaine stamt van hem af.
Na zijn dood trad zijn weduwe Imagina in het klooster. Zij werd nog vóór 1203 abdis van de abdij van Munsterbilzen
Hij is weduwnaar van Margaretha van Limburg (1135-1172), met wie hij trouwde (1), ongeveer 15 jaar oud, in 1155 in ?.
Hij trouwde (2), ongeveer 40 jaar oud, in 1180 in ? met de 29 of 30-jarige
51550281 Imagina van Loon, geboren in 1150 in ?. Zij is overleden in 1214 in ?, 63 of 64 jaar oud.
Notitie: Imagina van Loon, of Imena, (1150-1214) was een dochter van Lodewijk I van Loon, graaf van Loon en Rieneck en Agnes van Dagsburg van Metz. Zij werd in 1180 de tweede echtgenote van Godfried III van Leuven (de Moedige van Brabant) en werd de moeder van:
Willem, heer van Perwez en Ruisbroek (1180-1224), die zich in Engeland ging vestigen
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem van Leuven-Perwez, geboren omstreeks 1180 in ? (zie 25775140).
51550282 Engelram Heer van Orbais, geboren in 1140 in ?. Hij is overleden in 1197 in ?, 56 of 57 jaar oud.
Hij trouwde, 22 of 23 jaar oud, in 1163 in ? met de ongeveer 38-jarige
51550283 Juliana van Loon, geboren omstreeks 1125 in ?. Zij is overleden in 1164 in ?, ongeveer 39 jaar oud. Zij is weduwe van Godfried van Montaigu en Clermont (1125-1161), met wie zij trouwde (1), ongeveer 20 jaar oud, omstreeks 1145 in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Maria Orbais, geboren in 1180 in Oorbeek (zie 25775141).
51550284 Gerard III van Berthout, geboren in ?. Hij is overleden in 1200 in ?.
Hij trouwde in 1190 in ? met de 34 of 35-jarige
51550285 Adela van Buischeure de Rosoy, geboren in 1155 in ?. Zij is overleden in 1209 in ?, 53 of 54 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gerard IV van Mechelen Berthout, geboren in 1190 in ? (zie 25775142).
51550286 Diederik II van Beveren, geboren in 1150 in ?. Hij is overleden in 1195 in ?, 44 of 45 jaar oud.
Hij trouwde, 29 of 30 jaar oud, in 1180 in ? met de 13 of 14-jarige
51550287 Adelheid van Coucy, geboren in 1166 in ?. Zij is overleden in 1195 in ?, 28 of 29 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Agnes van Beveren, geboren in 1195 in ? (zie 25775143).
51550288 Godfried III van Leuven, geboren in 1140 in ?. Hij is overleden in 1190 in ?, 49 of 50 jaar oud. Hij trouwde (2), 39 of 40 jaar oud, in 1180 in ? met Imagine van Loon.
Hij trouwde (1), 14 of 15 jaar oud, in 1155 in ? met de ongeveer 20-jarige
51550289 Margaretha van Limburg, geboren omstreeks 1135 in ?. Zij is overleden omstreeks 1210 in ?, ongeveer 75 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hendrik I van Brabant, geboren in 1165 in Leuven (zie 25775144).
51550290 Mattheus I van de Elzas, geboren omstreeks 1138 in ?. Hij is overleden op 25-07-1173 in Driencourt, ongeveer 35 jaar oud.
Notitie: Mattheus I van de Elzas (ca. 1138 - Driencourt, 25 juli 1173) was graaf van Boulogne.
Mattheus was een zoon van de graaf van Vlaanderen, Diederik van de Elzas en Sybilla van Anjou. Hij trouwde in 1160 met Maria van Boulogne, erfgename van het graafschap Boulogne en uitgestrekte bezittingen in Engeland sinds de dood van haar laatste broer in 1159. Dit huwelijk werd gearrangeerd door Hendrik II van Engeland, en niemand trok zich er iets van aan dat Maria in 1159 abdis was van de abdij van Romsey. In 1162 vroeg Mattheus aan de paus om een bisschop aan te stellen in Boulogne. De paus weigerde en in de volgende ruzie excommuniceerde de paus Mattheus en Maria, met als grond dat hun huwelijk niet geldig was omdat Maria als non geestelijke geloften had afgelegd die ze nu niet meer trouw was. Aanvankelijk trok niemand hier zich veel van aan en Mattheus nam in 1166 deel aan een Vlaamse expeditie tegen Holland. Maar in 1168 volgde een interdict voor het graafschap Boulogne. In 1170 werd er met hulp van keizer Frederik I van Hohenstaufen een regeling getroffen waarbij Mattheus en Maria scheidden en de excommunicatie werd opgeheven. Maria trad weer in het klooster en Mattheus mocht het graafschap Boulogne behouden.
Mattheus was een trouw volgeling van koning Hendrik II en ontving van hem grote goederen in Normandië en Engeland. Hij gaf stadsrechten aan Calais. Mattheus overleed aan verwondingen door een kruisboog, tijdens het beleg van Driencourt.
Mattheus en Maria kregen de volgende kinderen:
Ida van Boulogne, erfgename van Boulogne
Mathilde van de Elzas
Mattheus hertrouwde met Eleonora van Vermandois, zij kregen een dochter die jong overleed.
Hij trouwde, ongeveer 22 jaar oud, in 1160 in ? met de 23 of 24-jarige
51550291 Maria van Boulogne, geboren in 1136 in ?. Zij is overleden in 1182 in Montreuil, 45 of 46 jaar oud.
Notitie: Maria van Boulogne (1136 - Montreuil, 1182) was een dochter van koning Stefanus van Engeland en Mathilde van Boulogne. Zij was gravin van Mortain en Boulogne.
Maria werd op jonge leeftijd door haar ouders in een klooster geplaatst. Later werd ze non in de abdij van Romsey en daar werd ze in 1155 tot abdis gekozen. Toen haar laatste broer in 1159 overleed, erfde ze het graafschap Boulogne en de grote bezittingen in Engeland die daarbij hoorden. Voor koning Hendrik II van Engeland was ze nu te belangrijk om in het klooster te laten en hij liet haar in 1160 trouwen met Mattheüs I van de Elzas, een zoon van de graaf van Vlaanderen, Diederik van de Elzas. Dit leidde tot een langdurig conflict met de paus waarin Maria en Mattheus uiteindelijk moesten toegeven. Het paar scheidde in 1170 en Maria werd non in het klooster van Saint-Austrebert (nabij Montreuil).
Maria was de moeder van:
Ida, erfgename van Boulogne
Mathilde van Boulogne
Kind uit dit huwelijk:
I. Mathilde van Boulogne, geboren omstreeks 1163 in ? (zie 25775145).
51550292 Gisebert van Oudenaarde, geboren in 1150 in Oudenaarde. Hij is overleden in 1212 in ?, 61 of 62 jaar oud.
Hij trouwde met
51550293 Richardes van Doornik-Mortagne, geboren in 1160 in ?. Zij is overleden in 1219 in ?, 58 of 59 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Arnaud van Oudenaarde, geboren in 1187 in ? (zie 25775146).
51550296 Dirk van Beveren, geboren in 1152 in Beveren. Hij is overleden in 1216 in Beveren, 63 of 64 jaar oud.
Hij trouwde met
51550297 Beatrix van Diksmuide, geboren in 1166 in ?. Zij is overleden in 1195 in ?, 28 of 29 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Dirk van Beveren, geboren in 1175 in ? (zie 25775148).
51550298 Rudolf van Coucy, geboren in 1134 in ?. Hij is overleden op 01-11-1191 in Akko, 56 of 57 jaar oud. Hij is begraven in Foigny.
Hij trouwde met
51550299 Agnes van Henegouwen, geboren in 1141 in Bergen ( België ). Zij is overleden in 1173 in ?, 31 of 32 jaar oud. Zij is begraven in Nogent.
Kind uit dit huwelijk:
I. Adelheid van Coucy, geboren in 1166 in ? (zie 25775149).
51550300 Andreas van Brienne, geboren in 1135 in ?. Hij is overleden in 1189 in Akko, 53 of 54 jaar oud.
Hij trouwde met
51550301 Adelheid van Traynel, geboren in 1155 in ?. Zij is overleden in 1222 in ?, 66 of 67 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Everhard van Brienne, geboren in 1185 in ? (zie 25775150).
51550302 Hendrik II van Blois, geboren op 22-07-1166 in ?. Hij is overleden op 10-09-1197 in Akko, 31 jaar oud.
Hij trouwde, 25 jaar oud, op 05-05-1192 in ? met de 22 of 23-jarige
51550303 Isabella van Anjou, geboren in 1169 in ?. Zij is overleden in 1205 in ?, 35 of 36 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Philippa van Blois, geboren in 1195 in ? (zie 25775151).
51550304 Dirk van Persijn, geboren in 1118 in ?. Hij is overleden in 1178 in ?, 59 of 60 jaar oud.
Hij trouwde met
51550305 Nn Aernoutsdr Spiker, geboren in 1135 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Johan I van Persijn, geboren in 1170 in ? (zie 25775152).
51550320 Hugo van Strijen, geboren in 1130 in ?. Hij is overleden in 1190 in ?, 59 of 60 jaar oud.
Hij trouwde met
51550321 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem I van Strijen, geboren in 1180 in ? (zie 25775160).
51550322 Willem van Lynden, geboren in 1165 in Lienden. Hij is overleden in 1227 in ?, 61 of 62 jaar oud.
Hij trouwde, 30 of 31 jaar oud, in 1196 in ? met de 20 of 21-jarige
51550323 Christine van Brederode, geboren in 1175 in ?. Zij is overleden in 1211 in ?, 35 of 36 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Christine van Lienden, geboren in 1195 in Lienden (zie 25775161).
51550324 Floris van Arkel, geboren in 1170 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51550325 N.N. Hugers Bottersdr van Schoonhoven, geboren in 1175 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Herbaren II van Arkel, geboren in 1195 in Langerak (zie 25775162).
51550326 Johan VII van Heusden, geboren in 1160 in ?. Hij is overleden in 1217 in ?, 56 of 57 jaar oud.
Hij trouwde, 24 of 25 jaar oud, in 1185 in ? met de 19 of 20-jarige
51550327 Aleida van Cuijk, geboren in 1165 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Aleid Alverade van Heusden, geboren in 1200 in Heusden (zie 25775163).
51550330 Willem I van Holland, geboren na 1167 in ?. Hij is overleden op 04-02-1222 in ?, ten hoogste 55 jaar oud. Hij is begraven in Rijnsburg. Hij trouwde (2), ten hoogste 30 jaar oud, in 1197 in ? met Adelheid van Gelre (±1187-±1218), ongeveer 10 jaar oud.
Hij trouwde (1) met
51550331 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Jutta van Holland, geboren in ? (zie 25775165).
51550332 Willem van Kruiningen, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51550333 Bela van Maelstede, geboren omstreeks 1200 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Godfried van Kruiningen, geboren in 1215 in ? (zie 25775166).
51550334 Hendrik van Pumbeke, geboren omstreeks 1190 in ?. Hij is overleden in 1253 in ?, ongeveer 63 jaar oud.
Hij trouwde met
51550335 Ymaina van Gageldonck, geboren omstreeks 1190 in ?. Zij is overleden in 1253 in ?, ongeveer 63 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Oda van Pumbeke, geboren in 1220 in ? (zie 25775167).
51562496 Rodolphus van Bosinchem, geboren op 08-06-1144 in Beusichem/Buren. Hij is overleden op 17-09-1174 in Vianen, 30 jaar oud.
Notitie: Notities bij Rodolphus van Bosinchem
Rodolphus was ridder. De Van Bosinchems, in tegenstelling tot de oostelijk aan hun land grenzende - en later ook verwante - heren van Buren, die tot de nobiles behoorden, naar hun afkomst, voor zover ons oog in de documenten terug kan reiken,hebben slechts tot de stand der dienstmannen. Het is goed denkbaar dat de heren van Bosinchem afstammen van een zekere Gerbrant, eerste heer van Bosinchem en Zoelen, die een jongere broeder was van Hendrick graaf van Teysterbant en getrouwd was met een dochter van Gerlacus heer van Pont, voogd van Gelre. Beide echtelieden zouden in 935 overleden en begraven zijn in de St. Walburgkerk te Tiel.
(bron: De heren van Bosinchem)
Hij trouwde met
51562497 Aleida van Heinsberg, geboren op 11-04-1148 in Slot Heinsberg ( Duitsland ). Zij is overleden op 19-07-1214 in Beusichem, 66 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hubert I van Beusichem, geboren in 1170 in ? (zie 25781248).
51562500 Steven I van Sulen - Anholt, geboren op 17-10-1125 in Anholt. Hij is overleden op 10-01-1209 in Anholt, 83 jaar oud.
Hij trouwde met
51562501 Hadewich van Wiltenburg, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Steven II Zweder van Zuylen, geboren in 1160 in ? (zie 25781250).
51562502 Hendrik van Amstel, geboren in 1146 in ?. Hij is overleden in 1172 in ?, 25 of 26 jaar oud.
Hij trouwde met
51562503 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Henrica Van Abcoude, geboren in 1165 in ? (zie 25781251).
51562504 Dirk I van Voorne, geboren omstreeks 1135 in Oostvoorne. Hij is overleden in 1189 in ?, ongeveer 54 jaar oud.
Notitie: Dirk I van Voorne (ca. 1135, 1189) had de adellijke titel Heer van Voorne (van 1156 tot 1189). Zijn vader was Hugo III van Voorne, en hoorde tot het adellijke geslacht Van Voorne
Hij is getrouwd met een dochter van Unarch van Nadelwick, Heer van Naaldwijk en verwierf zo Naaldwijk. In latere jaren zou die heerlijkheid door een jongere tak van de familie Voorne worden bestuurd.
Hij voerde als wapen een gouden aanziende leeuw op rood. Hij liet de Burcht van Voorne bouwen (samen met zijn broer Floris van Voorne).
Kind(eren):
Hugo (ovl. na 1215)
Dirk II van Zeeland Van Voorne 1170-1228
Bartholomeus van Voorne Van Naaldwijk 1170-????
een dochter (naam onbekend)
Notities bij Dirk I van Voorne
Dirk I van Voorne, geb. circa 1130, vermeld 1174-1188, ovl. in 1189.
Heer van Voorne 1175/89. Hij wordt vermeld op 3 oktober 1174, samen met zijn oudste broer Floris, heer van Voorne; hij volgt zijn neef Hugo op als heer van Voorne en neemt dezelfde plaats in als zijn broer Floris in het gevolg van de graaf; het van Voorne bezit blijkt na het vererven daarvan, door de broers Dirk en Hugo verdeeld te zijn, waarbij Dirk de heerlijkheid zelf verkreeg en Hugo in leen van Dirk verkreeg, het deel langs de Striene, met de parochie Putten.
Hij is mogelijkde bouwer van de burcht Oostvoorne en voerde als wapen een gouden aanziende leeuw op rood.
(bron: Europaïsche Stammtafeln - Gens Nostra)
Hij trouwde met
51562505 Hadewich Unarchdr van Naaldwijk, geboren omstreeks 1140 in ?. Zij is overleden in 1200 in ?, ongeveer 60 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Dirk II van Voorne, geboren in 1170 in ? (zie 25781252).
51562506 Hendrik II van Kuyc, geboren omstreeks 1130 in ?. Hij is overleden in 1204 in ?, ongeveer 74 jaar oud.
Notitie: Notities bij Hendrik I I van Kuyc (ook van Cuyck - Ook Van Malsen)
Hendrik II van Cuyck, geb. circa 1130, ovl. in 1204,
ridder, vermeld 1157/58-1204, (stads)graaf van Utrecht, leenman van Keulen en Brabant voor het land van en het kasteel te Herpen 1191, voogd van St. Jan te Utrecht, kruisvaarder, heer van Cuijk, stadsgraaf van Utrecht.
(bron: De Heren van Kuyc 1096-1400)
Vermoedelijk was het Land van Herpen omstreeks 1140 een allodium dat in het bezit was van de Heren van Rhenen. Tot 1178 was de heerlijkheid Herpen in handen van Dirk van Rhenen (ca. 1111-1178), burggraaf van Utrecht. Hij was een broer van Godfried van Rhenen (? 27 mei 1178), de toenmalige bisschop van Utrecht. Dirk’s enige erfgenaam was zijn dochter Sophia van Rhenen. Zij was omstreeks 1160 getrouwd met Hendrik II van Cuijk (ca. 1130-1204), heer van Cuijk en Grave (later eveneens burggraaf van Utrecht). Haar man droeg de tot dan toe allodiale heerlijkheid Herpen (allodium de Herpen) aan hertog Hendrik I van Brabant in leen op. Hendrik II van Cuijk werd in 1191 dus zelf de leenheer. Herpen was Brabants geworden.
(bron: nl.wikipedia.org)
Hij trouwde, ongeveer 30 jaar oud, omstreeks 1160 in ? met
51562507 Sophia van Rhenen. Zij is overleden na 1203.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alvaradis van Cuyk, geboren omstreeks 1165 in ? (zie 25781253).
51562508 Jan II van Cysoing, geboren omstreeks 1177 in ?. Hij is overleden na 1220, minstens 43 jaar oud.
Notitie: Hij was ridder.
Jan II van Cysoing , ridder (1182), heer van Petegem en Cysoing (1197). Hij tr. Mabelia van Guines , (dochter van Boudewijn van Guines en Christina van Ardres ) ovl. na 1197. Jan overleed na1220, is vermeld 1177-1220. (Guines is een plaatsje bij Duinkerken).
Hij trouwde met
51562509 Mabelia van Guines, geboren in 1170 in ?. Zij is overleden in 1197 in ?, 26 of 27 jaar oud.
Notitie: Persoonlijke gegevens Mabelia van Guines
Beroep: Vrouwe van Cysoing.
Kind uit dit huwelijk:
I. Jan III van Cysoing, geboren na 1190 in Petegem (zie 25781254).
51562510 Giselbrecht I van Bourghelles, geboren in 1155 in Bourghelles. Hij is overleden na 1237 in ?, minstens 82 jaar oud.
Notitie: Functie: waarnemend burggraaf van Rijsel.
ridder Heer van Quicampois te Flers vermeld 1185, 1190-1238
Hij trouwde, ongeveer 35 jaar oud, omstreeks 1190 in ? met de ongeveer 15-jarige
51562511 Ermengardis van Rijssel, geboren in 1175 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Maria van Bourghelles, geboren in 1180 in ? (zie 25781255).
51562512 Folpert van Arkel, geboren in 1110 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij begon een relatie met
51562513 N.N..
Kind uit deze relatie:
I. Floris Herbaren I van der Lede, geboren in 1140 in Langerak ( Liesveld ) (zie 25781256).
51562514 Willem van Altena, geboren in 1100 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51562515 Alida van der Louw, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Adelheid Willemsdr van Altena, geboren in 1145 in ? (zie 25781257).
51562516 Arend I van Heusden, geboren in 1130 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51562517 Justine van Heeze-Millen, geboren in 1132 in ?. Zij is overleden in 1200 in ?, 67 of 68 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Johan VII van Heusden, geboren in 1160 in ? (zie 25781258).
51562518 Hendrik III van Cuijk, geboren in 1140 in ?. Hij is overleden in 1205 in ?, 64 of 65 jaar oud.
Hij trouwde, 19 of 20 jaar oud, in 1160 met de 14 of 15-jarige
51562519 Sophia van Rhenen, geboren in 1145 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Aleida van Cuijk, geboren in ? (zie 25781259).
51562524 Dirk VI van Holland, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51562525 Sophia van Rheineck, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Otto I van Holland, geboren omstreeks 1135 in ? (zie 25781262).
51562526 Godfried I van Kuijk, geboren in 1100 in ?. Hij is overleden in 1157 in ?, 56 of 57 jaar oud.
Hij trouwde met
51562527 Jutta van Arnsberg, geboren omstreeks 1105 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Alvaradis van Arnsberg, geboren omstreeks 1140 in ? (zie 25781263).
51562560 Folpert van de Lecke, geboren in 1130 in ?. Hij is overleden in 1168 in ?, 37 of 38 jaar oud.
Kind van (51562560) uit onbekende relatie:
I. Giselbert van der Lecke, geboren vóór 1160 in ? (zie 25781280).
51562564 Steven van Smitshuizen, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51562565 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Hendrik van Smitshuizen, geboren in 1160 in ? (zie 25781282).
51562580 Floris III van Holland, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51562581 Ada van Schotland, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem I van Holland, geboren in ? (zie 25781290).
51562598 Wouter I van Egmond, geboren in ?. Hij is overleden op 13-09-1208 in ?. Hij is begraven in Egmond a/d Hoef.
Hij trouwde met
51562599 Mabelia van IJsselmonde, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Halewine van Egmond, geboren in 1175 in ? (zie 25781299).
51562608 Hendrik III van Cuijk, geboren in 1140 in ?. Hij is overleden in 1205 in ?, 64 of 65 jaar oud.
Hij trouwde met
51562609 Sophia van Rhenen, geboren in 1145 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Albert van Cuijk, geboren in 1165 in ? (zie 25781304).
51562616 Wouter I van Egmond, geboren omstreeks 1145 in ?. Hij is overleden op 13-09-1308 in Egmond a/d Hoef, ongeveer 163 jaar oud.
Hij trouwde met
51562617 Mabelia van IJsselmonde, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem I van Egmond, geboren omstreeks 1180 in ? (zie 25781308).
51562620 Simon van Haarlem, geboren in ?. Hij is overleden in 1215 in ?.
Hij trouwde met
51562621 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Wouter van Haarlem, geboren in 1185 in ? (zie 25781310).
51562624 Wouter I van Egmond, geboren omstreeks 1145 in ?. Hij is overleden op 13-09-1208 in Egmond, ongeveer 63 jaar oud. Hij is begraven in Egmond Abdij.
Notitie: Wouter van Egmont (ook wel Beerwout III) (ca.1145 - Egmond aan den Hoef, 13 september 1208) was Heer van Egmont.
Hij was een zoon van Allard van Egmond en een vrouw uit het geslacht Van Henegouwen. Hij was aanwezig bij een grondschenking (de Albrandswaart, nabij Putten) aan de Abdij ter Duinen, Dirk VII van Holland is hierbij als getuige aanwezig. Wouter streed onder Willem I van Holland in de Loonse Oorlog (1204 - 1205) tegen Lodewijk II van Loon. Tijdens deze oorlog werd zijn Kasteel Egmond verwoest waarna hij samen met Beljaart, heer van Beverwyck een aantal Kennemerse divisies leidde, hij kreeg tijdens deze periode de bijnaam De kwade. Na de oorlog begon hij aan de wederopbouw van zijn kasteel. Hij bleef net zo als zijn voorvaderen in conflict over betalings wijzen met de Abdij van Egmond, die hem als bijnaam Kwade Wouter gaven.
Wouter huwt met Mabelia van IJsselmonde, waarmee hij minstens twee zonen krijgt:
Willem I van Egmont (1180 - 1234)
Gerard van Egmont (overleden 1217)
Hij trouwde met
51562625 Mabelia van IJsselmonde, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem I van Egmond, geboren in ? (zie 25781312).
51562626 Gijsbrecht I van Amstel, geboren omstreeks 1145 in ?. Hij is overleden omstreeks 1200 in ?, ongeveer 55 jaar oud.
Notitie: Gijsbrecht I van Amstel (ca.1145 - tussen 1188 en 1200) was heer van Amstelland van 1172 tot na 1188.
Hij was een zoon van Egbert van Amstel. Hij komt in 1176 voor in een geschrift van Boudewijn, de proost van het kapittel van Sint-Marie te Utrecht. Het zou hier kunnen gaan om een schuld die zijn vader nog had uitstaan. In 1178 komt hij nog voor in een getuigenis van bisschop Godfried van Rhenen. In 1188 komt hij het laatst voor en wordt hij in een oorkonde van de Utrechtse bisschop Boudewijn II van Holland onder de getuigen vermeld, onmiddellijk na graaf Floris III van Holland.
Gijsbrecht kreeg (minstens) vier zonen en een dochter:
Gijsbrecht II van Amstel
Dirk (ovl. 1227), deken van Sint-Jan te Utrecht
Egbert
Egidius, heer van Mijnden
Rixa
Hij trouwde met
51562627 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Badeloch van Amstel ( Haarlem ), geboren in 1175 in ? (zie 25781313).
51562632 Hugo van Teijlingen, geboren in 1100 in ?. Hij is overleden na 1165 in ?, minstens 65 jaar oud.
Kind van (51562632) uit onbekende relatie:
I. Willem I van Teijlingen, geboren in 1156 in ? (zie 25781316).
51562634 Otto I van Bentheim, geboren omstreeks 1140 in Bentheim. Hij is overleden in 1208 in ?, ongeveer 68 jaar oud.
Notitie: Otto I van Bentheim (ca. 1140 - 1208/09) was graaf van Bentheim. Hij was een jongere zoon van graaf Dirk VI van Holland en Sophia van Rheineck. Van zijn grootmoeder van moederskant, Geertruid van Northeim, erfde hij het graafschap Bentheim.
Otto begeleidde zijn moeder naar het Heilige Land in 1173. In 1187 werd hij genoemd als burggraaf van Coevorden. Otto nam deel aan de derde kruistocht, samen met zijn broer Floris III van Holland. In 1196 streed hij tegen de burggraaf van Coevorden. Otto steunde zijn neef Willem I van Holland in diens geslaagde poging om de macht over Holland te verwerven, ten koste van Ada van Holland (gravin)
Otto was gehuwd met Alveradis van Arnsberg (ca. 1160 - 1230), erfdochter van Malsen, dochter van Godfried I van Cuijk (1100-1167). Zij kregen de volgende kinderen:
Egbert, vermoord ca. 1210
Boudewijn I van Bentheim, opvolger van zijn vader
Otto, 1203 bisschop van Münster
Gertrud (ovl. 1240), kanunnikes te Freckenhorst, 1219 abdis van Metelen
Marina, gehuwd met Ricolt van Ochten
Agniese, gehuwd met Willem van Teylingen
Hij trouwde, ongeveer 32 jaar oud, omstreeks 1172 in ? met de ongeveer 22-jarige
51562635 Alvaradis van Arnsberg, geboren omstreeks 1150 in ?. Zij is overleden in 1230 in ?, ongeveer 80 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Agniese van Bentheim, geboren in 1174 in Bentheim (zie 25781317).
51562636 Herman van Heusden, geboren in 1100 in ?. Hij is overleden in 1145 in ?, 44 of 45 jaar oud.
Notitie: Notities bij Herman Heer van Heusden
Heer van Heusden (1153-1168)
In ca. 1125 kastelein (burggraaf) van (Oud-)Heusden.
Arnold I van Rode lag rond 1108 met de abt van de abdij van Sint-Truiden overhoop over de tienden van Baardwijk. Hij claimde die tienden in leen te houden van de bisschop van Utrecht. In die tijd had ook de graaf van Gelre met medeweten van de bisschop, zich diverse bezittingen toegeëigend. De bisschop van Utrecht zal derhalve weet hebben gehad van de activiteiten van Arnold I van Rode. Arnold I zal in of in de naaste omgeving van Baardwijk dan ongetwijfeld Stichts leenman zijn geweest voor enig bezit, want anders had zou hij dat excuus niet hebben aangevoerd. Derhalve moet Arnold I in Baardwijk of naaste omgeving enig bezit met minstens een centrale hof hebben gehad van waaruit hij de tienden zal hebben geïnd. Het gebied Baardwijk valt later onder het Land van Heusden. De herkomst van de heren van Heusden is, zoals bij zovele adellijke geslachten, onbekend. Wanneer zij uit het duister van de middeleeuwen plotseling in oorkonden opduiken, blijken zij echter al dadelijk van hoge rang te zijn. Zij worden in de oorkonden uit de 13e eeuw ook wel als nobilis viri aangeduid . De oudst aanvaarde stamvader van de heren van Heusden (oorspronkelijk Oud-Heusden) is een Arnold die omstreeks 1150/60 zal zijn gehuwd.
Er zijn twee oudere naamdragers: Wiger van Heusden (eenmaal tussen 1108/1121) en Herman ([ca. 1125 en 1144] (Thijssen, Chr.(2000). Nogmaals de heren van Heusden, in: Met Gansen Trou, 50e jaargang, pag. 6). De voornaam Herman is opvallend vanuit de wetenschap dat ook de schoonvader van Arnold I van Rode deze naam droeg. Gezien de vernoeminggewoonten ligt het in de lijn van de verwachting dat Arnold I een zoon uit zijn huwelijk met [Heilwig] van Cuijk de voornaam Herman zal hebben gegeven. Deze zal op zijn beurt de voornaam Arnold aan zijn oudste zoon hebben gegeven. Zowel de Van Rodes als de Van Heusdens waren een hoogadellijk geslacht. De oudste herkomst van de Van Heusdens is onbekend. De verdere geschiedenis van het Rooise goederenbezit eveneens.
Rond 1108 had Arnold I van Rode bemoeienis met de tienden van Baardwijk. Later is Baardwijk een van de elf benedendorpen van het Land van Heusden. Vanuit genealogisch-historisch perspectief is het dus verdedigbaar in Herman van Heusden een zoon kunnen zien van Arnold I van Rode uit diens huwelijk met [Heilwig] van Cuijk, dochter van Herman van Malsen/Cuijk en Alverade [van Hochstaden].
Herman van Heusden ging omtrent 1144 met keizer Koenraad op kruistocht naar het Heilig Land en sneuvelde daar (Spaen, Baron W.A. van (1804). Oordeelkundige Inleiding tot de historie van Gelderland, deel 3, Utrecht
http://gw0.geneanet.org/index.php3?b=bergsmit&lang=nl;pz=jacobus+frederik+theodorus;nz=bergman;ocz=0;p=herman;n=van+rode
Hij trouwde met
51562637 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Johan VII van Heusden, geboren in 1160 in ? (zie 25781318).
51562644 Willem van Brederode, geboren in 1150 in ?. Hij is overleden in ?.
Notitie: Notities bij Willem van Brederode
Dirk I Heer van Brederode is de eerste Heer van Brederode (zie aldaar). Er is dus waarschijnlijk geen familierelatie tussen deze Brederode en de Heren van Brederode
Hij trouwde met
51562645 Margarethe van Lippe, geboren in 1155 in ?. Zij is overleden in 1210 in ?, 54 of 55 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem van Lynden, geboren in 1165 in Lienden (zie 25781322).
51562646 Willem van Brederode, geboren in 1150 in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51562647 Margaretha van Lippe, geboren in 1155 in ?. Zij is overleden in 1210 in ?, 54 of 55 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Christine van Brederode, geboren in 1175 in ? (zie 25781323).
51562648 Herbaren I van der Lede, geboren in 1140 in Langerak. Hij is overleden omstreeks 1200 in ?, ongeveer 60 jaar oud.
Notitie: Herbaren I van der Lede (Latijn; Harbernus de Leda (Liethen)) (Langerak, 1140 - omstreeks 1200) was heer van Ter Leede.
Herbaren I was de stamvader van het huis Ter Leede. Hij werd als getuige genoemd bij een samenkomst van Hardbertus, bisschop van Utrecht in 1143; mogelijk ging het hier om de doping van Herbaren. In een Hollandse kroniek wordt hij beschreven als Harbernus de Liethen, mogelijk gaat het over een vorm- of drukfout, want Liethen verwijst naar de oude benaming van Leiden. Onder zijn leiding werd mogelijk het Mottekasteel gebouwd dat bij het recht van ter Leede stond (enkele kilometers ten zuiden van Leerbroek). Wordt genoemd als ambachtsheer van Haastrecht.
Herbaren huwde met Adelheid een dochter van Willem van Altena en zij kregen minstens twee zonen:
Floris Herbaren van der Lede (1170-1207)
Folpert van der Lede (1175-1212) (soms genoemd als Walpertus de Leda)
Hij trouwde, 29 of 30 jaar oud, in 1170 in ? met
51562649 Adelheid van Altena, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Floris Herbaren van der Lede, geboren omstreeks 1170 in ? (zie 25781324).
51562652 Arnold I van Heusden, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51562653 Justine van Heeze-Millen, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Jan I van Heusden, geboren omstreeks 1160 in Heusden (zie 25781326).
51562808 Steven II Zweder van Zuylen, geboren in 1160 in ?. Hij is overleden in 1220 in ?, 59 of 60 jaar oud.
Notitie: Notities bij Steven II van Zuylen
Steven II van Sulen van Anholt, heer van Anholt, Sweserengen en Westbrouck (1181-1249), was scheidsrechter in het geschil tussen de graaf van Kleef, de aartsbisschop van Keulen en de hertog van Luxemburg in 1217, wat resulteerde in het verdrag van Keulen (juni 1231), trouwde met Henrica van Abcoude
Volgens de overlevering zouden de Heren van Zuylen afstammelingen zijn van het Romeinse patriciersgeslacht Colonna. Toen zij zich hier vestigde, zo gaat het verhaal, vertaalde ze hun naam en lieten ze zicht Van Zuylen noemen.
Het geslacht van Zuylen dat de eigenaar was van Kasteel Anholt (begin 14e eeuw) net over de grens van Duitsland, sterft in 1380 in mannelijke lijn uit met het overlijden van Frederik van Zuylen. Zijn zus Alienora erft de goederen in Het Gesticht, terwijl een andere zuster Elborch gehete Anholt erft. Alienora was in 1372 in het huwelijk getreden met Edelman van Borselen waarmee de bezittingen Zuylen aan het geslacht Borselen toekwamen.
Hij trouwde met
51562809 Henrica van Abcoude, geboren in 1165 in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gijsbrecht van IJsselstein van Zuylen, geboren omstreeks 1195 in ? (zie 25781404).
51562956 Gerard van Rieneck, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij is de biologische vader van het kind van
51562957 Kunigunde van Zimmern, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind van (51562956):
I. Arnold IV van Loon, geboren in ? (zie 25781478).
51562960 Diederik VI van Kleef, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Notitie: Vader Diederik V van Kleef
Moeder Margaretha van Holland
Diederik VI (Diederik IV volgens een andere telling)[1] (1185-1260) was de oudste zoon van graaf Diederik V van Kleef en Margaretha van Holland. Rond 1198 volgde hij als minderjarige zijn vader op als graaf van Kleef en werd de echte stichter van de staat Kleef. Diederik bevorderde de nederzettingen en stichtte vele gemeenten en steden, zoals Kleef, Kalkar en Wesel. In de Loonse oorlog koos hij in 1203 partij voor zijn nicht Ada. Hij stelde zich op als een trouw aanhanger van de keizer Frederik II. In de Vlaams-Henegouwse Successieoorlog van 1248, koos hij partij tegen het Huis Dampierre en verwierf zo Gehlen, Castrop, Mengede, Hülchrat, het bosgraafschap Wesel en de voogdij van Willibrord in Wesel en Dinslaken en verstevigde zijn positie aan de Beneden-Rijn.
Diederik was gehuwd met:
##Mathilde van Dinslaken (-1224), erfgename van Dinslaken,
##Hedwig van Meißen (-1249), dochter van markgraaf Diederik van Meißen,
en werd vader van:
##Diederik (1214-1245), graaf van Dinslaken
##Margaretha (-1251), die in 1241 huwde met graaf Otto II van Gelre (-1271)
##Diederik VII van Kleef (-1275)
##Graaf Diederik van Saarbrücken (-1277)
##Jutta (-1275), gehuwd met graaf Walram V van Berg-Limburg
##Agnes , die huwde met Bernhard IV van Lippe (-1275) en met graaf Rudolf II van Diepholz (-1303)
##Everhard.
Hij trouwde met
51562961 Hedwig van Meissen, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Diederik VII van Kleef, geboren in ? (zie 25781480).
51929216 Hendrik II van Kuyc, geboren omstreeks 1130 in ?. Hij is overleden in 1204 in ?, ongeveer 74 jaar oud.
Notitie: Beroep: ridder, stadsgraaf van Utrecht. ,leenman van Keulen en Brabant voor het land en van het kasteel te Herpen (1191) en Kruisvaarder.
Notities bij Hendrik II van Kuyc
Hendrik was voogd van St.Jan te Utrecht. Hij komt voor als Hendrik van Malsen en als Hendrik van
Kuyc. Hij wordt vermeld van 1157/58-1204.
Heer van Cuyk; door huwelijk heer van Herpen, vermeld tussen 1157 en 1204; stadsgraaf van Utrecht;
voogd van de St. Jan in Utrecht.
NL 1949 kol 287:
Heinricus comes de Cuich ( 1166, OB. Sticht I, no. 453. 22 Februari 1166) of wel Comes
Traiectensis Hanricus de Cuik wordt in de jaren 1166-1204 herhaaldelijk vermeld: in 1172 (OB.
Sticht I, no. 473, anno 1172, 18 juni-24 september) en 1177 .a. oo k als Comes
Traiectensis; in 1198 naam Henric van Kuik, graaf van Utrecht, deel aan de koningskeuze van de
Welfen-Koning Otto IV en in 1200 verscheen hij met zijn zoon Albert aan het hof van de hertog van
Braband te Leuven; eindelijk in 1204 (OB. Sticht II no . 567, anno 1204) vindt men hem voor het
laatst als Henricus de Kuc in de oorkonden vermeld en niet zo heel lang daarna zal hij gestorven
zijn.
Hij trouwde, ongeveer 30 jaar oud, omstreeks 1160 in ? met
51929217 Sophia van Rhenen, geboren in ?. Zij is overleden na 1203 in ?.
Notitie: Zij was erfdochter van Herpen.
Kind uit dit huwelijk:
I. Albert ( Albrecht ) van Kuyc, geboren omstreeks 1160 in ? (zie 25964608).
51929218 Rutger van Meerheim, geboren omstreeks 1150 in ?. Hij is overleden in 1212 in ?, ongeveer 62 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 25 jaar oud, omstreeks 1175 in ? met
51929219 Aleyd van Horne ( Aleidis van Altena ), geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Notitie: Ook bekend als Heilwig, Margaretha van Merum.
Titel: Erfdochter van Merum en half Asten
Kind uit dit huwelijk:
I. Hadewich van Meerheim, geboren in 1170 in ? (zie 25964609).
51929224 Ruprecht van Nassau, geboren omstreeks 1110 in ?. Hij is overleden vóór 13-05-1154 in ?, ten hoogste 44 jaar oud.
Notitie: Rupert I, graaf van Laurenburg en vanaf 1123 graaf van Nassau.
Rupert was de oudste zoon van graaf Dudo van Laurenburg. Zijn moeder was een dochter van graaf Lodewijk II van Arnstein (Anastasia). Graaf Dudo richtte in 1080 Laurenburg op en daarna de fundamenten van de burcht Nassau in 1100. Samen met zijn broer Arnold I van Laurenburg regeerde Rupert vanaf 1120 in de burcht Nassau en noemde zich voortaan Graaf van Nassau. Deze titel werd vanaf 1159 na zijn dood door de Aartsbisschop van Trier erkend. In 1124 werd Rupert voogd van het Heerschap Weilburg, die hij van het bisdom Worms in leen had gekregen. Idstein volgde in 1122 en samen met Weilburg behoorde dit tot leen van de Nassaus. Rupert kon door deze lenen het huis Nassau onafhankelijk maken of onafhankelijk laten blijven.
Hij moet zijn overleden vóór 13 mei 1154.
Rupert I trouwde vóór 1135 met Beatrix van Limburg, overleden 12 juli (ná 1164), dochter van Walram II de Heiden, graaf van Limburg en hertog van Neder-Lotharingen en Jutta van Gelre (dochter van Gerard I van Gelre). Met haar had hij de volgende kinderen:
Arnold II, graaf van Laurenburg 1151-1154, komt nog voor op 1 april 1158
Rupert II, graaf van Laurenburg 1154-1158, overleed vermoedelijk circa 1159
(mogelijk) Gerard van Laurenburg, vermeld 1148
(mogelijk) Walram I
Onzekerheden
De chronologie van graven Laurenburg is nogal onzeker. De link tussen Rupert I en Walram I is erg omstreden. Wat wel vaststaat over Rupert I is dat hij was getrouwd met Beatrix van Limburg en twee kinderen had, Arnold en Rupert.
Hij trouwde, ten hoogste 25 jaar oud, vóór 1135 in ? met de ten hoogste 20-jarige
51929225 Beatrix van Limburg, geboren omstreeks 1115 in ?. Zij is overleden omstreeks 1160 in ?, ongeveer 45 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Walram van Nassau, geboren omstreeks 1146 in ? (zie 25964612).
51929228 Hendrik I van Gelre, geboren omstreeks 1117 in ?. Hij is overleden in 1182 in ?, ongeveer 65 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 18 jaar oud, in 1135 in ? met de ongeveer 27-jarige
51929229 Agnes van Arnstein, geboren omstreeks 1108 in ?. Zij is overleden vóór 1179 in Echternach, ten hoogste 71 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Otto I van Gelre, geboren omstreeks 1150 in ? (zie 25964614).
51929230 Otto I van Beieren, geboren in 1117 in Kelheim. Hij is overleden op 11-07-1183 in Pfullendorf, 65 of 66 jaar oud. Hij is begraven in Klooster Scheyern.
Notitie: Otto I van Beieren (Kelheim, 1117 - Pfullendorf, 11 juli 1183), uit het huis Wittelsbach, was hertog van Beieren. Hij was de eerste uit zijn geslacht met deze functie en zijn nakomelingen zouden tot 1918 hertog en later koning van Beieren zijn.
Otto maakte aanvankelijk carrière als legeraanvoerder van keizer Frederik I van Hohenstaufen. In 1152 veroverde hij de "kluis van Verona", een strategische bergpas die de weg van Duitsland naar Verona (en het Italiaanse laagland) controleerde. In 1154 was hij legeraanvoerder van Frederiks Italiaanse campagne. En in 1155 gaf hij met groot persoonlijk gevaar leiding aan de achterhoede toen Frederik in de Alpen in een hinderlaag was gelopen, waardoor Frederik zich in veiligheid kon stellen. Otto volgde in 1156 zijn vader op als paltsgraaf van Beieren. Hij was ook voogd van het bisdom Freising, de abdij van Weihenstephan in Freising, het klooster van Geisenfeld en het klooster van Ensdorf.
Otto nam in 1157 deel aan de rijksdag van Besançon. Daar kwam het tot een conflict tussen de pauselijke legaat (de latere paus Alexander III) en de keizer, over de vraag of de paus gezag had over de keizer. De emoties liepen zo hoog op dat Otto de legaat bijna heeft gedood. In 1159 was de legaat inmiddels tot paus gekozen en Otto organiseerde de verkiezing van de tegenpaus Victor IV (Octavianus) en gaf hem militaire steun. Paus Alexander was hierdoor gedwongen naar Frankrijk te vluchten. Na de dood van Victor werd die opgevolgd door tegenpaus Paschalis III en na diens dood had Otto weer de hand in de verkiezing van tegenpaus Calixtus III.
In Duitsland ontpopte Otto zich als een bekwaam bestuurder en politicus. Hij werkte voortdurend aan de versterking van zijn eigen positie terwijl hij een belangrijke bondgenoot was van keizer Frederik in diens politieke krachtmeting met Hendrik de Leeuw. Ook voerde hij voor Frederik een aantal diplomatieke missies uit in Italië en het Byzantijnse Rijk. In 1180 nam Frederik het hertogdom Beieren af van Hendrik, en benoemde Otto tot hertog. In 1183 kocht Otto het graafschap Dachau. In dat jaar was hij ook aanwezig toen in Konstanz (stad) de vrede werd gesloten tussen de keizer en de Italiaanse steden. Otto was daarna nog aanwezig op een rijksdag in Regensburg, en overleed op weg naar huis. Hij werd begraven in het klooster van Scheyern, een vroeger kasteel van de familie.
Otto huwde (ca. 1157) met Agnes van Loon (ca. 1150 - 26 maart 1191), dochter van graaf Lodewijk I van Loon, en werd vader van:
vermoedelijk Otto (ovl. ca. 1178), begraven te Ensdorf
vermoedelijk Ulrich, jong overleden
vermoedelijk Agnes, jong overleden
Heilika (ovl. ca. 1200), die huwde met halgraaf Diederik van Wasserburg, vier kinderen
Agnes (ovl. ca. 1200), die huwde met graaf Hendrik van Plain (-1190), drie zoons
onbekende dochter, die huwde met graaf Adelbert III van Dillingen (-1214), begraven te Neresheim, zeven kinderen
Richarda, die in 1186 huwde met graaf Otto I van Gelre
Elisabeth (ovl. ca. 1190), die huwde met graaf Berthold III van Vohburg (-1204), begraven te Biburg, geen kinderen
Lodewijk I (1173-1231), die huwde met Ludmilla van Bohemen
Sophia (1171-1238), die huwde met landgraaf Herman I van Thüringen (1155-1217),
Na de dood van Otto trad Agnes van Loon op als regent voor Lodewijk. Zij werd bij haar man begraven in Scheyern.
Hij trouwde, ongeveer 40 jaar oud, omstreeks 1157 in ? met
51929231 Agnes van Loon, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Richarda van Wittelsbach, geboren in 1173 in Kelheim (zie 25964615).
51929284 Albert van Kuyc, geboren omstreeks 1060 in ?. Hij is overleden in 1233 in ?, ongeveer 173 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 135 jaar oud, omstreeks 1195 in ? met
51929285 Hadewich van Merum, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Hendrik III van Kuyc, geboren omstreeks 1195 in ? (zie 25964642).
51929600 Willem I van Egmond, geboren omstreeks 1180 in ?. Hij is overleden op 17-05-1234 in ?, ongeveer 54 jaar oud.
Notitie: Willem I van Egmont (ca.1180 - Elbe, 17 mei 1234) was Heer van Egmont.
Hij was een zoon van Wouter van Egmont en Mabelia van IJsselmonde. Hij werd op 28 augustus 1215 tot rentmeester of voogd van de Sint-Adelbertabdij benoemd, dit deed hij tot 1221. Hij liet in 1227 een kapel bouwen bij het slot aan de hoeven. Hij was onder de aanzienlijke edelen ten tijden de graven Willem I en Floris IV, was even als zijn vader, advocatus der abdij en werd in 1227 door de abt met verschillende goederen beleend, zodat hij blijkbaar de leenheerschappij der abten erkende, al twistte hij ook langdurig met hen over rechten, die hij aan zichzelf ontleende. In het voorjaar van 1234 trok hij mee met Floris IV van Holland als vazal om de stedingers een halt toe te roepen, in een van de veldslagen nabij de Elbe werd Willem gedood. Zijn lichaam werd teruggebracht en begraven in het slotkapel in Egmond aan den Hoef.
Willem was gehuwd met Badeloch van Haarlem, waarmee hij minstens een zoon had:
Gerard van Egmont
Notities bij Willem I van Egmond
Hij was advocatus van de abdij, vermeld op 28 aug 1215 en in juli 1221.
Hij was leenvolger van zijn vader Wouter I van Egmond.
Hij was onder de aanzienlijke edelen ten tijde van de graven Willem I en Floris IV en was, evenals
zijn vader, advocatus van de abdij en werd in 1227 door de abt met verschillende goederen
beleend, al twistte hij ook langdurig met hen over de rechten, die hij aan zich getrokken zou
hebben.
In het voorjaar van 1234 vergezelde hij Floris IV met vele andere edelen op diens kruistocht tegen
de Stedingers aan de Elbe; hijzelf liet er het leven op 17-05-1234 en is begraven in de kapel,
welke hij aan het door hem herstelde slot op de Hoef had doen bouwen.Abdij van Egmond;
toegangsnummer: 356; 4. Regestenlijst:
27.1226 December
Henricus, abt van Hecmunda, Isbrandus, prior, en convent verklaren Wilhelmus, advocaat van de kerk
van Hecmunda, de advocatie, door hem onder goede titel in leen gehouden, en alle leengoederen,
welke hij van de kerk heeft, op zodanige voorwaarde verleend te hebben, dat zijn oudste dochter
genoemde advocatie en lenen zal verkrijgen, wanneer hij geen wettige zoon nalaat, terwijl zijn
oudste wettige broeder zal opvolgen, wanneer hij geen wettige dochter zal nalaten.
a. Gevidimeerd in den brief d.d. 1310 januari 18 (Reg.no. 151).
b. Afschrift (Inv.no. 3, fol, 25).
c. Afschrift z.j., (Inv.no. 100).
28.1227 November
Henricus, abt van Hecmunda, verklaart ter vermijding van twisten over de opvolging der goederen,
welke heer Wilhelmus van Hecmunda onder goede titel als leengoederen bezit, op zodanige
voorwaarde in leen te hebben gegeven, dat deze in het geslacht van Wilhelmus blijven zullen; dat
deze goederen in geval Wilhelmus zonder zonen of dochters na te laten overlijdt, aan de
nakomelingen van dezen zullen komen en vervolgens aan de naaste mannelijke of vrouwelijke wettige
erfgenamen zullen overgaan, met dien verstande, dat bij gelijke graad van verwantschap het
mannelijk geslacht zal voorgaan.
a. Afschrift (Inv.no. 3, fol, 25 vo).
b. Afschrift z.j. (Inv.no. 100).
29.1228 Augustus 16 (actum apud Egmundam)
H(enricus), abt van Egmunda, verklaart in overleg met zijn broeders aan Wilhelmus de Egmunda,
advocaat van het klooster, op diens verzoek, in erfelijke huurwaar te hebben gegeven zeker land,
genoemd Altrudelant, zoals Altrude deze landen bij haar leven bezeten heeft en op voorwaarde, dat
genoemde Wilhelmus jaarlijks 3 ponden en 15 denariën zal betalen; dat zijn erfgenamen het land op
dezelfde voorwaarden zullen hebben en dat Wilhelmus of zijn opvolgers het land aan anderen in
huurwaar of ter bezaaiing zullen kunnen geven.
a. Oorspr. (Inv.no. 311), Met rest van het zegel in witte was van den oorkonden.
b. Afschrift (Inv.no. 3, fol, 26 vo).
30.1228 November 25
lsbrandus, prior van het kapittel in Hecmunda, en het gehele convent verklaren hun toestemming te
geven voor de opdracht van het Adeltrudenland aan heer Wilhelmus door hun abt, welke opdracht zij
aanvankelijk niet goedgekeurd hadden.
Afschrift (Inv.no. 3, fol, 26 vo).
31.1230 januari 14 (apud Haerlem nono decimo Kal. Februarii)
Arnoldus, abt van Hecmunda, verklaart op verlangen van heer Florentius, graaf van Hollandia en in
overleg met het convent, den advocaat Wilhelmus de Egmunde en mannen van de kerk de ministerialen
van de kerk, die tussen de beek Galenvoerd e en de parochie Casterkum wonen, alsmede hun zoons en
dochters tegen zekere som gelds vrijgesteld te hebben van de keurmede op voorwaarde, dat deze tot
de andere diensten verplicht zullen blijven, en met dien verstande, dat wanneer een hunner met
een rninisteriale van de kerk huwt, die aan de keurmede onderworpen is, de zonen de staat van de
moeder zullen volgen.
a. Gevidimeerd in den brief d.d. 1319 Maart 27 (Reg.no. 180).
b. Afschrift d.d. 1319 Maart 24 (Inv.no. 1, fol, 13 vo).
c. Afschrift (Inv.no. 3, fol, 26 vo).
Hij trouwde met
51929601 Badeloch van Haarlem, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gerard I van Egmond, geboren omstreeks 1200 in Egmond (zie 25964800).
51929602 Wouter van Haarlem, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51929603 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Beatrix van Haarlem, geboren omstreeks 1205 in Haarlem (zie 25964801).
51929604 Willem I van Teijlingen, geboren in 1156 in Santpoort. Hij is overleden in 1215 in ?, 58 of 59 jaar oud.
Notitie: Notities bij Willem I van Theylingen
Willem was bezitter van het goed Teijlingen, nobilis vir, ridder sedert 1223 en sedert 1198 in de omgeving van graaf Dirk VII van Holland, na wiens overlijden (4-11-1203) hij toestemde in het huwelijk van Dirks dochter Ada met de graaf van Loon. waarbij Willem zelf aanwezig was; spoedig verkoos hij de partij van graaf Dirks broeder Willem en verdedigde in 1204 Rijnland tegen de strijders van de bisschop van Utrecht, doch werd door de graaf van Loon gevangen genomen bij Leiden; nadat Willem graafvan Holland was geworden bleef Teijlingen hem getrouw en was in 1213 te Nijmegen aanwezig wanneer keizer Otto IV graaf Willem in diens rijkslenen bevestigde. Na de dood van graaf Willem (4-2-1222) bewees hij zijn diensten aan diens opvolger en zoon Floris IV onder wiens bewind hij voor het eerst als ridder voorkomt; van de regering van graaf Willem II maakte hij de eerste jaren mee en komt nog veelvuldig voor in oorkonden als nobilis vir.
(bron: De Nederlandsche Leeuw)
Aan de Teylingerlaan 15 in Teylingen (Zuid Holland) ligt de gelijknamige ruïne, een ringburcht met woontoren. Heden ten dage ligt er om het gebouw een slotgracht, maar vroeger bevatte het slot ook nog een bebouwd voorburcht terrein .
Het was de 3e graaf van Teylingen, graaf Willem I, die rond 1200 dit slot liet bouwen. Oorspronkelijk bestond het kasteel uit een donjon (woontoren) en een poorttoren, welke een traptoren bevatte. De 7 meter hoge ringmuur was de verbinding tussen de donjon en poorttoren. Eromheen lag een slotgracht. Buiten het terrein van de burcht lag de voorburcht, welke ook beveiligd werd door een gracht.
Jaren later werd het slot ingezet als dijkbewaking, speciaal voor de Rijndijk. Ook de weg naar Haarlem dat aan de rand van bossen lag, viel onder deze bescherming. De donjon werd afgebroken en er werd een enkele verdiepingen hoge bakstenen woontoren gebouwd.
Het geslacht Teylingen
Het slot is gebouwd door de 3e graaf van Teylingen, graaf Willem I. Zijn overgrootvader was Gerrit van Teylingen, hij overleed in 1164. Reeds meer dan 20 jaar eerder wordt de naam al genoemd, hij staat opgetekend in een oorkonde uit 1143. Gerrit liet zijn titel na aan zijn zoon Hugo, die de titel weer doorgaf aan zijn zoon Willem I in 1172.
Willem trouwde rond 1199 met NN Gerardsdochter. Een lang leven was dit huwelijk niet beschoren, want rond 1200 trouwt Willem (waarschijnlijk weduwnaar) met Agniese van Bentheim. Ook dit huwelijk houdt niet lang stand, in 1203 sterft Agniese. Zij laat Willem wel 3 zoons na, namelijk:
•Willem van Teijlingen, de volgende graaf van Teijlingen
•Gerard van Teijlingen, de 1e graaf van Heemskerck
•Dirk van Teijlingen, de 1e graaf van Brederode
De mannelijke lijn van het graafschap Teijlingen sterft uit in 1282.
Nieuwe eigenaars slot van Teylingen
Na het uitsterven van de mannelijke lijn der Teylingers was het graaf Floris de V die het kasteel (in handen van de grafelijkheid) met alle toebehoren aan zijn vriendin Catharina van Durbuy gaf. Zij was inmiddels de weduwe van Albrecht van Voorne, zij sterft in 1328.
In 1337 vindt er een verbouwing plaats, waarna het jachtslot van de Hollandse graaf werd. Het zal tot 1339 duren tot er een nieuwe eigenaar komt, Simon van Benthem. Hij neemt de naam van Teylingen aan. Het slot kent vanaf dat moment verschillende leenheren (met de titel houtvester), waarbij een vastgestelde leenperiode was bedongen. Hiermee wilde men voorkomen dat een nieuwe (adellijke) familie zou ontstaan. De houtvester diende zorg te dragen voor het hout uit de bossen, alsmede was hij verantwoordelijk voor de turf, de wild- en visstand.
De bekendste leenheer was ongetwijfeld Jacoba van Beieren, een dame van adellijke geboorte. Door haar (ongewenste) huwelijk met Frank van Borsele heeft zij haar rechten op de grafelijkheid opgegeven. Vermoed wordt dat zij haar verblijven in het huis op de voorburcht had. Dit omdat de woning die hier in haar tijd stond aan de wooneisen van begin 15e eeuw voldeden. De woontoren zou voor die tijd al ouderwets zijn geweest. Jacoba stierf in 1436 aan de gevolgen van de ziekte tbc. De laatste periode verbleef zij veel in dit slot, wat opgravingen hebben bevestigd. Nadat haar echtgenoot in 1470 stierf, volgden meerder houtvesters elkaar weer op.
Slot Teylingen vanaf de 15e eeuw
In 1568 breekt de Tachtigjarige oorlog uit. In 1572 vindt de belegering van Haarlem en Leiden plaats. De Spanjaarden krijgen het slot van Teylingen in handen. Door de zware gevechten ontstaan zware beschadigingen. Het slot wordt pas in 1605 hersteld, enkele jaar daarvoor was Jan van Duivenvoorde begonnen met herstel van de boomgaarden en het in ere herstellen van de slotgrachten. Er verrijst een nieuw woonhuis compleet met trapgevel. Dit wordt neergezet op de voorburcht. De woontoren zelf wordt omgedoopt tot gevangenis waar voornamelijk illegale jagers werden ondergebracht. Er worden paleistuinen aangelegd.
Helaas wordt deze laatste grote renovatie teniet gedaan door een grote brand in 1676. Het resultaat is de huidige ruïne, er wordt niet hersteld. De houtvesterij wordt in 1795 opgeheven en de grond rondom slot Teylingen wordt in delen verkocht. In de verkoopwaarden was (gelukkig) opgenomen dat de hoofdburcht niet gesloopt mocht worden.
In 1888 vervalt de ruïne aan de Nederlandse Staat. Deze plaatst het op de monumentenlijst. Pas in 1933 werden er dermate stevige beslissingen genomen dat volledig verval kon worden voorkomen. In 1975 vindt de oprichting plaats van de Stichting Slot Teylingen.
Hij is weduwnaar van N.N. Gerardsdr, met wie hij trouwde (1), 42 of 43 jaar oud, in 1199 in ?.
Hij trouwde (2), 43 of 44 jaar oud, in 1200 in ? met de 24 of 25-jarige
51929605 Agniese van Bentheim, geboren in 1175 in ?. Zij is overleden in 1203 in ?, 27 of 28 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Dirk I van Teijlingen van Brederode, geboren omstreeks 1180 in Slot Brederode te Santpoort (zie 25964802).
51929728 Herbaren II van der Lede, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Kind van (51929728) uit onbekende relatie:
I. Jan I van Arkel, geboren omstreeks 1233 in ? (zie 25964864).
51929792 Everhard van Hengenbach, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51929793 Judith van Gulik, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Willem III van Gulik, geboren in ? (zie 25964896).
51929860 Arnold I van Altena-Isenburg, geboren omstreeks 1150 in ?. Hij is overleden in 1209 in ?, ongeveer 59 jaar oud.
Hij trouwde met
51929861 Mechthild van Holland, geboren omstreeks 1166 in ?. Zij is overleden omstreeks 1223 in ?, ongeveer 57 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Frederik II van Altena-Isenburg, geboren in 1190 in Altena (zie 25964930).
51929862 Walram I van Limburg, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
51929863 Kunigonde van Monschau, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Sophie van Limburg, geboren in ? (zie 25964931).
52334592 Gerard IV van Wassenberg en Gelre, geboren in 1060 in ?. Hij is overleden op 08-08-1129, 68 of 69 jaar oud.
Notitie bij publiceren: Gerard IV van Wassenberg, ook Gerard I van Gelre, de Lange, (ca. 1060 - voor 8 augustus 1129) is de stamvader van de graven van Gelre uit het huis Wassenberg, dat in 1371 in mannelijke lijn uitstierf.
Gerard was graaf van Wassenberg van 1085 - 1129. In 1096 werd hij, als Gerard I, ook graaf van Gelre. Hij werd in 1096 ook als landgraaf geattesteerd in een keizerlijke oorkonde: MGH Diplomata Henrici IV nr. 459: Gerardus lantgrave, waarschijnlijk met betrekking tot een rijksleen in de Teisterbant. Daarnaast was hij voogd van Erkelenz, Roermond en Utrecht. Gerard was een van de machtigste edelen van Neder-Lotharingen en probeerde zijn bezit vooral ten koste van de bisschop van Utrecht te vergroten. Dit leidde tot conflicten met Utrecht maar ook met de aartsbisschop van Keulen en de graven van Holland. Op rijksniveau was Gerard een trouw bondgenoot van Hendrik IV (keizer). Samen met zijn neef/broer Gosewijn I van Valkenburg dwong hij de benoeming van Hendriks kandidaat af, als abt van Sint-Truiden. Van Gerard is ook een schenking bekend aan Sint-Servaas te Maastricht.
Gerard was een zoon van graaf Gerard III van Wassenberg of van Diederik van Wassenberg. Gerards eerste vrouw is onbekend. Hij hertrouwde met de weduwe van Koenraad I van Luxemburg, Clementia van Poitiers of Clementia van Gleiberg. (Zie artikel over Clementia van Poitiers voor de discussie over haar identiteit) Gerard kreeg de volgende kinderen:
Judith (-1151), in 1110 gehuwd met graaf Walram II van Limburg (-1139).
Yolanda van Gelre, gehuwd met graaf Boudewijn III van Henegouwen (-1120) en met burggraaf Godfried van Valenciennes
Gerard
Hij trouwde met
52334593 Clementia van Poitou, geboren omstreeks 1045 in ?. Zij is overleden in 1142 in ?, ongeveer 97 jaar oud.
Notitie bij publiceren: Clementia van Poitiers (ca 1045-1142) was een dochter van Willem VII van Aquitanië en mogelijk van Ermesinde van Lotharingen.
Traditioneel wordt Clementia als echtgenote van Koenraad I van Luxemburg gezien. Hiervoor zijn echter alleen enkele vage aanwijzingen:
er is een eigentijdse oorkonde waaruit geconcludeerd zou kunnen worden dat de vrouw van Koenraad uit de Poitou komt.
de vrouw van Koenraad was vrouwe van Longwy, en dat bezit zou ze via haar vermoedelijke moeder Ermesinde van Lotharingen kunnen hebben verworven
de vrouw van Koenraad wordt Clementia genoemd.
Maar omdat Clementia gezien de geboortedatum van haar dochter niet later dan ca. 1045 kan zijn geboren en pas in 1142 overleed, zou ze wel heel erg oud zijn geworden. Er is dan ook een theorie dat Koenraad twee vrouwen zou hebben gehad:
1.vermoedelijk Ermesinde van Lotharingen, die dan dus niet de vrouw van Willem VII van Aquitanië was, vrouwe van Longwy
2.Clementia van Gleiberg, die als vrouw van Koenraad wordt vermeld
Aan de andere kant hoeft de vermelding van Clementia als vrouwe van Gleiberg niet in strijd te zijn met een mogelijke Aquitaanse afkomst: als Gleiberg al Luxemburgs bezit was ten tijd van haar huwelijk kan dit haar huwelijksgift zijn geweest.
Clementia (van Gleiberg) zou zijn hertrouwd met Gerard I van Gelre. De autenticiteit van de akte waarin dit wordt vermeld is echter onderwerp van fel debat.
Koenraad en zijn vrouw(en) kregen de volgende kinderen:
Mathilde (geb. ca. 1060), gehuwd met Godfried van de Bliesgau
Hendrik
Rudolf (ovl. 1099), abt van Saint Vannes te Verdun (van 1075 tot zijn dood) en van de Altmünster te Luxemburg, vanaf de stichting van die abdij
Koenraad
Ermesinde
Willem
Adalbero (ovl. Antiochië, 1098), aartsdeken van Metz, nam deel aan de eerste kruistocht en werd tijdens het beleg van Antiochië overvallen toen hij met een edelvrouwe aan het dobbelen was. Adalbero werd gedood en de dame werd meegevoerd in de stad. Hun hoofden werden met een katapult teruggeschoten.
Kind uit dit huwelijk:
I. Gerard II van Gelre, geboren omstreeks 1090 in ? (zie 26167296).
52334594 Otto II van Zutphen, geboren omstreeks 1060 in ?. Hij is overleden in 1113, ongeveer 53 jaar oud. Hij is begraven in St-Walburgiskerk te Zutphen.
Notitie: Otto II, de Rijke, (ca 1060 – 1113) was een jongere zoon van graaf Godschalk van Zutphen en Adelheid van Zutphen. Otto volgde zijn vader op als graaf van Zutphen en voogd van Corvey. De abdij zou Otto en zijn zoon Hendrik van zelfverrijking beschuldigen. . In 1107 ontving hij van keizer Hendrik V de functie van graaf in Oostergo en Westergo, in ruil voor bezittingen bij Alzey. Deze graafschappen waren echter al beleend aan de bisschop van Utrecht, wat leidde tot voortdurend conflict tussen de bisschop en Otto. In 1105 herbouwde hij de Sint Walburgiskerk (Zutphen), nadat die was afgebrand, en liet relieken van Justus van Triëst overbrengen van Corvey naar Zutphen. Otto en zijn vrouw werden in deze kerk begraven.
Men vermoedt dat Otto tweemaal was getrouwd. Zijn eerste vrouw in een onbekend jaar met een onbekende naam, dit zou een verwante van de Hohenstaufen zijn geweest zij kregen een dochter Adelheid. Maar het is ook mogelijk dat deze Adelheid zijn echtgenote was. Zijn tweede vrouw moet Judith of Jutta van Arnstein zijn geweest met wie hij omstreeks 1085 trouwde. Judith was mogelijk de jongste van Jutta Arnoldsdochter van Arnstein en Lodewijk de graaf van Arnstein. Met haar kreeg Otto drie zonen, en een dochter. Volgens sommige genealogieën was ze echter de zuster van keizer Lotharius III van Supplinburg. Judith overleed in 1118.
Otto kreeg de volgende kinderen:
mogelijk Adelheid (uit zijn speculatieve eerste huwelijk, het zou ook kunnen dat met Adelheid zijn echtgenote bedoeld wordt.)
Hendrik I van Zutphen
Diederik II van Münster, bisschop
Gerardus de Lon, graaf van Lohn
Ermgard van Zutphen (1090 - ca.1136) gehuwd met Gerard II van Wassenberg-Gelre, daarna met Conrad van Luxemburg.
Hij trouwde, ongeveer 30 jaar oud, in 1090 in ? met
52334595 Judith van Supplinburg, geboren in ?. Zij is overleden in 1118. Zij is begraven in St-Walburgiskerk van Zutphen.
Kind uit dit huwelijk:
I. Ermgard van Zutphen, geboren omstreeks 1100 in ? (zie 26167297).
52334600 Otto II van Scheyern-Wittelsbach, geboren in 1050 in ?. Hij is overleden op 31-10-1120 in ?, 69 of 70 jaar oud.
Notitie: Otto II. von Scheyern (nach anderer Zählung Otto III.) († 31. Oktober 1120) war ein Sohn von Otto I. von Scheyern. Seine Mutter kann nicht eindeutig zugeordnet werden, da Otto I. von Scheyern mit Haziga von Sulzbach (Witwe des Grafen Herman von Kastl) und später mit einer unbekannten Tochter des Grafen Meginhardt von Reichersbeuern verheiratet war, von Otto jedoch keine Geburtsdaten bekannt sind.
Er bevogtete Freising und ab 1116 Weihenstephan.
Ottos Frau ist unbekannt oder Richardis, Tochter von Ulrich I. von Istrien-Krain. Aus der Ehe gingen vier Kinder hervor:
Otto III. von Scheyern († nach 15. Dezember 1130)
Ekkehard III. von Scheyern († nach 11. Juli 1183)
Bernhard II. von Scheyern (um 1135)
Sohn
Hij trouwde met
52334601 Richardis van Weimar-Orlamünde, geboren in 1050. Zij is overleden in 1120, 69 of 70 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Otto IV van Wittelsbach, geboren omstreeks 1090 in ? (zie 26167300).
52334602 Friedrich III van Pettendorf, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Kind van (52334602) uit onbekende relatie:
I. Heilika van Pettendorf, geboren omstreeks 1100 in ? (zie 26167301).
52334604 Arnold II van Loon, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
52334605 N.N..
Kind uit dit huwelijk:
I. Lodewijk I van Loon, geboren na 1107 in ? (zie 26167302).
52334606 Folmar V van Metz, geboren in ?. Hij is overleden in ?.
Hij trouwde met
52334607 Mathilde van Longwy, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit dit huwelijk:
I. Agnes van Dagsburg van Metz, geboren in 1125 in ? (zie 26167303).
52334608 Godfried I van Brabant, geboren omstreeks 1063 in ?. Hij is overleden op 25-01-1139 in ?, ongeveer 76 jaar oud. Hij is begraven in Abdij van Affligem.
Notitie: Godfried I met den Baard (ca. 1063 - 25 januari 1139) was de grondlegger van het latere hertogdom Brabant. Hij was de zoon van graaf Hendrik II van Leuven en Adela van Betuwe.
In 1078 werd hij op aanbeveling van de (aanverwante) markgraaf van Thuringen, Egbert II van Braunschweig, voor een ridderopleiding naar het keizerlijk hof gestuurd. Hieruit wordt afgeleid dat Godfried omstreeks 1063 moet geboren zijn (meerderjarigheid naar Ripuarisch gewoonterecht op 15 jaar).
Bij de dood van zijn broer Hendrik III van Leuven, in februari/maart 1095, volgde hij deze op als graaf van Leuven en landgraaf van Brabant, en voogd van Nijvel en Gembloers. In 1099 bemiddelde Godfried in het conflict tussen Hendrik III van Luxemburg en Arnold I van Loon over de benoeming van de abt van Sint Truiden. In 1102 hield hij een inval van Robrecht II van Vlaanderen tegen bij Kamerijk.
Hertog Hendrik I van Limburg van Neder-Lotharingen was een trouwe vazal van keizer Hendrik IV. Toen Hendrik V zijn vader afzette, bood hertog Hendrik onderdak aan Hendrik IV. Uiteindelijk verloor Hendrik daardoor zijn hertogstitel en op 13 mei 1106 werd Godfried benoemd tot hertog van Neder-Lotharingen (als Godfried V) en markgraaf van Antwerpen.
Godfried was van 1114 tot 1119 zelf tegenstander van de keizer maar verzoende zich daarna weer met hem. In 1122 belegerde hij samen met keizer Hendrik V de opstandige Gosewijn I van Valkenburg en verwoestte zijn Kasteel Valkenburg. In 1123 werd zijn broer Alberon I van Leuven benoemd tot bisschop van Luik. In 1128 betaalde Godfried de prijs voor zijn steun in 1125 aan de ’verkeerde’ koningskandidaat, en verloor zijn functie als hertog van Neder-Lotharingen. Godfried hield echter het markgraafschap Antwerpen en de hertogstitel. Zo ontstond het hertogdom Brabant.
Godfried steunde in 1129 de pogingen van graaf Giselbert van Duras om goederen van de abdij van Sint Truiden in bezit te krijgen. Dit leidde op 7 augustus 1129 tot de slag bij Wilderen. Giselbert van Duras met zijn Vlaamse en Brabantse bondgenoten werd daar verslagen door de abt van Sint Truiden, die werd gesteund door de bisschoppen van Metz en Luik, en de graven van Limburg en van Loon. In 1131 werd een vrede bemiddeld in dit conflict.
Godfried is begraven in de abdij van Affligem. Na zijn dood braken binnen Brabant de Grimbergse Oorlogen uit.
Godfried was in zijn eerste huwelijk getrouwd met Ida van Chiny. Zij kregen de volgende kinderen:
Godfried II (1107-1142)
Hendrik, monnik in Affligem.
Adelheid (-1151), gehuwd met koning Hendrik I van Engeland en met Willem van Aubigny,
Ida, gehuwd met Arnold I van Kleef
Clarissa (-1140)
Godfried hertrouwde met Clementia van Bourgondië, weduwe van Robrecht II van Vlaanderen. Zij kregen geen kinderen.
Godfried had een zoon bij een onbekende vrouw: Joscelin. Hij vergezelde zijn halfzuster naar Engeland en trouwde een erfdochter van de Percy familie, zijn nakomelingen zijn vanaf de 14e eeuw tot heden eerst earl en later hertog van Northumberland.
Hij trouwde (2), minstens 54 jaar oud, na 1117 in ? met Clementia van Bourgondië.
Hij trouwde (1), ongeveer 36 jaar oud, in 1099 in ? met de 20 of 21-jarige
52334609 Ida van Chiny, geboren in 1078 in ?. Zij is overleden in 1117 in ?, 38 of 39 jaar oud.
Notitie: Ida van Chiny (1078 - 1117) was een dochter van graaf Otto II van Chiny en van Adelheid van Namen. In 1099 werd zij de eerste echtgenote van graaf Godfried I van Leuven, die in 1106 ook hertog van Neder-Lotharingen werd. Ida werd de moeder van:
Godfried II (1107-1142)
Adelheid (-1151), gehuwd met Hendrik I van Engeland en met Willem van Aubigny,
Ida, gehuwd met Arnold I van Kleef
Clarissa (-1140)
Hendrik, monnik in Affligem.
Kind uit dit huwelijk:
I. Godfried II van Leuven, geboren omstreeks 1105 in ? (zie 26167304).
52334610 Berengarius II van Sulzbach, geboren omstreeks 1080 in ?. Hij is overleden op 01-12-1125 in Kastl ( Opper-Beieren ), ongeveer 45 jaar oud.
Notitie: Berengarius II van Sulzbach (ca. 1080 - Kastl (Opper-Beieren), 1 december 1125) was een Duitse edelman in het begin van de twaalfde eeuw.
Berengarius was graaf van Sulzbach en Kastl, heer van Aibling en Ebbs, voogd van Michelfeld. Daarbij stichtte hij de kloosters van Kastl, Baumburg en Berchtesgaden. Berengarius was voortdurend in conflict met de markgraven van Cham over de macht in Cheb en omgeving. Ook had hij voortdurend conflicten met de aartsbisschop van Salzburg en andere bisschoppen.
Toen keizer Hendrik V de macht greep ten koste van zijn vader (1105), was Berengarius een van zijn belangrijkste adviseurs. Berengarius was legeraanvoerder van Hendrik tegen Bohemen, Hongarije en de opstandige Saksen. Ook nam hij deel aan de Italiaanse campagnes van Hendrik. In 1122 was hij een van de getuigen van het concordaat van Worms. In 1125 steunde hij de koningskeuze van Lotharius III van Supplinburg.
Huwelijken en nakomelingen.
In zijn eerste huwelijk was Berengarius getrouwd met Adelheid van Lechsgemünd (ca. 1065 - 24 februari 1108), dochter van Kuno van Lechsgemünd en Mathilde (ca. 1040 - 30 september 1092/1094). Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren. Bij haar huwelijk met Berengarius was Adelheid weduwe van Markward van de Chiemgau en van Udalrich van Passau (ca. 1050 - Regensburg, 24 februari 1099). Adelheid was de schoonmoeder van Engelbert van Karinthië.
In zijn tweede huwelijk was Berengarius getrouwd met Adelheid van Wolfratshausen, .
Zij kregen de volgende kinderen:
Gebhard III van Sulzbach (ca. 1114 - 23 oktober 1188), opvolger van zijn vader, bemiddelde in 1135 vrede tussen Lotharius III en zijn tegenstanders, volgde de keizer naar Italië en werd markgraaf van de Beierse Noordmark (1146). Trouwde met Mathilde (ca. 1110 - 16 maart 1183), dochter van Hendrik de Zwarte en weduwe van Diephold IV van Vohburg (-1130). Zijn enige zoon overleed in 1167 in Italië aan de pest Gebhard benoemde toen Frederik I van Hohenstaufen tot zijn belangrijkste erfgenaam. Gebhard en Mathilde kregen ook nog vier dochters, ze zijn begraven in het klooster van Kastl.
Adelheid, abdis van klooster Niedernburg te Passau
Gertrude van Sulzbach, tweede echtgenote van Koenraad III van Hohenstaufen
Bertha, eerste echtgenote van Manuel I Komnenos onder de naam Irene
Lutgardis van Sulzbach, in haar eerste huwelijk getrouwd met Godfried II van Leuven, in haar tweede huwelijk met Hugo XII van Dachsburg en Metz
Mathilde, gehuwd met Engelbert III van Istrië
Hij is weduwnaar van Adelheid van Lechsgemünd (±1065-1108), met wie hij trouwde (1), ongeveer 5 jaar oud, omstreeks 1085 in ?.
Hij trouwde (2), ongeveer 33 jaar oud, in 1113 in ? met de 27 of 28-jarige
52334611 Adelheid van Wolfrathhausen, geboren in 1085 in ?. Zij is overleden op 11-01-1126 in ?, 40 of 41 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Lutgardis van Sulzbach, geboren omstreeks 1115 in ? (zie 26167305).
52334612 Walram II van Limburg, geboren omstreeks 1085 in ?. Hij is overleden op 16-07-1139 in ?, ongeveer 54 jaar oud.
Notitie: Walram II, bijgenaamd Paganus (de Heiden) (ca. 1085 - 16 juli 1139) was een zoon van hertog Hendrik I van Limburg en van Adelheid van Pottenstein. Zijn bijnaam heeft hij waarschijnlijk te danken aan een late doop.
Hij was van 1118 tot 1139 als Walram II hertog van Limburg in opvolging van zijn vader. Hij was ook hertog van Neder-Lotharingen van 1128 tot 1139, ter vervanging van Godfried I van Leuven, die zichzelf niettemin oorkondelijk als hertog van Neder-Lotharingen bleef beschouwen. Walram werd in 1128 hoe dan ook door de Duitse keizer het hertogelijk gezag toegekend (inbegrepen de Markgraafschap Antwerpen als ambtsleen). Het jaar daarop, in 1129, werd hij ook voogd van Duisburg.
Zijn zoon Walram werd graaf van Aarlen. Hij werd in het hertogdom Limburg opgevolgd door zijn zoon Hendrik II van Limburg, die later ook het graafschap Aarlen van zijn broer zou overnemen.
Op 16 juli 1139 blies Walram II zijn laatste adem uit. Nog vóór 9 februari 1140 bevestigde Koenraad III Godfried VI als hertog van Neder-Lotharingen, die al op 25 juni 1139 het hertogschap daadwerkelijk uitoefende.
Titels
Walram II droeg de volgende titels: graaf van Aarlen in 1115, graaf van Wassenberg en Limburg in 1119 en hertog van Neder-Lotharingen in 1128. Voorts was hij markgraaf van Antwerpen en rijksvoogd van Duisburg.
Huwelijk
Walram was in 1110 getrouwd met Jutta van Gelre (ca. 1095 - 1151), dochter van graaf Gerard I van Gelre. Zij hadden volgende kinderen:
Hendrik II van Limburg
Gerard van Wassenberg, gehuwd met Elisabeth, vader van Gerard
Beatrix (ca. 1115 - ovl. 12 juli na 1164), gehuwd met graaf Rupert I van Laurenburg
Walram III van Aarlen (ovl. ca. 1146) graaf van Aarlen van 1139-1146
een dochter (ovl. ca. 1150), gehuwd met graaf Egbert van Tecklenburg
Hij begon een relatie met
52334613 Jutta van Gelre, geboren in ?. Zij is overleden in ?.
Kind uit deze relatie:
I. Hendrik II van Limburg, geboren omstreeks 1110 in ? (zie 26167306).
52334614 Adalbert van Saffenburg, geboren omstreeks 1087 in ?. Hij is overleden na 1152 in ?, minstens 65 jaar oud.
Hij trouwde met
52334615 Margaretha van Schwarzenburg, geboren omstreeks 1090 in ?. Zij is overleden in 1134 in ?, ongeveer 44 jaar oud.
Kind uit dit huwelijk:
I. Mathilde van Saffenburg, geboren omstreeks 1113 in ? (zie 26167307).
52334616 Diederik II van Lotharingen, geboren omstreeks 1050 in ?. Hij is overleden op 30-12-1115 in ?, ongeveer 65 jaar oud.
Hij trouwde, ongeveer 46 jaar oud, in 1096 in ? met de ongeveer 16-jarige
52334617 Gertrudis van Vlaanderen, geboren omstreeks 1080 in ?. Zij is overleden in 1117 in ?, ongeveer 37 jaar oud.
Notitie: Gertrudis van Vlaanderen (ca. 1080-1117) was een dochter van Robrecht de Fries, graaf van Vlaanderen, en van Geertruida van Saksen.
Zij werd de echtgenote van Hendrik III van Leuven. In een eigentijdse genealogie worden Hendrik III vier (naamloze) dochters toegeschreven. Twee van hen werden historiografisch geïdentificeerd met:
Adelheid, gehuwd met haar stiefbroer hertog Simon I van Lotharingen,
Gertrudis, mogelijk gehuwd met Lambert, graaf van Montaigu en Clermont.
Weduwe geworden, hertrouwde Gertrudis in 1096 met hertog Diederik II van Lotharingen († 1115) en werd zij de moeder van de volgende kinderen:
Diederik van de Elzas, graaf van Vlaanderen vanaf 1128
mogelijk Gerard
Hendrik (ovl. 6 juni 1165), 1126 bisschop van Toul, deelnemer aan de tweede kruistocht met koning Koenraad III van Hohenstaufen, begraven in de kathedraal van Toul
Boudewijn
Ermengarde, getrouwd met Bernard van Briançon
mogelijk Gisela, eerst getrouwd met de graaf van Tecklenburg, daarna met Frederik van de Saargau
Kind uit dit huwelijk:
I. Diederik van de Elzas, geboren omstreeks 1100 in ? (zie 26167308).
52334618 Fulco V van Anjou, geboren in 1091 in ?. Hij is overleden op 12-11-1143 in Jeruzalem, 51 of 52 jaar oud.
Notitie: Fulco V de Jonge ook wel Fulco I van Jeruzalem (ca. 1091 - Jeruzalem, 12 november 1143) was een zoon van graaf Fulco IV van Anjou en Bertrada van Montfort. Hij was graaf van Anjou van 1109 tot 1129 en koning van Jeruzalem van 1131 tot 1143, via zijn tweede huwelijk, met Melisende van Edessa. Hij trad daarom af als graaf van Anjou.
Graaf van Anjou
Fulco werd opgevoed aan het hof van koning Filips I van Frankrijk, de tweede echtgenoot van zijn moeder. In 1106 sneuvelde zijn halfbroer Godfried tijdens een opstand tegen hun vader. Fulco werd daardoor de erfgenaam van Anjou. In 1109 overleed zijn vader en werd Fulco graaf van Anjou. In hetzelfde jaar trouwde hij met Ermengarde van Maine (die eerst met Godfried was verloofd), wat hem de controle gaf over het naburige graafschap Maine. Fulco was een vreedzaam en bemind landsheer die zich erop richtte om zijn gezag binnen zijn graafschappen te versterken. Hij onderwierp over de jaren stelselmatig zijn opstandige vazallen en perkte de macht van de steden in. Fulco was een tegenstander van Hendrik I van Engeland, de hertog van Normandië, en steunde koning Lodewijk VI van Frankrijk. Fulco gaf actieve steun aan de opstanden van Willem Clito tegen Hendrik. In reactie daarop viel Hendrik in 1112 Maine binnen maar Fulco kon deze aanval afslaan. Fulco steunde Lodewijk tegen Theobald IV van Blois. In 1119 liet Fulco zijn dochter trouwen met William Adelin, de erfgenaam van Hendrik. Een echt bondgenootschap tussen Hendrik en Fulco kwam niet tot stand omdat William snel overleed.
In 1120 bezocht Fulco het Heilige Land. Hij ontwikkelde daar een sterke band met de Tempeliers. Na zijn terugkomst in Frankrijk werd Fulco een belangrijke begunstiger van deze orde. In 1123 trouwde hij zijn dochter Sybille met Willem Clito maar dat huwelijk werd snel door de paus ongeldig verklaard. In 1127 kon hij zijn zoon Godfried laten trouwen met Mathilde van Engeland, dochter van Hendrik en weduwe van keizer Hendrik V. Hierdoor werd Fulco een bondgenoot van Hendrik.
Koning van Jeruzalem
Boudewijn II van Jeruzalem had geen mannelijke troonopvolgers en had zijn dochter Melisende aangewezen als erfgename. Boudewijn wilde haar laten trouwen met een ervaren bestuurder en legeraanvooerder, met goede contacten in Europa. Fulco bezat die kwaliteiten en was ook nog eens een weduwnaar. Hij wilde wel toestemmen, maar wel onder zijn voorwaarden: hij wilde gelijkwaardig koning zijn met Melisende en eiste Akko en Tyrus als zijn persoonlijk bezit. Boudewijn stemde daarin toe. Fulco stond zijn zetel van graaf van Anjou af aan zijn zoon Godfried en vertrok voorgoed naar Jeruzalem, waar hij op 2 juni 1129 trouwde met Melisende. Datzelfde jaar nam hij deel aan een expeditie naar Damascus die door zware regenval was gedwongen om zonder strijd terug te keren.
In 1131 moest hij optreden tegen zijn schoonzuster Alice van Antiochië, die weduwe was geworden van Bohemund II van Antiochië. Zij wilde uit eigen naam het vorstendom besturen en niet als regentes voor haar dochter. Ze sloot een verbond met Pons van Tripoli en Jocelin II van Edessa en zocht zelfs steun bij Zengi, de moslim krijgsheer in Aleppo. In 1132 trok Fulco naar het noorden. Na korte gevechten met de troepen van Pons, onderwierp hij Antiochië. Alice werd verbannen en Fulco werd regent van Antiochië.
In Jeruzalem was inmiddels een openlijke partijstrijd ontstaan tussen Fulco en Melisende. Beiden zagen zichzelf als de eigenlijke "koning" en probeerde de eigen positie te versterken ten koste van de ander. Fulco benoemde zijn vertrouwelingen uit Anjou op belangrijke posities. De eerste generatie kruisvaarders en hun kinderen kozen daarom partij voor Melisende. Een van de prominenten uit het kamp van Melisende was Hugo van Le Puiset. Fulco beschuldigde hem in 1134 van verraad en overspel met Melisende. Hugo verschanste zich daarop in Jaffa (stad) en wist met hulp van de emir van Ashkelon een leger van Fulco te verslaan. Na bemiddeling door de patriarch van Jeruzalem verzoenden Hugo en Fulco zich. Maar toen in 1136 Hugo het doelwit was van een mislukte moordaanslag, werd Fulco daarvoor verantwoordelijk gehouden. Die bleef echter volhouden niet de opdracht tot de aanslag te hebben gegeven. De opninie aan het hof was nu echt tegen Fulco en de partij van Melisende greep de macht. Fulco en Melisende verzoenden zich politiek en persoonlijk met elkaar, en kregen als gevolg daarvan enige tijd later ook een tweede zoon.
Grensbeveiliging
Jeruzalems noordelijke grens baarde grote zorgen. Fulco was tot regent van het vorstendom Antiochië benoemd door Boudewijn II. Als regent had hij het huwelijk tussen Constance I van Antiochië en Raymond van Poitiers gearrangeerd. Constance was een dochter van Bohemund II van Antiochië en diens vrouw Alice. De grootste zorg was echter de snelle opmars van de Zengi-dynastie uit Mosoel, die een bedreiging vormde voor de christenstaten.
In 1137 werd Fulco verslagen tijdens de slag bij Barin, maar hij sloot al snel een verbond met Mu’in ad-Din Unur, de vizier van Damascus, die ook dreiging ondervond van de Zengiden. Fulco veroverde het fort van Banias, waardoor de noordelijke grens aan het meer van Tiberias veilig was.
Fulco versterkte ook het koninkrijk aan de zuidelijke grens. Zijn persoonlijke bode Paganus bouwde het kasteel Kerak langs een route die leidde naar de Rode Zee. Fulco had de leiding over de bouw van Blanche-Garde, Ibelin en andere (burcht)versterkingen, gebouwd in het zuidwesten van het rijk om de Fatimiden van Egypte in de gaten te houden en hun macht in te perken. Zij gebruikten Ascalon om overvallen uit te voeren op het koninkrijk.
In 1137 en 1142 arriveerde de Byzantijnse keizer Johannes II Komnenos in Syrië in een poging om Byzantijnse controle over de kruisvaardersstaten te verkrijgen. Johannes’ aankomst werd echter verhinderd door Fulco, omdat deze nooit een uitnodiging had gekregen om de keizer te ontmoeten in Jeruzalem.
Jachtpartij en val van Fulco. Een miniatuur in een 13e-eeuws manuscript Dood
In 1143 toen de koning en koningin op vakantie waren in Akko, kwam Fulco om het leven tijdens een jachtpartij. Zijn paard struikelde waarop Fulco viel en zijn hoofd verdrukt werd door het lijf van het paard. Hij werd teruggebracht naar Akko waar hij bewusteloos bleef en na drie dagen dood verklaard werd. Hij werd begraven in de Heilige grafkerk te Jeruzalem. Omdat hun huwelijk met een conflict startte, toonde Melisende zowel in privé als publiekelijk haar verdriet. Fulco werd overleefd door zijn zoons Godfried V van Anjou, van zijn eerste vrouw, en Boudewijn III en Amalrik I.
De geschiedschrijver Willem van Tyrus beschreef Fulco als volgt: ’een man die roodblond was als Koning David, trouw, zachtaardig en vriendelijk, een ervaren krijgsheer met veel geduld en wijsheid in militaire zaken’.
Fulco was een briljant bestuurder. Zijn bestuurlijke hervormingen in Anjou, op het gebied van administratie en financiële huishouding, werden het voorbeeld voor alle feodale heren in West-Europa. Hij was een goede leider en militair maar stond erom bekend dat hij geen gezichten of namen kon onthouden. Hij was echter niet de sterke koning die de kruisvaarders nodig hadden om de kruisvaardersstaten politiek en militair structureel te versterken. Het jaar na zijn dood hadden de kruisvaarders hun eerste tegenslag en viel Edessa.
Huwelijken en kinderen
Fulco was in zijn eerste huwelijk getrouwd met Ermengarde van Maine (Eremburga), bij wie hij de volgende kinderen kreeg:
Alice/Isabella (ca. 1110 - Abdij van Fontevraud, 1154), trouwde (Lisieux, juni 1119) met William Adelin en nam daarbij de naam Mathilde aan. Willem verdronk bij het vergaan van het White Ship en Alice werd na verloop van tijd non en later abdis (1150) te Fontevraud.
Sybille van Anjou (1105-1167), die huwde met hertog Willem III van Normandië
Godfried V van Anjou
Eli II van Maine.
Uit het huwelijk met Melisende kreeg hij twee zonen, die later allebei koning van Jeruzalem zouden worden:
Boudewijn III
Almarik I.
Mogelijk was abt Hendrik van Fécamp (1136 - 1164) een onechte zoon van Fulco.
Hij trouwde (2), 37 of 38 jaar oud, op 02-06-1129 in ? met Melisende van Edessa (1105-1161), 23 of 24 jaar oud.
Hij trouwde (1), 17 of 18 jaar oud, in 1109 in ? met de 12 of 13-jarige
52334619 Ermengarde van Maine, geboren in 1096 in ?. Zij is overleden in 1129 in ?, 32 of 33 jaar oud.